100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Internationaal Privaatrecht

Beoordeling
-
Verkocht
2
Pagina's
190
Geüpload op
13-07-2025
Geschreven in
2024/2025

Dit document is een volledige samenvatting van het vak Internationaal privaatrecht, wat werd gedoceerd door professor Van Doninck in het academiejaar . Met behulp van dit document heb ik een 19/20 behaald.












Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
13 juli 2025
Aantal pagina's
190
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting

Onderwerpen

  • notities

Voorbeeld van de inhoud

SAMENVATTING INTERNATIONAAL PRIVAATRECHT
DEEL I.


1. INLEIDING, BRONNEN EN BEGRIPPEN

IPR = internationaal en privaat

IPR nodig bij de regeling van ‘internationale’ rechtsverhoudingen. We komen snel terecht in
internationale rechtsverhoudingen, bv. huwelijk tussen personen met 2 nationaliteiten, het kopen van
een OG in het buitenland als tweedeverblijf.. door dat één van de aanknopingsfactoren internationaal
is komen we in de wereld van IPR.
o Grensoverschrijdend (internationaal) element nodig om IPR te activeren (woonplaats,
nationaliteit, plaats handeling, ligging goederen,..)
o HvJ 8 februari 2024, C-566/22, Inkreal: Het Hof van Justitie kreeg van de rechter de vraag
of een bepaald rechtsinstrument van toepassing was, namelijk ‘Brussel 1bis verordening’ die
gaat over internationale bevoegdheden in burgers en handelszaken. Situatie: 2 Slovaakse
bedrijven die in een overeenkomst hadden bedongen dat de Tsjechische rechter bevoegd zou
zijn om van geschillen kennis te nemen → vraag: Is Brussel Ibis hier van toepassing? Want
of die bepaling van toepassing is heb je een internationaal element nodig. Vraag: is dit een
IPR- rechtsverhouding? Is dat forumbeding een internationaal element? Volstaat het dat 2
nationale partijen beslissen om voor hun geschillen een rechter van een andere lidstaat
bevoegd te maken, opdat er sprake zou zijn van een internationaal element en daardoor die
verordening van toepassing is?
▪ Antwoord: dat twee partijen die in dezelfde staat gevestigd zijn kiezen voor een rechter
van een andere staat, zorgt voor een internationaal element.
▪ We zien dus dat er veel ruimte is voor de wilsautonomie van de partijen. Motivatie
HvJ: die wilsautonomie komt de rechtszekerheid ten goede, clausules hebben tot
doel parallelle procedures vermijden, regime uitwerken van gemeenschappelijke
bevoegdheidsregels die voor iedereen voorspelbaar zijn, en bepaling niet afhankelijk
maken van bijkomende voorwaarden die eigenlijk onvoorspelbaar zijn.
▪ Hier kan je discussie over voeren want daardoor kunnen rechtsverhoudingen
onttrokken worden van het nationaal recht dat bepaalde partijen meer bescherming
bood dat het internationaal recht (zoals de Brussel 1bis verordening).

IPR enkel voor ‘private’ rechtsverhoudingen: we bevinden dus in het speelveld van
burgers/particulieren onderling of in de rechtsverhouding tussen burger en OH voor zover de OH geen
imperiumbevoegdheid heeft.

IPR: is in hoge mate nog steeds nationaal recht → elke staat heeft z’n eigen IPR (bv van BE en FR). Wij
(Belgen) kijken met een andere blik dan andere lidstaten.
• regelt internationale rechtsverhoudingen, maar is nationaal recht (zie bv. WIPR)
• Tenzij eenvormige benadering (met ≠ gradaties)

De grote drie/vier luiken van IPR
1. Internationale bevoegdheid = welke rechter is internationaal bevoegd om van een geschil
kennis te nemen? (hier: is BE rechter bevoegd om kennis te nemen?)
2. Toepasselijk recht = welk recht ga je toepassen op een privaat rechtelijke rechtsverhouding?
o Adhv conffictenrecht, verwijzingsregels → aanknopingsfactoren zoeken
3. Erkenning en uitvoerbaarheid van buitenlandse rechterlijke beslissingen en authentieke
akten → hoe moet de BE rechter omgaan met dergelijke beslissingen of akten?
4. Administratieve en gerechtelijke samenwerking
o Internationale samenwerkingen bijvoorbeeld met het oog om bewijs te krijgen voor
feiten tussen verschillende lidstaten.
o Wordt steeds belangrijker → cf. internationale kindontvoering, hoe kan dit kind terug
1

, naar zijn lidstaat worden gebracht?

Werk- en denkmethode voor IPR:

Eerst bepalen of het gaat om (waarover gaat deze vraag?) :
1. Internationale bevoegdheid: wie is bevoegd?
2. Toepasselijk recht: welk recht is van toepassing?
3. Erkenning en uitvoerbaarheid: hoe kan een akte of beslissing worden toegepast?
4. Administratieve/gerechtelijke samenwerking: hoe gaan we samenwerking?

Als je dit weet, de eerste vraag, dan afvragen welke rechtsbronnen op verschillende niveaus van
toepassing is:
• Internationale verdragen
• Europese regels
• Nationale wetgeving
1.1 RECHTSBRONNEN


Hiërarchie

België heeft een Wetboek Internationaal Privaatrecht (WIPR)
• Een eerste volledige codificatie van het Belgische IPR
• Inwerkingtreding 1 oktober 2004

→ MAAR: internationale verdragen en EU-wetgeving hebben voorrang op het WIPR
• Zie art. 2 WIPR
• Dus: niet zomaar teruggrijpen naar WIPR; altijd eerst kijken of er geen
internationale verdragen of Europese regels bestaan!

WIPR verwijst naar bepaalde verdragen en Europese verordeningen, maar niet altijd
• Voor contracten: art. 98, § 1 WIPR verwijst naar de Rome I-Verordening
• Echtscheiding: art. 55 WIPR verwijst niet naar de Rome III-Verordening
→ Dus: altijd nagaan of er verdragen/EU-regels bestaan, ongeacht of het WIPR er melding van
maakt

Primeert een verdrag OF EU-wetgeving?

De EU-wetgever geeft de voorkeur dat tussen lidstaten de bepalingen van een verordening voorrang
krijgen van EU-wetgeving. Vaak zal er in EU-wetgeving al samenhang worden gezocht met andere
internationale verdragen. EU is partij bij Haagse Conventie, en onderhandelt mee de verdragen die
daar tot stand komen. Maar soms zie je dat, wanneer een verdrag tot stand komt, de EU vervolgens
een verordening in het leven roept die afwijkt van het verdrag

Maar hier is geen eenduidig antwoord voor → Telkens nagaan in Europese verordeningen
• EU-wetgeving vaak voorrang in de verhoudingen tussen de lidstaten
o Bv. Brussel Ibis-Verordening (internationale BH m.b.t. burger en handelszaken) primeert
op een aantal verdragen (art. 69). HvJ aanvaardt ook dat die verdragen in bepaalde
situaties (bv CMR-verdrag) wel in bepaalde mate voorrang heeft op Brussel Ibis-
verordening.
• Soms complementair
o Bv. Brussel IIter-Verordening (internationale BH m.b.t. huwelijkszaken en ouderlijke
verantwoordelijkheid, bv welke ouder kan gezag uitoefenen over kinderen) verwijst naar
Haags Kinderontvoeringsverdrag (1980) en vult dit verdrag aan (art. 22)
2

, o Dus soms bouwt EU-wetgeving ook voort op internationale verdragen.

A. Europese Bronnen


Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)
• EU-bevoegdheid inzake IPR (zie art. 81 VWEU)
• ‘Gewone wetgevingsprocedure’, ook voor IPR-aangelegenheden (m.u.v.
familierecht: eenparigheid in de Raad, zie art. 81.3 VWEU, dit sluit geen nauwere
samenwerking uit, zie art. 326 e.v.)
• Uitleggingsbevoegdheid HvJ op verzoek gerechten lidstaten (prej. procedure)
• Handvest van de grondrechten juridisch bindend

Overw. 30 Rome III: “Deze verordening eerbiedigt de grondrechten en de beginselen die zijn erkend
bij het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, en met name bij artikel 21 daarvan, dat
elke discriminatie met name op grond van geslacht, ras, kleur, etnische of sociale afkomst,
genetische kenmerken, taal, godsdienst of overtuiging, politieke of andere denkbeelden, het behoren
tot een nationale minderheid, vermogen geboorte, een handicap, leeftijd of seksuele gerichtheid
verbiedt. Deze verordening moet door de rechterlijke instanties van de deelnemende
lidstaten worden toegepast met eerbiediging van deze rechten en beginselen.”

Artikel 81 VWEU → geeft goed weer waar het over gaat, je moet een internationaal
grensoverschrijdend element hebben opdat de Europese Unie op dat gebied actief kan zijn.
1. De Unie ontwikkelt een justitiële samenwerking in burgerlijke zaken met
grensoverschrijdende gevolgen, die berust op het beginsel van wederzijdse
erkenning van rechterlijke beslissingen en van beslissingen in buitengerechtelijke zaken.
Deze samenwerking kan maatregelen ter aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke
bepalingen van de lidstaten omvatten.
2. Voor de toepassing van lid 1 stellen het Europees Parlement en de Raad volgens de gewone
wetgevingsprocedure, met name wanneer dat nodig is voor de goede werking van de interne markt,
maatregelen vast die het volgende beogen:
• a) de wederzijdse erkenning tussen de lidstaten van rechterlijke beslissingen en van
beslissingen in buitengerechtelijke zaken en de tenuitvoerlegging daarvan;
• b) de grensoverschrijdende betekening en kennisgeving van gerechtelijke en
buitengerechtelijke stukken;
• c) de verenigbaarheid van de in de lidstaten geldende regels voor collisie en
jurisdictiegeschillen;
• d) samenwerking bij het vergaren van bewijsmiddelen;
• e) daadwerkelijke toegang tot de rechter;
• f) het wegnemen van de hindernissen voor de goede werking van burgerrechtelijke
procedures, zo nodig door bevordering van de verenigbaarheid van de in de lidstaten geldende
bepalingen inzake burgerlijke rechtsvordering;
• g) de ontwikkeling van alternatieve methoden voor geschillenbeslechting;
• h)de ondersteuning van de opleiding van magistraten en justitieel personeel.

3. In afwijking van lid 2, worden maatregelen betreffende het familierecht met
grensoverschrijdende gevolgen vastgesteld door de Raad, die volgens een bijzondere
wetgevingsprocedure besluit. De Raad besluit met eenparigheid van stemmen, na
raadpleging van het Europees Parlement. De Raad kan op voorstel van de Commissie bij besluit
vaststellen ten aanzien van welke aspecten van het familierecht met grensoverschrijdende gevolgen
handelingen volgens de gewone wetgevingsprocedure kunnen worden vastgesteld. De Raad besluit
met eenparigheid van stemmen, na raadpleging van het Europees Parlement.

Het in de tweede alinea bedoelde voorstel wordt aan de nationale parlementen toegezonden. Indien
3

, binnen een termijn van zes maanden na die toezending door een nationaal parlement bezwaar wordt
aangetekend, is het besluit niet vastgesteld. Indien geen bezwaar wordt aangetekend, kan de Raad
het besluit vaststellen.

→ Familierecht behoort daar ook toe maar je moet unanimiteit bereiken op inzake familierecht
regelgevend te kunnen optreden. Als die unanimiteit er niet is moet er gebruik gemaakt worden van
versterkte samenwerking. Voor bepaalde domeinen heeft men geen consensus kunnen bereiken
maar wil men wel regelgevend optreden en is er daarvoor bv een verordening gekomen voor
geregistreerd partnerschap. Dat is een verordening waar niet alle lidstaten van de EU bij aansluiten,
dus op basis van die versterkte samenwerking.


B. Europeanisering van het IPR


1. Er is meer en meer EU-wetgeving in het IPR
2. Dus steeds meer rekening houden met de beginselen van het EU-recht
3. En de rechtspraak van het Europees Hof van Justitie

1. Meer en meer EU-wetgeving in het IPR

Wat zien we? Van verdragen/verdragteksten naar verordeningen (zie art. 81 VWEU)
• Bv. EEX verdrag werd Brussel I-Verordening
o Ooit begonnen als verdrag in 1Sc8, tussen toenmalige lidstaten EG
• Bv. EVO verdrag werd Rome I-Verordening

Zowel regels over internationale bevoegdheid en erkenning en tenuitvoerlegging
(Brussel Ibis, IIter) als regels over toepasselijk recht (Rome I, II, III) = alle domeinen IPR

Opgelet: bijzondere positie van Ierland, het VK en Denemarken
• (Protocol nr. 21 en Protocol nr. 22 bij VWEU)
• Die 2 lidstaten hebben een ‘opt-out’, ze kunnen beslissen of ze al dan niet deelnemen aan
bepaalde instrumenten = opt-in → niet van rechtswege gebonden
• VK is doorstreept omdat ze geen deel meer uitmaken van de EU, ze nemen sowieso geen deel
meer uit van de instrumenten van de EU.

2. Beginselen van het EU-recht

A. Beginsel van loyale samenwerking tussen EU en lidstaten (art. 4, lid 3 VWEU) en wederzijds
vertrouwen tussen lidstaten. Mutual trust is een hoeksteen van IPR = het idee dat lidstaten elkaar
kunnen vertrouwen en dat ze op de deugdelijke uitvoering van elkaars werk moeten kunnen
voortbouwen. Bv een rechterlijke beslissing van een lidstaat kan een rechter van een andere lidstaat
niet zomaar gaan problematiseren, je moet uitgaan van vertrouwen in de lidstaten.

HvJ 27 april 2004, C-15G/02, Turner: anti-suit injunction
• Context: Turner was een werknemer en nam zelf ontslag omdat hij zou overgeplaatst
worden, en hij maakte bij de Britse rechter een vordering aanhangig voor vergoeding
onrechtmatig ontslag. Hij stelde dat zijn WG zaken had gedaan die onrechtmatig waren (WG
zou aangezet hebben illegale praktijken uit te voeren, waarop ontslag was gesteund). Britse
rechter kent die schadevergoeding toe. Maar de gedaagden/WG maken zelf procedure
aanhangig bij de Spaanse rechter, en vorderen van hem een vergoeding. Ze doen dit omdat
Turner misbruik had gemaakt van zijn functie volgens hen. Turner vraagt aan Britse rechter
om een “anti-suit injunction” uit te spreken (op basis van UK recht) = rechterlijk bevel om
procedure bij Spaanse rechter stop te zetten.
o Ze zetten inderdaad de procedure bij de Spaanse rechter stop. Want als je niet voldoet
aan bevel van UK rechter kan je daarvoor bestraft worden! Dus dat is een vergaand
‘wapen’ van de Britse rechters! Die sanctie is gebaseerd op het feit dat als je die

4
€20,99
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
ElVUBRechten Vrije Universiteit Brussel
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
14
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
2
Documenten
2
Laatst verkocht
1 week geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen