4 VERSCHILLENDE SOORTEN DOELSTELLINGEN:
BASISMOTORISCH PERCEPTUEEL COGNITIEF SOCIO-AFFECTIEF
= eigenschappen ivm lichaams- of = vaardigheden ivm perceptie = mentale processen & capaciteiten = samenwerking & interactie binnen
bewegingsbeheersing met betrekking tot denken, leren, een groep, alle spelers moeten
onthouden, redeneren, plannen & betrokken worden om het speldoel
besluitvorming te bereiken
- Snelheid (loopsnelheid & snelheid van - Ruimte en/of tijdsperceptie Tactische vaardigheden: - Collectiviteit
richtingsverandering) (rekening houden met - Zich vrijlopen - Fair-play
- Kracht snelheid, loopweg & positie - Goede opstelling in het veld, - Respect voor vaardigheden
- Lenigheid van anderen) volledig speelveld benutten & gebreken van anderen
- Uithouding - Proprioceptie (perceptie van - Mandekking, zonedekking - Vertrouwen hebben in
- Evenwicht zintuiglijke waarnemingen) = - Vrijgelopen speler de bal elkaar
- Reactietijd (visueel, auditief, tactiel) weten waar lichaamsdelen toespelen - Samenwerken
- Coördinatie zich tov elkaar bevinden - Kunnen anticiperen - Veiligheid
= oriëntatie - Schijnbewegingen, - Verantwoordelijkheid
Enkelvoudige spelen: spelen die 1 Psychomotorisch verdediger van zich nemen
motorische eigenschap verbeteren = elementaire technische afschudden ➔ oa New Games = coöperatieve
(vb. 100m spurt) vaardigheden (nadruk op de spelen, waarbij sociale waarden
Combinatiespelen: spelen die correcte uitvoering/techniek) Niet-tactische vaardigheden: zoals vertrouwen, behulpzaamheid,
meerdere motorische eigenschappen - Vangen, werpen, trappen, - Kennis van spelregels samenwerking, fair-play & respect
verbeteren (vb. 100m spurt na koppen, dribbelen, rollen, worden nagestreefd
fluitsignaal opslaan, wegslaan
➔ BALSPELEN
→ Meestal is een bewegingsspel een combinatie van meerdere doelstellingen
Doelstellingen kiezen & moeilijkheidsgraad aanpassen:
- Makkelijker: focussen op 1 doelstelling – moeilijker: meerdere doelstellingen combineren
BASISMOTORISCH PERCEPTUEEL COGNITIEF SOCIO-AFFECTIEF
= eigenschappen ivm lichaams- of = vaardigheden ivm perceptie = mentale processen & capaciteiten = samenwerking & interactie binnen
bewegingsbeheersing met betrekking tot denken, leren, een groep, alle spelers moeten
onthouden, redeneren, plannen & betrokken worden om het speldoel
besluitvorming te bereiken
- Snelheid (loopsnelheid & snelheid van - Ruimte en/of tijdsperceptie Tactische vaardigheden: - Collectiviteit
richtingsverandering) (rekening houden met - Zich vrijlopen - Fair-play
- Kracht snelheid, loopweg & positie - Goede opstelling in het veld, - Respect voor vaardigheden
- Lenigheid van anderen) volledig speelveld benutten & gebreken van anderen
- Uithouding - Proprioceptie (perceptie van - Mandekking, zonedekking - Vertrouwen hebben in
- Evenwicht zintuiglijke waarnemingen) = - Vrijgelopen speler de bal elkaar
- Reactietijd (visueel, auditief, tactiel) weten waar lichaamsdelen toespelen - Samenwerken
- Coördinatie zich tov elkaar bevinden - Kunnen anticiperen - Veiligheid
= oriëntatie - Schijnbewegingen, - Verantwoordelijkheid
Enkelvoudige spelen: spelen die 1 Psychomotorisch verdediger van zich nemen
motorische eigenschap verbeteren = elementaire technische afschudden ➔ oa New Games = coöperatieve
(vb. 100m spurt) vaardigheden (nadruk op de spelen, waarbij sociale waarden
Combinatiespelen: spelen die correcte uitvoering/techniek) Niet-tactische vaardigheden: zoals vertrouwen, behulpzaamheid,
meerdere motorische eigenschappen - Vangen, werpen, trappen, - Kennis van spelregels samenwerking, fair-play & respect
verbeteren (vb. 100m spurt na koppen, dribbelen, rollen, worden nagestreefd
fluitsignaal opslaan, wegslaan
➔ BALSPELEN
→ Meestal is een bewegingsspel een combinatie van meerdere doelstellingen
Doelstellingen kiezen & moeilijkheidsgraad aanpassen:
- Makkelijker: focussen op 1 doelstelling – moeilijker: meerdere doelstellingen combineren