Informatiesystemen
H1: Wat is “Ontwerp van
informatiesystemen”
1.1.Informatiesystemen
INFORMATIESYSTEMEN
=verzorgen invoer (input), verwerking, uitvoer (output) van informatie in functie van
informatiebehoeften van een gebruiker. Met sociotechnisch systeem met manuele en
automatische delen
Welke informatie ?
o gestructureerde: getallen, tekstuele gegevens
o semi-gestructureerde: e-mail, documenten
o ongestructureerde: video, audio, afbeeldingen
Welke verwerking ?
o aggregatie
o selectie
o sorteren...
Een informatiesysteem bestaat uit:
o hardware (incl. pc’s, servers, netwerken...)
o software (programma’s)
o bedrijfsprocessen/procedures (vb: The Antwerp Company)
o mensen
o andere...
Recente evoluties
o Content Management Systemen (CMS) zijn gericht op semi-gestructureerde
informatie
o Informatie IS het product, niet het bijproduct !
1.2.Organisatie en informatiesystemen
ORGANISATIES EN INFORMATIESYSTEMEN
Informatiesystemen bestaan binnen de context van een bepaalde organisatie
De organisatie bepaalt:
o de bedrijfsprocessen, en
o de informatiebehoeften van de gebruikers, en
o welke informatiesystemen worden gebouwd.
Soorten informatiesystemen worden bepaald door hun plaats in de organisatie
Transactieverwerkende systemen (Transaction Processing System - TPS) = het
registreert alle dagelijkse, repetitieve gebeurtenissen (transacties) nauwkeurig en snel
Een transactie=atomair deel in een bedrijfsproces. Een transactie gaat helemaal door of
helemaal niet
, o Vb. bij The Antwerp Company
de verkoop van een abonnement : (Als één stap faalt ,bv. betaling
geweigerd, wordt alles teruggedraaid.)
de aanwerving van een medewerker
Genereer Factuur (nummer, btw, PDF), Update
Voorraad/licentie (indien relevant, bv. limiet seats), Schrijf
log/audit (wie, wanneer, kanaal)(Als één stap faalt—bv.
betaling geweigerd—wordt alles teruggedraaid.)
Management Informatiesystemen (Management Information System - MIS)=
ondersteunen gestructureerd. Gegevens worden samen gevoegd om rapport uit te
voeren.
o Vb. bij The Antwerp Company
Een rapport op papier van de verkochte abonnementen per week
Een elektronisch overzicht van de nieuwe medewerkers
Beslissingsondersteunende systemen (Decision Support Systems - DSS)=
ondersteunen semi-gestructureerde beslissingen
o Op basis van kwantitatieve modellen en sensitiviteitsanalyse(=test
hoe gevoelig een uitkomst is voor aannames/inputs.)
o Vb. bij The Antwerp Company
Berekenen van klantenprofielen; klantengegevens worden bij
gehouden en obv worden de advertenties gestuurd
Stockbeheer volgens huidige en te verwachten verkopen; stock is
inschatting voor de toekomst
INFORMATIESYSTEMEN BOUWEN IN EEN ORGANISATIE
=een sociotechnisch project met:
Interne impact:
o nieuwe bedrijfsprocessen
vb. facturatie gaat van handmatig → geautomatiseerd met workflow
o nieuwe hiërarchieën van bevoegdheden
vb. teamleads krijgen bestelautorisatie tot €5k i.p.v. alleen de CFO.
o nieuwe taken voor werknemers
vb. customer service gebruikt nu een AI-assistent; taak verschuift
naar case-analyse i.p.v. data overtikken.
o nieuwe machtsverhoudingen
vb. data-team krijgt meer gewicht omdat prestaties realtime
zichtbaar zijn; sales moet forecasts afstemmen met supply chain.
Externe impact:
o op de marktpositie
o vb. snellere orderdoorloop
o tijd → hogere klanttevredenheid → sterker marktaandeel.
1.3.Software engineering
SOFTWARE ENGINEERING
Ontstond eind ’60s in de software crisis
o programmeren was afhankelijk van individu (ad hoc=elke ontwikkelaar
doet het “op gevoel/op eigen manier”)
,Twee programmeurs kunnen hetzelfde programmeren, elk op een andere manier,
met dezelfde output.
Probleem? Een programmeur neemt de code van een collega over om het programma
aan te passen, maar door de andere code-stijl begrijpt hij/zij het niet.
o slecht gestructureerde programma’s (spaghetti-code=slecht leesbaar, vele
fouten)
Resultaat: slechte leesbaarheid en onderhoudbaarheid, veel fouten, te laat...
Software Engineering=verwijst naar principes, methodologieën, methoden en
technieken voor het bouwen van kwalitatief hoogstaande informatiesystemen.
o is gericht op grote systemen
o streeft naar uniformiteit en standaardisatie ⇔ ad-hoc
Uniformiteit = dezelfde regels en vormen gebruiken
Standaardisatie = afspreken en vastleggen van één gedeelde
manier zodat iedereen hetzelfde doet en systemen goed
samenwerken.
1.4.Watervalmodel
BOUWEN VAN EEN IS:
WATERVALMODEL
=bestaat uit sequentiële stappen,
waardoor je gestructureerder kunt werken.
1.4.1.Analyse
ANALYSE
Doel:
o De vereisten volledig, consistent en ondubbelzinnig(=eenduidig
geformuleerd) in kaart brengen in de vereistenspecificatie (=wat moet het
IS kunnen, en niet hoe)
Soorten vereisten:
o Functionele
o Niet-functionele: legt beperkingen op functionele vereisten
Performantie: snelheid/capaciteit.
vb. p95 response ≤ 200 ms; 1.000 req/s.
Onderhoudbaarheid (o.m. geplande wijzigingen): hoe makkelijk
aanpasbaar/testbaar.
Herbruikbaarheid: componenten/APIs opnieuw kunnen inzetten.
Beveiliging: bescherming van data en toegang.
Hoe worden vereisten verzameld ?
o Interviews (intern/extern)
o Documentatie van bestaande bedrijfsprocessen of IS
o Vragenlijsten
o Observatie
o Brainstorm sessies...
Zowel functioneel als niet functioneel vereisten worden verzameld.
ANALYSE: RELEVANTE VRAGEN
, Welke omvang (scope) heeft het project ?
Welke belanghebbenden (stakeholders) zijn er in dit project ?
o interne (medewerkers)
o externe (eindgebruikers)
Welke timing en budgetten dienen gerespecteerd te worden ? is dit haalbaar ?
Bij welke gebeurtenissen moet het IS iets doen ? wat ? (proces-vereisten)
Over welke dingen moeten gegevens bijgehouden worden ? (data-vereisten)
→ Systeemanalyse en Databanken (Ba) Wie ?
o Analist (cfr. HIB’s)
ANALYSE: PROJECT VOOR THE ANTWERP COMPANY
Omvang:
o Een informatiesysteem voor het uitschrijven van abonnementen voor
activiteiten en events in de Antwerpse regio.
Belanghebbenden:
o Interne: Dept. Marketing en verkoop
o Externe: klanten
Use case= een beschrijving van hoe een gebruiker (actor) met een systeem omgaat om
een concreet doel te bereiken. Het legt stap voor stap vast wat er gebeurt (niet hoe het
technisch is gebouwd).
Use Case
o Naam
Abonnement uitschrijven
o Scenario
Nieuw abonnement (geen hernieuwing)
o Gebeurtenis
Klant koopt abonnement in onze winkel
o Stappen:
1. Klant geeft zijn persoonlijke informatie aan de winkelbediende
(naam, adres, email, telefoonnummer, geboortedatum), die deze
gegevens in het informatiesysteem invoert.
2. Het informatiesysteem bepaalt welk type abonnement van
toepassing is (op basis van geboortedatum).
3. Het informatiesysteem berekent de prijs van het abonnement.
4. De betaling wordt geregistreerd.
5. Het abonnement wordt afgedrukt.
Data-vereisten
o Klant
o Abonnement
Niet-functionele vereisten:
o Performantie
Het afdrukken mag niet langer duren dan 5s.
o Onderhoudbaarheid
In de toekomst gemakkelijk nieuwe types abonnementen
toevoegen.
o Herbruikbaarheid
Hergebruik van het systeem voor het bepalen van welk abonnement
van toepassing is voor het verkopen van abonnementen op de
website van The Antwerp Company
o Beveiliging