2023-2024
SOCIALE PSYCHOLOGIE
EMMY GOVAERT
,INLEIDING
• Fysieke lessen met 2 keer online leerpad
• Handboek: “Sociale psychologie vandaag: Een verkenning.” door Rudy Schellaert
• 2 hoofdstukken vallen weg (spiegelneuronen en cognitieve intelligentie)
• Donkerpaars – structuur les
• Groen – niet in handboek – extra te kennen!
• Zwart – oefening, vraag of opdracht
• Oranje – video
• Geel – leerstofoverzicht
Thema 1: sociale cognities
WAAROVER GAAT SOCIALE PSYCHOLOGIE VOLGENS JOU?
• Hoe we elkaar beïnvloeden
• Hoe ons gedrag elkaar gaat beïnvloeden
WAT IS SOCIALE PSYCHOLOGIE?
• De sociale psychologie = wil een antwoord bieden op de vraag hoe individuen reageren in
sociale situaties.
• Welke invloed heeft de aanwezigheid van anderen op het gedrag van een individu?
Je wordt zodra iemand rond jou is beïnvloed, je emoties, je gedachten, …
Sociaal psychologen bestuderen hoe het gedrag van mensen beïnvloed wordt door het gedrag van
andere mensen
• De invloed die anderen op een individu hebben is meestal dwingend en tegelijk onbewust
Bv. onbewuste beïnvloeding: iemand vertelt jou een verhaal. Tijdens het gesprek
luister je gewoon, maar na het gesprek merk je dat wat die persoon vertelde toch
wel impact op jou had/je voelt je onrustig…
Denk aan een feest. Er staat een dj te draaien maar niemand danst want niemand wil
de eerste zijn om de dansvloer te betreden. Maar zodra een groepje mensen begint
te dansen barst de sfeer los en komen er nog dansen.
1) Je kan niet niet communiceren: Ook als je ervoor kiest om niet te communiceren geef je
signalen af (denk aan sociologie – sociaal handelen = Handelen dat betekenisvol
betrokken is op dat van de anderen → dus een uitgestoken hand weigeren of iemand
negeren is ook sociaal handelen)
Als je aan anderen het signaal geeft dat je niet met hen wil praten, praat je met hen
door te zeggen dat je niet wil converseren. Zelfs al doe je dit non-verbal door bv de
rug toe te keren.
Je handelingen gaat treffen, waar je je bewust bent van de ander
2) Maar het omgekeerde geldt ook: je kan niet niet beïnvloed worden door anderen. Zodra
er anderen aanwezig zijn, zullen je denkproces, je gedrag, je emoties, je motivatie…
wijzigen, of je het wil of niet en of je het nu beseft of niet…
Je bent altijd beïnvloed
,Bv trein → voldoende plaats: zal je niet heel dichtbij andere persoon zitten → privacy respecteren /
tonen dat je niet wil communiceren (de aanwezigheid van een andere persoon, bepaalt mee waar je
gaat zitten
Bureau werken → hoofdtelefoon opzetten als signaal niet storen
Sociale
Algemene psychologie Sociologie
psychologie
• Sociale psychologie = Het gedrag van individuen in sociale relaties duiden
Het studiegebied van de SP = sociaal gedrag maar SP is niet de enige wetenschap die
sociaal gedrag bestudeert.
• Sociologie = Studie van gedrag van groepen (maatschappij, cultuur, politieke of sociale
bewegingen…
De sociologie is de wetenschappelijke discipline bij uitstek die sociaal gedrag van
mensen in kaart brengt en verklaart.
Maar toch is er een belangrijk verschil tss S en SP!
• S = weinig aandacht besteden aan de individuele gedragingen van een persoon, en eerder
wetmatigheden trachten te ontdekken in sociale structuren en gehelen
• SP bevindt zich op het raakvlak tss de algemene psychologie en de sociologie. (overlappen
deels maar versterken elkaar ook)
• Sociologie kan alleen maar baat hebben bij inzichten/kennis over sociale interacties tss
individuen
• Psychologie gebaat bij inzicht in de wijze waarop gedragingen van individuen beïnvloed
worden door de aanwezigheid en gedragingen van anderen.
Psychologie = individuen
Sociologie = gedrag van groepen
Sociale psychologie = hoe individuen zich gedragen in groepen
DEFINITIE:
= De sociale psychologie is een studie die tracht te begrijpen, verklaren en voorspellen hoe de
gedachten, gevoelens en gedragingen van individuen beïnvloed worden door de waargenomen,
ingebeelde of impliciete gedachten, gevoelens en gedragingen van anderen.
Het ander gedrag moet je niet altijd zien gebeuren maar vaak is het voorspellen of
verwachten al voldoende om jou te beïnvloeden
, Op tijd komen in de les, omdat je bang bent dat als je te laat komt hierop een
opmerking ga krijgen en iedereen jou als raar zal aanzien
Gedrag moet niet altijd zichtbaar zijn, ook gedrag aanpassen aan
verwachtingen/voorspellingen die je verwacht dat anderen gaan doen
1 SCHEMA’S
Sociale cognitie = (cognitie = mogelijkheid om dingen te denken)
➔ Sociale cognitie omvat cognitieve processen (ofwel: denkvermogens) die betrokken zijn bij het
begrijpen van sociale situaties en andere mensen.
• processen waarbij we informatie
verwerven / selectie / opslaan
integreren / organiseren / structureren
Interpreteren
• over mensen
anderen (sociale perceptie)
kijken, zien ≠ sociale cognitie (gaat over denken)
zichzelf (zelfperceptie)
hoe je naar iets kijkt, ga ook je blik richten naar iets wat je wil zien, heeft ook een invloed hierop
We gaan ze gaan verwerken, interpreteren → we gaan daar actief mee aan de slag
• bv. heel veel info doorheen de dag, niet alle prikkels komen tot bij jou, maar de info moet
ook relevant zijn voor jou (enkel de prikkels verwerken die tot bij jou komen en die relevant
zijn voor jou)
• volgende proces = ordenen, waar past dat onder en wat weet ik er al over
1.1 Omschrijving
• cognitieve structuur (= mentale structuur aan de basis van je handelingen)
• waarin eerder verworven kennis
• over een stimulus of concept
over personen, opvattingen, fysieke daden, feiten,..
kenmerken
relaties tussen die kenmerken
• is gerepresenteerd
→ ook verbinden met elkaar, met andere schema’s
• wat we denken over onszelf
• wat we denken dat anderen over ons denken
-> sociale cognitie heeft invloed
op ons zelfbeeld
-> sociale context heeft invloed
op ons handelen
• Op een dag worden op de spoedafdeling van een ziekenhuis 2 personen binnen gevoerd: een
vader en een zoon.De vader is inmiddels overleden, maar de zoon heeft nog een kans het te
halen en wordt onmiddellijk naar de operatiekamer gebracht. Wanneer de chirurg de
jongeman op de operatietafel ziet liggen, zegt deze: “Ik kan die jongen niet opereren, dit is
mijn zoon.”
SOCIALE PSYCHOLOGIE
EMMY GOVAERT
,INLEIDING
• Fysieke lessen met 2 keer online leerpad
• Handboek: “Sociale psychologie vandaag: Een verkenning.” door Rudy Schellaert
• 2 hoofdstukken vallen weg (spiegelneuronen en cognitieve intelligentie)
• Donkerpaars – structuur les
• Groen – niet in handboek – extra te kennen!
• Zwart – oefening, vraag of opdracht
• Oranje – video
• Geel – leerstofoverzicht
Thema 1: sociale cognities
WAAROVER GAAT SOCIALE PSYCHOLOGIE VOLGENS JOU?
• Hoe we elkaar beïnvloeden
• Hoe ons gedrag elkaar gaat beïnvloeden
WAT IS SOCIALE PSYCHOLOGIE?
• De sociale psychologie = wil een antwoord bieden op de vraag hoe individuen reageren in
sociale situaties.
• Welke invloed heeft de aanwezigheid van anderen op het gedrag van een individu?
Je wordt zodra iemand rond jou is beïnvloed, je emoties, je gedachten, …
Sociaal psychologen bestuderen hoe het gedrag van mensen beïnvloed wordt door het gedrag van
andere mensen
• De invloed die anderen op een individu hebben is meestal dwingend en tegelijk onbewust
Bv. onbewuste beïnvloeding: iemand vertelt jou een verhaal. Tijdens het gesprek
luister je gewoon, maar na het gesprek merk je dat wat die persoon vertelde toch
wel impact op jou had/je voelt je onrustig…
Denk aan een feest. Er staat een dj te draaien maar niemand danst want niemand wil
de eerste zijn om de dansvloer te betreden. Maar zodra een groepje mensen begint
te dansen barst de sfeer los en komen er nog dansen.
1) Je kan niet niet communiceren: Ook als je ervoor kiest om niet te communiceren geef je
signalen af (denk aan sociologie – sociaal handelen = Handelen dat betekenisvol
betrokken is op dat van de anderen → dus een uitgestoken hand weigeren of iemand
negeren is ook sociaal handelen)
Als je aan anderen het signaal geeft dat je niet met hen wil praten, praat je met hen
door te zeggen dat je niet wil converseren. Zelfs al doe je dit non-verbal door bv de
rug toe te keren.
Je handelingen gaat treffen, waar je je bewust bent van de ander
2) Maar het omgekeerde geldt ook: je kan niet niet beïnvloed worden door anderen. Zodra
er anderen aanwezig zijn, zullen je denkproces, je gedrag, je emoties, je motivatie…
wijzigen, of je het wil of niet en of je het nu beseft of niet…
Je bent altijd beïnvloed
,Bv trein → voldoende plaats: zal je niet heel dichtbij andere persoon zitten → privacy respecteren /
tonen dat je niet wil communiceren (de aanwezigheid van een andere persoon, bepaalt mee waar je
gaat zitten
Bureau werken → hoofdtelefoon opzetten als signaal niet storen
Sociale
Algemene psychologie Sociologie
psychologie
• Sociale psychologie = Het gedrag van individuen in sociale relaties duiden
Het studiegebied van de SP = sociaal gedrag maar SP is niet de enige wetenschap die
sociaal gedrag bestudeert.
• Sociologie = Studie van gedrag van groepen (maatschappij, cultuur, politieke of sociale
bewegingen…
De sociologie is de wetenschappelijke discipline bij uitstek die sociaal gedrag van
mensen in kaart brengt en verklaart.
Maar toch is er een belangrijk verschil tss S en SP!
• S = weinig aandacht besteden aan de individuele gedragingen van een persoon, en eerder
wetmatigheden trachten te ontdekken in sociale structuren en gehelen
• SP bevindt zich op het raakvlak tss de algemene psychologie en de sociologie. (overlappen
deels maar versterken elkaar ook)
• Sociologie kan alleen maar baat hebben bij inzichten/kennis over sociale interacties tss
individuen
• Psychologie gebaat bij inzicht in de wijze waarop gedragingen van individuen beïnvloed
worden door de aanwezigheid en gedragingen van anderen.
Psychologie = individuen
Sociologie = gedrag van groepen
Sociale psychologie = hoe individuen zich gedragen in groepen
DEFINITIE:
= De sociale psychologie is een studie die tracht te begrijpen, verklaren en voorspellen hoe de
gedachten, gevoelens en gedragingen van individuen beïnvloed worden door de waargenomen,
ingebeelde of impliciete gedachten, gevoelens en gedragingen van anderen.
Het ander gedrag moet je niet altijd zien gebeuren maar vaak is het voorspellen of
verwachten al voldoende om jou te beïnvloeden
, Op tijd komen in de les, omdat je bang bent dat als je te laat komt hierop een
opmerking ga krijgen en iedereen jou als raar zal aanzien
Gedrag moet niet altijd zichtbaar zijn, ook gedrag aanpassen aan
verwachtingen/voorspellingen die je verwacht dat anderen gaan doen
1 SCHEMA’S
Sociale cognitie = (cognitie = mogelijkheid om dingen te denken)
➔ Sociale cognitie omvat cognitieve processen (ofwel: denkvermogens) die betrokken zijn bij het
begrijpen van sociale situaties en andere mensen.
• processen waarbij we informatie
verwerven / selectie / opslaan
integreren / organiseren / structureren
Interpreteren
• over mensen
anderen (sociale perceptie)
kijken, zien ≠ sociale cognitie (gaat over denken)
zichzelf (zelfperceptie)
hoe je naar iets kijkt, ga ook je blik richten naar iets wat je wil zien, heeft ook een invloed hierop
We gaan ze gaan verwerken, interpreteren → we gaan daar actief mee aan de slag
• bv. heel veel info doorheen de dag, niet alle prikkels komen tot bij jou, maar de info moet
ook relevant zijn voor jou (enkel de prikkels verwerken die tot bij jou komen en die relevant
zijn voor jou)
• volgende proces = ordenen, waar past dat onder en wat weet ik er al over
1.1 Omschrijving
• cognitieve structuur (= mentale structuur aan de basis van je handelingen)
• waarin eerder verworven kennis
• over een stimulus of concept
over personen, opvattingen, fysieke daden, feiten,..
kenmerken
relaties tussen die kenmerken
• is gerepresenteerd
→ ook verbinden met elkaar, met andere schema’s
• wat we denken over onszelf
• wat we denken dat anderen over ons denken
-> sociale cognitie heeft invloed
op ons zelfbeeld
-> sociale context heeft invloed
op ons handelen
• Op een dag worden op de spoedafdeling van een ziekenhuis 2 personen binnen gevoerd: een
vader en een zoon.De vader is inmiddels overleden, maar de zoon heeft nog een kans het te
halen en wordt onmiddellijk naar de operatiekamer gebracht. Wanneer de chirurg de
jongeman op de operatietafel ziet liggen, zegt deze: “Ik kan die jongen niet opereren, dit is
mijn zoon.”