HSK 4 – adequaat handelen bij suïcidaliteit en suïcidaal gedrag
1. Preventie
Overheid nam als actiepunt in 2011 om het aantal zelfdodingen met
20% te laten dalen tegen 2020.
USI-model van preventie
- Universele preventie = richt zich tot de algemene bevolking en
tracht de basiscondities die beschermen tegen suïcidaal gedrag te
vergroten.
- Selectieve preventie = in gericht naar doelgroepen die een verhoogd risico hebben om
suïcidaal gedrag te ontwikkelen (personen met psychiatrische aandoening, jongeren,
ouderen, holebi’s, nabestaanden…)
- Geïndiceerde preventie = gericht naar personen die reeds suïcidale gedachten hebben
of suïcidaal gedrag vertonen.
Suïcidepreventie is een taak van elke hulpverlener.
2. Crisis en crisisontwikkeling
2.1. Het crisisontwikkelingsmodel
De ontwikkeling van een crisis verloopt altijd volgens een
aantal fasen. Een crisisontwikkelingsmodel is een
eenvoudig model dat deze fasen voorstelt en een aantal
handvaten biedt om preventief en proactief te reageren
op de oplopende spanning in een situatie.
- Fase 0: patiënt stelt gedrag dat hij omschrijft als
‘controle’
- Fase 1: patiënt stelt gedrag dat samen werd omschreven als ‘beginnend vroege tekenen
van controleverlies’
- Fase 2: patiënt stelt gedrag dat samen werd omschreven als ‘matige tot ernstige vroege
tekenen van controleverlies’
- Fase 3: patiënt stelt gedrag dat wijst op ernstig controleverlies waarbij de veiligheid van
de patiënt, medepatiënten of hulpverleners in gevaar komt
- Fase 4: de tijd die de patiënt nodig heeft om terug gedrag te stellen dat hij ervaart als
‘controle’.
Adhv een signaleringsplan kan je op een methodische manier een crisis voorkomen.
3. Suïcidaliteit
3.1. Begripsomschrijving
Suïcidaal gedrag zijn alle handelingen, gedachten, pogingen die een zekere intentie
uitdrukken om zichzelf te doden.
Suïcidepoging (WHO) = Elke handeling, met een niet-fatale
afloop, waarbij individu opzettelijk en weloverwogen niet-habitueel gedrag stelt, dat
zonder interventie van anderen zal leiden tot zelfverwonding of waarbij een
individu opzettelijk een stof inneemt in een grotere dan de voorgeschreven therapeutische
dosis, met de bedoeling via de actuele of verwachte
fysieke gevolgen verlangde veranderingen te bewerkstelligen.
Suïcide of zelfdoding = is een handeling waarmee iemand opzettelijk zijn eigen leven
beëindigt
, 3.2. Visie op suïcidaal gedrag
Suïcidaal gedrag wordt veroorzaakt door een
unieke combinatie van biologische, psychologische
en sociale factoren.
Geïntegreerd model van stress-
kwetsbaarheid en entrapment
- Uitgangspunt = suïcidaal gedrag ontstaat
vanuit duurzame factoren die de individuele
kwetsbaarheid verhogen of verlagen,
gecombineerd met stressoren die dit gedrag
uitlokken en onderhouden
- Entrapment = het psychologische proces
waarlangs een kwetsbaar individu onder invloed van stressoren suïcidaal gedrag kan
ontwikkelen
- Het kampen met een psychiatrische aandoening speelt, naarst een aantal psychologische
factoren en het meemaken van ingrijpende levensgebeurtenissen, een belangrijke rol in
het ontstaan van suïcidaal gedrag
3.3. Het suïcidaal proces
= de psychische evolutie die een persoon
doormaakt tussen de eerste gedachten aan de
dood en het uitvoeren van een suïcide(poging).
Dit proces kent een grillig verloop waarin het
suïcidale gedrag sterkt fluctueert.
In de tijd variërende graad van suïcidale
gedachten, suïcidepoging(en) en suïcide-
intentie.
De verticale as = geeft de ernst van de suïcidale tendens weer
- Beginnen veelal laag en kunnen steeds concreter worden
- De gedachten kunnen na een tijdje verdwijnen en daarna toch opnieuw opduiken
De horizontale as = geeft het tijdsverloop weer
- Duurt gemiddeld 2,5 jaar
- Tijd sterk variabel en individueel bepaald
Elke suïcidepoging moet ernstig genomen worden
- Het risico op herhaling is heel groot
- Kans dat een daaropvolgende poging fataal is neemt toe
- Ee, suïcidepoging is de belangrijkste risicofactor voor een geslaagde suïcide
Onder de grijze lijn = het niet observeerbare suïcidale gedrag / boven de grijze lijn =
observeerbaar.
- Suïcidaliteit kan zich ontwikkelen zonder dat signalen ervan zichtbaar zijn voor de
omgeving
- Verbale of non-verbale signalen zijn en kunnen heel expliciet of eerder beperkt en vaag
zijn
- Alle duidelijke signalen moet je serieus nemen, kan omgekeerd effect hebben anders
- Bij sommige mensen ligt de lijn heel laag en is er dus veel suïcidaal gedrag zichtbaar, en
bij sommige ligt die heel hoog suicide without warning.
Wanneer men zekere rust heeft gevonden bij de gedacht om suïcide te plegen omgeving
vaak valselijk gerustgesteld.
Soms is poging heel impulsief, soms is die goed voorbereid en gepland na een poging vaak
een daling van suïcidale neiging, brengt een soort ontladingseffect teweeg.
1. Preventie
Overheid nam als actiepunt in 2011 om het aantal zelfdodingen met
20% te laten dalen tegen 2020.
USI-model van preventie
- Universele preventie = richt zich tot de algemene bevolking en
tracht de basiscondities die beschermen tegen suïcidaal gedrag te
vergroten.
- Selectieve preventie = in gericht naar doelgroepen die een verhoogd risico hebben om
suïcidaal gedrag te ontwikkelen (personen met psychiatrische aandoening, jongeren,
ouderen, holebi’s, nabestaanden…)
- Geïndiceerde preventie = gericht naar personen die reeds suïcidale gedachten hebben
of suïcidaal gedrag vertonen.
Suïcidepreventie is een taak van elke hulpverlener.
2. Crisis en crisisontwikkeling
2.1. Het crisisontwikkelingsmodel
De ontwikkeling van een crisis verloopt altijd volgens een
aantal fasen. Een crisisontwikkelingsmodel is een
eenvoudig model dat deze fasen voorstelt en een aantal
handvaten biedt om preventief en proactief te reageren
op de oplopende spanning in een situatie.
- Fase 0: patiënt stelt gedrag dat hij omschrijft als
‘controle’
- Fase 1: patiënt stelt gedrag dat samen werd omschreven als ‘beginnend vroege tekenen
van controleverlies’
- Fase 2: patiënt stelt gedrag dat samen werd omschreven als ‘matige tot ernstige vroege
tekenen van controleverlies’
- Fase 3: patiënt stelt gedrag dat wijst op ernstig controleverlies waarbij de veiligheid van
de patiënt, medepatiënten of hulpverleners in gevaar komt
- Fase 4: de tijd die de patiënt nodig heeft om terug gedrag te stellen dat hij ervaart als
‘controle’.
Adhv een signaleringsplan kan je op een methodische manier een crisis voorkomen.
3. Suïcidaliteit
3.1. Begripsomschrijving
Suïcidaal gedrag zijn alle handelingen, gedachten, pogingen die een zekere intentie
uitdrukken om zichzelf te doden.
Suïcidepoging (WHO) = Elke handeling, met een niet-fatale
afloop, waarbij individu opzettelijk en weloverwogen niet-habitueel gedrag stelt, dat
zonder interventie van anderen zal leiden tot zelfverwonding of waarbij een
individu opzettelijk een stof inneemt in een grotere dan de voorgeschreven therapeutische
dosis, met de bedoeling via de actuele of verwachte
fysieke gevolgen verlangde veranderingen te bewerkstelligen.
Suïcide of zelfdoding = is een handeling waarmee iemand opzettelijk zijn eigen leven
beëindigt
, 3.2. Visie op suïcidaal gedrag
Suïcidaal gedrag wordt veroorzaakt door een
unieke combinatie van biologische, psychologische
en sociale factoren.
Geïntegreerd model van stress-
kwetsbaarheid en entrapment
- Uitgangspunt = suïcidaal gedrag ontstaat
vanuit duurzame factoren die de individuele
kwetsbaarheid verhogen of verlagen,
gecombineerd met stressoren die dit gedrag
uitlokken en onderhouden
- Entrapment = het psychologische proces
waarlangs een kwetsbaar individu onder invloed van stressoren suïcidaal gedrag kan
ontwikkelen
- Het kampen met een psychiatrische aandoening speelt, naarst een aantal psychologische
factoren en het meemaken van ingrijpende levensgebeurtenissen, een belangrijke rol in
het ontstaan van suïcidaal gedrag
3.3. Het suïcidaal proces
= de psychische evolutie die een persoon
doormaakt tussen de eerste gedachten aan de
dood en het uitvoeren van een suïcide(poging).
Dit proces kent een grillig verloop waarin het
suïcidale gedrag sterkt fluctueert.
In de tijd variërende graad van suïcidale
gedachten, suïcidepoging(en) en suïcide-
intentie.
De verticale as = geeft de ernst van de suïcidale tendens weer
- Beginnen veelal laag en kunnen steeds concreter worden
- De gedachten kunnen na een tijdje verdwijnen en daarna toch opnieuw opduiken
De horizontale as = geeft het tijdsverloop weer
- Duurt gemiddeld 2,5 jaar
- Tijd sterk variabel en individueel bepaald
Elke suïcidepoging moet ernstig genomen worden
- Het risico op herhaling is heel groot
- Kans dat een daaropvolgende poging fataal is neemt toe
- Ee, suïcidepoging is de belangrijkste risicofactor voor een geslaagde suïcide
Onder de grijze lijn = het niet observeerbare suïcidale gedrag / boven de grijze lijn =
observeerbaar.
- Suïcidaliteit kan zich ontwikkelen zonder dat signalen ervan zichtbaar zijn voor de
omgeving
- Verbale of non-verbale signalen zijn en kunnen heel expliciet of eerder beperkt en vaag
zijn
- Alle duidelijke signalen moet je serieus nemen, kan omgekeerd effect hebben anders
- Bij sommige mensen ligt de lijn heel laag en is er dus veel suïcidaal gedrag zichtbaar, en
bij sommige ligt die heel hoog suicide without warning.
Wanneer men zekere rust heeft gevonden bij de gedacht om suïcide te plegen omgeving
vaak valselijk gerustgesteld.
Soms is poging heel impulsief, soms is die goed voorbereid en gepland na een poging vaak
een daling van suïcidale neiging, brengt een soort ontladingseffect teweeg.