• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 38 pages
Summary

Samenvatting - Diversiteit en inclusie (EduMa UA 25-26) - 17/20!

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 38 pages

Samenvatting Diversiteit en inclusie - gegeven in eerste en tweede semester educatieve master aan de UA. Deze samenvatting omvat alle theorie lessen van het vak diversiteit en inclusie, gegeven door professoren I. Mertens, E. Struyf en G. Burman tijdens het eerste en tweede semester van de educatieve master aan de universiteit van Antwerpen. Het bevat alle informatie uit de PowerPoints, aangevuld met notities uit de lessen en extra info uit het handboek. Doordat de samenvatting in academiejaar '25 - '26 is gemaakt, is het volledig up-to-date is. Ideaal om efficiënt te studeren en niets te missen! Ikzelf haalde in eerste zit een 17/20! Succes!

Content preview

, 1) KIJKEN NAAR DIVERSITEIT
1.1 DIVERSITEITSDENKEN GEBASEERD OP INTERSECTIONALITEIT

Kernconcept: intersectioneel denken (kruispuntdenken) beschouwt de menselijke identiteit
niet als één enkel kenmerk, maar als een samenhang van verschillende deeltentiteiten (zoals
geslacht, leeftijd, etniciteit, klasse, religie, etc.).

Het model van Lutz (14 dimensies): Helma Lutz onderscheidt 14
assen van differentiatie die ons sociale leven bepalen. Ieder individu
bevindt zich op een uniek kruispunt van deze assen.

• Sociale ordeningsprincipes: Deze assen zijn niet neutraal, ze
bepalen onze positie, kansen en macht in de samenleving.
• Normdenken: Sommige kenmerken worden (vaak onbewust)
als de 'norm' gezien (bijv. wit, man, hetero), wat invloed heeft
op hoe we anderen behandelen.

Diversiteitsdenken: ook erkennen van
• Gelijkenissen tussen personen van verschillende groepen
• Verschillen tussen personen van eenzelfde groep

Gangbaar versus intersectioneel denken: in plaats van een binair "of-of" perspectief
(hokjesdenken), hanteert intersectionaliteit een "en-en" perspectief:

Gangbaar denken Intersectioneel denken
Binair / Tegenstellingen Complementair / Verschillen vullen aan
Hiërarchisch (macht per begrippenpaar) Verweven en gelijktijdig
Statisch (uitsluiting/hokjes) Dynamisch (insluiting/ruimte voor de ander)
Eendimensionaal Multidimensionaal

Conclusie: Kruispuntdenken streeft naar inclusiviteit door de verbinding te zoeken tussen de
verschillende dimensies van iemands identiteit, i.p.v. mensen te reduceren tot één kenmerk.

1.2 SUPERDIVERSITEIT

Kernbegrip: Superdiversiteit (Vertovec, 2007) beschrijft de complexe realiteit van de 21ste
eeuw waarbij migratie niet langer alleen over herkomst gaat, maar over een enorme variatie
binnen groepen op vlak van taal, religie, verblijfsstatuut en economische positie.

1.2.1 MIGRATIEGESCHIEDENIS IN BELGIË

De huidige superdiversiteit is het resultaat van verschillende fasen:
• Na WO I & II: Werving van gastarbeiders voor zwaar werk.
• 1974: Officiële migratiestop, maar voortzetting via gezinshereniging en asiel.
• Vanaf 1990: Versnelling door de val van de Berlijnse Muur, globalisering en conflicten,
wat leidde tot een enorme toename en diversificatie van migranten.

Pagina | 1

,1.2.2 DIVERSITEIT IN DE DIVERSITEIT

Drie dimensies van superdiversiteit (Geldof, 2019)

1) Kwantitatief: sterke stijging van het aantal
mensen met een migratieachtergrond. In steden
als Antwerpen is inmiddels meer dan 75% van
de jongeren van vreemde origine (majority-
minority cities = meerderheidscultuur).

2) Kwalitatief (diversificatie van de diversiteit): groeiende versnippering binnen groepen. Er
is geen sprake meer van één homogene minderheidsgroep.

3) Normalisering: diversiteit wordt de dagelijkse realiteit. Dit is een traag en soms
moeizaam proces (met risico op wij-zij-denken), maar volgens Geldof onafwendbaar.

Identiteitsvorming: om superdiversiteit te begrijpen, moeten we van 'of/of-denken' naar 'en/en-
denken'. Mensen hebben meerlagige identiteiten (bv. Vlaming én Marokkaan én Antwerpenaar).

Vijf manieren van identiteitsvorming (Agirdag, 2020):

1) Assimilatie: Alleen identificatie met de
mainstream cultuur.
2) Integratie: Identificatie met zowel mainstream
als eigen etnische herkomst (meest wenselijk
voor de samenleving).
3) Separatie: Alleen identificatie met de eigen etnische herkomst.
4) Marginalisering: Geen identificatie met de mainstream, noch met de eigen herkomst.
5) Individualisering: Zichzelf puur als uniek individu zien, los van een groep.

Leraar zijn in een superdiverse samenleving:

1) Jezelf zien als onderdeel van die superdiverse samenleving
2) Jezelf zien als onderdeel van je superdiverse school & klas
o Ook in een school waar zgn. “weinig diversiteit” is!
o Je bewust zijn van je eigen “bril”
o Je bewust zijn dat wat voor jou vanzelfsprekend is, niet noodzakelijk het geval is
voor je lln & collega’s
3) “Multiperspectiviteit” (Zie les 2)

1.3 KANSENONGELIJKHEID

Kansenongelijkheid is een blijvend politiek agendapunt. Het streven naar gelijke
onderwijskansen houdt in dat schoolresultaten niet mogen samenhangen met kenmerken
zoals socio-economische status (SES), migratieachtergrond, gender of thuistaal. Het Vlaamse
GOK-decreet probeert via extra middelen voor scholen met veel kansarme leerlingen deze
ongelijkheid te verminderen.




Pagina | 2

, 1.3.1 SOCIAALECONOMISCHE ONGELIJKHEID EN LEERPRESTATIES

• Indicatoren SES: De socio-economische status wordt gemeten aan de hand van de
thuistaal, schooltoelage, het opleidingsniveau van de moeder en de gezinssituatie.

• PISA-onderzoek: Uit dit internationaal vergelijkend onderzoek blijkt dat Vlaanderen er
niet in slaagt de impact van SES op leerprestaties in te dijken. De kloof tussen de sterkst
en zwakst presterende leerlingen is in Vlaanderen groter dan elders in Europa.

• Schoolcompositie-effect: Leerlingen met een lagere SES behalen vaak betere
resultaten op scholen met veel leerlingen uit een hogere sociale klasse.

1.3.2 RELATIE TUSSEN KANSENONGELIJKHEID, SES EN MIGRATIEACHTERGROND

• Vroege start: Ongelijkheid begint al in de kinderopvang. Baby's met een
migratieachtergrond nemen minder deel aan voorschoolse educatie en krijgen vaak
kwalitatief minder talige stimulatie.

• Prestatiekloof: Leerlingen van Vlaamse origine hebben vaak een voorsprong van twee
jaar op leerlingen met een migratieachtergrond voor wiskunde en begrijpend lezen.

• SES versus Etniciteit: Agirdag (2020) stelt dat verschillen in prestaties vaak meer
samenhangen met een lage SES dan met de migratieachtergrond zelf. Etnische
minderheden leven vaker in gezinnen met een lage SES.

• Evolutie: Terwijl de prestaties van leerlingen zonder migratieachtergrond tussen 2003 en
2018 daalden, stegen die van leerlingen met een migratieachtergrond licht. De daling is
sterker in 'witte' scholen dan in gemengde scholen.

• Impact onderwijsbeleid: Onderzoek (Crul et al.) toont aan dat niet alleen de inzet van
de leerling of het profiel van de ouders telt, maar dat het schoolsysteem en
onderwijsbeleid doorslaggevend zijn voor het succes van migrantenjongeren.

1.4 VERKLARINGSMECHANISMEN VOOR ONGELIJKE ONDERWIJSPRESTATIES LLN

1.4.1 HET ‘RAD VAN ONGELIJKHEID’

Ongelijke prestaties bij leerlingen met een migratieachtergrond
worden veroorzaakt door een mechanisme van verschillende
samenwerkende raderen. Racisme vormt de kern en drijft de andere
uitsluitingsmechanismen aan. Het systeem versterkt zichzelf continu.

• Segregatie: Het ontstaan van 'concentratiescholen'
(spontane segregatie) hoeft de onderwijskwaliteit niet te
verlagen. Een hogere proportie etnische minderheden kan
leerlingen juist meer zelfvertrouwen en een grotere 'cognitieve breedte' geven. Een
sterke schoolcultuur met academisch optimisme heeft een positieve impact op
prestaties en motivatie.



Pagina | 3

Document information

Study
Uploaded on
February 20, 2026
Number of pages
38
Written in
2025/2026
Type
Summary
$11.56

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
MK2002
4.3
(180)
Sold
1404
Followers
379
Items
97
Last sold
5 hours ago

Reviews from verified buyers




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions