HC Humane wetenschappen
01/10/2024
4. Hechtingstheorie
Algemene hechtingstheorie
Hechtingsstart = intiem fysiek en emotioneel contact tussen ouders en kinderen vlak
na de geboorte (eigenlijk al tijdens de geboorte) (soms automatisch door bv.
imprinting (eenden))
Hechting installeert een eerste overlevings- én coping-strategie
Overlevingsstrategie: bv. effect van moeder-nabijheid op temperatuur baby
=> vanuit een probleem, pijn…
Coping-strategie (toepasbaar vanaf 7 – 8 maanden): bv. scheiding en nood
=> doelbewust handelen, vanuit een wens (cognitieve ontwikkeling
Hechtingstypes: cluster die karakteriserende reacties van baby’s/kinderen bundelt tot
een bepaald gedragspatroon
‘Strange situationship experiment’ = kinderen in situatie brengen die voor hen nieuw
is, ouders vragen om even te blijven, daarna weg te gaan en dan terug te komen.
Veilige hechting (65%)
Kinderen zijn ontspannen en genieten van vreemde en nieuwe ervaringen
Normale verlatingsangst bij scheiding en dadelijk kalmering (veilige basis)
Onveilige hechting
o Angstig-vermijdend gehecht (15%)
Geen interesse in contact, geen verdriet, geen blijdschap bij hereniging
o Angstig-ambivalent gehecht (20%)
Contact mama nodig; huilen, angst, woede bij scheiding zonder snelle
kalmering; vastklampen bij herenging (geen veilige basis)
o Gedesorganiseerd-gedesoriënteerd gehecht (10-15%)
Inconsistent en tegenstrijdig gedrag (naar mama lopen zonder blije
gezichtsuitdrukking)
Intern emotioneel conflict
Extreme afhankelijkheid/afstandelijkheid
Overgevoeligheid
ONVOORSPELBAAR, dus moeilijk om je aan te passen
Belang van hechting:
Veilige hechting geeft:
o Minder psychologische problemen, meer sociale vaardigheden, meer
emotionele vaardigheden, ‘liggen beter in de groep’, betere taal en motorische
ontwikkeling (durven experimenteren)
o Hechtingsstijlen ontwikkelen zich binnen primaire relatie
eerst (ouders-kind), hechtingsstijl kan veranderen
als je in een andere primaire langdurige relatie
terechtkomt (partnerrelatie)
01/10/2024
4. Hechtingstheorie
Algemene hechtingstheorie
Hechtingsstart = intiem fysiek en emotioneel contact tussen ouders en kinderen vlak
na de geboorte (eigenlijk al tijdens de geboorte) (soms automatisch door bv.
imprinting (eenden))
Hechting installeert een eerste overlevings- én coping-strategie
Overlevingsstrategie: bv. effect van moeder-nabijheid op temperatuur baby
=> vanuit een probleem, pijn…
Coping-strategie (toepasbaar vanaf 7 – 8 maanden): bv. scheiding en nood
=> doelbewust handelen, vanuit een wens (cognitieve ontwikkeling
Hechtingstypes: cluster die karakteriserende reacties van baby’s/kinderen bundelt tot
een bepaald gedragspatroon
‘Strange situationship experiment’ = kinderen in situatie brengen die voor hen nieuw
is, ouders vragen om even te blijven, daarna weg te gaan en dan terug te komen.
Veilige hechting (65%)
Kinderen zijn ontspannen en genieten van vreemde en nieuwe ervaringen
Normale verlatingsangst bij scheiding en dadelijk kalmering (veilige basis)
Onveilige hechting
o Angstig-vermijdend gehecht (15%)
Geen interesse in contact, geen verdriet, geen blijdschap bij hereniging
o Angstig-ambivalent gehecht (20%)
Contact mama nodig; huilen, angst, woede bij scheiding zonder snelle
kalmering; vastklampen bij herenging (geen veilige basis)
o Gedesorganiseerd-gedesoriënteerd gehecht (10-15%)
Inconsistent en tegenstrijdig gedrag (naar mama lopen zonder blije
gezichtsuitdrukking)
Intern emotioneel conflict
Extreme afhankelijkheid/afstandelijkheid
Overgevoeligheid
ONVOORSPELBAAR, dus moeilijk om je aan te passen
Belang van hechting:
Veilige hechting geeft:
o Minder psychologische problemen, meer sociale vaardigheden, meer
emotionele vaardigheden, ‘liggen beter in de groep’, betere taal en motorische
ontwikkeling (durven experimenteren)
o Hechtingsstijlen ontwikkelen zich binnen primaire relatie
eerst (ouders-kind), hechtingsstijl kan veranderen
als je in een andere primaire langdurige relatie
terechtkomt (partnerrelatie)