Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

samenvatting - recht

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
72
Geüpload op
11-05-2026
Geschreven in
2025/2026

Uitgebreide samenvatting van het vak 'recht', gedoceerd door Jan Fiers aan de HoGent (). De samenvatting bevat alle te kennen hoofdstukken van het boek, met de te kennen QR - codes. Ik ben regelmatig naar zijn lessen geweest, maar vond deze geen meerwaarde. De samenvatting is dus op basis van zijn boek. Veel succes!

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

RECHT
JAN FIERS




1STE BACHELOR ORTHOPEDAGOGIE
HOGENT

,1

,Inhoudsopgave
HOOFDSTUK 1: RECHT EN DE OVERHEID
1. WAT IS RECHT? ....................................................................................................................4
1.1 GEDRAGSREGELS EN NORMEN DIE ORDE BRENGEN IN DE SL .......................................4
1.2 OPGELEGD DOOR DE OVERHEID ...................................................................................4
1.3 DWINGEND KARAKTER VAN RECHT ................................................................................5
2. INDELING VAN HET RECHT ..................................................................................................5
2.1 PUBLIEK RECHT EN PRIVAAT RECHT ...............................................................................5
2.2 INTERNATIONAAL RECHT EN NATIONAAL RECHT............................................................9
2.3 STRAFBAAR OF NIET STRAFBAAR ....................................................................................9
3. EEN DEMOCRATISCHE OVERHEID ..................................................................................... 11
3.1 WAT IS EEN OVERHEID? ............................................................................................... 11
3.2 WAT IS EEN DEMOCRATIE? ........................................................................................... 11
3.3 BELGIË ALS DEMOCRATIE ............................................................................................ 13
4. BELGIË: OVERHEDEN EN REGELGEVINGEN ....................................................................... 15
4.1 HET INTERNATIONAAL NIVEAU ..................................................................................... 15
4.2 DE EUROPESE UNIE ..................................................................................................... 16
4.3 HET FEDERALE NIVEAU ................................................................................................ 17
4.4 HET REGIONALE NIVEAU .............................................................................................. 19
4.5 HET PROVINCIALE NIVEAU ........................................................................................... 22
4.6 HET LOKALE OF GEMEENTELIJK NIVEAU ....................................................................... 23
4.7 REGELGEVING IN EEN SCHEMA ................................................................................... 24
4.8 REGELGEVING EN BEKENDMAKING ............................................................................. 24
4.9 REGELGEVING EN CONFLICTEN .................................................................................. 25
4.10 RECHTSBRONNEN ..................................................................................................... 26
HOOFDSTUK 2: HET INDIVIDU

1. DE JURIDISCHE PERSOON ................................................................................................. 28
1.1 BEGRIPPEN ................................................................................................................. 28
1.2 DE FYSIEKE OF NATUURLIJKE PERSOON ....................................................................... 28
1.3 DE RECHTSPERSOON .................................................................................................. 33
2. DE JURIDISCHE IDENTITEIT ................................................................................................ 36
2.1 IDENTIFICATIEGEGEVENS ............................................................................................ 36
2.2 GEBEURTENISSEN EN HANDELINGEN.......................................................................... 38
2.3 AKTEN VAN DE BURGERLIJKE STAND ............................................................................ 38

2

,3. BEKWAAMHEID VAN DE PERSOON..................................................................................... 39
3.1 BEGRIPPEN ................................................................................................................. 39
3.2 MINDERJARIGEN.......................................................................................................... 40
3.3 MEERDERJARIGEN ....................................................................................................... 44
3.4 DE RELATIEVE NIETIGHEID VAN DE HANDELING ........................................................... 47
4. GEDWONGEN HULPVERLENING........................................................................................ 47
4.1 MEERDERJARIGEN ....................................................................................................... 48
4.2 MINDERJARIGEN.......................................................................................................... 49
HOOFDSTUK 3: IN RELATIE TOT ANDEREN

