Begrippenlijst
1. Mattheüs effect
Vaak voorkomende vorm van onrechtvaardigheid.
Wie al heeft, krijgt nog meer - Wie weinig heeft zal dat weinige verliezen.
Het zijn sociaal bedoelde middelen om de zwakste te helpen, maar de midden/hoge klasse
gaat ermee lopen.
Vb.: Studiebeurs
Zij die het langst studeren , krijgen de meeste studiebeurs. Armen gaan vaak z.s.m.
werken.
Sociale woningen
Armste geraken niet snel aan een sociale woning.
2. Thomas Theorema
If men define situations as real, they are real in their consequences.
Als mensen een situatie als waar beoordelen, dan worden die echt in hun gevolgen.
De mens creëert zijn eigen realiteit. Als we zeggen dat het zo is, zal het ook zo worden.
Vb.: Kind
Als een kind denkt dat er een geest onder zijn bed zit, dan zal hij erdoor
wakker blijven.
Placebo-effect
Medicijn met niets in, gaat mensen toch beter maken, omdat ze dat denken.
Vooroordelen
Self-fulfilling prophecy
(R.K. Merton)
Een zichzelf-waarmakende-voorspelling.
De situatie wordt in het begin wel degelijk foutief gedefinieerd. Door onze reactie op de
foutieve definitie veranderen we de situatie, zodat ze uiteindelijk wel beantwoordt aan de
definitie.
Normaal gezien wordt de definitie aangepast aan de situatie.
Hier wordt de situatie aangepast aan de definitie.
Vb.: Faalangst
Je kan het eigenlijk, maar door een heleboel redenen ben je onrustig, onzeker en
bang. Je denkt “Ik ga dat niet kunnen”. Die definitie is fout. gedrag veranderd.
3. Political correctness
Iets niet zeggen of niet doen, uit angst te worden beschuldigd van discriminatie of racisme. Een
houding die je aanneemt omdat je niemand wil kwetsen.
Vb.: Negers
We noemen hen afro-amerikanen.
Gehandicapten
We noemen hen mensen met een beperking.
4. Institutie
Een gestandaardiseerd (bij veel mensen hetzelfde) interactiepatroon tussen (grote groepen) mensen,
groepen en organisaties.
1
1. Mattheüs effect
Vaak voorkomende vorm van onrechtvaardigheid.
Wie al heeft, krijgt nog meer - Wie weinig heeft zal dat weinige verliezen.
Het zijn sociaal bedoelde middelen om de zwakste te helpen, maar de midden/hoge klasse
gaat ermee lopen.
Vb.: Studiebeurs
Zij die het langst studeren , krijgen de meeste studiebeurs. Armen gaan vaak z.s.m.
werken.
Sociale woningen
Armste geraken niet snel aan een sociale woning.
2. Thomas Theorema
If men define situations as real, they are real in their consequences.
Als mensen een situatie als waar beoordelen, dan worden die echt in hun gevolgen.
De mens creëert zijn eigen realiteit. Als we zeggen dat het zo is, zal het ook zo worden.
Vb.: Kind
Als een kind denkt dat er een geest onder zijn bed zit, dan zal hij erdoor
wakker blijven.
Placebo-effect
Medicijn met niets in, gaat mensen toch beter maken, omdat ze dat denken.
Vooroordelen
Self-fulfilling prophecy
(R.K. Merton)
Een zichzelf-waarmakende-voorspelling.
De situatie wordt in het begin wel degelijk foutief gedefinieerd. Door onze reactie op de
foutieve definitie veranderen we de situatie, zodat ze uiteindelijk wel beantwoordt aan de
definitie.
Normaal gezien wordt de definitie aangepast aan de situatie.
Hier wordt de situatie aangepast aan de definitie.
Vb.: Faalangst
Je kan het eigenlijk, maar door een heleboel redenen ben je onrustig, onzeker en
bang. Je denkt “Ik ga dat niet kunnen”. Die definitie is fout. gedrag veranderd.
3. Political correctness
Iets niet zeggen of niet doen, uit angst te worden beschuldigd van discriminatie of racisme. Een
houding die je aanneemt omdat je niemand wil kwetsen.
Vb.: Negers
We noemen hen afro-amerikanen.
Gehandicapten
We noemen hen mensen met een beperking.
4. Institutie
Een gestandaardiseerd (bij veel mensen hetzelfde) interactiepatroon tussen (grote groepen) mensen,
groepen en organisaties.
1