Taak 5: De pasgeborene de eerste week
1. Welke observaties we moeten doen in het postpartum?
mictie
D0= 1, D1=1, D2=2, D3= 3, D4=4, D5=5 en vanaf D6 min 6 natte luiers/etmaal.
De urine is normaal licht geel gekleurd
rozig aspect kan wijzen op de aanwezigheid van galzouten (uraten)
donker gele urine wijst op verhoogde bilirubineconcentratie (icterus).
Indien een jongetje niet met een krachtig straaltje urineert en de urine druppelsgewijs te
voorschijn komt, of als het kind pijnlijk huilt, kan dit een gevolg zijn van een congenitale
afwijking.
stoelgang
1. De eerste ontlasting is meconium: een donkergroene, pekzwartachtige kleverige
massa, die kort na de geboorte geproduceerd wordt.
Dit kan soms gebeuren in het vruchtwater (=intra-uterin)
Dit kan soms ook gebeuren tijdens de bevalling (= fetal distress)
2. De 3de of de 4de dag ziet men hoe meconium door een licht groene, bruinachtige en
dunne ontlasting vervangen wordt = overgangsontlasting .
3. De voeding bepaalt verder het aspect van de stoelgang:
Bij borstvoeding (moedermelk) mag je volgende schema hanteren
– DO tot D2 = min 1 , meconium,
– D3-D4= min 3, overgangstoelgang
– D4-D6= min 4, borstvoedingsstoelgang
Doordat de samenstelling van de moedermelk verandert, zal na enkele weken de
ontlastingen minder frequent en soms harder worden.
KV: lijkt op stoelgang BV
=Bij bloed in de ontlasting. Meestal is het bloed van de moeder afkomstig, en wordt het bij
het drinken uit bloedende tepelkloven opgenomen.
gewicht
Het gemiddelde geboortegewicht van voldragen baby's is 3500 g; jongens wegen gemiddeld
250 g meer dan meisjes. Het is normaal dat een pasgeboren baby de eerste dagen aan
gewichtsverlies. Dit is voornamelijk te wijten aan vochtverlies door de natuurlijke
vermindering van moederlijke hormonen.
➢ Een gewichtsverlies van 7% of meer is bij een borstgevoed kind een signaal om de
borstvoeding extra te observeren en te begeleiden.
➢ 10% is het max. acceptabel gewichtsverlies.
➢ Meer dan 10% gewichtsverlies vraagt interventie: afkolven, bijvoeden, intense begeleiding
en nazicht door pediater.
Wanneer een pasgeboren baby van in het begin heel frequent gevoed wordt en effectief
drinkt dan zal het gewichtsverlies heel beperkt blijven.
Het laagste punt van het gewicht wordt bereikt rond de 3de dag, waarna het terug
moet gaan stijgen om tussen de 8e - 10e dag het geboortegewicht te herwinnen.
failure to thrive: Wanneer een baby meer dan 10% aan gewicht verliest en 14 dagen na de
geboorte zijn geboortegewicht nog niet heeft herwonnen en gemiddeld minder dan 20 g per
week bijkomt.
, Groeiparameters
Rond de leeftijd van 4 maanden vertraagt de groei. Er is meestal een vermindering van de
wekelijkse groei na de verdubbeling van het geboorte gewicht.
Om de groei van het kind op te volgen zijn er groeicurves ontwikkeld internationaal (WHO)
maar ook in Vlaanderen.
ogen
De ogen kunnen gemakkelijk lopen t.g.v. een lichte conjunctivitis of slechte drainage van de
traankanaaltjes. Zij kan echter ook verworven zijn o.m. door het indruppelen met zilvernitraat.
Kleine conjunctiva bloedingen komen ook vaak voor. Deze worden veroorzaakt door druk
tijdens de partus, verdwijnen snel en vergen geen behandeling.
oedeem van de oogleden: door druk partus.
Bruine vlekken rond de ogen ontstaan na het indruppelen met zilvernitraat.
Chemische conjunctivitis kenmerkt zich door roodheid en afscheiding van etter, veroorzaakt
door indruppelen met zilvernitraat. Etter in ogen: Wassen met een fysiologische oplossing
helpt vlug.
voeding
1. Welke observaties we moeten doen in het postpartum?
mictie
D0= 1, D1=1, D2=2, D3= 3, D4=4, D5=5 en vanaf D6 min 6 natte luiers/etmaal.
De urine is normaal licht geel gekleurd
rozig aspect kan wijzen op de aanwezigheid van galzouten (uraten)
donker gele urine wijst op verhoogde bilirubineconcentratie (icterus).
Indien een jongetje niet met een krachtig straaltje urineert en de urine druppelsgewijs te
voorschijn komt, of als het kind pijnlijk huilt, kan dit een gevolg zijn van een congenitale
afwijking.
stoelgang
1. De eerste ontlasting is meconium: een donkergroene, pekzwartachtige kleverige
massa, die kort na de geboorte geproduceerd wordt.
Dit kan soms gebeuren in het vruchtwater (=intra-uterin)
Dit kan soms ook gebeuren tijdens de bevalling (= fetal distress)
2. De 3de of de 4de dag ziet men hoe meconium door een licht groene, bruinachtige en
dunne ontlasting vervangen wordt = overgangsontlasting .
3. De voeding bepaalt verder het aspect van de stoelgang:
Bij borstvoeding (moedermelk) mag je volgende schema hanteren
– DO tot D2 = min 1 , meconium,
– D3-D4= min 3, overgangstoelgang
– D4-D6= min 4, borstvoedingsstoelgang
Doordat de samenstelling van de moedermelk verandert, zal na enkele weken de
ontlastingen minder frequent en soms harder worden.
KV: lijkt op stoelgang BV
=Bij bloed in de ontlasting. Meestal is het bloed van de moeder afkomstig, en wordt het bij
het drinken uit bloedende tepelkloven opgenomen.
gewicht
Het gemiddelde geboortegewicht van voldragen baby's is 3500 g; jongens wegen gemiddeld
250 g meer dan meisjes. Het is normaal dat een pasgeboren baby de eerste dagen aan
gewichtsverlies. Dit is voornamelijk te wijten aan vochtverlies door de natuurlijke
vermindering van moederlijke hormonen.
➢ Een gewichtsverlies van 7% of meer is bij een borstgevoed kind een signaal om de
borstvoeding extra te observeren en te begeleiden.
➢ 10% is het max. acceptabel gewichtsverlies.
➢ Meer dan 10% gewichtsverlies vraagt interventie: afkolven, bijvoeden, intense begeleiding
en nazicht door pediater.
Wanneer een pasgeboren baby van in het begin heel frequent gevoed wordt en effectief
drinkt dan zal het gewichtsverlies heel beperkt blijven.
Het laagste punt van het gewicht wordt bereikt rond de 3de dag, waarna het terug
moet gaan stijgen om tussen de 8e - 10e dag het geboortegewicht te herwinnen.
failure to thrive: Wanneer een baby meer dan 10% aan gewicht verliest en 14 dagen na de
geboorte zijn geboortegewicht nog niet heeft herwonnen en gemiddeld minder dan 20 g per
week bijkomt.
, Groeiparameters
Rond de leeftijd van 4 maanden vertraagt de groei. Er is meestal een vermindering van de
wekelijkse groei na de verdubbeling van het geboorte gewicht.
Om de groei van het kind op te volgen zijn er groeicurves ontwikkeld internationaal (WHO)
maar ook in Vlaanderen.
ogen
De ogen kunnen gemakkelijk lopen t.g.v. een lichte conjunctivitis of slechte drainage van de
traankanaaltjes. Zij kan echter ook verworven zijn o.m. door het indruppelen met zilvernitraat.
Kleine conjunctiva bloedingen komen ook vaak voor. Deze worden veroorzaakt door druk
tijdens de partus, verdwijnen snel en vergen geen behandeling.
oedeem van de oogleden: door druk partus.
Bruine vlekken rond de ogen ontstaan na het indruppelen met zilvernitraat.
Chemische conjunctivitis kenmerkt zich door roodheid en afscheiding van etter, veroorzaakt
door indruppelen met zilvernitraat. Etter in ogen: Wassen met een fysiologische oplossing
helpt vlug.
voeding