H1: Inleiding, wetgeving en nomenclatuur 3
1.1 Inleiding 3
1.2 Wetgeving 4
1.2.1 Wet rechten patiënt/zorggebruiker (2002) 4
1.2.2 KB 78/1994 4
1.2.2.1 Logopedie 4
1.2.2.2 Audicien 6
1.2.2.3 Aanbevelingen voor aanpassing KB 94 8
1.3 Nomenclatuur 9
1.3.1 RIZIV - INAMI °1963 9
1.3.2 Sociale zekerheid, ziekenfondsen en gezondheidszorg 9
1.3.2.1 Sociale zekerheid 9
1.3.2.2 Ziekenfondsen 10
1.3.2.3 Gezondheidszorg in Belgie 10
1.3.3 Nomenclatuur van de logopedische verstrekkingen 11
1.3.4 Conventie 11
1.3.4.1 Bijzondere situatie 2023-2024 11
1.3.4.2 Patstelling 11
1.3.4.3 Inhoudelijke en administratieve aanpassingen aan nomenclatuur 12
1.3.4.4 Rechthebbenden en uitzonderingen 13
1. Uitzonderingen: wie niet ? 13
2. Rechthebbenden in nomenclatuur 14
1.3.4.5 Specifieke conventies 15
H2: Beroepsgeheim/recht op privacy/inzage patiëntendossier 17
2.1 Wet rechten van patiënt 17
2.2 Wetgeving 17
2.3 Beroepsgeheim vs discretieplicht 17
2.3.1 Beroepsgeheim 17
2.3.1.1 Tov familie? 18
2.3.1.2 Gedeeld beroepsgeheim 18
2.4 Privacywet 18
2.5 Wet rechten van patiënt 19
H3: Deontologie en ethiek 20
3.1 Inleiding 20
3.1.1 Ethiek of deontologie 20
3.1.2 Wat is ethiek niet? 20
3.1.3 Doel 20
3.1.4 Verschillende niveau’s 20
3.1.5 Basiswaarden 20
3.1.6 Vier principes 20
3.2 Code of ethics VVL 21
3.2.1 Persoonlijke verantwoordelijkheid 21
3.2.2 Professionele gedragscode 22
1
, 3.2.3 Verantwoordelijkheid tov patiënten 24
3.2.4 Vertrouwelijkheid 25
3.2.5 Verantwoordelijkheid tov collegae 25
3.2.6 Verantwoordelijkheid tov maatschappij 26
3.2.7 Ethische richtlijnen research 26
3.3 Ethische - deontologische code V.V.L.: structurele samenwerkingsverbanden tussen
zelfstandige logopedisten 26
3.4 Ethische - deontologische code V.V.L.: richtlijnen voor wetenschappelijk onderzoek 27
3.5 Principes van de ethische code van het wetenschappelijk onderzoek in België 27
3.6 Ethische - deontologische commissie 28
3.7 Verantwoordelijkheid 28
H4: Code of ethics 29
4.1 Code of ethics VVL 29
4.2 Code of ethics American Speech Hearing Association (ASHA) 29
4.2.1 Principe 1 29
4.2.2 Principe 2 30
4.2.3 Principe 3 30
4.2.4 Principe 4 30
4.3 Code of ethics CPLOL 32
4.3.1 Persoonlijke verantwoordelijkheid 32
4.3.2 Professioneel gedrag 32
4.3.3 Verantwoordelijkheid t.o.v. patiënten/cliënten 32
4.3.4 Verantwoordelijkheid t.o.v. collega’s 32
4.3.5 Verantwoordelijkheid t.a.v. de maatschappij 32
4.3.6 Ethische richtlijnen m.b.t. research 32
4.4 Whistleblowing 33
4.5 Overtredingen tegen de ethische code (ASHA) 33
4.6 Eed van hippocrates 34
2
, Deontologie van de logopedist en audioloog
H1: Inleiding, wetgeving en nomenclatuur
1.1 Inleiding
● Wat is dit vak niet? Belastingen, hoe praktijk opzetten, welke administratie hiervoor,…
● Wat na het ontvangen van ons diploma?
○ Je krijgt diploma, daarna erkent worden en dan komt dossier op
erkenningscommissie op gemeenschapsniveau
■ Hier zelf niets voor doen = automatisch
■ Diploma automatisch op tafel gelegd bij erkenningscommissie
■ Vroeger: in het mapje van de proclamatie een papier om dit zelf te doen,
moet nu dus niet meer
■ Soms zijn er discussies of weigeringen
● Vb. niet geslaagde thesis -> geen erkenning
● Vb. in het buitenland een diploma gehaald -> geen erkenning
○ Vlaams diploma via Vlaamse gemeenschap die dit herkent
■ Visum om logo te zijn (recht om beroep uit te oefenen) = automatisch
■ FOD = federale overheidsdienst
● RIZIV = rijksinstituut ziekte en invaliditeitsverzekering
● Krijg je een nummer van
○ Moet op elk getuigschrift/prestatie staan
○ Zonder RIZIV kan je geen terugbetaalde prestaties leveren
● RIZIV nummer = bewijs van behandeling af te leveren
○ Je kan het niet kwijtraken ook al gebruik je het jaren niet
■ DUS: logo’s en audio’s moeten niets doen voor deze 3 stappen
● Erkenning van paramedische beroepen
○ Overheid heeft bepaald wie erkenning krijgt -> wat moeten die mensen kunnen,
gehad hebben
○ Voor alle paramedische beroepen vb. ook ergotherapeuten -> uren stage, vakken, …
zijn bepaald voor de overheid
○ Vb. logo en audio -> minstens 3 jaar voltijds hoger onderwijs (theoretische en
praktische OPO’s)
● Tewerkstellingen (erkenning en actief met RIZIV nummer) !! verschil man en vrouw
● Info voor startende logo’s/audio’s -> veel sites beschikbaar met nuttige informatie
○ Logopedie -> Vlaamse vereniging voor logopedie (VVL): laatstejaars studenten
kunnen gratis lid van worden
○ Audiologie -> Vlaamse beroepsvereniging audiologen (VBA)
3
,1.2 Wetgeving
● KB 78/1994 = koninklijk besluit
● Wet rechten van patiënt
● Kwaliteitswet voor gezondheidszorgbeoefenaars
● Beroepsgeheim
● Privacywetgeving
● GDPR = global data protection
-> Als arts wordt je erkend MAAR je moet elk jaar accrediteringsbewijs inleveren = 25 uur bijscholing
per jaar hiervoor doen
1.2.1 Wet rechten patiënt/zorggebruiker (2002)
Rechten van de patiënt omvatten
● Kwaliteitsvolle dienstverlening
● Vrije keuze van zorgverlener
○ Hier zijn grenzen aan vb. seksisme, racisme, gender, … -> ziekenhuis kan aangeven
dat ze hun best zullen doen om die wensen te vervullen maar zijn niet verplicht
○ Maar stel dat het niet klikt -> mag veranderen van zorgverlener
● Info over de gezondheidstoestand, alsook de evolutie ervan
○ Als je als arts iets weet moet je dit vertellen aan P
○ Uitsluiting = persoonlijke nota’s van de zorgverlener
● Geïnformeerde, vrije toestemming voor iedere tussenkomst -> wat ga ik doen, waarom doe
ik dat, wanneer ga ik dat doen, hoeveel gaat u dat kosten
● Info over conventionering/erkenning zorgverlener
○ In wachtzaal verplicht aangeven -> niet geconventioneerd = eigen tarieven bepalen
○ Tarief van logopedist per half uur = 37 euro = bruto (je houdt de helft over)
● Patiëntendossier -> P heeft recht op zijn/haar dossier -> je moet dat kunnen geven
● Bescherming van privéleven van patiënt
● Klachtneerlegging -> iedereen zou schriftelijk info moeten krijgen over waar die klacht kan
indienen
-> voor alle gezondheidsberoepen hetzelfde
1.2.2 KB 78/1994
= beroepstitel van logo + reglementering erbij -> beslist over wat studenten moeten krijgen in de
opleiding
1.2.2.1 Logopedie
● Art. 1: beroep ‘logopedie’ = paramedisch beroep in de zin van artikel 22bis van het koninklijk
besluit nr. 78 van 10/11/1967 betreffende de uitoefening van de geneeskunst, de
verpleegkunde, de paramedische beroepen en de geneeskundige commissies
● Art. 2. Het in artikel 1 bedoelde beroep wordt uitgeoefend onder de beroepstitel ‘logopedist’
● Art. 3. beroep van logopedist mag slechts worden uitgeoefend door personen die voldoen
aan de volgende voorwaarden :
○ 1: houder zijn van een diploma dat een opleiding bekroont van minstens 3 jaar hoger
onderwijs met volledig leerplan, waarvan het leerprogramma op zijn minst omvat :
4
, ■ Een theoretische opleiding in:
● Algemene anatomie en algemene fysiologie
● Anatomie, fysiologie en pathologie van de spraak- en stemorganen,
de gehoororganen en de evenwichtsorganen
● Neurologie met inbegrip van neuropediatrie
● Psychopathologie en psychiatrie met inbegrip van kinderpsychiatrie
● Gerontologie-geriatrie
● Fysica in verband met de spraak, de stem en het gehoor
● Linguistiek, psycholinguistiek-neurolinguistiek
● Psychologie
● Algemene pedagogiek met inbegrip van de pedagogiek van de zieke
en de gehandicapte
● Psychologie en sociologie van de zieke en de gehandicapte
● Oorsprong en ontwikkeling van de spraak en de taal
● Deontologie van de logopedist
■ Theoretische en praktische opleiding -> studie, evaluatie, preventie en
behandeling van de:
● Articulatiestoornissen en spraakstoornissen
● Sensomotorische, psychomotorische, cognitieve en andere
stoornissen die de communicatie belemmeren
● Taalstoornissen (mondeling en geschreven)
● Stemstoornissen
● Gehoorstoornissen en evenwichtsstoornissen
● De fonetiek en de orthofonie
● De psychomotoriek
● De technologie toegepast in de logopedie
● Methodologie van de intelligentie-, stem-, spraak- en taaltests
● Studie van de stem de articulatie, de spraak en de taal
■ Stages :
● Een met vrucht doorlopen stage van minstens 600 uren in
verschillende activiteitssectoren van de logopedie
● Met betrekking tot verschillende pathologieën in verband met
stoornissen van de menselijke communicatie
● Ten bewijze waarvan de kandidaat een stageboek moet bijhouden;
■ Een eindwerk:
● Bestaat uit een verhandeling die in verband staat met de opleiding
en de stages
● Deze verhandeling moet door de student uitgewerkt, voorgesteld en
met vrucht verdedigd worden
○ 2: Hun beroepskennis en -vaardigheden via bijscholing onderhouden en bijwerken,
om een beroepsuitoefening op een optimaal kwaliteitsniveau mogelijk te maken.
■ De hierboven bedoelde bijscholing moet bestaan uit persoonlijke studie en
deelname aan vormingsactiviteiten
● Bijlage 1: lijst van technische prestaties die door de logopedisten mogen worden verricht met
toepassing van artikel 23, § 1, eerste lid, van het koninklijk besluit nr. 78 van 10/11/1967 :
○ Logopedische onderzoeken en een geschreven technisch verslag van de uitgevoerde
onderzoeken, gericht aan de voorschrijvende arts;
5
, ○ Logopedische behandelingen en een schriftelijk, aan de voorschrijvende arts gericht,
tussentijds technisch verslag betreffende de evolutie van de patiënt onder deze
voorgeschreven behandeling
○ Deze logopedische behandelingen bestaan uit de toepassing van de voor de
logopedische sensomotorische, spraak-, taal-, stem- en gehoorsrevalidatietechnieken
bij patiënten met:
■ Communicatiestoornisen (inbegrepen de vroegtijdige stoornissen bij het
jonge kind), hetzij ze van motorische, sensoriële of mentale oorsprong zijn
■ Congenitale of verworven stem- en fonatiestoornissen, van organische en/of
functionele oorsprong
■ Achterstanden en stoornissen van de articulatie, de spraak, de gesproken of
geschreven taal, welk er ook de oorsprong van is
■ Slik- en andere stoornissen van oro-myofunctionele oorsprong
■ Specifieke ontwikkelingsstoornissen zoals dyslexie, dysorthografie, dysgrafie,
dyscalculie
■ Stotteren en broddelen
● Art. N2. Bijlage 2: handelingen waarmee een arts met toepassing van artikel 5, § 1, eerste lid,
van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 een logopedist kan belasten :
○ Preventie en opsporing van stoornissen van de menselijke communicatie
○ Het technisch gedeelte van de volgende prestaties: audiometrie, vestibulometrie en
fonetografie
○ => Paramedische beroepen zijn op voorschrift -> arts zegt: jij mag deze P behandelen
■ Je mag niks doen zonder dat iemand anders het zegt
■ Regeerakkoord kine’s -> autonome handelingen: zonder voorschrift van de
dokter mag je behandeld worden door een kine
1.2.2.2 Audicien
● Art. 1: beroep ‘audiologie’ = paramedisch beroep in de zin van artikel 22 van het koninklijk
besluit nr. 78 van 10/11/1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen.
● Art. 2.: het in artikel 1 bedoelde beroep wordt uitgeoefend onder de beroepstitels van
audioloog en van audicien
● Art. 3. voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
○ 1: Audioloog -> degene die:
■ Aan preventie en screening van gehoorstoornissen doet
■ Technische gedeelte uitvoert van de onderzoeken ter evaluatie van de
auditieve/otoneurologische functies en functies van de bovenste luchtwegen
■ Hooropvoeding, hoortraining en de revalidatie van het gehoor en de
evenwichtsfunctie uitvoert
○ 2: Audicien -> degene die het gestoorde gehoor corrigeert door middel van
mechanische, elektro-akoestische en elektronische systemen
■ Tot zijn bevoegdheid behoort ook:
● Gehoorbeschermingssystemen tegen lawaaioverlast
● De bescherming van de auditieve functie
● De aflevering van uitwendige elektronische systemen die de
akoestische signalen uitgestuurd door de stemgestoorden versterken
6
, ○ 3: Een hoortoestel:
■ Elk toestel bestemd om akoestische signalen op te vangen, te versterken, te
bewerken en aan te passen
■ Zodat de personen met slechthorendheid binnen de grenzen van hun
perceptie- en tolerantievermogen de info die ze inhouden kunnen ontvangen
● Het beroep van audicien en het beroep van audioloog mag slechts worden uitgeoefend door
personen die voldoen aan de volgende voorwaarden :
○ 1: Houder zijn van een diploma dat een opleiding bekroont, die overeenstemt met
een opleiding van minstens 3j in het kader van een voltijds hoger onderwijs waarvan
het leerprogramma op zijn minst omvat:
■ Een theoretische opleiding in
● Voor het beroep van audicien en het beroep van audioloog
○ Anatomie/fysiologie/pathologie van het audio-vestibulaire
systeem en van de bovenste luchtwegen
○ Neurologie met inbegrip van neuropediatrie
○ Geriatrie
○ Ontwikkelingspsychologie en gerontologie
○ Psychologie van de persoon met slechthorendheid
○ Taal- en spraakontwikkeling
○ Linguïstiek
○ Fysica
○ Elektronica en elektrotechniek
○ Deontologie
● Daarenboven voor het beroep van audicien:
○ Commercieel en fiscaal recht
○ Organisatie en bedrijfsbeheer
○ Boekhouding
● Daarenboven voor het beroep van audioloog: neuro- en
psycholinguïstiek
■ Een theoretische en praktische opleiding in :
● Voor het beroep van audicien en het beroep van audioloog:
○ Wiskunde en statistiek
○ Fonetiek, sonometrie en akoestiek
○ Gehoorbescherming tegen lawaai
○ Informatica
● Daarenboven voor het beroep van audicien:
○ Studie van de hoortoestellen, andere technische
hulpmiddelen tbv communicatie en integratie
○ Studie van meetinstrumenten
○ Anamnese, onderzoeken en methodologie van de
aanpassing van hoortoestellen
○ Studie van otoplastieken
○ Opleiding/begeleiding van P en zijn omgeving,
gehoorrevalidatie, en opvolging van de aanpassing van HT’s
○ Onderhoud van hoortoestellen
7
, ● Daarenboven voor het beroep van audioloog :
○ Onderzoek van het audio-vestibulaire systeem en van de
bovenste luchtwegen
○ Gehoorrevalidatie
○ Revalidatie van de evenwichtsfunctie
■ Maken van werk dat in verband staat met de opleiding en waaruit blijkt dat
de betrokkene in staat is tot een analytische en synthetische activiteit in het
vakdomein en dat hij zelfstandig kan werken
○ 2: Stage :
■ Voor het beroep van audicien:
● Met vrucht een stage doorlopen hebben van minstens 300 uren in
de aanpassing van hoortoestellen
● Ten bewijze waarvan de kandidaat een stageboek moet bijhouden
■ Voor het beroep van audioloog:
● Net vrucht een praktijkstage doorlopen hebben van minstens 300
uren in de verschillende domeinen van de (klinische) audiologie
● Ten bewijze waarvan de kandidaat een stageboek moet bijhouden
○ Hun beroepskennis en -vaardigheden via bijscholing onderhouden en bijwerken, om
een beroepsuitoefening op een optimaal kwaliteitsniveau mogelijk te maken
■ De hierboven bedoelde bijscholing moet bestaan uit persoonlijke studie en
deelname aan vormingsactiviteiten.
1.2.2.3 Aanbevelingen voor aanpassing KB 94
Erkenningscommissie geeft advies aan de overheid naar beroepen = subcommissie =
planningscommissie -> hoe moet het verder met het beroep van de logopedist
● Autonome handelingen
○ vb. als logo zelf beslissen om stotteronderzoek te doen en niet eerst naar arts te
moeten sturen hiervoor
○ vb. reinigen van provox zonder voorschrift
● Technische acte op VS arts vb. audiometrie
● Toevertrouwde handelingen
Rode cirkel: belangrijk
● Beroep mag enkel uitgevoerd worden door personen die
houder zijn van diploma of opleiding die overeenstemt
met EU kwalificatieniveau 7
● Dat zou betekenen dat je enkel nog logo of audio kan
worden als je master bent
● Werd dus nog niet ondertekend door natuurlijk enorme
lobby van hogescholen…
● Ze zeggen dat de pathologieën etc. die erachter zitten,
niet in 3 jaar geleerd kunnen worden
● MAAR nu vandaag is er een absoluut tekort aan
logopedisten
8
,1.3 Nomenclatuur
1.3.1 RIZIV - INAMI °1963
● RIZIV = Rijksinstituut Ziekte en Invaliditeitsverzekering
● INAMI = Instituut National d’assurance Maladie- Invalidité
● = openbare instelling voor sociale zekerheid
● Portemonnee van volksgezondheid voor groot deel geregeld door RIZIV
○ Bepaalt: wat, wanneer, hoe, hoeveel, wat terugbetaald,…
○ Verzekeringsinstelling (VI) = mutualiteiten halen geld van leden
■ Onderhandelen met RIZIV over: wat, wanneer, hoe,…
■ Meer leden -> meer wegen op beleid van RIZIV
○ Bepalen beiden hoeveel er terugbetaald wordt
■ Stel €50 voor prestatie
■ Persoonlijk aandeel = €10 en deel naar VI €40
○ 3de-betalersrekening = meeste werken via dit systeem
■ Rekening direct naar mutualiteit en betalen het terug en bij huisarts enkel
het persoonlijke aandeel betalen
■ In leven geroepen voor mensen die financieel niet breed hebben
● RIZIV:
○ Geneeskundige verstrekkingen die door verplichte verzekering gedekt zijn beheren +
organiseren
○ Toekennen van uitkeringen
○ Naleving controleren van wets- en verordeningsbepalingen door zorgverleners en
door verzekeringsinstellingen
○ Overleg organiseren tussen de verschillende actoren
○ Deconventioneren = niet akkoord gaan met contract
■ Vragen meer voor hun werk
■ Dit zit in persoonlijk aandeel voor patiënt
■ VI betaalt minder terug DUS PA za omhoog gaan -> als patiënt meer betalen
○ In ziekenhuis = altijd conventioneren -> kan niet dat 1 bed €20 vraagt en ander €10
1.3.2 Sociale zekerheid, ziekenfondsen en gezondheidszorg
1.3.2.1 Sociale zekerheid
● Sociale zekerheid: pensioen, kindergeld, werkloosheid, tijdskrediet, arbeidsongeval,
ziekte-uitkering, handicap, invaliditeit, ziekenfonds, terugbetalingen, medicatie,…
● Belgische sociale zekerheid:
○ De werknemersregeling = meest courante
■ Als WN voor een baas werken en elke maand hetzelfde loon krijgen,
ongeacht je prestaties
■ Brutoloon van 3000 euro, nettoloon van 1900 euro -> rest gaat al naar
sociale zekerheid
■ Als je ziek bent, krijg je toch betaald
○ De regeling voor zelfstandigen
■ Ze zijn hun eigen baas, hebben geen standaard loon
■ Zelf sociale zekerheid opbouwen -> krijgen een brutoloon en moeten
daarvan een groot deel opzij zetten om de sociale zekerheid van te betalen
■ 50% als bediende werken en rest zelfstandige = zo voordelig zelfstandige zijn
9
, ○ Regeling voor de openbare sector (ambtenaren) -> heel voordelig systeem
○ Regeling voor zeevarenden
○ Regeling voor mijnwerkers
○ Regeling voor overzeese sociale zekerheid
! Je wordt geboren en hebt een mutualiteit -> dan begin je te werken en moet je bijdragen aan de
sociale zekerheid -> deel van de belastingen gaat hierheen
1.3.2.2 Ziekenfondsen
● Om aanspraak te kunnen maken op de verstrekkingen van de verplichte verzekering voor
geneeskundige verzorging en uitkeringen, moet elke rechthebbende een
verzekeringsinstelling kiezen
● Verzekeringsinstellingen betalen, onder toezicht van het RIZIV, de verstrekkingen van de
verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen
● In dat opzicht:
○ Verlenen zij aan hun leden onder bepaalde voorwaarden:
■ Een tegemoetkoming in de medische kosten
■ Een uitkering in geval van arbeidsongeschiktheid of invaliditeit wegens ziekte
of ongeval in de privé-sfeer
■ Een moederschapsuitkering in geval van zwangerschap
■ Een vergoeding voor begrafeniskosten in geval van overlijden
○ Vertegenwoordigen zij hun leden in de diverse raden, comités en commissies
opgericht bij het RIZIV.
● Naast de verplichte verzekering van de nomenclatuur kan een ziekenfonds nog een
aanvullende verzekering en particulieren verzekering hebben
○ Aanvullende verzekering bij een ziekenfonds
■ vb. lipspleten of korting op hoorapparaten bij een specifiek hoorcentra
■ Trio van riziv, mutualiteit en beroepsvereniging krijgt geen geld van FVDB
voor deze voorbeelden
■ Sommige mutualiteiten kiezen ervoor om toch iets te doen, maar wel
minder dan binnen een verplichte verzekering
○ Particuliere verzekering bij een privéverzekeraar vb. reisverzekering
■ Keuzevrijheid in dekking en formules, maar vaak duurder
■ Niet verplicht
● Voorbeelden van ziekenfondsen:
○ Landsbond der Christelijke Mutualiteiten
○ Landsbond van de Neutrale Ziekenfondsen
○ Nationaal Verbond van Socialistische Mutualiteiten
○ Landsbond van Liberale Mutualiteiten
○ Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen
○ Hulpkas voor Ziekte-en Invaliditeitsverzekering
○ Kas der Geneeskundige Verzorging van de NMBS Holding
1.3.2.3 Gezondheidszorg in Belgie
● Logo’s/audio’s/audiciens werkzaam in diverse deelgebieden van gezondheidszorg
○ Zelfstandige, RC, ziekenhuizen, thuiszorg, ambulante zorg,…
● Al deze deelgebieden: eigen reglementen, structuur, financiële tegemoetkoming …
10
1.1 Inleiding 3
1.2 Wetgeving 4
1.2.1 Wet rechten patiënt/zorggebruiker (2002) 4
1.2.2 KB 78/1994 4
1.2.2.1 Logopedie 4
1.2.2.2 Audicien 6
1.2.2.3 Aanbevelingen voor aanpassing KB 94 8
1.3 Nomenclatuur 9
1.3.1 RIZIV - INAMI °1963 9
1.3.2 Sociale zekerheid, ziekenfondsen en gezondheidszorg 9
1.3.2.1 Sociale zekerheid 9
1.3.2.2 Ziekenfondsen 10
1.3.2.3 Gezondheidszorg in Belgie 10
1.3.3 Nomenclatuur van de logopedische verstrekkingen 11
1.3.4 Conventie 11
1.3.4.1 Bijzondere situatie 2023-2024 11
1.3.4.2 Patstelling 11
1.3.4.3 Inhoudelijke en administratieve aanpassingen aan nomenclatuur 12
1.3.4.4 Rechthebbenden en uitzonderingen 13
1. Uitzonderingen: wie niet ? 13
2. Rechthebbenden in nomenclatuur 14
1.3.4.5 Specifieke conventies 15
H2: Beroepsgeheim/recht op privacy/inzage patiëntendossier 17
2.1 Wet rechten van patiënt 17
2.2 Wetgeving 17
2.3 Beroepsgeheim vs discretieplicht 17
2.3.1 Beroepsgeheim 17
2.3.1.1 Tov familie? 18
2.3.1.2 Gedeeld beroepsgeheim 18
2.4 Privacywet 18
2.5 Wet rechten van patiënt 19
H3: Deontologie en ethiek 20
3.1 Inleiding 20
3.1.1 Ethiek of deontologie 20
3.1.2 Wat is ethiek niet? 20
3.1.3 Doel 20
3.1.4 Verschillende niveau’s 20
3.1.5 Basiswaarden 20
3.1.6 Vier principes 20
3.2 Code of ethics VVL 21
3.2.1 Persoonlijke verantwoordelijkheid 21
3.2.2 Professionele gedragscode 22
1
, 3.2.3 Verantwoordelijkheid tov patiënten 24
3.2.4 Vertrouwelijkheid 25
3.2.5 Verantwoordelijkheid tov collegae 25
3.2.6 Verantwoordelijkheid tov maatschappij 26
3.2.7 Ethische richtlijnen research 26
3.3 Ethische - deontologische code V.V.L.: structurele samenwerkingsverbanden tussen
zelfstandige logopedisten 26
3.4 Ethische - deontologische code V.V.L.: richtlijnen voor wetenschappelijk onderzoek 27
3.5 Principes van de ethische code van het wetenschappelijk onderzoek in België 27
3.6 Ethische - deontologische commissie 28
3.7 Verantwoordelijkheid 28
H4: Code of ethics 29
4.1 Code of ethics VVL 29
4.2 Code of ethics American Speech Hearing Association (ASHA) 29
4.2.1 Principe 1 29
4.2.2 Principe 2 30
4.2.3 Principe 3 30
4.2.4 Principe 4 30
4.3 Code of ethics CPLOL 32
4.3.1 Persoonlijke verantwoordelijkheid 32
4.3.2 Professioneel gedrag 32
4.3.3 Verantwoordelijkheid t.o.v. patiënten/cliënten 32
4.3.4 Verantwoordelijkheid t.o.v. collega’s 32
4.3.5 Verantwoordelijkheid t.a.v. de maatschappij 32
4.3.6 Ethische richtlijnen m.b.t. research 32
4.4 Whistleblowing 33
4.5 Overtredingen tegen de ethische code (ASHA) 33
4.6 Eed van hippocrates 34
2
, Deontologie van de logopedist en audioloog
H1: Inleiding, wetgeving en nomenclatuur
1.1 Inleiding
● Wat is dit vak niet? Belastingen, hoe praktijk opzetten, welke administratie hiervoor,…
● Wat na het ontvangen van ons diploma?
○ Je krijgt diploma, daarna erkent worden en dan komt dossier op
erkenningscommissie op gemeenschapsniveau
■ Hier zelf niets voor doen = automatisch
■ Diploma automatisch op tafel gelegd bij erkenningscommissie
■ Vroeger: in het mapje van de proclamatie een papier om dit zelf te doen,
moet nu dus niet meer
■ Soms zijn er discussies of weigeringen
● Vb. niet geslaagde thesis -> geen erkenning
● Vb. in het buitenland een diploma gehaald -> geen erkenning
○ Vlaams diploma via Vlaamse gemeenschap die dit herkent
■ Visum om logo te zijn (recht om beroep uit te oefenen) = automatisch
■ FOD = federale overheidsdienst
● RIZIV = rijksinstituut ziekte en invaliditeitsverzekering
● Krijg je een nummer van
○ Moet op elk getuigschrift/prestatie staan
○ Zonder RIZIV kan je geen terugbetaalde prestaties leveren
● RIZIV nummer = bewijs van behandeling af te leveren
○ Je kan het niet kwijtraken ook al gebruik je het jaren niet
■ DUS: logo’s en audio’s moeten niets doen voor deze 3 stappen
● Erkenning van paramedische beroepen
○ Overheid heeft bepaald wie erkenning krijgt -> wat moeten die mensen kunnen,
gehad hebben
○ Voor alle paramedische beroepen vb. ook ergotherapeuten -> uren stage, vakken, …
zijn bepaald voor de overheid
○ Vb. logo en audio -> minstens 3 jaar voltijds hoger onderwijs (theoretische en
praktische OPO’s)
● Tewerkstellingen (erkenning en actief met RIZIV nummer) !! verschil man en vrouw
● Info voor startende logo’s/audio’s -> veel sites beschikbaar met nuttige informatie
○ Logopedie -> Vlaamse vereniging voor logopedie (VVL): laatstejaars studenten
kunnen gratis lid van worden
○ Audiologie -> Vlaamse beroepsvereniging audiologen (VBA)
3
,1.2 Wetgeving
● KB 78/1994 = koninklijk besluit
● Wet rechten van patiënt
● Kwaliteitswet voor gezondheidszorgbeoefenaars
● Beroepsgeheim
● Privacywetgeving
● GDPR = global data protection
-> Als arts wordt je erkend MAAR je moet elk jaar accrediteringsbewijs inleveren = 25 uur bijscholing
per jaar hiervoor doen
1.2.1 Wet rechten patiënt/zorggebruiker (2002)
Rechten van de patiënt omvatten
● Kwaliteitsvolle dienstverlening
● Vrije keuze van zorgverlener
○ Hier zijn grenzen aan vb. seksisme, racisme, gender, … -> ziekenhuis kan aangeven
dat ze hun best zullen doen om die wensen te vervullen maar zijn niet verplicht
○ Maar stel dat het niet klikt -> mag veranderen van zorgverlener
● Info over de gezondheidstoestand, alsook de evolutie ervan
○ Als je als arts iets weet moet je dit vertellen aan P
○ Uitsluiting = persoonlijke nota’s van de zorgverlener
● Geïnformeerde, vrije toestemming voor iedere tussenkomst -> wat ga ik doen, waarom doe
ik dat, wanneer ga ik dat doen, hoeveel gaat u dat kosten
● Info over conventionering/erkenning zorgverlener
○ In wachtzaal verplicht aangeven -> niet geconventioneerd = eigen tarieven bepalen
○ Tarief van logopedist per half uur = 37 euro = bruto (je houdt de helft over)
● Patiëntendossier -> P heeft recht op zijn/haar dossier -> je moet dat kunnen geven
● Bescherming van privéleven van patiënt
● Klachtneerlegging -> iedereen zou schriftelijk info moeten krijgen over waar die klacht kan
indienen
-> voor alle gezondheidsberoepen hetzelfde
1.2.2 KB 78/1994
= beroepstitel van logo + reglementering erbij -> beslist over wat studenten moeten krijgen in de
opleiding
1.2.2.1 Logopedie
● Art. 1: beroep ‘logopedie’ = paramedisch beroep in de zin van artikel 22bis van het koninklijk
besluit nr. 78 van 10/11/1967 betreffende de uitoefening van de geneeskunst, de
verpleegkunde, de paramedische beroepen en de geneeskundige commissies
● Art. 2. Het in artikel 1 bedoelde beroep wordt uitgeoefend onder de beroepstitel ‘logopedist’
● Art. 3. beroep van logopedist mag slechts worden uitgeoefend door personen die voldoen
aan de volgende voorwaarden :
○ 1: houder zijn van een diploma dat een opleiding bekroont van minstens 3 jaar hoger
onderwijs met volledig leerplan, waarvan het leerprogramma op zijn minst omvat :
4
, ■ Een theoretische opleiding in:
● Algemene anatomie en algemene fysiologie
● Anatomie, fysiologie en pathologie van de spraak- en stemorganen,
de gehoororganen en de evenwichtsorganen
● Neurologie met inbegrip van neuropediatrie
● Psychopathologie en psychiatrie met inbegrip van kinderpsychiatrie
● Gerontologie-geriatrie
● Fysica in verband met de spraak, de stem en het gehoor
● Linguistiek, psycholinguistiek-neurolinguistiek
● Psychologie
● Algemene pedagogiek met inbegrip van de pedagogiek van de zieke
en de gehandicapte
● Psychologie en sociologie van de zieke en de gehandicapte
● Oorsprong en ontwikkeling van de spraak en de taal
● Deontologie van de logopedist
■ Theoretische en praktische opleiding -> studie, evaluatie, preventie en
behandeling van de:
● Articulatiestoornissen en spraakstoornissen
● Sensomotorische, psychomotorische, cognitieve en andere
stoornissen die de communicatie belemmeren
● Taalstoornissen (mondeling en geschreven)
● Stemstoornissen
● Gehoorstoornissen en evenwichtsstoornissen
● De fonetiek en de orthofonie
● De psychomotoriek
● De technologie toegepast in de logopedie
● Methodologie van de intelligentie-, stem-, spraak- en taaltests
● Studie van de stem de articulatie, de spraak en de taal
■ Stages :
● Een met vrucht doorlopen stage van minstens 600 uren in
verschillende activiteitssectoren van de logopedie
● Met betrekking tot verschillende pathologieën in verband met
stoornissen van de menselijke communicatie
● Ten bewijze waarvan de kandidaat een stageboek moet bijhouden;
■ Een eindwerk:
● Bestaat uit een verhandeling die in verband staat met de opleiding
en de stages
● Deze verhandeling moet door de student uitgewerkt, voorgesteld en
met vrucht verdedigd worden
○ 2: Hun beroepskennis en -vaardigheden via bijscholing onderhouden en bijwerken,
om een beroepsuitoefening op een optimaal kwaliteitsniveau mogelijk te maken.
■ De hierboven bedoelde bijscholing moet bestaan uit persoonlijke studie en
deelname aan vormingsactiviteiten
● Bijlage 1: lijst van technische prestaties die door de logopedisten mogen worden verricht met
toepassing van artikel 23, § 1, eerste lid, van het koninklijk besluit nr. 78 van 10/11/1967 :
○ Logopedische onderzoeken en een geschreven technisch verslag van de uitgevoerde
onderzoeken, gericht aan de voorschrijvende arts;
5
, ○ Logopedische behandelingen en een schriftelijk, aan de voorschrijvende arts gericht,
tussentijds technisch verslag betreffende de evolutie van de patiënt onder deze
voorgeschreven behandeling
○ Deze logopedische behandelingen bestaan uit de toepassing van de voor de
logopedische sensomotorische, spraak-, taal-, stem- en gehoorsrevalidatietechnieken
bij patiënten met:
■ Communicatiestoornisen (inbegrepen de vroegtijdige stoornissen bij het
jonge kind), hetzij ze van motorische, sensoriële of mentale oorsprong zijn
■ Congenitale of verworven stem- en fonatiestoornissen, van organische en/of
functionele oorsprong
■ Achterstanden en stoornissen van de articulatie, de spraak, de gesproken of
geschreven taal, welk er ook de oorsprong van is
■ Slik- en andere stoornissen van oro-myofunctionele oorsprong
■ Specifieke ontwikkelingsstoornissen zoals dyslexie, dysorthografie, dysgrafie,
dyscalculie
■ Stotteren en broddelen
● Art. N2. Bijlage 2: handelingen waarmee een arts met toepassing van artikel 5, § 1, eerste lid,
van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 een logopedist kan belasten :
○ Preventie en opsporing van stoornissen van de menselijke communicatie
○ Het technisch gedeelte van de volgende prestaties: audiometrie, vestibulometrie en
fonetografie
○ => Paramedische beroepen zijn op voorschrift -> arts zegt: jij mag deze P behandelen
■ Je mag niks doen zonder dat iemand anders het zegt
■ Regeerakkoord kine’s -> autonome handelingen: zonder voorschrift van de
dokter mag je behandeld worden door een kine
1.2.2.2 Audicien
● Art. 1: beroep ‘audiologie’ = paramedisch beroep in de zin van artikel 22 van het koninklijk
besluit nr. 78 van 10/11/1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen.
● Art. 2.: het in artikel 1 bedoelde beroep wordt uitgeoefend onder de beroepstitels van
audioloog en van audicien
● Art. 3. voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
○ 1: Audioloog -> degene die:
■ Aan preventie en screening van gehoorstoornissen doet
■ Technische gedeelte uitvoert van de onderzoeken ter evaluatie van de
auditieve/otoneurologische functies en functies van de bovenste luchtwegen
■ Hooropvoeding, hoortraining en de revalidatie van het gehoor en de
evenwichtsfunctie uitvoert
○ 2: Audicien -> degene die het gestoorde gehoor corrigeert door middel van
mechanische, elektro-akoestische en elektronische systemen
■ Tot zijn bevoegdheid behoort ook:
● Gehoorbeschermingssystemen tegen lawaaioverlast
● De bescherming van de auditieve functie
● De aflevering van uitwendige elektronische systemen die de
akoestische signalen uitgestuurd door de stemgestoorden versterken
6
, ○ 3: Een hoortoestel:
■ Elk toestel bestemd om akoestische signalen op te vangen, te versterken, te
bewerken en aan te passen
■ Zodat de personen met slechthorendheid binnen de grenzen van hun
perceptie- en tolerantievermogen de info die ze inhouden kunnen ontvangen
● Het beroep van audicien en het beroep van audioloog mag slechts worden uitgeoefend door
personen die voldoen aan de volgende voorwaarden :
○ 1: Houder zijn van een diploma dat een opleiding bekroont, die overeenstemt met
een opleiding van minstens 3j in het kader van een voltijds hoger onderwijs waarvan
het leerprogramma op zijn minst omvat:
■ Een theoretische opleiding in
● Voor het beroep van audicien en het beroep van audioloog
○ Anatomie/fysiologie/pathologie van het audio-vestibulaire
systeem en van de bovenste luchtwegen
○ Neurologie met inbegrip van neuropediatrie
○ Geriatrie
○ Ontwikkelingspsychologie en gerontologie
○ Psychologie van de persoon met slechthorendheid
○ Taal- en spraakontwikkeling
○ Linguïstiek
○ Fysica
○ Elektronica en elektrotechniek
○ Deontologie
● Daarenboven voor het beroep van audicien:
○ Commercieel en fiscaal recht
○ Organisatie en bedrijfsbeheer
○ Boekhouding
● Daarenboven voor het beroep van audioloog: neuro- en
psycholinguïstiek
■ Een theoretische en praktische opleiding in :
● Voor het beroep van audicien en het beroep van audioloog:
○ Wiskunde en statistiek
○ Fonetiek, sonometrie en akoestiek
○ Gehoorbescherming tegen lawaai
○ Informatica
● Daarenboven voor het beroep van audicien:
○ Studie van de hoortoestellen, andere technische
hulpmiddelen tbv communicatie en integratie
○ Studie van meetinstrumenten
○ Anamnese, onderzoeken en methodologie van de
aanpassing van hoortoestellen
○ Studie van otoplastieken
○ Opleiding/begeleiding van P en zijn omgeving,
gehoorrevalidatie, en opvolging van de aanpassing van HT’s
○ Onderhoud van hoortoestellen
7
, ● Daarenboven voor het beroep van audioloog :
○ Onderzoek van het audio-vestibulaire systeem en van de
bovenste luchtwegen
○ Gehoorrevalidatie
○ Revalidatie van de evenwichtsfunctie
■ Maken van werk dat in verband staat met de opleiding en waaruit blijkt dat
de betrokkene in staat is tot een analytische en synthetische activiteit in het
vakdomein en dat hij zelfstandig kan werken
○ 2: Stage :
■ Voor het beroep van audicien:
● Met vrucht een stage doorlopen hebben van minstens 300 uren in
de aanpassing van hoortoestellen
● Ten bewijze waarvan de kandidaat een stageboek moet bijhouden
■ Voor het beroep van audioloog:
● Net vrucht een praktijkstage doorlopen hebben van minstens 300
uren in de verschillende domeinen van de (klinische) audiologie
● Ten bewijze waarvan de kandidaat een stageboek moet bijhouden
○ Hun beroepskennis en -vaardigheden via bijscholing onderhouden en bijwerken, om
een beroepsuitoefening op een optimaal kwaliteitsniveau mogelijk te maken
■ De hierboven bedoelde bijscholing moet bestaan uit persoonlijke studie en
deelname aan vormingsactiviteiten.
1.2.2.3 Aanbevelingen voor aanpassing KB 94
Erkenningscommissie geeft advies aan de overheid naar beroepen = subcommissie =
planningscommissie -> hoe moet het verder met het beroep van de logopedist
● Autonome handelingen
○ vb. als logo zelf beslissen om stotteronderzoek te doen en niet eerst naar arts te
moeten sturen hiervoor
○ vb. reinigen van provox zonder voorschrift
● Technische acte op VS arts vb. audiometrie
● Toevertrouwde handelingen
Rode cirkel: belangrijk
● Beroep mag enkel uitgevoerd worden door personen die
houder zijn van diploma of opleiding die overeenstemt
met EU kwalificatieniveau 7
● Dat zou betekenen dat je enkel nog logo of audio kan
worden als je master bent
● Werd dus nog niet ondertekend door natuurlijk enorme
lobby van hogescholen…
● Ze zeggen dat de pathologieën etc. die erachter zitten,
niet in 3 jaar geleerd kunnen worden
● MAAR nu vandaag is er een absoluut tekort aan
logopedisten
8
,1.3 Nomenclatuur
1.3.1 RIZIV - INAMI °1963
● RIZIV = Rijksinstituut Ziekte en Invaliditeitsverzekering
● INAMI = Instituut National d’assurance Maladie- Invalidité
● = openbare instelling voor sociale zekerheid
● Portemonnee van volksgezondheid voor groot deel geregeld door RIZIV
○ Bepaalt: wat, wanneer, hoe, hoeveel, wat terugbetaald,…
○ Verzekeringsinstelling (VI) = mutualiteiten halen geld van leden
■ Onderhandelen met RIZIV over: wat, wanneer, hoe,…
■ Meer leden -> meer wegen op beleid van RIZIV
○ Bepalen beiden hoeveel er terugbetaald wordt
■ Stel €50 voor prestatie
■ Persoonlijk aandeel = €10 en deel naar VI €40
○ 3de-betalersrekening = meeste werken via dit systeem
■ Rekening direct naar mutualiteit en betalen het terug en bij huisarts enkel
het persoonlijke aandeel betalen
■ In leven geroepen voor mensen die financieel niet breed hebben
● RIZIV:
○ Geneeskundige verstrekkingen die door verplichte verzekering gedekt zijn beheren +
organiseren
○ Toekennen van uitkeringen
○ Naleving controleren van wets- en verordeningsbepalingen door zorgverleners en
door verzekeringsinstellingen
○ Overleg organiseren tussen de verschillende actoren
○ Deconventioneren = niet akkoord gaan met contract
■ Vragen meer voor hun werk
■ Dit zit in persoonlijk aandeel voor patiënt
■ VI betaalt minder terug DUS PA za omhoog gaan -> als patiënt meer betalen
○ In ziekenhuis = altijd conventioneren -> kan niet dat 1 bed €20 vraagt en ander €10
1.3.2 Sociale zekerheid, ziekenfondsen en gezondheidszorg
1.3.2.1 Sociale zekerheid
● Sociale zekerheid: pensioen, kindergeld, werkloosheid, tijdskrediet, arbeidsongeval,
ziekte-uitkering, handicap, invaliditeit, ziekenfonds, terugbetalingen, medicatie,…
● Belgische sociale zekerheid:
○ De werknemersregeling = meest courante
■ Als WN voor een baas werken en elke maand hetzelfde loon krijgen,
ongeacht je prestaties
■ Brutoloon van 3000 euro, nettoloon van 1900 euro -> rest gaat al naar
sociale zekerheid
■ Als je ziek bent, krijg je toch betaald
○ De regeling voor zelfstandigen
■ Ze zijn hun eigen baas, hebben geen standaard loon
■ Zelf sociale zekerheid opbouwen -> krijgen een brutoloon en moeten
daarvan een groot deel opzij zetten om de sociale zekerheid van te betalen
■ 50% als bediende werken en rest zelfstandige = zo voordelig zelfstandige zijn
9
, ○ Regeling voor de openbare sector (ambtenaren) -> heel voordelig systeem
○ Regeling voor zeevarenden
○ Regeling voor mijnwerkers
○ Regeling voor overzeese sociale zekerheid
! Je wordt geboren en hebt een mutualiteit -> dan begin je te werken en moet je bijdragen aan de
sociale zekerheid -> deel van de belastingen gaat hierheen
1.3.2.2 Ziekenfondsen
● Om aanspraak te kunnen maken op de verstrekkingen van de verplichte verzekering voor
geneeskundige verzorging en uitkeringen, moet elke rechthebbende een
verzekeringsinstelling kiezen
● Verzekeringsinstellingen betalen, onder toezicht van het RIZIV, de verstrekkingen van de
verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen
● In dat opzicht:
○ Verlenen zij aan hun leden onder bepaalde voorwaarden:
■ Een tegemoetkoming in de medische kosten
■ Een uitkering in geval van arbeidsongeschiktheid of invaliditeit wegens ziekte
of ongeval in de privé-sfeer
■ Een moederschapsuitkering in geval van zwangerschap
■ Een vergoeding voor begrafeniskosten in geval van overlijden
○ Vertegenwoordigen zij hun leden in de diverse raden, comités en commissies
opgericht bij het RIZIV.
● Naast de verplichte verzekering van de nomenclatuur kan een ziekenfonds nog een
aanvullende verzekering en particulieren verzekering hebben
○ Aanvullende verzekering bij een ziekenfonds
■ vb. lipspleten of korting op hoorapparaten bij een specifiek hoorcentra
■ Trio van riziv, mutualiteit en beroepsvereniging krijgt geen geld van FVDB
voor deze voorbeelden
■ Sommige mutualiteiten kiezen ervoor om toch iets te doen, maar wel
minder dan binnen een verplichte verzekering
○ Particuliere verzekering bij een privéverzekeraar vb. reisverzekering
■ Keuzevrijheid in dekking en formules, maar vaak duurder
■ Niet verplicht
● Voorbeelden van ziekenfondsen:
○ Landsbond der Christelijke Mutualiteiten
○ Landsbond van de Neutrale Ziekenfondsen
○ Nationaal Verbond van Socialistische Mutualiteiten
○ Landsbond van Liberale Mutualiteiten
○ Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen
○ Hulpkas voor Ziekte-en Invaliditeitsverzekering
○ Kas der Geneeskundige Verzorging van de NMBS Holding
1.3.2.3 Gezondheidszorg in Belgie
● Logo’s/audio’s/audiciens werkzaam in diverse deelgebieden van gezondheidszorg
○ Zelfstandige, RC, ziekenhuizen, thuiszorg, ambulante zorg,…
● Al deze deelgebieden: eigen reglementen, structuur, financiële tegemoetkoming …
10