Cultuurgeschiedenis van de Lage Landen II: van 1789 tot nu
Les 1: 14/2/23
De periode 1789 – nu = de moderniteit (de moderne periode)
Men maakt een verschil tss de solide moderniteit <-> vroege moderniteit
= deze periode = de Renaissance
Wat is renaissance?
- Recycleert datgene uit de oudheid voor een nieuw mensbeeld
- Heeft te maken met humanisme
o Oppositie tss traditie en moderniteit
Traditie: God staat centraal
Functie God? Hij is de schepper en verlosser (volgens christ. traditie)
& het hele leven wordt binnen die traditie in het licht gesteld v/e goddelijke
schepper en verlosser
=> dat begint te schuiven vanaf de renaissance !!!
In de renaissance:
Vroege moderniteit => vanuit mens als soeverein object dat eigen inzicht heeft
De mens permitteert zich om wereld zoals God die geschapen heeft ->
te herscheppen + perfectioneren m.b.v. wet. en techniek (vb.: Leonardo da Vinci)
MAAR blijft beperkt tot ‘blauwdrukken’ -> wordt nog niet gebruikt om netwerken te organiseren
In 19de eeuw: sterke veranderingen
-> wat voor soort netwerken?
- communicatienetwerken (telegraaf) – vaak parallel met ander netwerk: spoornetwerk
GEVOLG: dagelijkse leven verandert + andere filosofie v/h leven
Die veranderingen: tot uitdrukking in de literatuur
Cf. Jan van Beers, De stoomwagen (1859)
= een literaire poging om christelijke traditie en moderniteitsdenken met
elkaar te verzoenen
Mens als soeverein wezen die de wereld kan verbeteren en perfectioneren
JvB gaat begrip God herdefiniëren -> zie eerste strofe v/h gedicht
-> traditionele concept God herrijken
-> klonk voor de mensen toen erg blasfemisch (godslasterend)
Verschil met trad. herscheppingsverhaal?
Mens komt hier terecht in een wereld die bedreigend is, tegendeel van bekende aardsparadijs
Maar wil hij daarmee trad. gelovigen tot moderniteit dwingen?
NEE, want (in 2de strofe) God is zo goed geweest om mens een ‘toolkit’ mee te geven om wereld
eigenhandig te perfectioneren -> is dus technisch vernuft (bv. mijlpaal v/d drukpers (strofe 3)
= nieuwe geloof
De geest = vermogen dat mens van God krijgt om eigenhandig bestaande schepping te herscheppen
& toch mist de mens iets ondanks alle triomfen
-> wordt zich van dat gebrek bewust als hij vogels ziet (strofe 3)
-> voelt zich nog te zeer gebonden aan de zwaartekracht
Bewegingsvrijheid => nieuwe ideaal v/d mens
= zich snel kunnen verplaatsen over grote afstand
Mens gaat een nieuwe energiebron maken, die niet in de door God geschapen wereld aanwezig is
= stoomkracht (= een stap voorwaarts voor de mens)
Laatste strofe = ode aan de stoom
, - Klinkt erg overdreven, wereld wordt herschapen conform alle principes van industriële
revolutie
- Het aardsparadijs komt er -> is wel mensenwerk
- Gaat hier niet enkel om geld -> dromen v/e wereld waarin alle burgers vrij zijn + kunnen
genieten v/wat aarde te bieden heeft => tonen dat wet. kennis en technologie toeneemt
(Verlichting gaat toenemen)
- Geloven dat oorlog niet langer zal bestaan (is uiteindelijk illusie)
-> zoiets is zelfs voor overtuigde liberalen vandaag naïef -> WO I (moord en doodslag op
Industriële schaal)
Iets algemenere kijk op periode 1789 – nu:
Belangrijk: aandacht voor concrete moderniseringsprocessen, o.a.
- Industrialisering
- Verstedelijking
- Verwetenschappelijking
1839: eerste uitgave van Camera Obscura van Hildebrand (Nicolaas Beets)
1932: voltooiing v/d afsluitdijk
1939: Jef Last (linkse schrijver) publiceert Zuiderzee en handelt over gemeenschap in Ned wier
broodwinning visvangst is
Wanneer daar een einde aan komt -> implicaties voor voedselvoorraad
-> trad. manier v/leven wordt snel afgebouwd
-> fam. moeten andere broodwinning gaan zoeken
=> naar industrie
Clash tussen traditie en moderniteit
Modernisering als eindeloze herschepping v/d bestaande wereld, een permanente revolutie – v/d
komst v/d trein tot vandaag
Invoering v/digitalisering -> nieuwe mogelijkheden, maar ook veel aanpassingen (revoluties geven
dagelijks leven een ander aanzien)
=> door stoomkracht: honderden mensen aan verschillende machines massaal laten produceren
Steden krijgen ander aanzien + ritme => er werd soort nieuwe mens geboren =
Industriearbeider, die andere sociale relaties aangaat (wordt massaal ingezet & krijgt baas niet te
zien)
- Anonimisering van werkrelaties
- Bewuster v/sociale onrecht waaraan ze ten prooi vallen
- Sprake v/nieuw soort bewustzijn, opkomen voor sociale rechten, …
- Vormt input voor literaire fictie
In Ned. literatuur duurt het betrekkelijk lang voordat extraliteraire wereld ook wordt afgebeeld in
literatuur
= 19de-eeuwse letterkunde:
> een opmerkelijke discrepantie tss het alledaagse leven, dat gestaag moderner wordt & de literaire
en artistieke representatie ervan, waarin dat moderne leven lang onderbelicht blijft, tenminste in zijn
concrete verschijningsvorm (moderne technische objecten; industriële landschappen; de moderne
grote stad en de massa;…)
Vergelijking met ander medium = filmmedium:
Revolutionair veranderde wereld overtuigend in beeld brengen
& het filmmedium is veel geschikter om moderne dynamische wereld te representeren
Een v/d eerst getoonde films: v/d broers Lumière (= trein die aankomt op het perron)
Was een overtuigende representatie v/d moderne realiteit
, L'Arrivée d'un train en gare de La Ciotat (1896)
Overtuigende representatie v/industriële werkelijkheid = La Sortie de l'usine Lumière à Lyon (1895)
De film Metropolis (1927) is een sciencefictionfilm dus geënsceneerde werkelijkheid
-> maar dat betekent niet minder overtuigende representatie (maar er ontstaat toch kritische
afstand, vervreemdingseffect)
-> laat je nadenken, stimuleert kritische reflectie
Ook filmmedium is medium waarin extrafilmische realiteit niet direct weergegeven wordt
Hoezo geënsceneerd?
Omdat de camera ergens staat -> er wordt voor bepaald perspectief gekozen, specifiek soort
belichting (logisch dat illusie realiteit groter is bij Lumière (roepen effect realiteit op) dan bij
Metropolis)
(standaardgrap: band werd omgekeerd gedraaid (bv. Charlie Chaplin) -> zo werd duidelijk dat je niet
in de werkelijkheid zat)
Wat wij denken dat werkelijkheid is = effect v/d werkelijkheid dat technisch wordt opgeroepen
DUS samenvattend:
‘realiteit’ in de film is een overtuigende illusie van realiteit, een effect* dat tot stand komt door
middel van een vakkundig gebruik van technieken die eigen zijn aan het medium ‘film’
*effet du réel
(continue montage → realisme = interpretatie)
Kunstwerk v/Magritte: representatie v/e pijp waarvan de illusie overtuigend is
& dat is niet anders wanneer het vervangen wordt door een foto (geen ‘echte’ pijp !!!)
De literaire representatie van de extra-literaire werkelijkheid:
Literatuur is hoe dan ook nimmer een directe, natuurgetrouwe weerspiegeling v/d extra-literaire
realiteit
-> maar representaties, dus subjectief
Literatuur = medium dat de extra-literaire werkelijkheid op haar specifieke manier – door
fragmenten ervan met woorden te mimeren of te representeren – interpreteert
= geen passieve reproductie, maar actieve vormgeving, realiteitsconstructie/-productie
= literaire conventies van het realisme en het effet du réel; (authentieke) autobiografie
Wat zijn geloofwaardige elementen?
- Dialogen
- Lange, gedetailleerde beschrijvingen
- Plaatsnamen (reële bestaande stad)
- Personages waarvan we weten dat ze echt bestaan hebben
- Suggereren dat er een motief is voor de acties van de personages
Uiteindelijk is realistische tekst geen natuurgetrouwe afbeelding maar een representatie daarvan
Truc v/d schrijver v/e autobiografie om duidelijk te maken dat het echt over hem gaat:
Ze schrijven aan begin expliciet dat ze de waarheid gaan spreken over zichzelf
(worden afgekraakt als ze dit verbreken)
De extra-literaire werkelijkheid vormt de input v/d literaire tekst die conform tijdgebonden literaire
wetten en regels vorm krijgt, waarbij literatuur door de tijd heen diverse graden van zelfstandigheid
heeft gekregen
- Traditionele invloed van Kerk en Staat; literatuur als ‘retoriek’; ‘boodschappenkunst’
- Vb. van heteronome naar autonome literatuuropvatting in de 19de eeuw: dominee-dichters
versus Beweging van Tachtig; Nederland ≈ Vlaanderen
- Verzelfstandigingsproces literatuur → versterking moderne natiestaat en ‘liberalisme’
Zo overtuigend mogelijk beeld v/d realiteit proberen te creëren
Les 1: 14/2/23
De periode 1789 – nu = de moderniteit (de moderne periode)
Men maakt een verschil tss de solide moderniteit <-> vroege moderniteit
= deze periode = de Renaissance
Wat is renaissance?
