DE LEEFWERELD VAN HET
KIND
Schooljaar 2024 - 2025
EDUCATIEVE BACHELOR LAGER ONDERWIJS
CHARLOTTE BOURY
OLO1 B3
, De leefwereld van het kind :
Les 1 : De leef en belevingswereld
DEEL 1: BREDE EN DIVERSE BEGINSITUATIE
1. De leef- en belevingswereld
2. Het kind in de thuiscontext
3. Het kind op school
4. Het kind en de leerkracht
5. Het kind en de peers
6. Het kind in de buurt
7. Het kind in de maatschappij
8. Breed kijken en observeren
DE LEEF- EN BELEVINGSWERELD
Leefwereld :
o Alle verschillende contexten waarmee een kind te maken heeft, werken in op het
kind + ervaringen + normen + waarden
Belevingswereld
o Wat er inwendig gebeurt met het kind, wensen + dromen + gevoelens, de manier
waarop het kind de werkelijkheid beleeft
film inside out :
o leefwereld
sport
gezin
vrienden
o belevingswereld
door de mannetjes in haar hoofd
DE LEEFWERELD VROEGER EN NU
Leefwereld is in evolutie (vroeger anders dan nu)
o Technologie
o Straffen in de les
o Omgang met de kinderen
o Omgang met seksualiteit
o Gender
o Multiculturele samenleving
1
,LEEFWERELD KINDEREN VS LEEFWERELD LEERKRACHT
Schoolteams
o Niet zo divers (zonder migratie achtergrond)
Onze leefwereld is niet de maatstaf (het is overal anders)
DIVERSE LEEFWERELD VAN KINDEREN
Beschrijf in welke mate je je als kind aangesproken / uitgesloten voelt.
Op welke problemen stuit je?
Vb. Economische problemen
Op welke verschillende domeinen kan de diversiteit binnen de klasgroep zich voordoen?
Gezinssituatie
Gezondheid
Religie
Relatie met ouders
Uiterlijk
Taal
Emoties
Opvoeding
…
Definitie diversiteit
diversiteit gaat over verschil. Mensen verschillen van elkaar en het bij elkaar hebben van
die verschillen noemen we diversiteit.
Etnische achtergrond = bevolkingsgroep waartoe het kind behoort
Culturele achtergrond = de normen, waarden, rolverwachtingen en gebruiken die van
thuis uit worden meegegeven (ook religie hoort hierbij)(vb. in sommige religies is het
respectloos om oogcontact te maken, hier in Vlaanderen is het juist omgekeerd. Je moet
daar rekening mee houden)
Sociale achtergrond = sociale milieu en de maatschappelijke groepering waaruit het kind
komt.
Les 2 : het kind in de thuiscontext
DE BREDE EN DIVERSE BEGINSITUATIE
2
, Diverse leefwereld van kinderen
1. De leef- en belevingswereld
2. Het kind in de thuiscontext
3. Het kind op school
4. Het kind en de leerkracht
5. Het kind en zijn peers
6. Het kind in de buurt
7. Het kind in de maatschappij
8. Breed kijken en observeren
2. HET KIND IN DE THUISCONTEXT
- Sociale media, de school en de straat hebben invloed op kinderen
- Spiegelen zich aan leeftijdsgenootjes
- Thuisomgeving is voor een kind een centrale plaats
- Ouders zijn emotionele steunpunten
- Thuiscontext is het belangrijkste opvoedingsmilieu
- Thuiscontexten verschillen sterk van elkaar wat betreft culturele, religieuze, etnische en
sociale achtergrond
- Thuiscontext vs. gezin
- Gezin bekijken we heel traditioneel
- Gezin is voor iedereen anders : (vb: pleeggezin, eenoudergezin…)
Solidariteitsrelaties + Diversiteit
Gezinsleden zijn degene die door geboorte, adoptie, huwelijk of een commitment van solidariteit
(= vb. Grootouders), diepe persoonlijke bindingen hebben en die op elkaar mogen en kunnen
rekenen voor het geven en ontvangen van steun van welke aard dan ook, voor zover mogelijk
en vooral in tijd van nood.
(solidariteit = er zijn voor elkaar, elkaar helpen)
Bronnen van diversiteit in de thuiscontext:
- Cultuur
- Religie
- Etniciteit Diverse
beginsituatie van
- Sociale achtergrond
leerlingen in de
klas
3
KIND
Schooljaar 2024 - 2025
EDUCATIEVE BACHELOR LAGER ONDERWIJS
CHARLOTTE BOURY
OLO1 B3
, De leefwereld van het kind :
Les 1 : De leef en belevingswereld
DEEL 1: BREDE EN DIVERSE BEGINSITUATIE
1. De leef- en belevingswereld
2. Het kind in de thuiscontext
3. Het kind op school
4. Het kind en de leerkracht
5. Het kind en de peers
6. Het kind in de buurt
7. Het kind in de maatschappij
8. Breed kijken en observeren
DE LEEF- EN BELEVINGSWERELD
Leefwereld :
o Alle verschillende contexten waarmee een kind te maken heeft, werken in op het
kind + ervaringen + normen + waarden
Belevingswereld
o Wat er inwendig gebeurt met het kind, wensen + dromen + gevoelens, de manier
waarop het kind de werkelijkheid beleeft
film inside out :
o leefwereld
sport
gezin
vrienden
o belevingswereld
door de mannetjes in haar hoofd
DE LEEFWERELD VROEGER EN NU
Leefwereld is in evolutie (vroeger anders dan nu)
o Technologie
o Straffen in de les
o Omgang met de kinderen
o Omgang met seksualiteit
o Gender
o Multiculturele samenleving
1
,LEEFWERELD KINDEREN VS LEEFWERELD LEERKRACHT
Schoolteams
o Niet zo divers (zonder migratie achtergrond)
Onze leefwereld is niet de maatstaf (het is overal anders)
DIVERSE LEEFWERELD VAN KINDEREN
Beschrijf in welke mate je je als kind aangesproken / uitgesloten voelt.
Op welke problemen stuit je?
Vb. Economische problemen
Op welke verschillende domeinen kan de diversiteit binnen de klasgroep zich voordoen?
Gezinssituatie
Gezondheid
Religie
Relatie met ouders
Uiterlijk
Taal
Emoties
Opvoeding
…
Definitie diversiteit
diversiteit gaat over verschil. Mensen verschillen van elkaar en het bij elkaar hebben van
die verschillen noemen we diversiteit.
Etnische achtergrond = bevolkingsgroep waartoe het kind behoort
Culturele achtergrond = de normen, waarden, rolverwachtingen en gebruiken die van
thuis uit worden meegegeven (ook religie hoort hierbij)(vb. in sommige religies is het
respectloos om oogcontact te maken, hier in Vlaanderen is het juist omgekeerd. Je moet
daar rekening mee houden)
Sociale achtergrond = sociale milieu en de maatschappelijke groepering waaruit het kind
komt.
Les 2 : het kind in de thuiscontext
DE BREDE EN DIVERSE BEGINSITUATIE
2
, Diverse leefwereld van kinderen
1. De leef- en belevingswereld
2. Het kind in de thuiscontext
3. Het kind op school
4. Het kind en de leerkracht
5. Het kind en zijn peers
6. Het kind in de buurt
7. Het kind in de maatschappij
8. Breed kijken en observeren
2. HET KIND IN DE THUISCONTEXT
- Sociale media, de school en de straat hebben invloed op kinderen
- Spiegelen zich aan leeftijdsgenootjes
- Thuisomgeving is voor een kind een centrale plaats
- Ouders zijn emotionele steunpunten
- Thuiscontext is het belangrijkste opvoedingsmilieu
- Thuiscontexten verschillen sterk van elkaar wat betreft culturele, religieuze, etnische en
sociale achtergrond
- Thuiscontext vs. gezin
- Gezin bekijken we heel traditioneel
- Gezin is voor iedereen anders : (vb: pleeggezin, eenoudergezin…)
Solidariteitsrelaties + Diversiteit
Gezinsleden zijn degene die door geboorte, adoptie, huwelijk of een commitment van solidariteit
(= vb. Grootouders), diepe persoonlijke bindingen hebben en die op elkaar mogen en kunnen
rekenen voor het geven en ontvangen van steun van welke aard dan ook, voor zover mogelijk
en vooral in tijd van nood.
(solidariteit = er zijn voor elkaar, elkaar helpen)
Bronnen van diversiteit in de thuiscontext:
- Cultuur
- Religie
- Etniciteit Diverse
beginsituatie van
- Sociale achtergrond
leerlingen in de
klas
3