Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 24 pages
Summary

Samenvatting Uitgewerkte Leerdoelen Hoofdstuk 14 - Zenuwstelsel & Hoofdstuk 15 - Waarnemen - Nectar 5 VWO Biologie

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 24 pages

Uitgewerkte leerdoelen van Hoofdstuk 14 en 15 van Nectar Biologie 5VWO editie 4.1 Onderwerpen: H14 - Zenuwstelsel H15 - Waarnemen

Content preview

Biologie Leerdoelen Hoofdstuk 14 –
Zenuwstelsel & Hoofdstuk 15 – Waarnemen
§14.1 – Cellen in het zenuwstelsel

Leerdoel 1: Je beschrijft de bouw en functie van de verschillende
typen neuronen.
Neuronen zijn zenuwcellen. Ze dragen informatie over via
impulsen, dit gaat via uitlopers:
1)​ Dendriet → Aanvoerend
2)​ Axon → Afvoerend
De neuron communiceert met andere cellen via
synapsen, hier bevindt zich een neurotransmitter.

Dendrieten (soms) en axonen hebben een
myelineschede, gemaakt uit cellen van Schwann.
Deze cellen dienen voor bescherming, een hogere
geleidingssnelheid en voorkomen ‘kortsluiting’.

Er zijn 3 typen neuronen:
1)​ Sensorisch neuron (ontvangt impulsen)
→ Lange dendriet (met myelineschede) en
een korte axon.
2)​ Schakelneuron (schakelt impulsen door en is
verbonden met de hersenen of ruggenmerg)
→ Korte uitlopers zonder myelineschede
3)​ Motorisch neuron (sturen spieren en klieren aan)
→ Korte dendriet (zonder myelineschede) en een lange axon.


Leerdoel 2: Je beschrijft de bouw van een zenuw.
De meeste zenuwen zijn gemengde zenuwen. Zij bevatten de lange uitlopers van neuronen:
1)​ Dendrieten van sensorische neuronen
2)​ Axonen van motorische neuronen
De impulsen gaan hier uiteraard in tegengestelde richting.
De zenuwen worden door bindweefsel nog meer beschermd. Ook
lopen er bloedvaten door zenuwbundels.​
Niet alle zenuwen zijn gemengd. De oogzenuw bijvoorbeeld is
geheel sensorisch.

, §14.2 – Het centrale zenuwstelsel

Leerdoel 3: Je beschrijft de bouw van het centrale en perifere
zenuwstelsel.
Het centrale zenuwstelsel bestaat uit alle
neuronen van de hersenen en het ruggenmerg
met hun gliacellen. Gliacellen zijn
ondersteunende cellen.
Het perifere zenuwstelsel bestaat uit de
zenuwen die het centrale zenuwstelsel met
organen en weefsels verbinden.

In de hersenen en ruggenmerg is er sprake van witte en grijze stof:​
Witte stof: Myelineschede. Hierin bevinden zich dus de uitlopers van neuronen.
Grijze stof: Hierin bevinden zich de cellichamen van de neuronen.
In de hersenen zit de witte stof aan de binnenkant en de grijze stof aan de
buitenkant, in het ruggenmerg is dit andersom.

De hersenen hebben dus weinig bescherming aan de buitenkant, het moet
dus goed beschermd worden. Tussen de hersenvliezen stroomt
hersenvloeistof, dit beschermt tegen schokken en stoten.
Ook is er een bloed-hersenbarrière. De cellen van de bloedvatwanden zijn
hier met tight junctions aan elkaar gemaakt. Hierdoor kan bloed niet zomaar
stromen naar de hersenen. Astrocyten (gliacellen) nemen de juiste stoffen op
en geven dit af aan de hersencellen.



Leerdoel 4: Je beschrijft de bouw en functies van de grote
hersenen.
De hersenen bestaan uit 2 helften, verbonden via de hersenbalk.
De buitenkant (hersenschors) geeft informatie door aan andere
cellen.

Voor veel zintuigen heb je primaire en secundaire centra. In
bijvoorbeeld het primaire gehoorcentrum vindt bewustwording
plaats. Pas in het secundaire gehoorcentrum herken je de muziek.
Als je wilt bewegen, bedenkt eerst de primaire motorische schors de bewegingen die je wil
maken. De secundaire motorische schors bevat informatie over het soepel laten bewegen van
je spieren. Bij het leren van bewegingen komt hier dus informatie bij (leren fietsen/skiën).

, De thalamus bepaalt welke impulsen naar de hersenschors gaan. De hypothalamus zit hier
vlak onder en is betrokken bij de homeostase (bijv. hormoonproductie).



Leerdoel 5: Je licht toe hoe de kleine hersenen, de hersenstam en
het ruggenmerg betrokken zijn bij de activiteiten van spieren en
inwendige organen.
De kleine hersenen coördineren je bewegingen.​
De hersenstam verbindt de grote en kleine hersenen met het ruggenmerg. Hier kruisen de
zenuwbanen van de hersenschors elkaar. Hierdoor stuurt de linkerhelft van je hersenen
informatie van de rechterkant van je lichaam en andersom.
De hersenstam gaat over in het ruggenmerg, beschermd door ruggenmergvliezen en
ruggenwervels. De uitlopers van sensorische neuronen komen hierin uit. De cellichamen
hiervan zitten bij elkaar, in het spinaal ganglion.

Veel reflexen verlopen via het ruggenmerg. Een reflex is een reactie op een prikkel zonder of
voordat het leidt tot bewustwording.
Reflexen in het gebied van het hoofd (pupilreflex) gaan via de hersenstam.
De korte weg die deze impulsen afleggen heet de reflexboog:
1)​ Zintuigcellen
2)​ Sensorische neuronen
3)​ Schakelneuronen
4)​ Motorische neuronen
5)​ Spier- of kliercellen

Table of contents

  1. 01 Leerdoelen 1
  2. 02 Biologie Leerdoelen Hoofdstuk 14 – Zenuwstelsel & Hoofdstuk 15 – Waarnemen 1
  3. 03 §14.1 – Cellen in het zenuwstelsel 1
    1. Leerdoel 1: Je beschrijft de bouw en functie van de verschillende typen neuronen. 1
    2. Leerdoel 2: Je beschrijft de bouw van een zenuw. 1
  4. 04 §14.2 – Het centrale zenuwstelsel 2
    1. Leerdoel 3: Je beschrijft de bouw van het centrale en perifere zenuwstelsel. 2
    2. Leerdoel 4: Je beschrijft de bouw en functies van de grote hersenen. 2
    3. Leerdoel 5: Je licht toe hoe de kleine hersenen, de hersenstam en het ruggenmerg betrokken zijn bij de activiteiten van spieren en inwendige organen. 3
  5. 05 §14.3 – Impulsgeleiding 4
    1. Leerdoel 6: Je legt op molecuulniveau uit hoe een actiepotentiaal in een neuron ontstaat. 4
    2. Leerdoel 7: Je legt het alles-of-niets principe uit. 4
    3. Leerdoel 8: Je beschrijft hoe een impuls langs het celmembraan beweegt. 5
  6. 06 §14.4 – Impulsoverdracht tussen neuronen 6
    1. Leerdoel 9: Je beschrijft de impulsoverdracht via een synaps. 6
    2. Leerdoel 10: Je legt uit wat summatie inhoudt. 6
  7. 07 §14.5 – Het autonome zenuwstelsel 7
    1. Leerdoel 11: Je beschrijft het verschil tussen het animale en het autonome zenuwstelsel. 7
    2. Leerdoel 12: Je herkent en beschrijft de werking van het parasympatische en het orthosympatische zenuwstelsel op organen. 7
  8. 08 §15.1 – Evenwicht en zintuigcellen 8
    1. Leerdoel 1: Je beschrijft de bouw en werking van het evenwichtszintuig. 8
    2. Leerdoel 2: Je beschrijft de reactie van de verschillende typen zintuigcellen op adequate prikkels. 8
    3. Leerdoel 3: Je legt het effect uit van langdurige en van herhaalde prikkels op zintuigcellen en hersenen. 9
  9. 09 §15.2 – Het gehoorzintuig 10
    1. Leerdoel 4: Je beschrijft de bouw en werking van het gehoorzintuig. 10
    2. Leerdoel 5: Je legt het verband uit tussen het geluidsvolume en een gehoorbeschadiging. 10
  10. 10 §15.3 – Het gezichtszintuig 11
    1. Leerdoel 6: Je beschrijft de bouw van het oog en mechanismen die overbelichting van het netvlies voorkomen. 11
    2. Leerdoel 7: Je legt uit hoe je scherp kunt zien en hoe je oogafwijkingen kunt corrigeren. 11
    3. Leerdoel 8: Je legt uit hoe je afstanden kunt inschatten en diepte kunt zien. 12
  11. 11 §15.4 – Het netvlies en de hersenen 13
    1. Leerdoel 9: Je legt de werking van staafjes en kegeltjes uit. 13
    2. Leerdoel 10: Je legt uit hoe de bouw van het netvlies samen met de visuele schors zien mogelijk maakt. 13
  12. 12 §15.5 – Zintuigen en regeling 14
    1. Leerdoel 11: Je legt de bijdrage uit van inwendige receptoren en regelkringen aan de handhaving van het interne milieu. 14
    2. Leerdoel 12: Je legt de bijdrage uit van spierspoeltjes en peeslichaampjes aan je lichaamshouding en bewegingen. 14
  13. 13 Begrippen 1
  14. 14 Begrippen 15
    1. §14.1 – Cellen in het zenuwstelsel 15
    2. §14.2 – Het centrale zenuwstelsel 16
    3. §14.3 – Impulsgeleiding 18
    4. §14.4 – Impulsoverdracht tussen neuronen 19
    5. §14.5 – Het autonome zenuwstelsel 20
    6. §15.1 – Evenwicht en zintuigcellen 21
    7. §15.2 – Het gehoorzintuig 22
    8. §15.3 – Het gezichtszintuig 23
    9. §15.5 – Zintuigen en regeling 24

Connected book
 image
Publisher: Unknown ISBN: 9789001010812 Edition: Unknown

Document information

Level
School year
5
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofdstuk 14 & 15
Uploaded on
March 30, 2026
Number of pages
24
Written in
2025/2026
Type
Summary
$4.60

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
markwestra
4.5
(2)
Sold
9
Followers
0
Items
19
Last sold
3 months ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions