Strafrecht
Inleiding
Inleiding
- Iets behoort tot strafrecht als straf opgelegd door strafrechter
- Voorbeelden:
Geen misdrijf Misdrijf
Wildplassen Nachtlawaai veroorzaken
= Gas-boete, opgelegd door MAAR: vanaf april 2026 niet
gemeente meer
Sluikstorten Seks op openbare plaats
WEL: bij giftige stoffen +
grote hoeveelheden
Stiekem met gsm bezig Iets stelen
tijdens les
Spieken op examen Andermans brieven/e-mails
WEL: sanctie van hogeschool openen
Doktersbriefje vervalsen
- Verschil materieel strafrecht – strafprocesrecht:
Materieel strafrecht Strafprocesrecht
= strafrecht in strikte zin = formeel strafrecht
Omschrijft: Omschrijft:
- Wat een misdrijf is & onder HOE verdachten van misdrijven
elke voorwaarden een moeten worden opgespoord,
persoon kan gestraft worden vervolgd en berecht
(= strafrechtelijk
verantwoordelijk is)
- Met welke straf een persoon
gestraft kan worden
Gericht tot de burger Gericht tot de overheid (politie,
justitie)
In wezen: verbodsbepalingen In wezen: procedurele spelregels
Sanctie: straf Sanctie:
- Soms nietigheid van proces
of proceshandeling
- Soms verbod om met
bepaald bewijsstuk rekening
te houden
- Soms onontvankelijkheid van
de strafvordering
- Soms geen sanctie
Vertolking van fundamentele Minder vanzelfsprekend.
1
,waarden die als vanzelfsprekend makkelijker vatbaar voor
worden aangevoeld verandering
- Voorbeelden:
o “Schuldig verzuim is het opzettelijk nalaten hulp te verlenen
aan iemand die in groot gevaar verkeert (…). Het wordt
bestraft met een straf van niveau 2”
= materieel strafrecht
o “Vooraleer wordt overgegaan tot het verhoor van een
verdachte, dient hem te worden meegedeeld dat hij de keuze
heeft om te antwoorden op de vragen of te zwijgen”
= strafprocesrecht
o “op de terechtzitting verschijnt de beschuldigde ongeboeid en
wordt hij slechts vergezeld door bewakers om te beletten dat
hij ontvlucht”
= strafprocesrecht
= spelregel die gevolgd moet worden door bewakers
Deel 1: strafprocesrecht
1 Doelstellingen van een strafprocesrecht
- Bedoeling strafprocesrecht:
o Waarheidsvinding:
Om te achterhalen wat er precies gebeurd is
Wie is/zijn de dader(s)?
om de waarheid te achterhalen
o Bescherming van grondrechten:
Om de garantie te bieden dat niemand zomaar onterecht
veroordeeld wordt
Dat het bewijs op een eerlijke manier wordt gevoerd
Dat de zaak binnen een redelijke termijn wordt
behandeld
dat de grondrechten worden gerespecteerd
- niet makkelijk om deze 2 in evenwicht te houden
2 De 2 fasen van een strafproces
- Fase van vooronderzoek:
o Bij OM of onderzoeksrechter
o Doelstellingen:
Verdachte identificeren
2
, Nagaan of er voldoende bezwaren bestaan om hem voor
de rechter te brengen
o Kenmerken:
Geheim
- Fase van terechtzitting
Nie
t-
o Bij vonnisrechter
teg
o Doelstelling:
ens
Uitspraak over 2 vragen:
pre 1. Heeft de verdachte idd het misdrijf gepleegd?
keli 2. Zo ja, welke straf?
jk
o Kenmerken:
=
Openbaar
inq
Tegensprekelijk
uis
= accusatoir karakter
ito
ir Vooronderzoek Onderzoek ten gronde
=ka
voorlopig onderzoek, bij OM of = onderzoek ter terechtzitting,
onderzoeksrechter bij vonnisrechter
ra
Doelstellinge - Verdachte identificeren Uitspraak over 2 vragen:
n kt- nagaan of er voldoende - heeft de verdacht idd
er bezwaren tegen hem het misdrijf gepleegd?
bestaan om hem voor de - Zo ja, welke straf?
vonnisrechter te brengen
Kenmerken - Geheim: - Openbaar
t.o.v. publiek Terechtzitting (in
t.o.v. verdachte en principe)
slachtoffer Uitspraak (steeds)
- Niet-tegensprekelijk: - Tegensprekelijk:
Verdachte heeft geen recht Verdachte kan/mag
om verzamelde bezwaren te verzamelde bewijzen
weerleggen weerleggen, maar heeft
Verdachte heeft geen geen bewijslast
inspraak in de manier wrp
het onderzoek gevoerd
wordt Vooral ACCUSATOIR
Vooral INQUISITOIR
2.1 De fase van het vooronderzoek
- Niet in handen van vonnisrechter
- In handen van Openbaar Ministerie of onderzoeksrechter
o OM leidt het onderzoek = opsporingsonderzoek
o Onderzoeksrechter voert onderzoek = gerechtelijk
onderzoek
3
, - Bedoeling:
o Om verdachte te identificeren
o Te onderzoeken of er tegen hem voldoende bezwaren bestaan
om hem voor de rechter te brengen
- Heeft inquisitoir karakter:
o = geheim:
Alle onderzoeksverrichtingen + procedurehandelingen
gebeuren zonder dat het publiek wordt toegelaten
Verdachte + slachtoffer worden niet betrokken bij de
onderzoeksverrichtingen
o = niet-tegensprekelijk:
Verdachte is niet toegestaan om de tegen hem
verzamelde bezwaren te weerleggen + verweermiddelen
aan te voeren
2.2 De fase van de terechtzitting
- Fase voor de vonnisrechter
o Politierb, correctionele rb, Hof van Assisen
- = Onderzoek ten gronde
- Bedoeling: uitspraak over vragen:
o heeft de verdacht idd het misdrijf gepleegd?
o Zo ja, welke straf?
- Kenmerken:
o Openbaar: publiek is in principe toegelaten op de
terechtzitting
o Tegensprekelijk: de verdachte mag, wat men tegen hem
aanvoert, trachten te weerleggen
- Accusatoir karakter
3 De hoofdrolspelers in het strafprocesrecht
3.1 De verdachte
- Verdachte: verzamelnaam voor alle personen die tegen wie een
strafzaak in de brede betekenis vh woord loopt
- MAAR: verschillende statuten:
o Verdachte in ruime zin: alle personen tegen wie een
strafzaak loopt
- In fase van vooronderzoek:
4
Inleiding
Inleiding
- Iets behoort tot strafrecht als straf opgelegd door strafrechter
- Voorbeelden:
Geen misdrijf Misdrijf
Wildplassen Nachtlawaai veroorzaken
= Gas-boete, opgelegd door MAAR: vanaf april 2026 niet
gemeente meer
Sluikstorten Seks op openbare plaats
WEL: bij giftige stoffen +
grote hoeveelheden
Stiekem met gsm bezig Iets stelen
tijdens les
Spieken op examen Andermans brieven/e-mails
WEL: sanctie van hogeschool openen
Doktersbriefje vervalsen
- Verschil materieel strafrecht – strafprocesrecht:
Materieel strafrecht Strafprocesrecht
= strafrecht in strikte zin = formeel strafrecht
Omschrijft: Omschrijft:
- Wat een misdrijf is & onder HOE verdachten van misdrijven
elke voorwaarden een moeten worden opgespoord,
persoon kan gestraft worden vervolgd en berecht
(= strafrechtelijk
verantwoordelijk is)
- Met welke straf een persoon
gestraft kan worden
Gericht tot de burger Gericht tot de overheid (politie,
justitie)
In wezen: verbodsbepalingen In wezen: procedurele spelregels
Sanctie: straf Sanctie:
- Soms nietigheid van proces
of proceshandeling
- Soms verbod om met
bepaald bewijsstuk rekening
te houden
- Soms onontvankelijkheid van
de strafvordering
- Soms geen sanctie
Vertolking van fundamentele Minder vanzelfsprekend.
1
,waarden die als vanzelfsprekend makkelijker vatbaar voor
worden aangevoeld verandering
- Voorbeelden:
o “Schuldig verzuim is het opzettelijk nalaten hulp te verlenen
aan iemand die in groot gevaar verkeert (…). Het wordt
bestraft met een straf van niveau 2”
= materieel strafrecht
o “Vooraleer wordt overgegaan tot het verhoor van een
verdachte, dient hem te worden meegedeeld dat hij de keuze
heeft om te antwoorden op de vragen of te zwijgen”
= strafprocesrecht
o “op de terechtzitting verschijnt de beschuldigde ongeboeid en
wordt hij slechts vergezeld door bewakers om te beletten dat
hij ontvlucht”
= strafprocesrecht
= spelregel die gevolgd moet worden door bewakers
Deel 1: strafprocesrecht
1 Doelstellingen van een strafprocesrecht
- Bedoeling strafprocesrecht:
o Waarheidsvinding:
Om te achterhalen wat er precies gebeurd is
Wie is/zijn de dader(s)?
om de waarheid te achterhalen
o Bescherming van grondrechten:
Om de garantie te bieden dat niemand zomaar onterecht
veroordeeld wordt
Dat het bewijs op een eerlijke manier wordt gevoerd
Dat de zaak binnen een redelijke termijn wordt
behandeld
dat de grondrechten worden gerespecteerd
- niet makkelijk om deze 2 in evenwicht te houden
2 De 2 fasen van een strafproces
- Fase van vooronderzoek:
o Bij OM of onderzoeksrechter
o Doelstellingen:
Verdachte identificeren
2
, Nagaan of er voldoende bezwaren bestaan om hem voor
de rechter te brengen
o Kenmerken:
Geheim
- Fase van terechtzitting
Nie
t-
o Bij vonnisrechter
teg
o Doelstelling:
ens
Uitspraak over 2 vragen:
pre 1. Heeft de verdachte idd het misdrijf gepleegd?
keli 2. Zo ja, welke straf?
jk
o Kenmerken:
=
Openbaar
inq
Tegensprekelijk
uis
= accusatoir karakter
ito
ir Vooronderzoek Onderzoek ten gronde
=ka
voorlopig onderzoek, bij OM of = onderzoek ter terechtzitting,
onderzoeksrechter bij vonnisrechter
ra
Doelstellinge - Verdachte identificeren Uitspraak over 2 vragen:
n kt- nagaan of er voldoende - heeft de verdacht idd
er bezwaren tegen hem het misdrijf gepleegd?
bestaan om hem voor de - Zo ja, welke straf?
vonnisrechter te brengen
Kenmerken - Geheim: - Openbaar
t.o.v. publiek Terechtzitting (in
t.o.v. verdachte en principe)
slachtoffer Uitspraak (steeds)
- Niet-tegensprekelijk: - Tegensprekelijk:
Verdachte heeft geen recht Verdachte kan/mag
om verzamelde bezwaren te verzamelde bewijzen
weerleggen weerleggen, maar heeft
Verdachte heeft geen geen bewijslast
inspraak in de manier wrp
het onderzoek gevoerd
wordt Vooral ACCUSATOIR
Vooral INQUISITOIR
2.1 De fase van het vooronderzoek
- Niet in handen van vonnisrechter
- In handen van Openbaar Ministerie of onderzoeksrechter
o OM leidt het onderzoek = opsporingsonderzoek
o Onderzoeksrechter voert onderzoek = gerechtelijk
onderzoek
3
, - Bedoeling:
o Om verdachte te identificeren
o Te onderzoeken of er tegen hem voldoende bezwaren bestaan
om hem voor de rechter te brengen
- Heeft inquisitoir karakter:
o = geheim:
Alle onderzoeksverrichtingen + procedurehandelingen
gebeuren zonder dat het publiek wordt toegelaten
Verdachte + slachtoffer worden niet betrokken bij de
onderzoeksverrichtingen
o = niet-tegensprekelijk:
Verdachte is niet toegestaan om de tegen hem
verzamelde bezwaren te weerleggen + verweermiddelen
aan te voeren
2.2 De fase van de terechtzitting
- Fase voor de vonnisrechter
o Politierb, correctionele rb, Hof van Assisen
- = Onderzoek ten gronde
- Bedoeling: uitspraak over vragen:
o heeft de verdacht idd het misdrijf gepleegd?
o Zo ja, welke straf?
- Kenmerken:
o Openbaar: publiek is in principe toegelaten op de
terechtzitting
o Tegensprekelijk: de verdachte mag, wat men tegen hem
aanvoert, trachten te weerleggen
- Accusatoir karakter
3 De hoofdrolspelers in het strafprocesrecht
3.1 De verdachte
- Verdachte: verzamelnaam voor alle personen die tegen wie een
strafzaak in de brede betekenis vh woord loopt
- MAAR: verschillende statuten:
o Verdachte in ruime zin: alle personen tegen wie een
strafzaak loopt
- In fase van vooronderzoek:
4