Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 8 pages
Summary

Samenvatting H5 Een praktijkgerichte benadering van Organisatie en Management

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 8 pages

Samenvatting hoofdstuk 5 van het vak Organisatie en Management van de module DriveXchange. Opleiding: Technische Bedrijfskunde Windesheim. Boek: Een praktijkgerichte benadering van Organisatie en Management door Jos Marcus en Nick van Dam.

Content preview

Hoofdstuk 5 individu en groepen
5.1 Mens in organisaties
Organisatie is gedefinieerd als ‘elke vorm van menselijke samenwerking voor een
gemeenschappelijk doel’.
5.2 Motivatie
Motivatie, is afgeleid van het Latijnse woord ‘movere’ dat ‘in beweging zetten’ betekent.
Motivatie = de inwendige bereidheid van een persoon om bepaalde handelingen te
verrichten.
Belangrijk in de ontwikkeling van het begrip motivatie is het onderscheid tussen werk
intrinsieke motivatie en werk extrinsieke motivatie. Wat is dat?

Werk intrinsieke motivatie = Heeft betrekking op het werk zelf. Mensen die werk intrinsiek
gemotiveerd zijn, zien hun werk als een uitdaging. Werken is een belangrijk onderdeel van
deze mensen. (vertalen naar Maslows behoeftehiërarchie komen we bij de hoger liggende
behoeften als erkenning en zelfontplooiing) Mensen hebben de motieven als het dragen van
verantwoordelijkheid, ontwikkelen, leveren van prestaties. = Langetermijn’prikkel’

Werk extrinsieke motivatie = Hierbij gaat het niet om het werk zelf maar om de zaken rond
het werk. Denk aan werkomstandigheden, beloning, emolumenten en status. Als het ware
de opbrengsten die met het werk behaald worden. = Kortetermijn’prikkel’

Op basis hiervan zijn verschillende soorten theorieën ontwikkeld. Zoals, de theorie van
Alderfer, de theorie van McClelland en het verwachtingstheorie van Vroom.

 Theorie van Alderfer (1969)
Existentiële behoeften = Materiële zekerheid. (Maslow: fysiologische behoeften en
zekerheid)
Relationele behoeften = Goede relaties met anderen. Sociale acceptatie, waardering
en erkenning. (Maslow: behoefte acceptatie en erkenning)
Groeibehoeften = gericht op persoonlijke groei en zelfontplooiing. (Maslow: hoogste
in piramide, zelfontplooiing)
Frustratie-regressiehypothese = houdt in dat als een hogere behoefte gefrustreerd wordt, of
niet haalbaar blijkt te zijn, de behoefte op een lager niveau belangrijker wordt.
‘’Mensen komen vooral in actie van als ze een tekort ervaren (deprivatie van behoeften)’’

 Theorie van McClelland (1971)
Maslow en Alderfer vinden dat behoeften zijn aangeboren. McClelland vind dat
behoeften zijn aangeleerd. Hij is van oordeel dat in de eerste levensjaren een
behoefteprofiel wordt ontwikkeld, tijdens deze ontwikkeling wordt een behoefte
dominant. Bij de verdere ontwikkeling heeft deze behoefte de functie als ‘sturing’. Hij
maakt onderscheid in een drietal behoefteprofielen:
Prestatiebehoefte = Gericht op leveren van een goede prestatie, persoon is op zoek
naar uitdagingen zowel in werk als daarbuiten.
Machtsbehoefte = Gericht op uitoefenen van invloed, controle en beheersing over
mensen.
Affiliatiebehoefte = Gericht op het opbouwen van goede relaties.

,  Verwachtingstheorie van Vroom (1964)

Procesgeoriënteerde motivatietheorie = houdt zich bezig met de vraag hoe het
motivatieproces van medewerkers verloopt.

De verwachtingstheorie stelt dat een medewerker geneigd is om op bepaalde manier te
handelen op basis van de verwachting dat de handelswijze tot een bepaalde uitkomst zal
leiden. Het motivatieproces bestaat uit drie variabelen:
De verwachting = De verhouding tussen inspanning en prestatie. (hoe schat de medewerker
de situatie in dat een geleverde prestatie ook daadwerkelijk tot de gewenste prestatie gaat
leiden?)
De instrumentaliteit = De verhouding tussen de prestatie en de beloning. (leidt de goede
prestatie wel tot bepaalde opbrengsten voor de medewerker?)
De waarde = de aantrekkelijkheid van de beloning.




Volgens de verwachtingstheorie zal een medewerker meer inspanning verrichten:
 Naarmate hij de kans hoger inschat om goede resultaten te behalen;
 Naarmate de kans groter is dat daaraan bepaalde beloningen vastzitten;
 Naarmate de beloningen voor hem meer waard zijn.

De mate van motivatie = verwachting x instrumentaliteit x waarde

De variabelen kunnen niet als los worden gezien maar vormen een drie-eenheid. Manager
die de motivatie van medewerkers willen sturen moeten naar het complete plaatje kijken.

Connected book
 image
Edition: april 2015 ISBN: 9789001850241 Edition: 8

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
H5
Uploaded on
March 30, 2020
Number of pages
8
Written in
2018/2019
Type
Summary
$4.08

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
gvr
5.0
(1)
Sold
7
Followers
7
Items
17
Last sold
3 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions