Les 1 de oudere pt: kenmerken en uitdagingen
Geriatrie = complex (elke pt individueel anders)
Frailty = een status van toegenomen kwetsbaarheid tot zwak herstel van de homeostase na een
stressfactor / trigger
Mensen herstellen niet altijd naar niveau van voordien door opstapeling van functionele deficieten in
verschillende fysiologische symptomen
Deficieten kunnen op alle vlakken zijn waardoor iemand kwetsbaarder wordt.
Niet altijd even duidelijk op zicht: geriatrische evaluatie (CGA) noodzakelijk
Breed exploreren op vele domeinen vh leven om iemand in te schatten op vlak van frailty!
Vraag pt zelf: voelt u zich gezond? Fit?
Dit verklaart dat bij personen die meer dergelijke
deficieten hebben opgebouwd, minder reserve
hebben om een kleine ‘trigger’ te weerstaan (zoals
dosisverhoging van een medicament, virale
infectie, kleine ingreep, een verandering in de sociale
omgeving,…).
-> Hoe frailer de persoon, hoe
kleiner de trigger die nodig is.
(idem antihypertensivum zal ene pt sneller doen
vallen, dan de andere)
,Frailty = een lange termijn spectrum disorder
Dergelijke kleine trigger (vb griep) kan als dusdanig resulteren in een disproportionele verandering in
de gezondheidstoestand van de oudere persoon zoals van zelfstandig functioneren naar
zorgafhankelijk, van mobiel naar immobiel, van adequaat naar verward, …
Vb trigger: griep -> grote gevolgen
Kleine trigger vb dochter weg, man vat -> delier -> antipsychotica -> slikdysfunctie ->
aspiratiepneumonie -> overlijden
‘geriatrische symptomen’
Atypische presentatie = geriatrische syndromen
‘Atypisch’ betekent dat de symptomen voorkomen in organen die je op het eerste gezicht
niet zou verwachten bij de ziekte.
Vb plots verlies van aandacht of mobiliteit door UWI of pneumonie; dit zal bij vitale ouderen
zonder frailty wel eerder volgens typische symptomatologie zoals dysurie en hoest/koorts
verlopen
Geriatrische syndromen = één symptoom of een complex van symptomen met een hoge prevalentie
bij oudere patiënten, die het gevolg zijn van meerdere aandoeningen en meerdere risicofactoren.
- Multifactorieel bepaald en ontstaan door de gelijktijdige betrokkenheid van verschillende
organen en orgaansystemen bij pathologische processen.
Hoe frailer, hoe meer linken tss alle systemen/organen
- Omvatten een beperkt aantal klinische presentaties
o Verminderde mobiliteit/vallen
o Cognitieve stoornissen/delier
o Incontinentie
o Interacties van geneesmiddelen en bijwerkingen
o Depressie
o Sociale problematiek
, o + verhoogd risico op morbiditeit en mortaliteit bij frailty
- De oorzaken hiervan zijn talrijk, gelijktijdig aanwezig en nooit volledig te identificeren.
- Ze zijn vaak verantwoordelijk voor hospitalisatie, invaliditeit en overlijden.
- hun behandeling wordt bemoeilijkt door contextuele factoren, zoals sociaaleconomische
achterstelling.
Multifactoriele oorzaak:
Verminderde reserves in versch systemen + sterke interactie tss systemen
-> altijd op zoek gaan naar multiple onderliggende oorzaken
Zeker als er ook multimorbiditeit is
Vb risicofactoren voor vallen (geldt voor alle geriatrische syndromen)
Ook gehoorsverlies en visusverlies
Duizeligheid
Neuropathie door DM
…
- Chronische reserve vs triggers: Hoe lager de reserve (of hoe meer/erger de risicofactoren),
hoe meer kans dat een kleine trigger resulteert in een val.
- … door 1 pil te stoppen zal preventie van nieuwe valincidenten bij personen met frailty
wellicht onvoldoende zijn …
- Voor preventie van (nieuwe) valincidenten dienen we dus zeer breed te kijken, zeker bij
personen met veel risicofactoren; inzetten op instrinsieke en extrinsieke risicofactoren
- > interprofessionele screening/aanpak nodig! ‘CGA’
Frailty (biologische leeftijd) is belangrijker dan kalenderleeftijd in bepalen van gepast (medisch)
beleid bij een patiënt
Vooraleer frailty > wel ouderdom (geen echt cut off, ong 65-70j)
ADL = basisactiviteiten van
dagelijks leven (wassen,
toilet, verplaatsing in huid)
IADL = complexer,
buitenshuis, instrumenteel
(geldzaken, boodschappen
, Take home messages
- Oudere populatie = zeer heterogeen
- Kijk vooral naar de biologische leeftijd (mate van frailty en/of multimorbiditeit) van een
oudere persoon
- Frailty en/of multimorbiditeit bij de oudere persoon zijn sleuteldeterminanten voor de
complexiteit bij de ouder patiënt
- Frailty gaat in essentie om verminderde fysiologische reserves in verschillende
lichaamssystemen wat er toe leidt dat ouderen minder weerbaar zijn tegen acute
triggers/stressors waarmee ze worden geconfronteerd.
- Daaruit volgt dat soms kleine triggers kunnen leiden tot disproportioneel ernstige negatieve
uitkomsten zoals verwardheid, vallen, nood aan opname in WZC, overlijden
- Dit verklaart de vaak atypische presentatie van ziekten bij de oudere met frailty
- Dit verklaart dat geriatrische syndromen vaak een multifactoriële etiologie hebben bij
personen met frailty
Les 2
Complexe pt = wanneer klinische besluitvorming en de vereiste zorgprocessen niet routinematig of
standaard verlopen (geen standaard protocol bij stroke vb-
Versch klinische kenmerken
- Multimorbiditeit
- Polyfarmacie
- Geriatrische syndromen
- Cognitive impairment
- Socio-economische issues
- Levensverwachting
HAVEC studie ivm hypertensie -> fraile ptn geëxcludeerd
ð Check altijd of fraile ptn mee vertegenwoordigd zijn in de studie!!
Adhv clinical frailty scale, MSE, polyfarmacie,… (niet gwn leeftijd)
Zo niet, dan geldt de studie niet voor jouw populatie
Hypertensie: zo laag mogelijk, geldt niet voor fraile ptn cave vallen -> hoger mortaliteitsrisico
Streefdoel: sys BD rond 150
Start low, go slow.. but go (wel nog steeds behandelen, anders CV ziektes)
RCT voor afbouwen van antihypertensiva bij no BD -> geen verschil in mortaliteit
Hoe frailer de pt, hoe beter de antihypertensiva af te bouwen zelfs
Extra afweging van benifit vs harms
EBM (Evidence based medicine)
Niet enkel scientific evidence (beperkt in geriatrie)
-> vooral pt waarden/voorkeuren + klinische expertise
Toenemende leeftijd = multimorbiditeit eerder norm dan uitz
Toch vaak niet opgenomen in klinische studies, richtlijnen bevatten
nauwelijks aanbevelingen voor fraile ptn
Evidence based behandeladviezen voor deze populatie (frail en
multimorbide) = onmogelijk w individueel verschillend
Vandaar gepersonaliseerd EBM-paradigma nodig
+ kijk naar relevante uitkomsten (niet gwn overleving of LDL)
Oudjes vinden goed leven belangrijker dan lang leven
= doelgerichte zorg