1.1 Inleiding
Volkenrecht = internationaal publiekrecht: het rechtssysteem dat de relatie tussen soevereine staten
reguleert, evenals hun onderlinge rechten en verplichtingen
<-> internationaal privaatrecht: nationale wetten die privaatrechtelijke betrekkingen met
buitenlandse elementen regelen omdat er dan een ‘conflict of law’ optreedt
<-> nationaal recht want is geen ‘trias politicas’ maar gedecentraliseerd rechtssysteem waarbij staten
zelf regels maken, toepassen en handhaven
Hedendaagse internationale systeem wordt gekenmerkt door toenemende interstatelijke rivaliteit,
concurrentie en wantrouwen – voorbeeld: China dat steeds machtiger is en streeft naar andere
rechtsorde dan degene we nu hebben
1.2 Een korte geschiedenis
Na WOI werd Volkenbond opgericht dat belast was met handhaven van wereldvrede
Na WOII werd Volkenbond vervangen door VN die belast was met handhaving van internationale
vrede en veiligheid
VN is gebaseerd op respect voor beginselen van gelijke rechten en zelfbeschikking van volkeren en op
soevereine gelijkheid van al haar lidstaten
Soevereiniteit: elke staat heeft hoogste gezag binnen zijn grenzen
D2 Artikel 2(1) VN Handvest: soevereine gelijkheid: geen staat mag macht uitoefenen over andere
D2 Artikel 2(7) VN Handvest: mag zich niet inmengen met zaken die essentieel binnen jurisdictie van
staat vallen
D2 Artikel 1 VN Handvest: wat doen ze
D2 Artikel 7 VN Handvest: organen van VN:
- Algemene Vergadering waarin alle lidstaten vertegenwoordigd zijn: heeft adviserende rol –
speelde belangrijke rol in dekolonisatieproces
- Veiligheidsraad moet vrede en veiligheid bewaren, indien nodig met geweld: heeft meeste
macht van alle organen
VN Veiligheidsraad functioneerde pas min of meer sinds einde Koude Oorlog: mijlpaal daarin is dat
VN Veiligheidsraad erin geslaagd is om Irak uit Koeweit te verdrijven – D10
VN fungeert als overkoepelende structuur voor aantal belangrijke internationale organisaties:
, - Belangrijke regionale organisatie: NAVO; leden bieden elkaar wederzijdse verdediging in geval
van aanval door externe actor
- Was ook aanleiding voor oprichten van EU
o Bij Verdrag van Parijs werd het opgericht vanuit economische overwegingen, het
heette toen de Europese Gemeenschap Kolen en Staal
o Bij Verdrag van Rome werden bevoegdheden uitgebreid tot Europese Economische
Gemeenschap
o Bij Verdrag van Maastricht kreeg het de naam EU
- Raad van Europa om intergouvernementele en interparlementaire samenwerking te
versterken: nam EVRM aan dat het EHRM oprichtte
Meeste internationale instellingen = opgericht om wereldorde te creëren gebaseerd op westerse
waarden: open en vrije economische markten, toenemend respect voor staatssoevereiniteit &
individuele rechten, institutionele samenwerking
1.3 De structuren van het internationaal recht
1.3.1 Inleiding – een samenleving van soevereine staten
Internationaal recht dient als aanvulling op nationale recht
Kwestie kan kwestie van internationaal recht worden, ofwel vanwege inhoud (wordt beheerst door
internationale recht van samen bestaan), ofwel vanwege vorm (wordt beheerst door internationale
recht van samenwerken)
1.3.2 Het internationaal recht van samen bestaan
- gaat over verplichtingen door inhoud: houdt zich bezig met wijze waarop soevereine staten met
elkaar en tussen elkaar omgaan
- verplichtingen komen voort uit internationaal gewoonterecht
- regels zijn onontkoombaar
- keerzijde is dat dergelijke regels inherent vaag zijn waardoor staten veel ruimte hebben voor
eigen invulling en interpretatie
1.3.3 Het internationale recht van samenwerking
- gaat over verplichtingen door vorm
- dergelijke verplichtingen zijn terug te vinden bij verdragen
- individu krijgt plaats in internationaal recht
- nadeel: omdat iedereen moet instemmen, is internationaal recht erg traag
, 1.4 De grondslag van internationale verplichtingen
Staten discussiëren niet over feit dat internationale regels bindend zijn maar over interpretatie van
die regels – voorbeeld: Rusland beweerde, toen hij Oekraïne aanviel, dat zijn handelingen buiten de
regels van internationale recht vielen, hij rechtvaardigde zijn handelingen met argumenten van
internationaal recht
1.5 De verhouding tussen internationaal recht en nationaal recht
Twee benaderingen die rechtstheorie gedomineerd hebben:
- monisme: internationaal en nationaal recht één enkele rechtsorde vorm/ een set van onderling
verweven orders die geacht worden coherent te zijn
o het stelt ook dat internationale recht voorrang krijgt in geval van conflict
o bekendste vertegenwoordiger van monisme = Hans Kelsen: internationaal en nationaal
recht vormen één systeem omdat ze allebei geldigheid ontlenen aan dezelfde hoogste
norm: de Grundnorm
- dualisme: internationaal en nationaal recht zijn twee systemen die onafhankelijk van elkaar
opereren
1.6 Handhaving internationaal recht
Sinds WOII hebben klachtenmechanismen vooruitgang geboekt
Praktijk = minder positief als het gaat om toezicht & handhaven van internationaal recht - soms kan
benadeelde staat hulp vragen aan VN-Veiligheidsraad maar die grijpt zelden in
Staten moeten vaak zelf actie ondernemen als andere staat internationaal recht schendt –
internationaal recht werkt dus vooral via zelfhulp
Belangrijk is dat staten internationale verplichtingen vaak nakomen omdat iedereen op lange termijn
baat heeft bij duidelijke regels en afspraken & omdat staten reputatie belangrijk vinden (willen graag
als betrouwbare leden van internationale gemeenschap worden gezien)
1.7 Kritisch internationaal recht
Belangrijke stroming daarin is TWAIL – volgens TWAIL:
- Is bias inherent en moeilijk te zien omdat we leven midden in neoliberalisme
- Taal van het globale Noorden is weerspiegeld in internationaal recht om armoede en
onderontwikkeling in Derde Wereld te bestendigen
Andere kritiek is FtAIL: feminisme in internationaal recht – volgens FtAIL:
- Is bias inherent en moeilijk om te zien omdat we leven midden in patriarchaat dat mannen
privilegieert in sociale relaties
- Zijn ervaringen en ideeën van mannen weerspiegeld in internationaal recht
Twee stromingen in FtAIL:
, - Liberaal feminisme: vraagt gelijke vertegenwoordiging in volkenrechtelijke instellingen
- Poststructurele feminisme: vraagt om volkenrechtelijke instellingen in context te
beschouwen, ze kunnen positieve of negatieve ervaring hebben voor vrouwen
Drie theorieën in FtAIL:
- Marxistisch feminisme: vrouwen verrichten veel zorgarbeid ten voordele van markt, het is
moeilijk maar mogelijk om volkenrechtelijke instellingen te veranderen
- Socialistisch feminisme: vrouwen verrichten zorgarbeid ten voordele van markt én individuele
mannen in huishoudens, het is moeilijk maar mogelijk om volkenrechtelijke instellingen te
veranderen rekening houdend met feit dat vrouwen minder resources hebben omdat ze
minder verdienen – dit zien we weerspiegeld in EHRM: minderheid van claims wordt door
vrouwen gebracht door allerhande barrières
- Radicaal feminisme: het is hopeloos iets te willen veranderen aan volkenrechtelijke
instellingen
Intersectioneel feminisme: intersectionele discriminatie raakt mensen die op meerdere vlakken
kwetsbaar zijn, waardoor ze complexe ervaringen meemaken
Maar internationaal recht was gecreëerd voor stabiliteit in plaats van voor rechtvaardigheid
H2. Bronnen
2.1 Inleiding
In praktijk = bronnen van internationaal recht de argumentatiemiddelen die internationale jurist ter
beschikking heeft: hier vinden we juridische antwoorden op vragen die niet in nationale recht te
vinden zijn
Aangezien internationaal recht gedecentraliseerd rechtssysteem is, kunnen juridische verplichtingen
voortkomen uit meerdere bronnen
Rechtssubjecten maken onderscheid tussen rechtsnormen en normen van ‘louter’ politieke, morele
of ethische aard – het ICJ stelt dat het Hof enkel kan rekening houden met morele beginselen voor
zover deze voldoende tot uitdrukking komen in juridische vorm
Voorstanders van natuurrecht vinden bronnen van internationaal recht in elementaire
rechtvaardigheidsvoorschriften
Positivisten zoeken naar bewijs van staatsinstemming – art. 38 van ICJ Statuut is gebaseerd op
positivistische theorie
2.2 Artikel 38 ICJ Statuut
Dit artikel is niet exhaustief want Hof gebruikt ook andere bronnen die hier niet in vermeld zijn:
unilaterale verklaringen en ‘soft law’
Artikel maakt onderscheid tussen primaire en secundaire rechtsbronnen: