2023-
2024
Cel-cel communicatie
1E BACH GENEESKUNDE: CEL IV
CURSUS PROF. SARAH GERLO
,H1: Basisconcepten
1. Evolutie/basisconcepten
- Quorum sensing
o Minimum aantal bacteriën aanwezig om auto-inducers aan te maken
à Lage densiteit (planktonisch)
Nt geconcentreerd bij elkaar
Beetje auto-inducer aanmaken, maar gaat
verloren
àHoge densiteit (symbiontisch)
Heelveel feromonen
[ ] hoog voor eIectieve binding à Luciferase
aanmaken
- Basisprincipes sterk geconserveerd
o Cel 1: ligand aanmaken (-auto-inducer)
o Cel 2: bindt met ligand (-receptor)
o Zeer specifieke reactie
- Directe cel-cel communicatie
o Gap junctions à connexons/connexines (kleine signaalmoleculen
aanmaken)
o Ca, cAMP, glucose,…
o Snelle, synchrone reactie
- Indirecte cel-cel communicatie
2. Cel-cel communicatie: korte- en langeafstandsrelaties
- Endocriene cel-cel communicatie
o 1 type hormoon aanmaken à id bloedbaan terecht à eIect ver
afgelegen cellen
o Aangemaakt in gespecialiseerde klieren
- Paracriene cel-cel communicatie
o Liganden binden op nabijgelegen cellen (bv. cytokines)
o Synaptische communicatie: gespecialiseerd, snel, gericht
- Plasma-membraan verankerde liganden – juxtacrien
o Signaal in membraan verankerd
o Rol in hematopoëse
- Autocriene cel-cel communicatie
o Cel: receptor à inwerken op zichzelf
, o Bv. IL-2 bij geactiveerde T-cellen – cytokine aanmaken vanaf infectieà
grote kloon aanmaken
o Aberrante autocriene signalisatie door GF vaak in Ca
3. Bindings-en eHectorspecificiteit
- Bindingsspecificiteit:
o Moleculaire complementariteit – VDW, hydrofobe interactie, ionaire
o Niet absoluut: 1 ligand, ++ receptor, 1 receptor, ++ liganden
- EIectorspecificiteit
o 1 ligand op zelfde eIector à ≠
eIecten
o Afhankelijk van aard van de
receptor (≠ celtypes)
o Resultaat afh. van specifieke
intracellulaire signaalmoleculen
o Soms ≠ receptoren die ≠ eIecten uitlokken à door verschillende
signaalcascade
- !!Pleiotropie!!: heelveel verschillende responsen op verschillende celtypes
uitlokken
o Cel 1 en 3: zelfde ligand, zelfde receptor à andere respons
o Cel 2: andere receptor à nog een andere respons
èPleiotropie: zelfde ligand/receptor op verschillende cellen à
verschillende respons
èRedundantie: meerdere, verschillende ligand/receptor interacties op
dezelfde cel à dezelfde respons
à Liganden hebben geen verdere functie dan binding en activatie van
receptoren
4. Algemene eig ligand/receptorsystemen
Ligand Receptor Vb
Lipofiel Intracellulair Steroïden, thyroxine,..
Hydrofiel Membr.gebonden NT, peptide hormonen,…
Lipofiel Membr.gebonden Prostaglandines
2024
Cel-cel communicatie
1E BACH GENEESKUNDE: CEL IV
CURSUS PROF. SARAH GERLO
,H1: Basisconcepten
1. Evolutie/basisconcepten
- Quorum sensing
o Minimum aantal bacteriën aanwezig om auto-inducers aan te maken
à Lage densiteit (planktonisch)
Nt geconcentreerd bij elkaar
Beetje auto-inducer aanmaken, maar gaat
verloren
àHoge densiteit (symbiontisch)
Heelveel feromonen
[ ] hoog voor eIectieve binding à Luciferase
aanmaken
- Basisprincipes sterk geconserveerd
o Cel 1: ligand aanmaken (-auto-inducer)
o Cel 2: bindt met ligand (-receptor)
o Zeer specifieke reactie
- Directe cel-cel communicatie
o Gap junctions à connexons/connexines (kleine signaalmoleculen
aanmaken)
o Ca, cAMP, glucose,…
o Snelle, synchrone reactie
- Indirecte cel-cel communicatie
2. Cel-cel communicatie: korte- en langeafstandsrelaties
- Endocriene cel-cel communicatie
o 1 type hormoon aanmaken à id bloedbaan terecht à eIect ver
afgelegen cellen
o Aangemaakt in gespecialiseerde klieren
- Paracriene cel-cel communicatie
o Liganden binden op nabijgelegen cellen (bv. cytokines)
o Synaptische communicatie: gespecialiseerd, snel, gericht
- Plasma-membraan verankerde liganden – juxtacrien
o Signaal in membraan verankerd
o Rol in hematopoëse
- Autocriene cel-cel communicatie
o Cel: receptor à inwerken op zichzelf
, o Bv. IL-2 bij geactiveerde T-cellen – cytokine aanmaken vanaf infectieà
grote kloon aanmaken
o Aberrante autocriene signalisatie door GF vaak in Ca
3. Bindings-en eHectorspecificiteit
- Bindingsspecificiteit:
o Moleculaire complementariteit – VDW, hydrofobe interactie, ionaire
o Niet absoluut: 1 ligand, ++ receptor, 1 receptor, ++ liganden
- EIectorspecificiteit
o 1 ligand op zelfde eIector à ≠
eIecten
o Afhankelijk van aard van de
receptor (≠ celtypes)
o Resultaat afh. van specifieke
intracellulaire signaalmoleculen
o Soms ≠ receptoren die ≠ eIecten uitlokken à door verschillende
signaalcascade
- !!Pleiotropie!!: heelveel verschillende responsen op verschillende celtypes
uitlokken
o Cel 1 en 3: zelfde ligand, zelfde receptor à andere respons
o Cel 2: andere receptor à nog een andere respons
èPleiotropie: zelfde ligand/receptor op verschillende cellen à
verschillende respons
èRedundantie: meerdere, verschillende ligand/receptor interacties op
dezelfde cel à dezelfde respons
à Liganden hebben geen verdere functie dan binding en activatie van
receptoren
4. Algemene eig ligand/receptorsystemen
Ligand Receptor Vb
Lipofiel Intracellulair Steroïden, thyroxine,..
Hydrofiel Membr.gebonden NT, peptide hormonen,…
Lipofiel Membr.gebonden Prostaglandines