- Recycleert datgene uit de oudheid voor een nieuw mensbeeld
- Heeft te maken met humanisme
o Oppositie tss traditie en moderniteit
Traditie: God staat centraal
Functie God? Hij is de schepper en verlosser (volgens christ. traditie)
& het hele leven wordt binnen die traditie in het licht gesteld v/e goddelijke
schepper en verlosser
=> dat begint te schuiven vanaf de renaissance !!!
In de renaissance:
Vroege moderniteit => vanuit mens als soeverein object dat eigen inzicht heeft
De mens permitteert zich om wereld zoals God die geschapen heeft ->
te herscheppen + perfectioneren m.b.v. wet. en techniek (vb.: Leonardo da Vinci)
MAAR blijft beperkt tot ‘blauwdrukken’ -> wordt nog niet gebruikt om netwerken te organiseren
In 19de eeuw: sterke veranderingen
-> wat voor soort netwerken?
- communicatienetwerken (telegraaf) – vaak parallel met ander netwerk: spoornetwerk
GEVOLG: dagelijkse leven verandert + andere filosofie v/h leven
Die veranderingen: tot uitdrukking in de literatuur
Cf. Jan van Beers, De stoomwagen (1859)
= een literaire poging om christelijke traditie en moderniteitsdenken met
elkaar te verzoenen
Mens als soeverein wezen die de wereld kan verbeteren en perfectioneren
JvB gaat begrip God herdefiniëren -> zie eerste strofe v/h gedicht
-> traditionele concept God herrijken
-> klonk voor de mensen toen erg blasfemisch (godslasterend)
Verschil met trad. herscheppingsverhaal?
Mens komt hier terecht in een wereld die bedreigend is, tegendeel van bekende aardsparadijs
Maar wil hij daarmee trad. gelovigen tot moderniteit dwingen?
NEE, want (in 2de strofe) God is zo goed geweest om mens een ‘toolkit’ mee te geven om wereld
eigenhandig te perfectioneren -> is dus technisch vernuft (bv. mijlpaal v/d drukpers (strofe 3)
= nieuwe geloof
De geest = vermogen dat mens van God krijgt om eigenhandig bestaande schepping te herscheppen
& toch mist de mens iets ondanks alle triomfen
-> wordt zich van dat gebrek bewust als hij vogels ziet (strofe 3)
-> voelt zich nog te zeer gebonden aan de zwaartekracht
Bewegingsvrijheid => nieuwe ideaal v/d mens
= zich snel kunnen verplaatsen over grote afstand
Mens gaat een nieuwe energiebron maken, die niet in de door God geschapen wereld aanwezig is
= stoomkracht (= een stap voorwaarts voor de mens)
Laatste strofe = ode aan de stoom
, - Klinkt erg overdreven, wereld wordt herschapen conform alle principes van industriële
revolutie
- Het aardsparadijs komt er -> is wel mensenwerk
- Gaat hier niet enkel om geld -> dromen v/e wereld waarin alle burgers vrij zijn + kunnen
genieten v/wat aarde te bieden heeft => tonen dat wet. kennis en technologie toeneemt
(Verlichting gaat toenemen)
- Geloven dat oorlog niet langer zal bestaan (is uiteindelijk illusie)
-> zoiets is zelfs voor overtuigde liberalen vandaag naïef -> WO I (moord en doodslag op
Industriële schaal)
Iets algemenere kijk op periode 1789 – nu:
Belangrijk: aandacht voor concrete moderniseringsprocessen, o.a.
- Industrialisering
- Verstedelijking
- Verwetenschappelijking
1839: eerste uitgave van Camera Obscura van Hildebrand (Nicolaas Beets)
1932: voltooiing v/d afsluitdijk
1939: Jef Last (linkse schrijver) publiceert Zuiderzee en handelt over gemeenschap in Ned wier
broodwinning visvangst is
Wanneer daar een einde aan komt -> implicaties voor voedselvoorraad
-> trad. manier v/leven wordt snel afgebouwd
-> fam. moeten andere broodwinning gaan zoeken
=> naar industrie
Clash tussen traditie en moderniteit
Modernisering als eindeloze herschepping v/d bestaande wereld, een permanente revolutie – v/d
komst v/d trein tot vandaag
Invoering v/digitalisering -> nieuwe mogelijkheden, maar ook veel aanpassingen (revoluties geven
dagelijks leven een ander aanzien)
=> door stoomkracht: honderden mensen aan verschillende machines massaal laten produceren
Steden krijgen ander aanzien + ritme => er werd soort nieuwe mens geboren =
Industriearbeider, die andere sociale relaties aangaat (wordt massaal ingezet & krijgt baas niet te
zien)
- Anonimisering van werkrelaties
- Bewuster v/sociale onrecht waaraan ze ten prooi vallen
- Sprake v/nieuw soort bewustzijn, opkomen voor sociale rechten, …
- Vormt input voor literaire fictie
In Ned. literatuur duurt het betrekkelijk lang voordat extraliteraire wereld ook wordt afgebeeld in
literatuur
= 19de-eeuwse letterkunde:
> een opmerkelijke discrepantie tss het alledaagse leven, dat gestaag moderner wordt & de literaire
en artistieke representatie ervan, waarin dat moderne leven lang onderbelicht blijft, tenminste in zijn
concrete verschijningsvorm (moderne technische objecten; industriële landschappen; de moderne
grote stad en de massa;…)
Vergelijking met ander medium = filmmedium:
Revolutionair veranderde wereld overtuigend in beeld brengen
& het filmmedium is veel geschikter om moderne dynamische wereld te representeren
Een v/d eerst getoonde films: v/d broers Lumière (= trein die aankomt op het perron)
Was een overtuigende representatie v/d moderne realiteit
, L'Arrivée d'un train en gare de La Ciotat (1896)
Overtuigende representatie v/industriële werkelijkheid = La Sortie de l'usine Lumière à Lyon (1895)
De film Metropolis (1927) is een sciencefictionfilm dus geënsceneerde werkelijkheid
-> maar dat betekent niet minder overtuigende representatie (maar er ontstaat toch kritische
afstand, vervreemdingseffect)
-> laat je nadenken, stimuleert kritische reflectie
Ook filmmedium is medium waarin extrafilmische realiteit niet direct weergegeven wordt
Hoezo geënsceneerd?
Omdat de camera ergens staat -> er wordt voor bepaald perspectief gekozen, specifiek soort
belichting (logisch dat illusie realiteit groter is bij Lumière (roepen effect realiteit op) dan bij
Metropolis)
(standaardgrap: band werd omgekeerd gedraaid (bv. Charlie Chaplin) -> zo werd duidelijk dat je niet
in de werkelijkheid zat)
Wat wij denken dat werkelijkheid is = effect v/d werkelijkheid dat technisch wordt opgeroepen
DUS samenvattend:
‘realiteit’ in de film is een overtuigende illusie van realiteit, een effect* dat tot stand komt door
middel van een vakkundig gebruik van technieken die eigen zijn aan het medium ‘film’
*effet du réel
(continue montage → realisme = interpretatie)
Kunstwerk v/Magritte: representatie v/e pijp waarvan de illusie overtuigend is
& dat is niet anders wanneer het vervangen wordt door een foto (geen ‘echte’ pijp !!!)
De literaire representatie van de extra-literaire werkelijkheid:
Literatuur is hoe dan ook nimmer een directe, natuurgetrouwe weerspiegeling v/d extra-literaire
realiteit
-> maar representaties, dus subjectief
Literatuur = medium dat de extra-literaire werkelijkheid op haar specifieke manier – door
fragmenten ervan met woorden te mimeren of te representeren – interpreteert
= geen passieve reproductie, maar actieve vormgeving, realiteitsconstructie/-productie
= literaire conventies van het realisme en het effet du réel; (authentieke) autobiografie
Wat zijn geloofwaardige elementen?
- Dialogen
- Lange, gedetailleerde beschrijvingen
- Plaatsnamen (reële bestaande stad)
- Personages waarvan we weten dat ze echt bestaan hebben
- Suggereren dat er een motief is voor de acties van de personages
Uiteindelijk is realistische tekst geen natuurgetrouwe afbeelding maar een representatie daarvan
Truc v/d schrijver v/e autobiografie om duidelijk te maken dat het echt over hem gaat:
Ze schrijven aan begin expliciet dat ze de waarheid gaan spreken over zichzelf
(worden afgekraakt als ze dit verbreken)
De extra-literaire werkelijkheid vormt de input v/d literaire tekst die conform tijdgebonden literaire
wetten en regels vorm krijgt, waarbij literatuur door de tijd heen diverse graden van zelfstandigheid
heeft gekregen
- Traditionele invloed van Kerk en Staat; literatuur als ‘retoriek’; ‘boodschappenkunst’
- Vb. van heteronome naar autonome literatuuropvatting in de 19de eeuw: dominee-dichters
versus Beweging van Tachtig; Nederland ≈ Vlaanderen
- Verzelfstandigingsproces literatuur → versterking moderne natiestaat en ‘liberalisme’
Zo overtuigend mogelijk beeld v/d realiteit proberen te creëren