1. AANSPRAKELIJKHEID ......................................................................................................... 51
1.1 BEGRIPPEN ................................................................................................................. 51
1.2 STRAFRECHTELIJKE AANSPRAKELIJKHEID .................................................................... 52
1.3 AANSPRAKELIJKHEID UIT ONRECHTMATIGE DAAD ....................................................... 52
1.4 BEROEPSGEHEIM ........................................................................................................ 55
2. HET OUDERSCHAP ............................................................................................................ 57
2.1 OUDERLIJKE PLICHTEN ................................................................................................ 57
2.2 OUDERLIJKE RECHTEN ................................................................................................ 58
2.3 BIJZONDERE VORDERING ............................................................................................ 60
2.4 VASTSTELLING VAN HET OUDERSCHAP (AFSTAMMING) ................................................ 60
2.5 ADOPTIE ...................................................................................................................... 64
3. HET PARTNERSCHAP ......................................................................................................... 65
3.1 FEITELIJKE SAMENWONING ......................................................................................... 65
3.2 WETTELIJKE SAMENWONING ....................................................................................... 65
3.3 HET HUWELIJK ............................................................................................................. 67
3.4 ECHTSCHEIDING ......................................................................................................... 70




3

, HOOFDSTUK 1
RECHT EN DE OVERHEID
1. WAT IS RECHT?
Recht is een geheel van regelgeving, van overheidsstructuren en van justitie.
--> je kunt die niet los van elkaar zien, ze vormen 1 geheel

We kunnen recht omschrijven adhv 3 essentiële kenmerken die samen vervuld moeten zijn
om van ‘recht’ te kunnen spreken;


1.1 GEDRAGSREGELS EN NORMEN DIE ORDE BRENGEN IN DE SL
functie recht; ordening brengen in een samenleving

Het is het geheel aan rechtsregels dat een samenleving ordent door te omschrijven wat wel en
niet mag, door voor te schrijven hoe we ons als burgers (moeten) gedragen, hoe we ons
organiseren, hoe de staatsvorm van het land waarin we leven eruit ziet,…

! daar waar mensen samenleven worden afspraken met elkaar gemaakt (= rechten)

de koppeling van ‘recht’ aan ‘samenleving’ houdt ook in dat recht;
▪ tijdsgebonden is
▪ plaatsgebonden is
▪ ideologisch gebonden is (eigen aan een politieke en/of religieuze stroming)

Het recht evolueert mee met stromingen en opvattingen binnen een maatschappij, en is daarom
steeds een evolutief gegeven.
Aanpassingen van het recht zal gebeuren via de instellingen die bevoegd zijn om (nieuwe) rechtsregels te maken.



1.2 OPGELEGD DOOR DE OVERHEID
Niet alle afspraken, gedragsregels en normen die mensen onderling maken, vormen recht.
--> ! om van recht te kunnen spreken, moeten die regels zijn opgelegd door een overheid

Het recht is geen doel op zich, maar een middel.
Het is een middel om binnen een bepaalde samenleving, en dus binnen een bepaalde
tijdsgeest, zaken te ordenen door hierrond beleid te voeren.

recht is tijdsgebonden, plaatsgebonden en ideologisch gebonden
Recht is steeds een afspiegeling van de overheersende maatschappelijke tendensen en het
resultaat van verschillende ideologische stromingen en waarden die onze maatschappij
diepgaand hebben beïnvloed of nog steeds beïnvloeden.

recht is maakbaar
Recht wordt gemaakt of bijgestuurd door beïnvloeding van het orgaan (of kanaal) dat bevoegd is
om recht te maken.


4

,We geven de macht om recht te maken aan een overheid, omdat een overheid het best
geplaatst is om het belang van de samenleving na te streven.

democratische overheid; in staat om het ‘individueel belang’ te overstijgen en op die manier een
‘algemeen belang’ te verdedigen
--> hiervan wordt verwacht dat het via recht een ‘rechtvaardige’ ordening van de SL realiseert


1.3 DWINGEND KARAKTER VAN RECHT
Om ordening te krijgen binnen een samenleving, moeten er ook mechanismen zijn die ervoor
zorgen dat het recht effectief wordt toegepast.

Zowel de overheid (politie, inspectiediensten,…) als justitie (OM, rechtbanken,…) waken over de
correcte toepassing van het recht en maken dat recht afdwingbaar is tov elkaar.

!! Wanneer afspraken, gedragsregels,… kunnen worden afgedwongen via een rechtbank, dan
pas spreken we over recht.



2. INDELING VAN HET RECHT
Door de toenemende complexiteit van de samenleving wordt het recht steeds complexer en
gediversifieerder.

juridisering: meer en meer hebben zowel de overheid als de burgers de neiging om alles
juridisch te willen regelen

Om toch wat structuur te brengen in dit complexe geheel aan recht, zijn er verschillende
manieren om het recht in te delen;


2.1 PUBLIEK RECHT EN PRIVAAT RECHT
Bij deze indeling kijkt men naar WAT er geregeld moet worden.

publiek recht
Recht dat hoofdzakelijk zaken regelt die met de overheid te maken hebben.
Het gaat dan over de structuur, werking, financiën van de overheid en over alles wat strafbaar is.
Bvb. grondwet, staatsstructuur, werking van de overheid, overheidsfinanciën, sociale
uitkeringen, strafrecht,…

Het regelt de verhouding tussen overheden onderling en de verhouding tussen de overheid en de
burger.

! publiekrecht is altijd dwingend recht (er valt niet over te onderhandelen)

privaatrecht
Recht dat hoofdzakelijk verhoudingen tussen burgers of ondernemingen regelt.
Bvb. kopen/verkopen, huren/verhuren, lenen, werken, huwen, ouderschap, aansprakelijkheid




5

, QR – CODE: EEN OVERZICHT VAN PRIVAAT RECHT EN PUBLIEK RECHT

1. HET NATIONAAL RECHT
1.1 HET PRIVAATRECHT
Het privaatrecht omvat volgende rechtstakken;
(1) burgerlijk recht
Het burgerlijk recht regelt de algemene verhoudingen tussen de burgers.
Ookwel gemeen recht genoemd.

Het burgerlijk recht vind je in het Burgerlijk Wetboek (Code Napoleon).
Is oorspronkelijk tot stand gekomen in 1804. Inmiddels is het door verschillende
maatschappelijke evoluties sterk gewijzigd.

Sinds 2019 is een hervorming bezig van een volledig nieuw Burgerlijk Wetboek.
het nieuw Burgerlijk Wetboek zal uit volgende boeken bestaan;
▪ boek 1: algemene bepalingen
▪ boek 2: personen, familie en relatievermogensrecht
▪ boek 3: goederen
▪ boek 4: nalatenschappen, schenkingen en testamenten
▪ boek 5: verbintenissen
▪ boek 6: buitencontractuele aansprakelijkheid
▪ boek 7: bijzondere overeenkomsten
▪ boek 8: bewijs
▪ boek 9: zekerheden
▪ boek 10: verjaring

(2) ondernemingsrecht of economisch recht
handelsrecht: het omvatte de regels die betrekking hadden op de daden van koophandel
(kopen en verkopen) en op het statuut van de handelaar

Vanaf 1 november 2018 heeft deze rechtstak een belangrijke gedaanteverandering
ondergaan en spreken we over het ‘ondernemingsrecht’.
De ‘onderneming’ vormt nu de kern van deze rechtstak, en niet langer de ‘handelaar’.

(3) arbeidsrecht
Regelt de verhouding werknemer – werkgever.

Het bevindt zich op de grens van het privaat en het publiek recht. Het ‘collectief’
arbeidsrecht wordt beschouwd als publiek recht, het ‘individueel’ arbeidsrecht als privaat
recht.

het arbeidsrecht wordt onderverdeeld in:
▪ het individueel arbeidsrecht (Bvb. arbeidsovereenkomstenwet)
▪ het collectief arbeidsrecht (Bvb. CAO’s)

(4) gerechtelijk privaatrecht, privaatrechtelijk procesrecht of burgerlijk procesrecht
Regelt de inrichting en de bevoegdheid van de privaatrechtelijke rechtscolleges.
Bvb. vredegerecht, rechtbank van eerste aanleg, ondernemingsrechtbank, arbeidshof
arbeidsrechtbank, hof v beroep en hof van cassatie zetelend in privaatrechtelijke geschillen

Ook het verloop van het proces maakt deel uit van het gerechtelijk recht.

6

,(5) internationaal privaatrecht
Regelt welk recht voor een Belgische rechtbank van toepassing is bij een conflict tussen
onderdanen van verschillende staten, of wanneer zich een conflict voordoet waarin een
buitenlands element aanwezig is.

Het geeft geen oplossing voor het conflict, maar zal aangeven welke rechtsregel van welk
land van toepassing is.

Het verwijst slechts naar de regel die zal moeten toegepast worden om het relevante
nationale recht aan te duiden.

1.2 HET PUBLIEK RECHT
Het publiek recht omvat volgende rechtstakken;

(1) grondwettelijk recht
Het grondwettelijk recht, met als vnm bron de Grondwet, kent twee grote pijlers;
▪ het regelt de inrichting van de staat, m.a.w. de basisstructuur van de politieke en de
gerechtelijke instellingen en hun bevoegdheden
(het bepaalt dus de organisatie van de wetgevende, de uitvoerende en de rechterlijke macht)
▪ het omvat de fundamentele rechten en vrijheden van de burgers
(dit is de laatste decennia sterk aangevuld door internationale mensenrechtenverdragen)

Het Grondwettelijk Hof in België waakt over het respect voor de Grondwet en de
mensenrechten.

(2) administratief recht
Het geheel van de wetgeving die de praktische werking van de staatsadministratie en de
uitvoerende macht betreft.

Het regelt de werking van de overheid, het bestuur en de openbare diensten.
Bvb. beginselen van behoorlijk bestuur, het omgevingsrecht (ruimtelijke ordening en
leefmilieu), het ambtenarenrecht, het recht van de lokale besturen en in sommige gevallen
het onderwijs

De belangrijkste rechtbank die hierover waakt, is de Raad Van State.

(3) fiscaal recht en begrotingsrecht
fiscaal recht: reglementeert de inkomsten van de staat die via belastingen worden
ontvangen
begrotingsrecht: regelt de uitgaven van de staat

(4) strafrecht en strafprocesrecht
strafrecht: bepaalt welke handelingen strafbaar zijn en welke straffen daarop vtp zijn
Bvb. gevangenisstraf of geldboeten

! Handelingen zijn slechts strafbaar in de mate dat op het ogenblik van de feiten een wet
bestond die deze handeling strafbaar stelde en slechts tot beloop van de maximumstraf die
de wet voorziet (nullum crimen sine lege, nulla poena sine lege).

Is het strafrechtelijk legaliteitsbeginsel; een afgeleide van het algemeen legaliteitsbeginsel
dat wordt uitgeoefend vanuit de Grondwet: de gemeenschap kan enkel doen wat haar
hoogste norm, de Grondwet, haar toelaat te doen.
7

,strafprocesrecht: regelt de inrichting en de bevoegdheid van de strafrechtscolleges en de
procedure voor de strafrechtbanken.
Bvb. politierechtbank, correctionele rechtbank, strafuitvoerings - rechtbank, Hof van beroep
zetelend in strafzaken, Hof van assisen, en Hof van Cassatie in strafzaken

(5) sociaalzekerheidsrecht en sociale bijstandsrecht
het socialezekerheidsrecht regelt de uitkeringen bij;
▪ ziekte en invaliditeit
▪ werkloosheid
▪ jaarlijkse vakantie
▪ pensioen
▪ arbeidsongeval
▪ beroepsziekte
▪ gezinsbijslag

sociale bijstand: gaat om een uitbreiding van de sociale bescherming voor personen die
niet bij de sociale zekerheid terechtkunnen

de sociale bijstand geeft aanleiding tot volgende sociale uitkeringen;
▪ leefloon (bestaansminimum)
▪ inkomensgarantie voor ouderen
▪ gewaarborgde gezinsbijslag
▪ inkomensvervangende tegemoetkoming voor personen met een handicap

2. HET GRENSOVERSCHRIJDEND OF INTERNATIONAAL RECHT
Er bestaan ook een aantal rechtstakken die zich bij uitstek op het internationale vlak
afspelen;
2.1 VOLKENRECHT OF INTERNATIONAAL PUBLIEKRECHT
Regelt de wijze waarop staten onderling betrekkingen hebben met elkaar en hoe zij hun
afspraken in verdragen vastleggen.

Ook de werking van de internationale organisaties behoort tot het volkenrecht.
Bvb. het humanitair recht en het oorlogsrecht

2.2 EUROPEES RECHT
Meer en meer beheerst de regelgeving van de Europese Unie ook de maatschappelijke
realiteit in Europa. Als supranationale instelling kan ze ook recht maken dat niet meer hoeft
geratificeerd te worden, in tegenstelling tot het andere verdragsrecht. In die zin heeft het ook
steeds meer zijn bestaansrecht verworven als afzonderlijke rechtstak.




8

, 2.2 INTERNATIONAAL RECHT EN NATIONAAL RECHT
Bij deze indeling kijkt men naar WAAR het recht tot stand is gekomen.

internationaal recht of grensoverschrijdend recht
Recht dat tot stand komt buiten de landsgrenzen of dat verhoudingen tussen landen regelt.

dit recht kan op 2 manieren tot stand komen;
▪ binnen een internationale organisatie (VN) of tijdens een internationale bijeenkomst
(Klimaattop)
▪ landen onderling

Internationaal recht wordt vastgelegd in verdragen.

Een buitenbeentje in het internationaal recht is het recht binnen de EU; de Europese Unie.
Het centraal gezag binnen de EU kan beslissingen nemen over de hoofden van de lidstaten
heen, dus zonder dat de lidstaten nog eigen beslissingsbevoegdheid hebben.
=> EU – recht = supranationaal recht

nationaal recht
Recht dat tot stand komt binnen de eigen landgrenzen, dus binnen 1 land.


2.3 STRAFBAAR OF NIET STRAFBAAR
Bij deze indeling kijkt men naar de AARD van wat er is gebeurd.

strafrechtelijke handeling
Er staat een straf op wat je gedaan hebt.
Bvb. je begaat een verkeersovertreding, je pleegt fraude, je haalt vandalisme uit, je dealt drugs,…

burgerrechtelijke handeling
Er staat geen straf op wat je gedaan hebt.
Bvb. iemand komt zijn contract niet na, iemand moet jou nog geld terugbetalen, je moet een
schadevergoeding betalen, je loopt stage, je koopt of huurt iets

Wanneer weet je of iets strafbaar is?
Iets is strafbaar als in de regelgeving staat dat het strafbaar is én als er een sanctie is bepaald.

De meeste strafbare handelingen vind je terug in het Strafwetboek.
(Wegcode, Sociaal Strafwetboek, fiscaal recht, milieurecht,…)

misdrijf: algemene term voor een strafbare handeling
jeugddelict: een misdrijf door een minderjarige

Waarom is het onderscheid tussen strafbare en niet – strafbare handelingen belangrijk?
Er wordt op een andere manier omgegaan met een strafrechtelijk feit dan met een
burgerrechtelijk feit.

bij een strafbare handeling;
▪ wordt de overheid betrokken (politie, OM,…)
▪ zul je voor een strafrechtbank moeten komen
▪ kan de strafrechter jou een straf opleggen
9

Documentinformatie

Geüpload op
11 mei 2026
Aantal pagina's
72
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING
€5,06
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
samenvattingen 2de semester 1BA orthopedagogie (HoGent)
-
5 2026
€ 18,54 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
mmerel Hogeschool Gent
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
12
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
19
Laatst verkocht
1 week geleden

2,5

2 beoordelingen

5
0
4
1
3
0
2
0
1
1

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen