Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 75 pages
Summary

Samenvatting: Voeding en mondgezondheid

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 75 pages

Samenvatting van het vak ‘Voeding en mondgezondheid’. Bevat alle info van de powerpoints + cursus inclusief uitgewerkte oefening(en) van tijdens de lessen. De samenvatting bevat ook enkele oefenvragen/voorbeeldexamenvragen! :)

Content preview

Samenvatting: Voeding & Mondgezondheid
Hoofdstuk 1: Algemene voedingsleer
1.1 Inleiding
• Inleidende begrippen
Voedingsstoffen (= stoffen die geen energie leveren vb. ijzer, vitamine-C)
zitten in

Voedingsmiddelen (vb. brood, aardappelen, melk, kiwi -> rijk aan vit. C)
zitten in

Voeding (maaltijden) (= bestaat uit voedingsmiddelen & die voedingsmiddelen bestaan uit
voedingsstoffen)
Voedsel = brandstof voor het lichaam
 FUNCTIE: - aanbreng energie
- aanbreng stoffen voor lichaamsfuncties
 BEVAT: - voedingsmiddelen
- voedingsstoffen
Voedingsmiddelen = alles wat we normaal opeten + bevatten > alleen de essentiële voedingsstoffen
 GOEDE: veel essentiële & weinig niet-essentiële voedingsstoffen (vb. additieven)
Voedingsstoffen = alle stoffen uit voeding die essentieel zijn voor groei & instandhouding v/h
lichaam, voor alle inwendige & uitwendige activiteiten v/h lichaam & voor energie
 SOORTEN: 1) Essentiële voedingsstoffen = alle stoffen noodzakelijk om te overleven (nutriënten)
 FUNCTIE: - groei, instandhouding & functioneren v/h lichaam
 ADVIES: - zoveel mogelijk essentiële & zo weinig mogelijk niet-essentiële
2) Niet-essentiële voedingsstoffen = stoffen die niet nuttig zijn om te overleven
 VB: - smaakstoffen
- kleurstoffen
1.2 Voedingsstoffen en hun functies
VOEDINGSSTOFFEN



Brandstoffen Bouwstoffen Beschermende stoffen


Mineralen Vezels
Vetten Eiwitten

Koolhydraten Water Vitamines

Brandstoffen = zorgen voor je lichaamswarmte & voor energie
Bouwstoffen = zorgen voor celopbouw & celvernieuwing
Beschermende stoffen = zorgen voor gezond lichaam & helpen bij herstel van ziekten

• 3 Basisregels van een EVENWICHTIGE voeding (EXAMEN)
1. Voeding moet dagelijks alle energie & voedingsstoffen aanbrengen
2. Voeding moet energiebalans in evenwicht houden
3. Voeding moet goede verhouding macronutriënten bevatten
- Min. 50-55% v/d energie  Koolhydraten (Kh)
- Max. 30-35% v/d energie  Vetten (V)
- 15% v/d energie  Eiwitten (E)

1

,• Indeling voedingsstoffen op basis van:
1) Grootte/Behoefte: - macronutriënten = organische stoffen
= voedingsstoffen die energie leveren
- micronutriënten = niet omzetbaar in energie want bevatten geen C-atomen
= leveren geen energie, maar wel belangrijk voor optimaal
functioneren v alle lichaamsprocessen
- bioactieve stoffen en voedingsvezels = positieve invloed op lichaam,
niet noodzakelijk voor overleven
Macronutriënten Micronutriënten Bioactieve stoffen &
voedingsvezels
Functie Leveren energie (kcal) Noodzakelijk voor Beschermende werking voor
functioneren lichaam lichaam
Behoefte Grote hoeveelheden Kleine hoeveelheden /
aan  Hoe meer verbuik, hoe
hoger de nood
Voorbeelden - Koolhydraten - Vitaminen - Voedingsvezels
- Vetten - Mineralen - Carotenoïden
- Eiwitten Vb. Na - Flavonoïden
- Uitzondering: alcohol - Spoorelementen - Glucosinolaten
 levert veel kcal, Vb. Se - Indolen
maar niet-essentieel
- Uitzondering: water
 geeft geen energie,
maar essentieel
(grote behoefte)

2) Functies: - Energieleverende stoffen = alle nutriënten die C-atomen bevatten 1 kcal =
-> kan een macronutriënt zijn 4,19 kJ
 KENMERK: - elk individu heeft andere hoeveelheid energie nodig
 BEHOEFTE: - kJ/dag OF kcal/dag (= eenheid v energie)
 BEHOEFTE AFH. VAN: gewicht, lengte, leeftijd, geslacht, activiteitsniveau & groei
 WAT: 1. Koolhydraten = snelste & belangrijkste energieleverancier
 1gr KH = 4 kcal
 VB: 1 klontje suiker (5g KH) = 20 kcal
2. Vetten = trage energie(resverve), bescherming/isolatie
 geeft veel energie (bijna 2x zoveel), maar traag
 1gr V = 9 kcal
 VB: 1 eetlepel olijfolie (10g V) = 90 kcal
3. Eiwitten = bouwstoffen
 1gr E = 4 kcal
4. Alcohol = lege energiebron
 1gr alcohol = 7 kcal
≠ 1ml bier --> kijken naar % alcohol in bier

Energiebalans = verbruik & inname (te weinig of te veel)
 DOEL: - in evenwicht houden
 WAT: 1. Inname
 BEPAALD DOOR: ~ voeding & drank
2. Verbruik
 BEPAALD DOOR: ~ Lichamelijke activiteit (15-30%)
-> OMVAT: lopen, zitten
-> hebben we WEL zelf in de hand

2

, ~ Voedingsgeïnduceerde thermogenese (10%)
-> DIT = Dieet Geïnduceerde Thermogenese
-> FUNCTIE: energie nodig om voeding te verteren
-> hebben we NIET zelf in de hand
~ Rustmetabolisme (60-70%)
-> FUNCTIE: lichaam draaiende houden/ in leven te
blijven
-> OMVAT: ademhaling, bloedsomloop
-> hebben we NIET zelf in de hand




 SOORTEN: - Positieve energiebalans = meer innemen dan we verbruiken
 GEVOLG: toename in gewicht
- Negatieve energiebalans = meer verbruiken dan we innemen
- Bouwstoffen
 WAT: - eiwitten
- mineralen
 Ca: 90% v ons bot
- water
 FUNCTIE: - groei
- aanmaak + herstel van weefsels & cellen
- opbouw skelet & gebit
- Beschermende stoffen
 WAT: - vitaminen
- mineralen
- bioactieve stoffen
 FUNCTIE: - lichaamsprocessen: versterken weerstand tegen ziektes
- hulpstoffen bij enzymatische reacties
 VB: Fe, vit C (anti-oxiderende stof  bescherming)
- Voedingsvezels (complexe verbindingen die deels tot Kh horen)
 FUNCTIE: - gunstige gezondheidseffecten (oa maag-darmkanaal)

• Toepassing (EXAMEN)
Een volwassene heeft een gemiddelde energiebehoefte van 2000kcal/dag.
Bereken hoeveel gram koolhydraten, vetten & eiwitten de voeding van deze persoon ong. moet
bevatten.
2000 kcal  100% energie 2000 kcal  100% energie
:2 
1000 kcal  50% naar KH 1 gram KH  4 kcal 300 kcal  15% eiwitten (15% van 2000 = 300)
:4  x 25  :4
250 gram KH 25 g KH  100 kcal 75 gram eiwitten

2000kcal  100% energie

± 600 kcal  30% naar V (30% van 2000 = ± 600)
:9 (want 1g vet = 9 kcal)
67 gram vet


3

, • Besluit

- Voeding en (mond-)gezondheid nauw met elkaar verbonden
- Voedingsdeficiëntieziekten = door langdurig/ernstig tekort aan bovengenoemde voedingsstoffen
 VB: ~ calciumtekort  osteoporose
~ ijzertekort  anemie/bloedarmoede
~ magnesiumtekort  spierspasmen
- Voedingsgerelateerde ziekten = door overmaat van bepaalde voedingsstoffen
 VB: ~ diabetes type 2
~ obesitas
~ hart- en vaatziekten (oa atherosclerose)
1.3 Spijsvertering
Voedingsstoffen moeten worden: 1) Afgebroken (verteren)
= complexe structuren van voedingsstoffen
vallen in kleine stukjes
2) Opgenomen (absorberen)
voedingsmiddel
3) Verwerkt (gebruiken)
4) Uitgescheiden (excretie via nieren)
of opgeslagen (reserve) Koolhydraten
 REDEN: - energie uit macronutriënten efficiënt gebruiken (voedingsstof)
Afbraak via
enzymen
= verteren (in brede zin v/h woord)
Glucose

Energie
1.4 Koolhydraten
Koolhydraten = sachariden (“suikers” in volksmond)
 suikers zijn koolhydraten, maar niet alle koolhydraten zijn suikers
 WAT: - DE belangrijkste energieleveranciers
 CHEMISCHE STRUCTUUR: - C, H, O met formule: (CH 2O)n
- aantal C-atomen: hexosen
= ringstrucutuur met 6 C-atomen
 2 SOORTEN: - Verteerbare koolhydraten = door spijsverteringsenzymen verteerd in
maagdarmstelsel
 WAT: - mono-, di-, oligo- en poly-sachariden
 VERSCHILLEN TAV EIGENSCHAP: - smaak/zoetkracht, bindkracht, osmolariteit &
oplosbaarheid in water
- Niet-verteerbare koolhydraten = niet afbreekbaar
 WAT: - voedingsvezels
 INDELING: 1] Monosachariden = enkelvoudige koolhydraten
 BESTAAT UIT: - 1 monosacharide-molecule = 1 hexose
 SOORTEN: A) Glucose (druivensuiker)
 in druivensuiker, dextrose
 centrale spil in energiestofwisseling
B) Fructose (vruchtensuiker)
 in fruit
C) Galactose
 onderdeel van een disaccharide
 in lactose vrije melk (melk waarin lactose al is voorgesplitst)
-> vb. mensen met lactose-intollerantie

4

Document information

Study
Uploaded on
August 16, 2026
Number of pages
75
Written in
2026/2027
Type
Summary
$7.75

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
marinavdv9000
3.7
(3)
Sold
41
Followers
1
Items
21
Last sold
3 weeks ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions