Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 7 pages
Summary

Samenvatting Onderzoek/diagnose Taal Logopedie Jaar 1

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 7 pages

Hier een samenvatting geschreven vanuit de colleges die gegeven zijn in het 1e jaar van de opleiding logopedie. Informatie over de normale taalverwerving en problemen in de taalverwerving (taalontwikkelingsstoornissen) komen aan bod.

Content preview

Taal
Logopedie jaar 1 – 2019-2020

Algemene begrippen:
- Taalbegrip = begrijpen van de hele taal
- Woordbegrip = begrip van één woord
- Receptieve taalontwikkeling = taalbegrip
- Expressieve taalontwikkeling = taalproductie
- Quotiënt = score van gemiddeld 100
- ZQ = zinsquotiënt
- WQ = woordquotiënt
- TBQ = taalbegripsquotiënt
- Taalbegripsquotiënt = gemiddelde score op taalbegrip
- <50 = onder gemiddeld
- >50 = boven gemiddeld
- Ruwe score = totaal aantal punten gescoord op testonderdeel
- Q-score = gemiddelde score
- Normscore = waar je aan hoort te voldoen
- Testitem = één onderdeel van een test
- Oefenitem = één onderdeel van een test om te oefenen
- Afbreeknorm = wanneer je tijdens een test moet stoppen
- Standaarddeviatie = marge waarin kind tussen mag zitten
- Leeftijdsequivalent = hoe jou score verhoud tot andere leeftijdscategorieën
- Blootstellingsachterstand = te weinig taalaanbod krijgen
- COTAN = keurmerk voor testinstrumenten, COTAN gekeurd = betrouwbaar



Taalbegrip = passief = receptief = waarnemen van gesproken/geschreven taal.
Taalproductie = actief = expressief = bedenken + mondeling of schriftelijk uiten van taal.

Voorbeeld:
 ‘Job vraagt of hij even weg mag’ = actieve taal
 ‘Juf Ineke begrijpt Job wel’ = passieve taal
 ‘Juf Ineke stelt de klas een vraag’ = actieve taal
 ‘Ronald geeft antwoord’ = actieve taal

Spraak & taal beïnvloeden elkaar
Spraakontwikkeling = leren herkennen / uitspreken van klanken
Taalontwikkeling = leren begrijpen / vormen van woorden en zinnen

Voorwaarden normale spraak-taalontwikkeling
 Horen
 Luisteren
 Emotionele ontwikkeling
 Sociale ontwikkeling
 Cognitieve ontwikkeling
 Taalstimulerende ontwikkeling
 Goed functionerende spraakorganen (=fijne motoriek)
Passieve & actieve woordenschat = lexicon

, Passieve woordenschat = aantal woorden dat je begrijpt.
Actieve woordenschat = aantal woorden dat iemand met regelmaat gebruikt.

Lexicon = woordenboek; beschrijft beperkte verzameling woorden
Mentale lexicon = woordenboek in je hoofd; lange termijn geheugen

Om een woord te leren moet je het lexeem (klankcombinatie) + het lemma (betekenis) leren. Deze
worden opgeslagen in het mentale lexicon.

Passief taal testen is vaak een reeks van (4) plaatjes waarbij het kind het juiste plaatje moet
aanwijzen = taalbegrip.
Actief taal testen is vaak maar 1 plaatje met de vraag; ‘dit is…?’ = taalproductie.


Er zijn binnen de taal vijf linguïstische niveaus:
1. Fonologie = klankleer
2. Semantiek = betekenisleer
3. Syntaxis = zinsontleding
4. Morfologie = woordopbouw
5. Pragmatiek = taalgebruik
(+ Metalinguïstiek = nadenken over/reflecteren op taal)

Voorbeeld:
 Duidelijk articuleren = fonologie
 Verkleinwoordjes = morfologie
 Onomatopeeën (poes wordt miauw) = semantiek
 Korte zinnen = syntaxis

Semantiek
 Kennis + gebruiken van woorden
 Weten welk woord bij het concept past
 Weten hoe een woord wordt uitgesproken
 Uitgesproken woorden door anderen herkennen
 Weten wat variaties op het woord betekenen

Morfologie = verbuiging & vervoeging van (zelfstandig naam) woorden en werkwoorden
tafel/tafels/tafelen.

Syntaxis = zinsopbouw; grammaticale structuur van een zin.

Pragmatiek = gebruik van taal in bepaalde context; ‘u tegen een ouder persoon i.p.v. ‘jij’.

Metalinguïstiek = nadenken over taal en reflecteren daarop (begint va. 4-5 jaar te ontwikkelen).

Voorbeelden:
 ‘Ik lus topje toffie en toep’ = fonologie
 ‘Ikke ga niet kerstmis’ = semantiek; kerstmis is verkeerde woordkeuze voor kermis
 ‘papa gaat kar maken, gaat knallen boom’ = syntaxis
 ‘kar is uit elkaar gespringd’ = morfologie

Taaldomeinen
 Taalvorm = uiterlijke aspecten van gesproken en geschreven taal; HOE je iets zegt.

Connected book
 image
Ellen Gerrits, Mieke Beers Handboek taalontwikkelingsstoornissen
Publisher: februari 2017 ISBN: 9789046904015 Edition: 1

Document information

Study
Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
December 21, 2021
Number of pages
7
Written in
2020/2021
Type
Summary
$4.64

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
maartjestroes
2.6
(5)
Sold
31
Followers
27
Items
19
Last sold
2 year ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions