Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

14/20! Inleiding tot de filosofie | samenvatting UA | Marlies De Munck

Rating
-
Sold
-
Pages
48
Uploaded on
16-06-2025
Written in
2024/2025

omvat de vier thema's die te kennen zijn voor het opleidingsonderdeel. Omvat eigen notities en informatie van de slides. Ik behaalde met deze samenvatting 14/20. Casussen zitten hier niet bij, maar ik heb daar wel een aparte samenvatting van.

Show more Read less
Institution
Course

Content preview

Thema 1: Ethiek
Inleiding tot de filosofie

Samenvatting academiejaar 2024 – 2025



Deel 1: Over het goede en het juiste
Aandachtspunten:

o Begrippenkader
o Het funderingsprobleem
o Vrijheid, authenticiteit, geluk
o Utilitarisme versus ethiek van Kant

Begrippenkader

Waarden en deugden

WAARDEN: algemene morele uitgangspunten, aspecten van het leven die we belangrijk (‘waardevol’) vinden

Ze drukken een beoordeling of een evaluatie uit:

Vb. “Tolerantie is de basis van onze democratie.”

Vb. “Alles staat of valt bij eerlijkheid.”

Vb. “Gezondheid is een kostbaar goed.”

Waardevolle karaktereigenschappen van iemand noemen we DEUGDEN – vb. vriendelijkheid, eerlijkheid,
bescheidenheid

Normen

NORMEN: concrete gedragsbepalingen, specifieke regels die ons voorschrijven wat we moeten of mogen doen
in bepaalde situaties

Ze drukken een plicht of een permissie of een verbod uit:

Vb. “Breek nooit je belofte.”

Vb. “Een leugentje om bestwil is toegestaan.”

Vb. “Je moet de waarheid spreken.”

Overzicht waarden en normen

WAARDEN NORMEN
Veiligheid, vrijheid, vriendschap, rechtvaardigheid, Wees eerlijk, werk af waaraan je begint, wees mild
integriteit … voor de anderen …
= Algemene zaken waar je meer aandacht aan wil Concrete gedragsregels om je leven anders in te
besteden richten

Vb. Meer tijd doorbrengen met vrienden, familie … Vb. Wekelijks gaan sporten, stoppen met roken …

Afbakening van de ethiek

MOREEL: wat overeenstemt met de heersende waarden en normen – vb. de zieken verzorgen

,IMMOREEL: wat de heersende waarden en normen schendt – vb. uitsluiting op basis van racisme

A-MOREEL: waarbij geen waarden en normen betrokken zijn – vb. de zon komt op in het oosten

→ Afbakening domein van de ethiek: moreel versus a-moreel

Moraal en ethiek

MORAAL: stelsel van normen en waarden, dat betrekking heeft op het handelen van mensen

→ Anders geformuleerd: de normen en waarden die er zijn, die heersen of gelden in een bepaalde cultuur

Vb. In de moraal van de antiek-Griekse cultuur stond dapperheid hoog aangeschreven

ETHIEK: studie van normen en waarden, die zich richt op de vraag welke normen en waarden we kunnen
rechtvaardigen

→ Anders geformuleerd: de systematische reflectie op die geldende moraal

Vb. Waarom moeten we gezondheid beschouwen als een belangrijke waarde?

Rechtvaardiging

KERNTAAK VAN DE ETHIEK:

➢ Niet beschrijven (descriptief) – vb. antropologie, rechtsgeleerdheid
➢ Niet verklaren (oorzaken) – vb. sociologie, geschiedenis
➢ Geldigheid onderzoeken van waarden en normen

Descriptief: wat zich beperkt tot ‘wat is’ en die toestand tracht te beschrijven

Normatief: wat zich richt op ‘wat zou moeten zijn’ en dat ideaal tracht voor te schrijven

HOE RECHTVAARDIG JE EEN NORM?

NIET door oorzaken te formuleren

WEL door redeneren te formuleren voor die norm

→ Welke normen en waarden kunnen we met goede redenen verdedigen?

→ Wanneer kunnen we spreken van goede redenen?

De ethiek is zelf normatief: ze vormt een oordeel over de geldende normen en waarden en geeft dus aan welke
normen en waarden we zouden moeten naleven (moreel versus immoreel)

Ethiek: wetenschappelijke discipline

Analogie met exacte wetenschap:

o Systematisch nadenken over moraal
o Ethiek streeft naar een vorm van objectieve geldigheid
o Geen kwestie van persoonlijke mening

Verschil met wetenschap:

o Geen verklaring van loutere beschrijving van fenomenen
o Onderzoek of er goede redenen zijn voor een norm

= vraag naar rechtvaardiging

Het funderingsprobleem

Uit feiten geen normen

,Zijn / behoren (iets moeten doen) → er is een logische kloof tussen hoe de dingen zijn en hoe ze moeten zijn

Maar: uit een zijn volgt geen behoren → het is niet omdat dingen zo zijn, dat ze ook zo moeten zijn

TWEE VERREGAANDE IMPLICATIES:

1) Het hele wetenschappelijke instrumentarium van feiten, verklaringen, experimenteel bewijs … is niet
bruikbaar in de ethiek
2) De hele (exacte) wetenschap kan geen sluitend argument geven over hoe we ons leven moeten leiden7

Geen ultieme fundering

Een correcte redenering om normen te rechtvaardigen bevat naast feitelijke ook normatieve argumenten

Voorbeeld:

a) Vlees eten veroorzaakt leed bij dieren
b) We mogen geen leed veroorzaken bij dieren

→ we mogen geen vlees eten

MAAR: wat rechtvaardigt de bewering dat we geen leed mogen veroorzaken bij dieren?

Probleem: elke norm die we aannemen, moet opnieuw gefundeerd worden. Er is in de westerse samenleving
geen algemeen aanvaarde geldige basis of bron voor morele normativiteit (vb. god) → ‘regressus ad infinitum’

Funderingsprobleem: het is onmogelijk om tot een ultieme fundering voor ethische stellingnamen te komen

Tussen objectivisme en relativisme

OBJECTIVISME: de juistheid van algemene morel uitgangspunten kan bewezen worden

RELATIVISME: uiteindelijk zijn normen en waarden altijd relatief, het is zinloos om te proberen ze te
rechtvaardigen

TUSSENWEG: het heeft zin om algemene morele uitgangspunten te onderzoeken en na te gaan welke morele
consequenties ze met zich meebrengen

Het probleem van het relativisme

Ten opzichte van wat zijn normen en waarden relatief (afhankelijk)?

❖ Cultuurrelativisme (geografisch en historisch)
→ andere culturen hebben andere normen en waarden
Vb. de doodstraf

❖ Subjectivisme – vb. emotivisme
→ Morele uitspraak is uitdrukking van een gevoel
→ Ethische discussie: uiten en beïnvloeden van gevoelens

DRIE BEZWAREN TEGEN HET EMOTIVISME:

1) Afkeer leidt niet altijd tot morele afkeuring en waardering niet altijd tot morele goedkeuring
Vb. bewondering voor de schurk
2) We hechten veel betekenis aan de rechtvaardiging van onze morele keuzes
3) Morele gevoelens zijn niet de oorzaak, maar het gevolg van morele opvattingen
Vb. ecologische keuze voor trein in plaats van vliegtuig

Morele waarden: vrijheid, authenticiteit en geluk

,Het goede leven

WAARDEN

→ algemene uitdrukking van wat we in ons leven belangrijk binden

→ vandaar: bestanddelen van het goede leven

RECHTVAARDIGING?

→ tussenweg tussen objectivisme en relativisme: redenen geven waarom we deze waarden zo belangrijk
vinden

→ van subjectieve voorkeur naar meer algemeen perspectief

Vrijheid

Vb. kapitalisme – vrijheid of onvrijheid?

“Two concepts of liberty” – Isaiah Berlin (1969)

1) Negatieve vrijheid: afwezigheid van beperkingen
2) Positieve vrijheid: aanwezigheid van reële keuzemogelijkheden

Vb. werkloos of dakloos zijn

VRAAG: waarom is vrijheid zo’n centrale waarde?

❖ Instrumentele waarde: vrijheid is een middel om iets mee te bereiken
❖ Intrinsieke waarde: vrijheid is een fundamentele waarde omdat het een eindpunt is om naar te streven
– het is goed op zichzelf – onafhankelijk of je er iets mee gaat bereiken of niet
→ symbolische waarde (erkenning) – vb. homohuwelijk, vrijheid van meningsuiting
→ expressieve waarde (zelfrealisering en verantwoordelijkheid): vrijheid is geen instrument om
jezelf te kunnen zijn, maar door jezelf te zijn voel je je vrij – vb. een beroep kiezen

VRAAG: is vrijheid dan een absolute waarde?

→ soms inperking nodig om andere vrijheden te beschermen – vb. vrijheid van meningsuiting

→ niet iedere vrijheidsvergroting is moreel relevant – vb. keuze in consumptiemiddelen

→ extra vrijheden brengen ook extra verantwoordelijkheden – vb. prenatale diagnostiek

Authenticiteit

Wat is dit ‘zelf’ waar we via onze vrijheid uitdrukking aan geven?

→ ‘trouw zijn aan jezelf’: iedereen moet zijn of haar ware identiteit zo goed mogelijk tot uitdrukking proberen te
brengen

Je identiteit bestaat uit:

o Interne bron (nature) van je identiteit
o Externe bron (nurture) van je identiteit

Authenticiteit = juiste balans tussen interne en externe bronnen

Vb. niet koppig of egoïstisch

Vb. niet karakterloos of opportunistisch

, Denkoefening voor het examen: authenticiteit

Wellicht mogen we aannemen dat iedereen het belangrijk vindt om trouw te zijn aan zichzelf.

Maar wat betekent dat precies voor jou persoonlijk? Waar denk je aan als je zegt dat je trouw wil zijn aan jezelf?

Kan je een treffend voorbeeld bedenken?

Wat zou er in je leven verloren gaan als je niet langer trouw kon zijn aan jezelf?

Geluk

Fundering voor vrijheid en authenticiteit?

Geluk = geluksgevoel?

→ een gevoel van blijdschap, diepe tevredenheid, zelfs van extase

VRAAG: Is geluk (begrepen als geluksgevoel) het allerbelangrijkste in ons leven? (einde van de regressus ad
infinitum?)

Gedachte-experiment van Robert Nozick

Gedachte-experiment = geen echt experiment, wordt niet uitgevoerd, maar wel typisch instrument dat in
filosofie gebruikt wordt om iets te bepleiten

Stel je voor dat … zou je dan vinden dat / zou je dan dat doen / … ?

‘geluksmachine’ of ‘ervaringsmachine’ → we verlangen niet alleen naar gevoelens of indrukken van geluk, maar
willen ook dat die op de juiste wijze verbonden zijn aan de realiteit

Redenering omkeren:

→ niet: vrijheid en authenticiteit zijn waardevol omdat ze leiden tot geluk

→ wel: vrijheid en authenticiteit leiden tot geluk omdat ze waardevol zijn / omdat het fundamentele waarden zijn

→ het goede / geslaagde leven = balans tussen je verschillende waarden (= persoonlijk)

Intrinsieke en instrumentele waarde

In de filosofie zijn ‘intrinsiek’ en ‘instrumenteel’ twee verschillende concepten die betrekking hebben op een
waarde

❖ Intrinsieke waarde:

Dit verwijst naar de waarde die iets heeft op zichzelf, onafhankelijk van de gevolgen of het nut dat het
met zich meebrengt – vb. geluk (veel mensen beschouwen geluk als iets dat waardevol op zichzelf is,
ongeacht de resultaten die het kan opleveren)

❖ Instrumentele waarde:

Dit verwijst naar de waarde die iets heeft vanwege de gevolgen of het nut dat het kan produceren – vb.
geld (geld wordt meestal niet als waardevol op zichzelf beschouwd, maar vanwege wat je ermee kunt
doen, zoals goederen kopen of diensten verkrijgen)

Samengevat, iets dat intrinsieke waarde heeft, wordt gewaardeerd om wat het is, terwijl iets dat instrumentele
waarde heeft, wordt gewaardeerd om wat het kan bereiken of mogelijk maken.



Deel 2: Over het goede en het juiste

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
June 16, 2025
Number of pages
48
Written in
2024/2025
Type
SUMMARY

Subjects

$8.47
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
mvanp12
5.0
(1)

Get to know the seller

Seller avatar
mvanp12 Universiteit Antwerpen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
3
Member since
3 year
Number of followers
0
Documents
67
Last sold
5 months ago

5.0

1 reviews

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions