Samenvatting Ontwikkelingspsych 2:
Prof geeft op het einde van ieder hoofdstuk “te stellen vragen” → indien je die kunt beantwoorden, ken je je
leerstof
1. Intro en overzicht: Het kader van het levensloop perspectief
1.1. Doeleinden van ontwikkelingspsych 2
Ontwikkelingspsychologie:
• Verdeelt de levensloop in betekenisvolle periodes
• Identificeert de ontwikkelingstaken voor een bepaalde periode
o Nodig om ontwikkelingsfase te voltooien (voltooien neemt steeds langer in adolescentie, waardoor
deze fase ook steeds langer duurt)
• Maakt gebruik van het levensloop perspectief om de juiste vragen te stellen
1.1.1. Ontwikkelingstaken
1st beschreven door Robert Havinghurst in zijn “Developmental Task Theory”:
• Ontwikkelingstaken: een reeks van vaardigheden en vermogens (bekwaamheden) dat mensen
ontwikkelen doorheen hun levensloop (“Developmental tasks are the array of skills and abilities that human
beings develop across their lifetimes”)
o Ontwikkeling op een moment = biologische rijping + leren
▪ Daarom praten we over vaardigheden en vermogens → vaardigheid om dingen te doen is
mede gebaseerd op biologisch vermogen (daarnaast speelt ook omgeving etc. een rol (bv
leren lopen gebeurt sneller in Afrika, dan in een stad))
o Hangen af vd leeftijd → leeftijd definiëren periodes
Deze taken hangen af van 3 (soorten) bronnen:
1. Lichamelijke (biologische) rijping
o Rechtop leren staan, leren lopen, aanpassen aan seksuele rijping (pubertijd) of aan menopauze
(middelbare volwassenheid)
2. Individuele doelen & waarden
o Doelen die wij stellen kunnen een uitdaging stellen voor het ontwikkelingsverloop
o Keuze voor job/hobby’s, morele beslissingen
3. Culturele/maatschappelijke verwachtingen
o Leren lezen, verantwoordlelijkheid voor het milieu of de samenleving
▪ Bv miet een vrouw werken om financieel onafhankelijk te zijn van haar echtgenoot (verschillende
landen hebben verschillende meningen)
Havinghurst’s theorie slaagt de brug /bemiddelt tssn biologishe (genetisch bepaalde) facetten van ontwikkeling
en ontwikkelingsaspecten die worden gesteund/vereist door andere mensen in het leven v/e individu (dus tssn
de 3 bronnen van ontwikkelingstaken)
Tip: als we aan ontwikkelingspsychologie willen doen en willen begrijpen hoe mensen deze
ontwikkelingstaken oplossen, dan moeten we verschillende perspectieven hebben (verschillende
onderzoeksgroepen leggen nadruk op verschillende delen: Micas legt die op het culturele en sociale aspect →
levensloopperspectief legt die op brein & cognitie)
➔ 3 processen/systemen om rekening mee te houden
o Het brein (onderliggend bio proces)
o De cultuur
o De individuele en sociale cognitie
1.2. Levensloop perspectief
,Stelt de ontwikkelingstaken centraal en heeft 4 invalshoeken: ontwikkeling is...
1. Levenslang
o Probleem: Vroeger (en soms nu) werd bijna alle ontwikkeling toegeschreven aan de periodes
van geboorte tot adolescentie → men dacht dus dat ontwikkeling beperkt was tot de vroege
levensfasen → FOUT
o Wel waar: dingen die in de vroege levensfasen niet goed afgewerkt wotden (de ontwikkelingstaken
dus), kunnen problemen oproepen op latere leeftijd
2. Multidimensioneel & multidirectioneel
o Dimensies van ontwikkeling: lichamelijk, cognitief, emotioneel & sociaal
▪ Deze dimensies ontwikkelen zich niet in iedere levensfase met dezelfde snelheid (Piaget
dacht van wel) → er zijn fasen met dramatische ontwikkeling in het ene domein, maar niet
in het andere
▪ Domeinen hebben invloed op elkaar
o Traditionele opzicht tov de levensloop: de levenstrap
▪ Je groeit en groeit tot je op een piek bereikt op “middelbare leeftijd”, hierna ga je
achteruit (nog steeds veel mensen die zo denken)
o Multidimensionaliteit impliceert multidirectionalitei (bv verschullende dimensies van IQ dat op
verschillende leeftijden verschillende richtingen uit gaan)
▪ Multidirectionaliteit: ontwikkeling kan vooruit gaan, maar ook weer achteruit
3. Plastisch
= vaardigheid om te veranderen, om te leren (gedragsmatig of cognitief)
o Basisidee: we beschikken op alle leeftijden de ruimte voor veranderingen en verbeteringen
▪ Probleem: vele mensen denken dat dit niet mogelijk is
▪ Bv bij de integratie van computertechnologieën op de werkvloer werden vele mensen op
pensioen gestuurd, omdat ze zich niet konden aanpassen (zogezegd)
4. Beïnvloed door veelvoudige, interagerende krachten
o Bv bij de reacties op de menopauze zijn er verschillende krachten/factoren die meespelen
▪ Individuele verschillen
• Belang van vruchtbaarheid en attractiviteit
• Symptomen of verwachtingen ervan
▪ Veel vrouwen ervaren de menopauze als klein if geen probleem
▪ Jongere generaties aanvaarden eerder
▪ Sociale status vd ouder wordende vrouw heeft invloed op de reacties
• Hoe maatschappij staat tov de menopauze beïnvloed hoe de vrouw zich voelt
o Menopauze als bioculturele gebeurtenis
▪ Geïndustrialiseerde westerse landen
• Beschouwen het als een ziekte/medisch probleem
• Rapporteren meer symptomen en bezwaren
▪ Griekse vrouwen melden symptomen, maar kiezen ze te negeren
▪ Aziatische vrouwen bereiken piek in respect en productiviteit
• Menopauze geen belangrijke maker van middelbare leeftijd
• Melden minder symptomen
▪ Maya vrouwen baren veel kinderen
• Kijken uit nr menopauze, einde van kinderen krijgen
• Geen symptomen
o Individuele verschillen: resilience
▪ Bekwaamheid zich aan te passen aan uitdagingen en bedreigingen voor de ontwikkeling
▪ Veerkracht, weerstandigheid, wilskracht, herstellingsvermogen
• Ervaring beschouwen als controleerbaar
, • Toewijding: interesse in dagdagelijkse activiteiten
• Uitdagingen zijn normaal en kansen om te groeien
▪ Factoren
• Persoonlijkheidskenmerken
• Warme relaties ouders, sociale steun buiten familie
• Bronnen en kansen in samenleving
2. Adolescentie
2.1. Lichamelijke & emotionele ontwikkeling
2.1.1. Wat en wanneer is de adolescentie
Adolescentie = overgang tussen kindertijd & volwassenheid (van 11 tot 22jr) (Let op: er is een mismatch tssn de
wetenlijke en biologische definitie van volwassenheid: volgens de wwet ben je na 18 volwassen, biologisch gezien stopt de
adolescentie niet na 18), bestaande uit meerdere fasen (oa pubertijd).
• Puberteit = verschillende biologische gebeurtenissen die leiden tot een volwassen lichaam en seksuele
maturiteit (in de biologische betekenis); en de psychologische processen die hier parallel mee lopen
(vnl het verwerven v/e 1e identiteit)
• De rol vd verwachtingen en steun, die we krijgen vd cultuur/maatschappij/samenleving zijn zeer
belangrijk in de ontwikkelingstaken
o Adolescentie is de laatste fase waar we kunnen zeggen dat de uitdagingen & ontwikkelingsaken
over de hele wereld redelijk gelijk zijn ≠ steun & verwachtingen zijn overal hetzelfde
▪ Duur vd periode & specifieke vereisten → vb van verschillen
• Historisch gezien is de adolescentie verlengt: de ontwikkelingstaken van vandaag zijn veel complexer
dan 50jr geleden → dit is het gevolg van onze huidige geïndustrialiseerde samenleving
Opvattingen over adolescentie:
Aangezien de pubertijd de eerste fase was vd adolescentie, en ook de meest dramatische, heeft dit de mensen
in het verleden enorm beïnvloed in hun manier van denken:
• Biologisch perspectief
o Puberteit =geassocieerd met rebellie & roekeloosheid (Hall: “savages”)
o Pubertijd = biologische opschudding zorgt voor verhoogde emotionaliteit & conflict (Storm-and-
Stress-perspectief, JJ Rousseau)
o Pubertijd = genitale fase; bewustwording van seksuele impulsen ~ Freud
• Sociaal perspectief
o Tegenwoordig is alles neurowetenschappen, maar vroeger geloofde men dat de taken vd
adolescentie; en hoe de pubertijd verloop vooraal bepaald werden door sociale en culturele
invloeden
o Over de tijd verandert wat er wordt beklemtoont in de samenleving: vroeger werd er op een
andere manier naar adolescentie gekeken dan nu (vb: de leeftijd waarop je alleen gaat wonen,
kinderen krijgt, etc.)
o Sociale en culturele invloeden; ruime interindividuele en bepaalde interculturele verschillen (M.
Mead)
• Social-Cognitive Neurosciences
o Ze beschouwen de adolescentie al seen ontwikkelingsperiode gekenmerkt door suboptimale
beslissingen & gedrag, dat Meestal leidt tot een enorm gestegen hoeveelheid incidentie van
kwetsingen/blessures, geweld, drugsmisbruik, ... .
▪ De uitdagingen vd adolescentie zijn vergelijkbaar tssn verschillende landen, maar als je
kijkt vanuit ons historisch perspectief op de veranderingen, blijven er veel vragen
Ontwikkelingstaken vd adolescentie:
, • Centrale uitdagingen: Psychologische adaptatie aan (aanvaarding van) fysieke veranderingen
(volgroeid/volwassen lichaam, onevenwichtigheid)
• Leren mannelijke of vrouwelijke sociale rol in te vullen
o Verbonden met de lichamelijke veranderingen
▪ Bv oude man dat plots interesse heeft in jong meisje omdat ze borsten heeft
• Verwerven van volwassen manieren van denken (bv. hypothetisch-deductief redeneren)
• Bereiken van emotionele en economische onafhankelijkheid (t.o.v. ouders).
o Dag van vandaag op 18-20jr NIET meer economisch onafhankelijk → historische verandering
• Ouders hebben minder invloed omdat peers belangrijker worden.
o Omgaan met leeftijdsgenoten krijgt andere kwaliteit (bv in de kindertijd is er een “beste vriendin”,
maar in de adolescentie kan dat niet meer je beste vriendin zijn)
o Vrouwen hebben hechtere, maar kortere vriendschapsrelaties
• Ontwikkeling van meer volwassen manieren van omgaan met leeftijdsgenoten van beide geslachten
• Verwerven van waarden en een ethisch kader voor gedrag
• Identiteitsconstructie (veilig gevoel van ‘zelf’ in seksuele, morele en maatschappelijke termen)
Doel vd les: begrijpen wat de ontwikkelingstaken zijn & welke cognitieve, lichamelijke en sociale processen zijn
onderliggen
3 fasen vd adolescentie:
Vroeg 11/12-14jr Snelle puberale veranderingen met hormoongedreven lichamelijke- &
hersenontwikkeling
Midden 14-16jr Pubertijd bijna voltooid
Laat 16-18jr Volledig volwassen uiterlijk + Anticipatie van volwassen rollen
➔ Let op tijdens de pubertijd zijn er veel verschillen (tssn jongen en meisjes, tssn individuen vh zelfde
geslacht...)
2.1.2. Veranderingen tijdens de pubertijd
Hormonale veranderingen tijdens pubertijd:
De snelle lichamelijke verandering uit de pubertijd is hormonaal gedreven. De aanmaak van deze hormonen
wordt gedreven door een genetische blueprint/genetische processen die al vanaf 8-9jr groeihormoon &
thyroxine gaan aanmaken. Het duur 2jr voor deze hormonen voor veranderingen in het lichaam gaan zorgen.
• Meisjes bereiken de pubertijd gemiddeld 2jr vroeger
• Er zijn 2 soorten veranderingen
o Algemene groei van het lichaam
o Maturatie van seksuele kenmerken
• De geslachtshormonen dat onderliggend zijn aan onze veranderingen verschillen niet in type, maar in
hoeveelheid: zowel oestrogeen als testosteron is in zowel meisjes, als jongens aanwezig, gewoon in
andere hoeveelheden
o Oestrogeen
▪ Meer bij meisjes
▪ Eierstokken geven oestrogeen vrij
▪ Bijnieren geven oestrogeen vrij
o Androgeen (oa testosteron)
▪ Meer bij jongens
▪ Testikels geven grote hoeveelheden testosteron vrij (maar ook kleine hoeveelheden
oestrogeen)
▪ Oestrogeen verhoogt GH-productie bij jongens en meisjes (vroeger)
• Groiehormoon zorgt dat je groeit, productie neemt af rond 15 voor jongens en
ten laatste rond 15 voor meisjes
Prof geeft op het einde van ieder hoofdstuk “te stellen vragen” → indien je die kunt beantwoorden, ken je je
leerstof
1. Intro en overzicht: Het kader van het levensloop perspectief
1.1. Doeleinden van ontwikkelingspsych 2
Ontwikkelingspsychologie:
• Verdeelt de levensloop in betekenisvolle periodes
• Identificeert de ontwikkelingstaken voor een bepaalde periode
o Nodig om ontwikkelingsfase te voltooien (voltooien neemt steeds langer in adolescentie, waardoor
deze fase ook steeds langer duurt)
• Maakt gebruik van het levensloop perspectief om de juiste vragen te stellen
1.1.1. Ontwikkelingstaken
1st beschreven door Robert Havinghurst in zijn “Developmental Task Theory”:
• Ontwikkelingstaken: een reeks van vaardigheden en vermogens (bekwaamheden) dat mensen
ontwikkelen doorheen hun levensloop (“Developmental tasks are the array of skills and abilities that human
beings develop across their lifetimes”)
o Ontwikkeling op een moment = biologische rijping + leren
▪ Daarom praten we over vaardigheden en vermogens → vaardigheid om dingen te doen is
mede gebaseerd op biologisch vermogen (daarnaast speelt ook omgeving etc. een rol (bv
leren lopen gebeurt sneller in Afrika, dan in een stad))
o Hangen af vd leeftijd → leeftijd definiëren periodes
Deze taken hangen af van 3 (soorten) bronnen:
1. Lichamelijke (biologische) rijping
o Rechtop leren staan, leren lopen, aanpassen aan seksuele rijping (pubertijd) of aan menopauze
(middelbare volwassenheid)
2. Individuele doelen & waarden
o Doelen die wij stellen kunnen een uitdaging stellen voor het ontwikkelingsverloop
o Keuze voor job/hobby’s, morele beslissingen
3. Culturele/maatschappelijke verwachtingen
o Leren lezen, verantwoordlelijkheid voor het milieu of de samenleving
▪ Bv miet een vrouw werken om financieel onafhankelijk te zijn van haar echtgenoot (verschillende
landen hebben verschillende meningen)
Havinghurst’s theorie slaagt de brug /bemiddelt tssn biologishe (genetisch bepaalde) facetten van ontwikkeling
en ontwikkelingsaspecten die worden gesteund/vereist door andere mensen in het leven v/e individu (dus tssn
de 3 bronnen van ontwikkelingstaken)
Tip: als we aan ontwikkelingspsychologie willen doen en willen begrijpen hoe mensen deze
ontwikkelingstaken oplossen, dan moeten we verschillende perspectieven hebben (verschillende
onderzoeksgroepen leggen nadruk op verschillende delen: Micas legt die op het culturele en sociale aspect →
levensloopperspectief legt die op brein & cognitie)
➔ 3 processen/systemen om rekening mee te houden
o Het brein (onderliggend bio proces)
o De cultuur
o De individuele en sociale cognitie
1.2. Levensloop perspectief
,Stelt de ontwikkelingstaken centraal en heeft 4 invalshoeken: ontwikkeling is...
1. Levenslang
o Probleem: Vroeger (en soms nu) werd bijna alle ontwikkeling toegeschreven aan de periodes
van geboorte tot adolescentie → men dacht dus dat ontwikkeling beperkt was tot de vroege
levensfasen → FOUT
o Wel waar: dingen die in de vroege levensfasen niet goed afgewerkt wotden (de ontwikkelingstaken
dus), kunnen problemen oproepen op latere leeftijd
2. Multidimensioneel & multidirectioneel
o Dimensies van ontwikkeling: lichamelijk, cognitief, emotioneel & sociaal
▪ Deze dimensies ontwikkelen zich niet in iedere levensfase met dezelfde snelheid (Piaget
dacht van wel) → er zijn fasen met dramatische ontwikkeling in het ene domein, maar niet
in het andere
▪ Domeinen hebben invloed op elkaar
o Traditionele opzicht tov de levensloop: de levenstrap
▪ Je groeit en groeit tot je op een piek bereikt op “middelbare leeftijd”, hierna ga je
achteruit (nog steeds veel mensen die zo denken)
o Multidimensionaliteit impliceert multidirectionalitei (bv verschullende dimensies van IQ dat op
verschillende leeftijden verschillende richtingen uit gaan)
▪ Multidirectionaliteit: ontwikkeling kan vooruit gaan, maar ook weer achteruit
3. Plastisch
= vaardigheid om te veranderen, om te leren (gedragsmatig of cognitief)
o Basisidee: we beschikken op alle leeftijden de ruimte voor veranderingen en verbeteringen
▪ Probleem: vele mensen denken dat dit niet mogelijk is
▪ Bv bij de integratie van computertechnologieën op de werkvloer werden vele mensen op
pensioen gestuurd, omdat ze zich niet konden aanpassen (zogezegd)
4. Beïnvloed door veelvoudige, interagerende krachten
o Bv bij de reacties op de menopauze zijn er verschillende krachten/factoren die meespelen
▪ Individuele verschillen
• Belang van vruchtbaarheid en attractiviteit
• Symptomen of verwachtingen ervan
▪ Veel vrouwen ervaren de menopauze als klein if geen probleem
▪ Jongere generaties aanvaarden eerder
▪ Sociale status vd ouder wordende vrouw heeft invloed op de reacties
• Hoe maatschappij staat tov de menopauze beïnvloed hoe de vrouw zich voelt
o Menopauze als bioculturele gebeurtenis
▪ Geïndustrialiseerde westerse landen
• Beschouwen het als een ziekte/medisch probleem
• Rapporteren meer symptomen en bezwaren
▪ Griekse vrouwen melden symptomen, maar kiezen ze te negeren
▪ Aziatische vrouwen bereiken piek in respect en productiviteit
• Menopauze geen belangrijke maker van middelbare leeftijd
• Melden minder symptomen
▪ Maya vrouwen baren veel kinderen
• Kijken uit nr menopauze, einde van kinderen krijgen
• Geen symptomen
o Individuele verschillen: resilience
▪ Bekwaamheid zich aan te passen aan uitdagingen en bedreigingen voor de ontwikkeling
▪ Veerkracht, weerstandigheid, wilskracht, herstellingsvermogen
• Ervaring beschouwen als controleerbaar
, • Toewijding: interesse in dagdagelijkse activiteiten
• Uitdagingen zijn normaal en kansen om te groeien
▪ Factoren
• Persoonlijkheidskenmerken
• Warme relaties ouders, sociale steun buiten familie
• Bronnen en kansen in samenleving
2. Adolescentie
2.1. Lichamelijke & emotionele ontwikkeling
2.1.1. Wat en wanneer is de adolescentie
Adolescentie = overgang tussen kindertijd & volwassenheid (van 11 tot 22jr) (Let op: er is een mismatch tssn de
wetenlijke en biologische definitie van volwassenheid: volgens de wwet ben je na 18 volwassen, biologisch gezien stopt de
adolescentie niet na 18), bestaande uit meerdere fasen (oa pubertijd).
• Puberteit = verschillende biologische gebeurtenissen die leiden tot een volwassen lichaam en seksuele
maturiteit (in de biologische betekenis); en de psychologische processen die hier parallel mee lopen
(vnl het verwerven v/e 1e identiteit)
• De rol vd verwachtingen en steun, die we krijgen vd cultuur/maatschappij/samenleving zijn zeer
belangrijk in de ontwikkelingstaken
o Adolescentie is de laatste fase waar we kunnen zeggen dat de uitdagingen & ontwikkelingsaken
over de hele wereld redelijk gelijk zijn ≠ steun & verwachtingen zijn overal hetzelfde
▪ Duur vd periode & specifieke vereisten → vb van verschillen
• Historisch gezien is de adolescentie verlengt: de ontwikkelingstaken van vandaag zijn veel complexer
dan 50jr geleden → dit is het gevolg van onze huidige geïndustrialiseerde samenleving
Opvattingen over adolescentie:
Aangezien de pubertijd de eerste fase was vd adolescentie, en ook de meest dramatische, heeft dit de mensen
in het verleden enorm beïnvloed in hun manier van denken:
• Biologisch perspectief
o Puberteit =geassocieerd met rebellie & roekeloosheid (Hall: “savages”)
o Pubertijd = biologische opschudding zorgt voor verhoogde emotionaliteit & conflict (Storm-and-
Stress-perspectief, JJ Rousseau)
o Pubertijd = genitale fase; bewustwording van seksuele impulsen ~ Freud
• Sociaal perspectief
o Tegenwoordig is alles neurowetenschappen, maar vroeger geloofde men dat de taken vd
adolescentie; en hoe de pubertijd verloop vooraal bepaald werden door sociale en culturele
invloeden
o Over de tijd verandert wat er wordt beklemtoont in de samenleving: vroeger werd er op een
andere manier naar adolescentie gekeken dan nu (vb: de leeftijd waarop je alleen gaat wonen,
kinderen krijgt, etc.)
o Sociale en culturele invloeden; ruime interindividuele en bepaalde interculturele verschillen (M.
Mead)
• Social-Cognitive Neurosciences
o Ze beschouwen de adolescentie al seen ontwikkelingsperiode gekenmerkt door suboptimale
beslissingen & gedrag, dat Meestal leidt tot een enorm gestegen hoeveelheid incidentie van
kwetsingen/blessures, geweld, drugsmisbruik, ... .
▪ De uitdagingen vd adolescentie zijn vergelijkbaar tssn verschillende landen, maar als je
kijkt vanuit ons historisch perspectief op de veranderingen, blijven er veel vragen
Ontwikkelingstaken vd adolescentie:
, • Centrale uitdagingen: Psychologische adaptatie aan (aanvaarding van) fysieke veranderingen
(volgroeid/volwassen lichaam, onevenwichtigheid)
• Leren mannelijke of vrouwelijke sociale rol in te vullen
o Verbonden met de lichamelijke veranderingen
▪ Bv oude man dat plots interesse heeft in jong meisje omdat ze borsten heeft
• Verwerven van volwassen manieren van denken (bv. hypothetisch-deductief redeneren)
• Bereiken van emotionele en economische onafhankelijkheid (t.o.v. ouders).
o Dag van vandaag op 18-20jr NIET meer economisch onafhankelijk → historische verandering
• Ouders hebben minder invloed omdat peers belangrijker worden.
o Omgaan met leeftijdsgenoten krijgt andere kwaliteit (bv in de kindertijd is er een “beste vriendin”,
maar in de adolescentie kan dat niet meer je beste vriendin zijn)
o Vrouwen hebben hechtere, maar kortere vriendschapsrelaties
• Ontwikkeling van meer volwassen manieren van omgaan met leeftijdsgenoten van beide geslachten
• Verwerven van waarden en een ethisch kader voor gedrag
• Identiteitsconstructie (veilig gevoel van ‘zelf’ in seksuele, morele en maatschappelijke termen)
Doel vd les: begrijpen wat de ontwikkelingstaken zijn & welke cognitieve, lichamelijke en sociale processen zijn
onderliggen
3 fasen vd adolescentie:
Vroeg 11/12-14jr Snelle puberale veranderingen met hormoongedreven lichamelijke- &
hersenontwikkeling
Midden 14-16jr Pubertijd bijna voltooid
Laat 16-18jr Volledig volwassen uiterlijk + Anticipatie van volwassen rollen
➔ Let op tijdens de pubertijd zijn er veel verschillen (tssn jongen en meisjes, tssn individuen vh zelfde
geslacht...)
2.1.2. Veranderingen tijdens de pubertijd
Hormonale veranderingen tijdens pubertijd:
De snelle lichamelijke verandering uit de pubertijd is hormonaal gedreven. De aanmaak van deze hormonen
wordt gedreven door een genetische blueprint/genetische processen die al vanaf 8-9jr groeihormoon &
thyroxine gaan aanmaken. Het duur 2jr voor deze hormonen voor veranderingen in het lichaam gaan zorgen.
• Meisjes bereiken de pubertijd gemiddeld 2jr vroeger
• Er zijn 2 soorten veranderingen
o Algemene groei van het lichaam
o Maturatie van seksuele kenmerken
• De geslachtshormonen dat onderliggend zijn aan onze veranderingen verschillen niet in type, maar in
hoeveelheid: zowel oestrogeen als testosteron is in zowel meisjes, als jongens aanwezig, gewoon in
andere hoeveelheden
o Oestrogeen
▪ Meer bij meisjes
▪ Eierstokken geven oestrogeen vrij
▪ Bijnieren geven oestrogeen vrij
o Androgeen (oa testosteron)
▪ Meer bij jongens
▪ Testikels geven grote hoeveelheden testosteron vrij (maar ook kleine hoeveelheden
oestrogeen)
▪ Oestrogeen verhoogt GH-productie bij jongens en meisjes (vroeger)
• Groiehormoon zorgt dat je groeit, productie neemt af rond 15 voor jongens en
ten laatste rond 15 voor meisjes