Les 1: Inleiding actoren wetgeving
Welzijn op het werk
Algemene beginselen
Diverse redenen om aan welzijn te doen:
Economisch
- Directe kosten v een arbeidsongeval: arbeidskosten (slachtoffer tijdelijk
afwezig), medische kosten, ziekenhuiskosten, arbeidsongeschiktheidskosten,
kosten voor eventuele protheses..
- Indirecte kosten v een arbeidsongeval: collega's onderbreken het werk +
begeleiden het slachtoffer, plaats ongeval (tijdelijk) niet beschikbaar,
werk/productie wordt tijdelijk stilgelegd, arbeidsongevallenonderzoek met
toezichthouders, preventieadviseur, experts.. + evt. bezoek v de arbeidsinspectie,
aangifte arbeidsongeval, materialen en goederen verloren of beschadigd, plaats v
ongeval opruimen, vervangen v het slachtoffer (evt. extra kosten: uitzendkracht),
invloed op werksfeer, imagoverlies, inkomstenverlies (bestellingen niet opgehaald)
Wettelijk
Sociaal
- Verlies (vader, moeder, partner, relatie, sport, vrije tijd, inkomen..)
- Trauma (PTSS)
- Depressie, negatieve gedachten, waarde van het leven..
Welzijn op het werk betekent dat elke werknemer zijn arbeidsdag veilig en gezond (fysiek
en psychisch) kan beëindigen.
Dat gebeurt niet vanzelf:
- Iedereen moet bereid zijn zichzelf én anderen alle leed te besparen
- Elke leidinggevende en elke medewerker moet dit doel in zijn dagelijkse
bezigheden nastreven
Arbeidsongevallen
= elk ongeval dat een werknemer tijdens en door het feit van de uitvoering van de
arbeidsovereenkomst overkomt, en dat een letsel veroorzaakt (op de werkplek of
onderweg)
Arbeidsplaatsongevallen
= een specifieke vorm van een arbeidsongeval dat plaatsvindt op de werkvloer (bv. vallen
v de trap, geraakt worden door gevallen voorwerp, snijwonde tijdens het werk)
Arbeidswegongevallen
= een ongeval dat gebeurt op het traject van of naar het werk
Beroepsziektes
= ziek worden door het werk (door bv. langdurige blootstelling aan een schadelijke
omgeving)
- Fysiek (rug, knieën, nek, schouder, polsen..)
- Stress, angst & depressie
- Somatisch (longziekte, gehoorverlies, huidontsteking)
1
,Wetgeving
Europese welzijnswetgeving
1. Europese verdragen
Leggen de doelstellingen en regels v de Europese Unie vast
- bv. Verdrag van Rome (1957): start van de Europese Economische
Gemeenschap
- bv. Verdrag van Nice: bescherming v de gezondheid en veiligheid v
WN
De verdragen worden onderhandeld en goedgekeurd door alle EU- landen
en vervolgens geratificeerd door hun parlementen, soms na een
referendum.
Om de doelstellingen v de verdragen te bereiken, kan de EU verschillende
soorten rechtshandelingen vaststellen (sommige daarvan zijn bindend,
andere niet)
- Richtlijnen
- Verordeningen
2. Europese richtlijnen
= een rechtshandeling die een bepaald doel vastlegt dat alle EU-landen moeten
bereiken
Landen/ de lidstaten mogen zelf de wetgeving vaststellen om dat doel te
bereiken
Een richtlijn moet binnen een bepaalde termijn (meestal 2 jaar) omgezet
worden in nationale regelgeving (Belgisch recht)
Een richtlijn is nooit van toepassing op een natuurlijk of rechtspersoon
binnen een land De omgezette wetgeving wel
Het grootste deel v de Europese wetgeving m.b.t. welzijn op het werk staat
in richtlijnen:
- Lidstaten kunnen strengere regels hanteren ter bescherming van
werknemers
- Wettelijke vereisten op het gebied van veiligheid en gezondheid op
het werk in de verschillende Europese lidstaten variëren
3. Europese verordeningen
= is een bindende rechtshandeling die in de hele EU rechtstreeks van toepassing is
Ze moeten niet in nationale wetgeving omgezet moeten worden
Ze zijn rechtstreeks bij publicatie of na het verloop v een overgangstermijn
van toepassing
De wetgeving is in elk land hetzelfde
Economische wetgeving Sociale wetgeving
Doel Regelen v economie, markten Beschermen en ondersteunen v
en bedrijven level playing burgers & werknemers
Focus Productie, handel, Welzijn, gelijkheid, sociale
werkgelegenheid, belastingen, zekerheid, gezondheidszorg
concurrentie
Voorbeelden Machinerichtlijn Minimumloon, pensioen, welzijn
werk
Belangrijke Fabrikanten, importeurs, Werkgevers, werknemers,
spelers overheid (economisch beleid) vakbonden, overheid (sociaal
Belgische welzijnswetgeving
1. Het ARAB
2
,= reglementaire bepalingen die voortkomen uit de Veiligheidswet (1952) en de
Welzijnswet
2. De Welzijnswet (1996)
= Basiswet v de bescherming over veiligheid en gezondheid op het werk
Welzijnsdomeinen (7) EX
Welzijn moet worden nagestreefd door maatregelen rond
1. veiligheid op het werk
2. gezondheid werknemers
3. ergonomie
4. arbeidshygiëne
5. psychosociale aspecten van het werk (pesten, me too)
6. verfraaiing van de werkplaatsen
7. de maatregelen v de onderneming inzake leefmilieu, wat betreft hun invloed op de
vorige punten
via een beleid dat gericht is op preventie (art. 4§1 Welzijnswet).
Toepassingsgebied
De Welzijnswet is van toepassing op alle WN (in privéondernemingen en bij de
overheid).
De werkgever moet voldoen aan deze wetgeving van zodra hij één werknemer
tewerkstelt.
Iedere werknemer moet op de arbeidsplaats naar zijn beste vermogen zorg dragen voor
zijn eigen veiligheid en gezondheid en deze van de andere betrokken personen.
Werknemer:
de personen die arbeid verrichten onder het gezag v een ander persoon, bv.
ambtenaren (werken in statutair verband) of vrijwilligers: geen
arbeidsovereenkomst, maar werken wel onder gezag
de personen die een beroepsopleiding volgen waarvan het studie-programma
voorziet in een vorm van arbeid die al dan niet in de opleidingsinstelling wordt
verricht
de personen verbonden door een leerovereenkomst
de stagiairs
de leerlingen en studenten die een studierichting volgen waarvan het
opleidingsprogramma voorziet in een vorm van arbeid die in de onder-
wijsinstelling wordt verricht
Werkgever: alle personen die de hierboven vermelde personen tewerkstellen
3. De codex over het welzijn op het werk
De Codex is het ‘nieuwe ARAB’ maar in een veel breder perspectief. Het is verder
ingevuld door delen v het huidige ARAB te herwerken + de Europese richtlijnen in te
voeren.
Erin staan wetteksten over het welzijn v werknemers die werden opgesteld door de
nationale overheid
4. Overige welzijnsgerelateerde wetgeving
a. Het AREI: Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties
3
, b. Tijdelijke en mobiele bouwplaatsen: veiligheid bij ontwerpfase v bouwplaats en op
bouwwerf zelf
c. CAO’s: collectieve arbeidsovereenkomst
- akkoord tussen werknemersorganisatie(s) en werkgeverorganisatie(s) of
werkgever(s)
d. SEVESO SWA: voor bedrijven met aanwezigheid v chemische stoffen
e. Milieuwetgeving met link veiligheid (Vlarem I & II)
f. Normen (geen wetgeving)
Actoren in het welzijnsbeleid
De werkgever
Hij treft de nodige maatregelen ter bevordering v het welzijn v de werknemers bij de
uitvoering v hun werk
Daartoe past hij de volgende algemene preventiebeginselen toe:
a. risico’s voorkomen
b. de evaluatie van risico’s die niet kunnen worden voorkomen
c. de bestrijding van de risico’s bij de bron
d. de vervanging van wat gevaarlijk is door dat wat niet gevaarlijk of minder
gevaarlijk is
e. voorrang aan maatregelen inzake collectieve bescherming boven maatregelen
inzake individuele bescherming
f. de aanpassing v het werk aan de mens wat betreft de inrichting v de werkposten
en de keuze v de werkuitrusting en de werk- en productiemethoden om monotone
arbeid en tempogebonden arbeid draaglijker te maken en de gevolgen daarvan
voor de gezondheid te beperken
g. zo veel mogelijk de risico’s inperken, rekening houdend met de ontwikkelingen n
de techniek
h. de risico’s op een ernstig letsel inperken door het nemen v materiële maatregelen
met voorrang op iedere andere maatregel
i. de planning v de preventie en de uitvoering v het beleid met betrekking tot het
welzijn v de werknemers bij de uitvoering v hun werk i.v.m. een
systeembenadering over: techniek, organisatie v het werk,
arbeidsomstandigheden, sociale betrekkingen, omgevingsfactoren op werk
j. de werknemer voorlichten over de aard v zijn werk, de daaraan verbonden
overblijvende risico’s en de maatregelen die erop gericht zijn deze gevaren te
voorkomen of te beperken:
- bij zijn indiensttreding
- telkens wanneer dit i.v.m. de bescherming v het welzijn noodzakelijk is
k. het verschaffen v passende instructies aan de werknemers en het vaststellen v
begeleidingsmaatregelen voor een redelijke garantie op de naleving van deze
instructies
De werkgever bepaalt
- de middelen en de wijze waarop het Welzijnsbeleid bij de uitvoering v het werk
word gevoerd
4