ALTERNATIEVE CONFLICTOPLOSSING
2025-2026.
Les 1: 23/09
THEMA 1: Inleiding
Overzicht Thema 1: ACO – Inleiding
1) Wat is het vak ACO?
̶ Wie zijn wij?
̶ Leerstof
̶ Evaluatie
̶ Werkwijze
2) Wat is ACO?
̶ Terminologie
̶ Indeling
̶ Belang voor masterstudenten rechten
Leerstof: Vier thema’s
1) Wat is ACO? (les 1)
2) Tussenpartijdige ACO (lessen 2-7)
3) Bovenpartijdige ACO (lessen 7-9)
4) Toekomst van geschiloplossing (weken 10-11)
5) Boostersessie op 11 december
Examen
̶ Examen (80%):
̶ Schriftelijk, gesloten boek, maar niet-geannoteerde wetteksten toegelaten
̶ Open vragen, Meerkeuzevragen, Casus
̶ Werkstuk (20%): Thema 4: Weken 11 en 12 (indiendatum 11 december
1
,WAT IS ACO?
Terminologie
Alternatieve Conflict Oplossing
1) Alternatief betekent: anders dan klassiek.
Eerste definitie: alternatief = buiten de rechtbank (wegens minder tijdrovend, kostelijk, …)
De normale weg voor conflictoplossing is de rechtbank. Daarom verwijst alternatieve
conflictoplossing naar methodes buiten de rechtbank (out-of-court dispute resolution), omdat
deze vaak minder tijdrovend en kostelijk zijn. In het Engels spreekt men over alternative dispute
resolution.
Hieronder vallen:
• Bemiddeling: de partijen komen zelf tot een oplossing onder begeleiding van een
bemiddelaar.
• Arbitrage: een panel van arbiters treedt op zoals een rechter, maar wordt aangesteld en
betaald door de partijen zelf, en niet door de overheid. Hier wordt de oplossing
opgelegd.
• Bindende derdenbeslissing: vooral feitengerichte thema’s, minder juridische kwesties.
• Collaboratief onderhandelen: de partijen proberen samen met hun collaboratief-
advocaat tot een oplossing te komen met focus op belangen, net zoals bij bemiddeling.
Een minnelijke schikking daarentegen vindt plaats binnen de rechtbank en wordt ondernomen
door de rechter. Dit is wél een vorm van alternatieve conflictoplossing in ruime zin, maar valt
niet onder de strikte “out-of-court” definitie.
Tweede definitie: alternatief = anders dan het adversariële strijdmodel (wegens
relatieduurzaamheid). Dit houdt in dat men niet kiest voor een win-lose benadering, maar eerder
voor een win-win oplossing, met respect voor elkaars belangen en gericht op
relatieduurzaamheid. Hieronder vallen onder andere bemiddeling, collaboratief onderhandelen,
minnelijke schikking en verzoening. Niet onder deze categorie vallen arbitrage en bindende
derdenbeslissing, aangezien daar eerder een opgelegde beslissing geldt.
Alternatief voor ons: Appropriate
Voor ons betekent “alternatief” eerder “appropriate”. Vandaar ook de nadruk op Appropriate
Dispute Resolution in plaats van Alternative Dispute Resolution. Het vertrekpunt in het vak ACO
is dus niet zozeer de tegenstelling tot de klassieke gerechtelijke procedure, maar de aandacht
voor de noden van partijen, het conflict en de context.
Conflictoplossing is maatwerk: we moeten telkens kijken naar wat het meest geschikt is voor de
betrokken partijen. Factoren zoals de relatie tussen partijen (bijvoorbeeld familie), culturele
2
,gevoeligheden of de gewenste snelheid spelen hierbij een rol. De kernvraag is: “Wat is de beste
en meest geschikte oplossing voor deze partijen?” Soms kan dat nog steeds een
rechtbankprocedure zijn, maar vaak zal een andere vorm van conflictoplossing meer aansluiten
bij de situatie.
2) Conflict
Cruciaal concept
Een goed begrip van het begrip conflict is essentieel, omdat dit leidt tot
een appropriate oplossing.
Conflict versus geschil
Er bestaat een belangrijk onderscheid tussen conflict en geschil. Het begrip geschil is een
typische juridische term, terwijl conflict een ruimer concept omvat. Juristen spreken meestal
over een geschil wanneer het gaat om het juridische luik: rechten, plichten en de formele
procedure.
Een conflict daarentegen gaat verder: het omvat niet alleen de juridische rechten en
verplichtingen, maar ook de onderliggende oorzaken en bredere relationele of contextuele
spanningen. (zie meer in de lessen van prof. Bollen: wat is conflict)
Terminologie: AConflictO versus ADisputeR
De terminologische keuze is niet onbelangrijk. Alternative/Appropriate Conflict
Resolution versus Alternative/Appropriate Dispute Resolution brengt een nuance:
• Bij conflict ligt de nadruk op het geheel van spanningen en oorzaken.
• Bij dispute gaat het meer om het juridisch-technische geschil.
Daarom speelt ook de psychologie een rol: conflicten hebben vaak een emotionele of
relationele dimensie die niet louter juridisch kan worden opgelost.
Bestaande conflicten en aanpak
Wij richten ons hoofdzakelijk op bestaande conflicten en dus op conflictoplossing, niet op
conflictpreventie. Toch kan conflictpreventie ook een rol spelen, bijvoorbeeld via Dispute
Boards bij bouwprojecten. Deze permanente organen worden ingesteld om conflicten te
voorkomen of vroegtijdig op te vangen.
Tussenpartijdig versus bovenpartijdig
In de omgang met conflicten is het relevant om stil te staan bij de rol van de betrokken actoren.
Er kan sprake zijn van tussenpartijdigheid of bovenpartijdigheid. Deze rolopvatting beïnvloedt
mee hoe men tot een gepaste oplossing kan komen.
3) Oplossing
Het begrip oplossing moet breed worden begrepen,
- Meer dan enkel ‘beslechten’
Traditioneel ligt de nadruk in het procesrecht vaak op beslechten door een derde,
3
, bijvoorbeeld een rechter of arbiter. “Beslechten” gaat echter over het opleggen van een
oplossing, waarbij de partijen zelf minder inspraak hebben.
- Meer dan enkel onderhandelen of bemiddelen
Ook eenzijdige focus op onderhandelen en bemiddelen – dus oplossingen die partijen
zelf zoeken – is te beperkt
Bij ACO wordt conflictoplossing dus ruimer opgevat: niet enkel door een derde die beslist, en
niet enkel door partijen die onderhandelen, maar door te zoeken naar een appropriatede
aanpak op maat. Het gaat om het vinden van de meest geschikte manier om een conflict aan te
pakken, afhankelijk van de noden van partijen, de context en de aard van het geschil.
Indeling
̶ Participatieve of tussenpartijdige conflictoplossing
▪ Ook wel ‘niet-bindende’ of ‘consensuele’ ACO
̶ Adversariële of bovenpartijdige conflictbeslechting
▪ Ook wel ‘bindende’ of ‘adjudicerende’ ACO
̶ Zuivere tweedeling?
(‘Wat is communicatie’? / ‘Wat is onderhandelen? Zie lessen Prof. Bollen).
Tussenpartijdig (participtief) versus bovenpartijdig (adversarieel)
Het is belangrijk onderscheid te maken tussen tussenpartijdig en bovenpartijdig.
• Tussenpartijdig: de focus ligt bij de partijen zelf; de oplossing komt van hen en speelt
zich af tussen de partijen. De rol van de begeleider is het proces ondersteunen, maar
niet beslissen.
• Bovenpartijdig: hierbij neemt een derde een positie boven de partijen in en kan
eventueel een bindende beslissing opleggen (zoals een rechter of arbiter).
Het onderscheid heeft niet alleen effect op de werkverhouding, maar ook op de toegang tot de
rechter. Bij tussenpartijdige/conflictoplossing blijft die toegang in principe open, terwijl
bovenpartijdige beslissingen vaak tijdelijk of definitief een alternatief vormen voor de
rechtbankprocedure.
1) Participatieve of tussenpartijdige conflictoplossing
Beslissingsautonomie
Bij participatieve of tussenpartijdige conflictoplossing ligt de beslissingsautonomie volledig
bij de partijen. Zij bepalen zelf of een oplossing voor hen geschikt is of niet. Het is dus een vorm
van niet-bindende of consensuele conflictoplossing: lukt het niet om tot een oplossing te
komen, dan behouden partijen altijd toegang tot de rechter.
Doelstelling en aanpak
Het objectief is win-win: de “taart” zo groot mogelijk maken zodat beide partijen er beter
uitkomen. Hierbij staat het onderzoek van belangen centraal. Achter elk standpunt zit een
4
2025-2026.
Les 1: 23/09
THEMA 1: Inleiding
Overzicht Thema 1: ACO – Inleiding
1) Wat is het vak ACO?
̶ Wie zijn wij?
̶ Leerstof
̶ Evaluatie
̶ Werkwijze
2) Wat is ACO?
̶ Terminologie
̶ Indeling
̶ Belang voor masterstudenten rechten
Leerstof: Vier thema’s
1) Wat is ACO? (les 1)
2) Tussenpartijdige ACO (lessen 2-7)
3) Bovenpartijdige ACO (lessen 7-9)
4) Toekomst van geschiloplossing (weken 10-11)
5) Boostersessie op 11 december
Examen
̶ Examen (80%):
̶ Schriftelijk, gesloten boek, maar niet-geannoteerde wetteksten toegelaten
̶ Open vragen, Meerkeuzevragen, Casus
̶ Werkstuk (20%): Thema 4: Weken 11 en 12 (indiendatum 11 december
1
,WAT IS ACO?
Terminologie
Alternatieve Conflict Oplossing
1) Alternatief betekent: anders dan klassiek.
Eerste definitie: alternatief = buiten de rechtbank (wegens minder tijdrovend, kostelijk, …)
De normale weg voor conflictoplossing is de rechtbank. Daarom verwijst alternatieve
conflictoplossing naar methodes buiten de rechtbank (out-of-court dispute resolution), omdat
deze vaak minder tijdrovend en kostelijk zijn. In het Engels spreekt men over alternative dispute
resolution.
Hieronder vallen:
• Bemiddeling: de partijen komen zelf tot een oplossing onder begeleiding van een
bemiddelaar.
• Arbitrage: een panel van arbiters treedt op zoals een rechter, maar wordt aangesteld en
betaald door de partijen zelf, en niet door de overheid. Hier wordt de oplossing
opgelegd.
• Bindende derdenbeslissing: vooral feitengerichte thema’s, minder juridische kwesties.
• Collaboratief onderhandelen: de partijen proberen samen met hun collaboratief-
advocaat tot een oplossing te komen met focus op belangen, net zoals bij bemiddeling.
Een minnelijke schikking daarentegen vindt plaats binnen de rechtbank en wordt ondernomen
door de rechter. Dit is wél een vorm van alternatieve conflictoplossing in ruime zin, maar valt
niet onder de strikte “out-of-court” definitie.
Tweede definitie: alternatief = anders dan het adversariële strijdmodel (wegens
relatieduurzaamheid). Dit houdt in dat men niet kiest voor een win-lose benadering, maar eerder
voor een win-win oplossing, met respect voor elkaars belangen en gericht op
relatieduurzaamheid. Hieronder vallen onder andere bemiddeling, collaboratief onderhandelen,
minnelijke schikking en verzoening. Niet onder deze categorie vallen arbitrage en bindende
derdenbeslissing, aangezien daar eerder een opgelegde beslissing geldt.
Alternatief voor ons: Appropriate
Voor ons betekent “alternatief” eerder “appropriate”. Vandaar ook de nadruk op Appropriate
Dispute Resolution in plaats van Alternative Dispute Resolution. Het vertrekpunt in het vak ACO
is dus niet zozeer de tegenstelling tot de klassieke gerechtelijke procedure, maar de aandacht
voor de noden van partijen, het conflict en de context.
Conflictoplossing is maatwerk: we moeten telkens kijken naar wat het meest geschikt is voor de
betrokken partijen. Factoren zoals de relatie tussen partijen (bijvoorbeeld familie), culturele
2
,gevoeligheden of de gewenste snelheid spelen hierbij een rol. De kernvraag is: “Wat is de beste
en meest geschikte oplossing voor deze partijen?” Soms kan dat nog steeds een
rechtbankprocedure zijn, maar vaak zal een andere vorm van conflictoplossing meer aansluiten
bij de situatie.
2) Conflict
Cruciaal concept
Een goed begrip van het begrip conflict is essentieel, omdat dit leidt tot
een appropriate oplossing.
Conflict versus geschil
Er bestaat een belangrijk onderscheid tussen conflict en geschil. Het begrip geschil is een
typische juridische term, terwijl conflict een ruimer concept omvat. Juristen spreken meestal
over een geschil wanneer het gaat om het juridische luik: rechten, plichten en de formele
procedure.
Een conflict daarentegen gaat verder: het omvat niet alleen de juridische rechten en
verplichtingen, maar ook de onderliggende oorzaken en bredere relationele of contextuele
spanningen. (zie meer in de lessen van prof. Bollen: wat is conflict)
Terminologie: AConflictO versus ADisputeR
De terminologische keuze is niet onbelangrijk. Alternative/Appropriate Conflict
Resolution versus Alternative/Appropriate Dispute Resolution brengt een nuance:
• Bij conflict ligt de nadruk op het geheel van spanningen en oorzaken.
• Bij dispute gaat het meer om het juridisch-technische geschil.
Daarom speelt ook de psychologie een rol: conflicten hebben vaak een emotionele of
relationele dimensie die niet louter juridisch kan worden opgelost.
Bestaande conflicten en aanpak
Wij richten ons hoofdzakelijk op bestaande conflicten en dus op conflictoplossing, niet op
conflictpreventie. Toch kan conflictpreventie ook een rol spelen, bijvoorbeeld via Dispute
Boards bij bouwprojecten. Deze permanente organen worden ingesteld om conflicten te
voorkomen of vroegtijdig op te vangen.
Tussenpartijdig versus bovenpartijdig
In de omgang met conflicten is het relevant om stil te staan bij de rol van de betrokken actoren.
Er kan sprake zijn van tussenpartijdigheid of bovenpartijdigheid. Deze rolopvatting beïnvloedt
mee hoe men tot een gepaste oplossing kan komen.
3) Oplossing
Het begrip oplossing moet breed worden begrepen,
- Meer dan enkel ‘beslechten’
Traditioneel ligt de nadruk in het procesrecht vaak op beslechten door een derde,
3
, bijvoorbeeld een rechter of arbiter. “Beslechten” gaat echter over het opleggen van een
oplossing, waarbij de partijen zelf minder inspraak hebben.
- Meer dan enkel onderhandelen of bemiddelen
Ook eenzijdige focus op onderhandelen en bemiddelen – dus oplossingen die partijen
zelf zoeken – is te beperkt
Bij ACO wordt conflictoplossing dus ruimer opgevat: niet enkel door een derde die beslist, en
niet enkel door partijen die onderhandelen, maar door te zoeken naar een appropriatede
aanpak op maat. Het gaat om het vinden van de meest geschikte manier om een conflict aan te
pakken, afhankelijk van de noden van partijen, de context en de aard van het geschil.
Indeling
̶ Participatieve of tussenpartijdige conflictoplossing
▪ Ook wel ‘niet-bindende’ of ‘consensuele’ ACO
̶ Adversariële of bovenpartijdige conflictbeslechting
▪ Ook wel ‘bindende’ of ‘adjudicerende’ ACO
̶ Zuivere tweedeling?
(‘Wat is communicatie’? / ‘Wat is onderhandelen? Zie lessen Prof. Bollen).
Tussenpartijdig (participtief) versus bovenpartijdig (adversarieel)
Het is belangrijk onderscheid te maken tussen tussenpartijdig en bovenpartijdig.
• Tussenpartijdig: de focus ligt bij de partijen zelf; de oplossing komt van hen en speelt
zich af tussen de partijen. De rol van de begeleider is het proces ondersteunen, maar
niet beslissen.
• Bovenpartijdig: hierbij neemt een derde een positie boven de partijen in en kan
eventueel een bindende beslissing opleggen (zoals een rechter of arbiter).
Het onderscheid heeft niet alleen effect op de werkverhouding, maar ook op de toegang tot de
rechter. Bij tussenpartijdige/conflictoplossing blijft die toegang in principe open, terwijl
bovenpartijdige beslissingen vaak tijdelijk of definitief een alternatief vormen voor de
rechtbankprocedure.
1) Participatieve of tussenpartijdige conflictoplossing
Beslissingsautonomie
Bij participatieve of tussenpartijdige conflictoplossing ligt de beslissingsautonomie volledig
bij de partijen. Zij bepalen zelf of een oplossing voor hen geschikt is of niet. Het is dus een vorm
van niet-bindende of consensuele conflictoplossing: lukt het niet om tot een oplossing te
komen, dan behouden partijen altijd toegang tot de rechter.
Doelstelling en aanpak
Het objectief is win-win: de “taart” zo groot mogelijk maken zodat beide partijen er beter
uitkomen. Hierbij staat het onderzoek van belangen centraal. Achter elk standpunt zit een
4