Samenvatting Praktijkleer Wonen
Koop & verkoop
Zaken en goederen
Binnen het goederenrecht wordt onderscheid gemaakt tussen zaken en rechten.
Een zaak is een tastbaar object dat voor menselijke beheersing vatbaar is.
Zaken worden onderverdeeld in:
• Onroerende zaken: grond, gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn
verenigd.
• Roerende zaken: alle zaken die niet onroerend zijn.
Bestanddelen
Een bestanddeel is iets dat:
• volgens de verkeersopvatting onderdeel uitmaakt van een zaak; of
• zodanig met de hoofdzaak is verbonden dat het niet zonder beschadiging van betekenis
kan worden afgescheiden.
De eigenaar van de hoofdzaak is automatisch ook eigenaar van de bestanddelen.
Absolute en relatieve rechten
Absolute rechten
Absolute rechten werken tegenover iedereen. Ze zijn in beginsel overdraagbaar.
Voorbeelden:
• eigendom;
• hypotheekrecht;
• pandrecht;
• erfpachtrecht;
• opstalrecht;
• vruchtgebruik;
• erfdienstbaarheid;
• appartementsrecht.
Relatieve rechten
Relatieve rechten gelden alleen tussen bepaalde personen.
Voorbeelden:
, • huur;
• pacht;
• bruikleen;
• een vordering tot betaling van salaris.
Eigendom is het meest volledige absolute recht (art. 5:1 BW).
De eigenaar mag in beginsel met de zaak doen wat hij wil, zolang dit niet in strijd is met:
• de wet;
• rechten van anderen.
Bij mandeligheid zijn meerdere eigenaren gezamenlijk eigenaar van een zaak.
Voorbeelden:
• een gemeenschappelijke muur;
• een gemeenschappelijke tuin;
• bepaalde gemeenschappelijke grond.
Overdracht van eigendom
Voor een geldige eigendomsoverdracht zijn nodig:
1. een geldige titel;
2. levering;
3. beschikkingsbevoegdheid van degene die overdraagt.
Bij een onroerende zaak vindt levering plaats door een notariële leveringsakte die wordt
ingeschreven in de openbare registers van het Kadaster.
Beperkte zakelijke rechten
Een beperkt recht is afgeleid van een meer omvattend recht, meestal het eigendomsrecht.
Er wordt onderscheid gemaakt tussen zekerheidsrechten en gebruiksrechten.
Zekerheidsrechten
Deze geven een schuldeiser zekerheid en voorrang bij verhaal.
Pandrecht
• Zekerheidsrecht op roerende zaken en bepaalde rechten.
Hypotheekrecht
• Zekerheidsrecht op registergoederen, waaronder onroerende zaken.
Gebruiksrechten
Koop & verkoop
Zaken en goederen
Binnen het goederenrecht wordt onderscheid gemaakt tussen zaken en rechten.
Een zaak is een tastbaar object dat voor menselijke beheersing vatbaar is.
Zaken worden onderverdeeld in:
• Onroerende zaken: grond, gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn
verenigd.
• Roerende zaken: alle zaken die niet onroerend zijn.
Bestanddelen
Een bestanddeel is iets dat:
• volgens de verkeersopvatting onderdeel uitmaakt van een zaak; of
• zodanig met de hoofdzaak is verbonden dat het niet zonder beschadiging van betekenis
kan worden afgescheiden.
De eigenaar van de hoofdzaak is automatisch ook eigenaar van de bestanddelen.
Absolute en relatieve rechten
Absolute rechten
Absolute rechten werken tegenover iedereen. Ze zijn in beginsel overdraagbaar.
Voorbeelden:
• eigendom;
• hypotheekrecht;
• pandrecht;
• erfpachtrecht;
• opstalrecht;
• vruchtgebruik;
• erfdienstbaarheid;
• appartementsrecht.
Relatieve rechten
Relatieve rechten gelden alleen tussen bepaalde personen.
Voorbeelden:
, • huur;
• pacht;
• bruikleen;
• een vordering tot betaling van salaris.
Eigendom is het meest volledige absolute recht (art. 5:1 BW).
De eigenaar mag in beginsel met de zaak doen wat hij wil, zolang dit niet in strijd is met:
• de wet;
• rechten van anderen.
Bij mandeligheid zijn meerdere eigenaren gezamenlijk eigenaar van een zaak.
Voorbeelden:
• een gemeenschappelijke muur;
• een gemeenschappelijke tuin;
• bepaalde gemeenschappelijke grond.
Overdracht van eigendom
Voor een geldige eigendomsoverdracht zijn nodig:
1. een geldige titel;
2. levering;
3. beschikkingsbevoegdheid van degene die overdraagt.
Bij een onroerende zaak vindt levering plaats door een notariële leveringsakte die wordt
ingeschreven in de openbare registers van het Kadaster.
Beperkte zakelijke rechten
Een beperkt recht is afgeleid van een meer omvattend recht, meestal het eigendomsrecht.
Er wordt onderscheid gemaakt tussen zekerheidsrechten en gebruiksrechten.
Zekerheidsrechten
Deze geven een schuldeiser zekerheid en voorrang bij verhaal.
Pandrecht
• Zekerheidsrecht op roerende zaken en bepaalde rechten.
Hypotheekrecht
• Zekerheidsrecht op registergoederen, waaronder onroerende zaken.
Gebruiksrechten