Basiskennis Boekhouden (BKB) 2026 – Complete
Samenvatting
Complete samenvatting van het examen Basiskennis Boekhouden: balans, dagboeken en
grootboek, journaalposten, proef- en saldibalans, kolommenbalans, rekeningstelsel en
omzetbelasting — inclusief 5 uitgewerkte journaalpost-cases, 55 oefenvragen met uitleg en
examenstrategie.
Examenoverzicht
Examenorgaan: Associatie voor Examinering
Examenvorm: 24 open vragen (in de praktijk geoefend hier via meerkeuzevragen ter
voorbereiding)
Examenduur: 120 minuten
Tijdens het examen krijg je een bijlage met het Rekeningschema uitgereikt
Met het BKB-diploma kun je journaalposten maken, een balans opstellen en een
grootboekrekening bijhouden
1. Inventaris en Balans
Bezittingen, schulden en eigen vermogen
• Bezittingen (activa) zijn alle zaken met economische waarde die een bedrijf bezit,
zoals gebouwen, voorraad, inventaris en banktegoeden.
• Schulden (vreemd vermogen) zijn de verplichtingen van het bedrijf aan derden, zoals
leningen en crediteuren.
• Eigen vermogen = bezittingen − schulden. Dit is het deel van het vermogen dat
toebehoort aan de eigenaar(s).
De balans opstellen
• De balans bestaat uit twee kanten: de activazijde (bezittingen, links) en de
passivazijde (eigen vermogen en schulden, rechts).
• De twee kanten van de balans zijn altijd in evenwicht: totaal activa = totaal passiva.
Balanszijde Inhoud
Activa (links) Vaste activa (gebouwen, machines) en vlottende
activa (voorraad, debiteuren, bank, kas)
Passiva (rechts) Eigen vermogen en vreemd vermogen
(langlopende schulden, kortlopende
schulden/crediteuren)
Pagina 1 van 21
,Basiskennis Boekhouden 2026 Stuvia
2. Dagboeken en Grootboek
Soorten dagboeken
• Inkoopdagboek: registreert alle inkoopfacturen van leveranciers.
• Verkoopdagboek: registreert alle verkoopfacturen aan klanten.
• Kasboek: registreert alle contante ontvangsten en uitgaven.
• Bank-/giro-dagboek: registreert alle mutaties op de bankrekening.
• Memoriaal: registreert overige boekingen die niet in een van de andere dagboeken
passen (bijvoorbeeld correcties).
Het grootboek
• Het grootboek bestaat uit alle grootboekrekeningen, waarop de mutaties per soort
(bijvoorbeeld 'Inkopen', 'Bank', 'Debiteuren') worden bijgehouden.
• Een grootboekrekening openen betekent het beginsaldo boeken; bijwerken betekent
de mutaties gedurende de periode boeken; afsluiten betekent het eindsaldo bepalen.
• Elke grootboekrekening heeft een debetzijde (links) en een creditzijde (rechts).
Pagina 2 van 21
, Basiskennis Boekhouden 2026 Stuvia
3. Mutaties in het Eigen Vermogen
Winst en verlies
• Winst verhoogt het eigen vermogen; verlies verlaagt het eigen vermogen.
• Winst ontstaat wanneer de opbrengsten (bijvoorbeeld omzet) hoger zijn dan de
kosten in een periode.
Privéopnames en privéstortingen
• Een privéopname is geld of goederen die de eigenaar aan de zaak onttrekt voor
privégebruik — dit verlaagt het eigen vermogen.
• Een privéstorting is geld dat de eigenaar vanuit privé in de zaak stort — dit verhoogt
het eigen vermogen.
Pagina 3 van 21