Pathofysiologie arbeid en bevalling
Inductie
Definities
Inleiding van de baring/ inductie = het kunstmatig stimuleren van de uterus met behulp van farmaca
en/of het kunstmatig breken van de vliezen, om de baring op gang te brengen. (weeën op gang brengen
als de cervix al rijp is)
Dus ook igv (P)PROM
Pre-inductie of priming = het farmacologisch en/of mechanisch ‘uitrijpen’ van een onrijpe
(ongunstige) cervix. (dus bij onrijpe cervix) (wordt meestal in de nacht gedaan)
Dus: verhogen van Bishopscore (weker, meer anterieur en meer verstreken)
Pre-inductie igv een onrijpe cervix is essentieel voor het slagen van de inleiding!
Een electieve inductie of inleiding = een inleiding zonder medische indicatie; “commoditeit” .
(steeds bij een normale à terme - >39w- éénlingzwangerschap met hoofdligging en met staande
vliezen), om praktische, familiale, professionele, organisatorische,... redenen
Bijstimuleren is het extra stimuleren van weeënactiviteit bij een reeds spontaan op gang gekomen
arbeid
Bijv: stagnatie van de ontsluiting of secundaire weeënzwakte
Epidemiologie (in grote orde de cijfers weten)
Incidentie van inductie is toegenomen: 1 op 3-4 bevallingen in de Westerse wereld wordt ingeleid.
Oa door toename van indicaties voor inductie (risico op het wachten tot spontane weeën voor moeder
en/of kind lijkt groter dan het inleiden van de baring)
Vlaanderen (SPE Vlaanderen 2023): 29% van alle bevallingen zijn inducties, stijging van 5,5% over 10 jaar
(2014: 23,5%)
,Centra met laagste cijfer: 12,4%, centra met hoogste cijfer: 36,7% → grote verschillen tussen ziekenhuizen
Brussel 34,5% en Wallonië 32,6%.
Let op: inleiding ≠ bijstimuleren!
Indicaties
(vaak niet zwart-wit, berust vaak op aanvoelen, afwegen maternele en foetale belangen,...)
wanneer ingeschat wordt dat het risico van een afwachtend beleid groter is dan het risico/nadeel van de
inleiding
• Materneel
- serotien (41w+)
- zwangerschapsdiabetes
- zwangerschapshypertensie
- pre-eclampsie
- zwangerschapscholestas (niet aflopen van gal à symptoom: jeuk!)
- (uitputting, bekkeninstabiliteit),...
• Foetaal
- IUGR
- Placentaire insufficiëntie
- Foetale nood (oligohydramnion,groeistop, CTG,...)
Contra-indicaties
• * het ontbreken van de vereiste medische expertise of de infrastructuur (absoluut)
om de inductie veilig te laten verlopen; inductie moet in ziekenhuismilieu gebeuren en vereist
voldoende expertise terzake; de erkenning van geneesheer specialist in de gynaecologie en
verloskunde impliceert per definitie deze expertise.
• De zwangere en de foetus moeten zorgvuldig bewaakt worden tijdens de inductie (CTG voor
registratie van harttonen en weeënactiviteit)
• * elke contra-indicatie voor een vaginale partus (absoluut)Bv: placenta praevia, dwarsligging, (te)
nauw bekken
• * relatieve contra-indicaties Bv: littekenuterus, foetale stress/abnormaal CTG
Fysiologie van start van de arbeid: rijping van de baarmoederhals
Latente fase van ontsluiting:
1) Verweken
2) Verstrijken
3) Centraal komen
4) Ontsluiting
1e bevalling <-> alle volgende bevallingen
Methodes:
, • Altijd eerst cervix evalueren! à bishop
score
- Vanaf bishop score 7: ‘rijpe’ cervix
- Vooral de verstrijking van de cervix
zal de noodzaak voor pre-inductie
bepalen en geeft een idee over de
kansen op een ‘vlotte’ inleiding
• Gunstige of rijpe cervix:
- Amniotomie
Ø Hoofd vast in bekkeningang (cavé: navelstrengprolaps)
- Oxytocine
Ø 1 ampul syntocinon (10IU) IV in infuus met pomp: geleidelijk (elke 15 tot 30 min
opdrijven! Max 40 mIU/min) tot goede weeënactiviteit
- Prostaglandines
Ø Dinoproston (prostin vaginaal)
• Ongunstige of onrijpe cervix (bishop < 6): pre-inductie
- Mechanisch
Ø Folleysonde (ballon opspuiten met 20-30 cc), evt opspuiten prepidilgel (dinoproston)
Ø Cook-ballon (cervicaal en vaginale ballon met telkens 80 cc)
- Medicamenteus
Ø Dinproston: prostin (tablet), prepidil (gel)
Ø Misoprostol: angusta (25 mcg om de 2u oraal, 50 mcg om de 4u)
Let op: hypertonie met evt foetale nood: tijdsinterval (4-6u) respecteren en klinische
bewaking intramuros!
Bewaking:
• inductie vereist permanente en afdoende controle van de foetale én maternele toestand EN de
mogelijkheid om zo nodig (met spoed) een kunstverlossing of sectio uit te voeren.
• Dit impliceert:
- Adequate infrastructuur (i.e. ziekenhuis,...)
- Voldoende (ervaren) personeelsbezetting
- Bereikbaarheid van gynaecoloog
- Staande orders in geval van complicaties (hypertonie…)
- Gebruik van het partogram)
- Foetale monitoring (doptone, CTG, STAN)
Bijzondere gevallen:
, • Littekenuterus (risico op ruptuur tds arbeid) (nooit medicatie toedienen aan moeders met litteken
à tot ruptuur van uterus door hypertonie (mogen wel synto toedienen)
- Inductie mogelijk als:
Ø Litteken is van sectio met laag dwarse incisie
Ø Geen contra-indicaties voor vaginale partus
Ø Selchts 1 sectio in de voorgeschiedenis
- Amniotomie of mechanische inductie (foleysonde of cook-ballon)
• (P-)PROM
- afwachten (70% bevalt <24u) <-> inductie (infectiegevaar)
- beperken VT
- meestal oxytocine
- ongunstige cervix: dinoproston of misoprostol(meestal oraal), nadien oxytocine
• Mors in utero (2e en 3e trim) (bij MIU heeft inductie niet zoveel zin omdat kindje al dood is, kort
opeenvolgende weeën kunnen dus niets doen voor het kindje)
- afwachten (bv. i.g.v. voorkeur ouders) kan mits uitsluiten solutio (gevaar op shock).
- meestal relatief snel (na enkele dagen) inductie (+/- 100% EA):
Ø à term: idem als levend kind (meestal PG/oxytocine)
Ø preterm of ongunstig: prostaglandines: effectiever, niet meer nevenwerkingen
(er moet geen rekening gehouden worden met foetaal risico)
§ misoprostol (Cytotec) tablet, dosis in functie van AD, 2 x 200microgram vaginaal
opsteken om de 4u
§ effectiever na mifepristone (Mifegyne, een progesterone antagonist); 24u tot 48u
voor prostaglandines
Kortere inductie-tot bevallingsinterval
Wat met alternatieven?
• Strippen vanaf 40w AD: effectief , dwz minder kans op serotiniteit (cave: ongemak bij patiënte)
• Castorolie (ricinusolie)
• Acupunctuur of voetreflexologie niet effectief in vergelijking met placebogroep
• Coitus wordt bijgevolg niet aangeraden aan de patiente
• Tepelstimulatie
Enkel strippen bij a terme datum kan
als alternatief gebruikt worden
om een inductie te vermijden
(strippen is bij VO de vliezen masseren zodat hormonen vrijkomen die arbeid in gang laten schieten)