FUNCTIELEER DEEL 2
LEREN
MPC vragen, gesloten boek. Criterium vragen (niet standaard 25/50 behalen om erdoor te
zijn. Afhankelijk van scoren groep).Het is een multiple-choice examen met 40 vragen in totaal.
Deze zullen als volgt verdeeld zijn:
8 voor leerpsychologie, 16 voor motivatie en emotie, 8 voor taalpsychologie en 8 voor hogere
cognitie.
1
,HS 1 BASISCONCEPTEN EN DEFINITIES
FUNDAMENTELE KENMERKEN VAN LEREN
2
,LEREN IN LEERPSYCHOLOGIE
Leren
1. Intentioneel-incidentieel; bewust-onbewust; expliciet-impliciet
Angstig leren zijn voor honden
Je weg leren kennen in Leuven
2. Bij mensen en alle andere diersoorten
Vaak experimenten op duiven en ratten
3. Gesofisticeerde en basale vaardigheden
Gezichten, stemmen leren herkennen
Telefoon leren opnemen bij rinkelen, trui aandoen bij koude
4. Leren doen en leren niet te doen
Leren zwijgen (= niet babbelen)
Leren stilzitten (= niet bewegen)
5. Motorisch-perceptueel-cognitief en emotioneel-affectief leren
Vrees voor spinnen, liften, enge ruimtes
Koffie leren lekker vinden
6. Het hele leven door
NAAR EEN DEFINITIE VAN LEREN
Definitie van leren
Leren is hét middel waardoor dieren hun gedrag duurzaam wijzigen, met
als doel een betere afstemming op veranderingen in de leefwereld
(gedragsmatige/neuronale plasticiteit)
Leren wordt geïdentificeerd door een relatief duurzame en stabiele
gedragsverandering veroorzaakt door specifieke ervaringen
Deze gedragsverandering kan zowel een toename (of: verschijnen) als een
afname (of: verdwijnen) zijn van een bepaalde respons
Niet elke gedragsverandering impliceert leren
1. Vermoeidheid
2. Tijdelijke veranderingen in fysiologische/ motivationele toestand
3
, o vb, arousalniveau, honger, geslachtshormonen
o terugkeer naar baseline indien behoefte voldaan
3. Tijdelijke veranderingen in de omgeving
o licht plots uit, steentje in schoen)
4. Maturatie & groei
o Geen inbreng van een specifieke ervaring
o Niet beperkt tot 1 bepaald soort gedrag
5. Evolutie
o Gedragswijzigingen transgenerationeel is geen vorm van leren
o Maar: vermogen tot leren zélf is product van evolutie
Maturatie vs leren
Leren veronderstelt oefening of ervaring die specifiek in verband staat met
het specifieke geleerde gedrag, maturatie niet
o Oefening bij leren kan variëren van …
Éénmalig (hete kachel vermijden)
tot erg veel (solist viool worden)
maar is hoe dan ook noodzakelijk om van leren te kunnen
spreken
o Gedragsveranderingen veroorzaakt door leren zijn specifiek en
beperkt tot het geleerde gedrag in vgl. met maturatie effecten
Vgl. effecten maturatie grijpbeweging ↔ leren koken op
elektrisch fornuis
Vb grijpbeweging verbetert door maturatie (grijpen blokken,
tas, lepel, etc).
Leren koken op elekt. fornuis, wil niet zeggen dat je kan
koken op open vuur.
Maar: wel zekere mate van generalisatie van het geleerde
gedrag mogelijk naar gelijkaardige situaties/gedragingen
Leren = relatief duurzame verandering in gedragsPOTENTIEEL
4
LEREN
MPC vragen, gesloten boek. Criterium vragen (niet standaard 25/50 behalen om erdoor te
zijn. Afhankelijk van scoren groep).Het is een multiple-choice examen met 40 vragen in totaal.
Deze zullen als volgt verdeeld zijn:
8 voor leerpsychologie, 16 voor motivatie en emotie, 8 voor taalpsychologie en 8 voor hogere
cognitie.
1
,HS 1 BASISCONCEPTEN EN DEFINITIES
FUNDAMENTELE KENMERKEN VAN LEREN
2
,LEREN IN LEERPSYCHOLOGIE
Leren
1. Intentioneel-incidentieel; bewust-onbewust; expliciet-impliciet
Angstig leren zijn voor honden
Je weg leren kennen in Leuven
2. Bij mensen en alle andere diersoorten
Vaak experimenten op duiven en ratten
3. Gesofisticeerde en basale vaardigheden
Gezichten, stemmen leren herkennen
Telefoon leren opnemen bij rinkelen, trui aandoen bij koude
4. Leren doen en leren niet te doen
Leren zwijgen (= niet babbelen)
Leren stilzitten (= niet bewegen)
5. Motorisch-perceptueel-cognitief en emotioneel-affectief leren
Vrees voor spinnen, liften, enge ruimtes
Koffie leren lekker vinden
6. Het hele leven door
NAAR EEN DEFINITIE VAN LEREN
Definitie van leren
Leren is hét middel waardoor dieren hun gedrag duurzaam wijzigen, met
als doel een betere afstemming op veranderingen in de leefwereld
(gedragsmatige/neuronale plasticiteit)
Leren wordt geïdentificeerd door een relatief duurzame en stabiele
gedragsverandering veroorzaakt door specifieke ervaringen
Deze gedragsverandering kan zowel een toename (of: verschijnen) als een
afname (of: verdwijnen) zijn van een bepaalde respons
Niet elke gedragsverandering impliceert leren
1. Vermoeidheid
2. Tijdelijke veranderingen in fysiologische/ motivationele toestand
3
, o vb, arousalniveau, honger, geslachtshormonen
o terugkeer naar baseline indien behoefte voldaan
3. Tijdelijke veranderingen in de omgeving
o licht plots uit, steentje in schoen)
4. Maturatie & groei
o Geen inbreng van een specifieke ervaring
o Niet beperkt tot 1 bepaald soort gedrag
5. Evolutie
o Gedragswijzigingen transgenerationeel is geen vorm van leren
o Maar: vermogen tot leren zélf is product van evolutie
Maturatie vs leren
Leren veronderstelt oefening of ervaring die specifiek in verband staat met
het specifieke geleerde gedrag, maturatie niet
o Oefening bij leren kan variëren van …
Éénmalig (hete kachel vermijden)
tot erg veel (solist viool worden)
maar is hoe dan ook noodzakelijk om van leren te kunnen
spreken
o Gedragsveranderingen veroorzaakt door leren zijn specifiek en
beperkt tot het geleerde gedrag in vgl. met maturatie effecten
Vgl. effecten maturatie grijpbeweging ↔ leren koken op
elektrisch fornuis
Vb grijpbeweging verbetert door maturatie (grijpen blokken,
tas, lepel, etc).
Leren koken op elekt. fornuis, wil niet zeggen dat je kan
koken op open vuur.
Maar: wel zekere mate van generalisatie van het geleerde
gedrag mogelijk naar gelijkaardige situaties/gedragingen
Leren = relatief duurzame verandering in gedragsPOTENTIEEL
4