Psychologie toetsen
Biopsychologie, neurowetenschappen
1. Welke van de onderstaande uitspraken drukt de juiste relatie uit?
Antwoord: Genen zijn opgebouwd uit DNA
Chromosomen zijn opgebouwd uit genen die weer bestaan uit DNA
2. Mensen zijn uniek en delen _ procent van hun genetisch materiaal
Antwoord: 99,9%
Ondanks alle variatie tussen mensen delen zij 99,9% van hun genetisch
materiaal
3. Eeneiige tweelingen hebben dezelfde genetische blauwdruk, maar
vertonen toch kleine uiterlijke verschillen. Deze kleine verschillen
zijn een voorbeeld van hun _____
Antwoord: Fenotype
Natuurlijke selectie is het mechanisme waardoor de best aangepaste
organismen natuurlijk overleven. Het gaat hier om het fenotype (de expressie
van selectie de genen):
o Dit wordt niet volledig door erfelijke eigenschappen bepaald, ook al
heeft het zijn basis in de biologie
4. Op het moment van conceptie ontvangt een kind _ chromosomen
van zijn vader en _ chromosomen van zijn moeder
Antwoord: 23
Een mens heeft 23 chromosomenparen en ontvangt van beide ouders 23
chromosomen
5. Wat is volgens de evolutieleer een maat voor het succes van een
soort?
Antwoord: het krijgen van voldoende nakomelingen die overleven
Een soort is succesvol in de evolutie als deze blijft voortbestaan en dat kan
alleen als er voldoende nakomelingen zijn
6. Onderzoekers denken dat schizofrenie het gevolg is van een
verstoring in de huishouding van de neurotransmitter _____
Antwoord: Dopamine
7. Wat is de functie van myeline?
Antwoord: het versnellen van de neurale impuls
Net als het omhulsel van een elektrisch snoer isoleert, beschermt de
myelineschede rond een neuron de cel. Ook wordt de geleidingssnelheid van
impulsen langs het axon door de myelineschede verhoogd.
1
,8. Het vermogen om piano te spelen wordt geregeld door het ____
Antwoord: Somatische zenuwstelsel
Bij piano spelen gaat het om vrijwillige bewegingen van de skeletspieren. Het
somatische zenuwstelsel stuurt vrijwillige boodschappen naar de skeletspieren
en is dus actief bij het piano spelen.
9. Langs welke weg reist een zenuwimpuls?
Antwoord: dendrieten, soma, axon, eindknopjes
Het neuron ontvangt zenuwimpulsen via zijn dendrieten en soma
(cellichaam). Wanneer het cellichaam voldoende gestimuleerd is, wordt zijn
eigen boodschap naar het axon vervoerd, dat het door middel van een
actiepotentiaal naar de eindknopjes van de cel vervoert.
10. _____ zijn de twee communicatiesystemen van het lichaam
Antwoord: het zenuwstelsel en het endocriene stelsel
De twee interne communicatiesystemen van het lichaam zijn het zenuwstelsel
en het endocriene stelsel
11. Het hebben van dorst wordt in de hersenen geregeld door de _
Antwoord: Hypothalamus
De hypothalamus bevat belangrijke regelschakelingen voor verschillende
elementaire motieven en driften, zoals honger, dorst en seks.
12. Welke functie heeft de frontaalkwab?
Antwoord: beweging, denken en persoonlijkheid
De frontaalkwab is een gebied voor in de hersenen dat met name een rol
speelt in beweging, het denken en de persoonlijkheid
13. Welk deel van de hersenen is beschadigd bij een split-
brainpatiënt?
Antwoord: Corpus callosum
Bij een split-brainpatiënt is het corpus callosum beschadigd en is er geen
communicatie tussen de twee hersenhelften mogelijk. De motorische cortex
zendt signalen uit die zorgen voor vrijwillige bewegingen
14. Je houdt een ijsblokje in je hand en voelt dat het glibberig,
koud en hard is. Na een tijdje gaat de kou pijn doen. In welk deel
van de hersenen wordt deze informatie verwerkt?
Antwoord: Somatosensorische cortex
De somatosensorische cortex speelt een rol bij de tastzin
2
, 15. Inge valt tijdens het skeeleren op haar voorhoofd. Haar
persoonlijkheid is anders geworden door de val. Welke kwab is
waarschijnlijk beschadigd door de val?
Antwoord: Frontaalkwab
De frontaalkwab is het gebied voor in de hersenen dat met name een rol
speelt in beweging, het denken en de persoonlijkheid
Sensatie en perceptie
1. Waar besteedde de theorie over drempels geen aandacht aan
waar de signaaldetectietheorie wel aandacht aan besteedt?
Antwoord: de lichamelijke gesteldheid van de waarnemer
Volgens de signaaldetectietheorie is sensatie afhankelijk van de kenmerken
van de stimulus, de achtergrondstimulus en de detector. De theorie over
drempels besteedt geen aandacht aan kernmerken van de detector.
2. Wat is een ander woord voor het ‘juist waarneembare verschil’
(JWV)?
Antwoord: Verschildrempel
De begrippen verschildrempel en juist waarneembaar verschil zijn
synoniemen
3. Vul de zin aan: Bij perceptie reist de gecodeerde informatie vanaf
de receptorcellen meestal langs een sensorische baan via de ____
naar gespecialiseerde sensorische verwerkingscentra in de
hersenen
Antwoord: Thalamus
De thalamus is het centrale ‘koppelstation’ van de hersenen en ligt recht
boven de hersenstam. Bijna alle boodschappen die de hersenen bereiken of
verlaten, gaan hier doorheen
4. Welke van de onderstaande constateringen is een goed voorbeeld
van de Wet van Weber?
Antwoord: Je neemt eerder waar dat een slanke filmster drie kilo is
aangekomen dan dat je stevige tante drie kilo zwaarder is geworden
De Wet van Weber stelt dat de grootte van het JWV proportioneel
samenhangt met de intensiteit van de stimulus. Bij een zwaardere persoon is
dus een groter gewichtsverschil nodig om waarneembaar te zijn.
5. Transductie zorgt ervoor dat je het zeewater na een tijdje niet
meer zo koud vindt als op het moment dat je erin liep. Waar of
niet waar?
Antwoord: onwaar
3
Biopsychologie, neurowetenschappen
1. Welke van de onderstaande uitspraken drukt de juiste relatie uit?
Antwoord: Genen zijn opgebouwd uit DNA
Chromosomen zijn opgebouwd uit genen die weer bestaan uit DNA
2. Mensen zijn uniek en delen _ procent van hun genetisch materiaal
Antwoord: 99,9%
Ondanks alle variatie tussen mensen delen zij 99,9% van hun genetisch
materiaal
3. Eeneiige tweelingen hebben dezelfde genetische blauwdruk, maar
vertonen toch kleine uiterlijke verschillen. Deze kleine verschillen
zijn een voorbeeld van hun _____
Antwoord: Fenotype
Natuurlijke selectie is het mechanisme waardoor de best aangepaste
organismen natuurlijk overleven. Het gaat hier om het fenotype (de expressie
van selectie de genen):
o Dit wordt niet volledig door erfelijke eigenschappen bepaald, ook al
heeft het zijn basis in de biologie
4. Op het moment van conceptie ontvangt een kind _ chromosomen
van zijn vader en _ chromosomen van zijn moeder
Antwoord: 23
Een mens heeft 23 chromosomenparen en ontvangt van beide ouders 23
chromosomen
5. Wat is volgens de evolutieleer een maat voor het succes van een
soort?
Antwoord: het krijgen van voldoende nakomelingen die overleven
Een soort is succesvol in de evolutie als deze blijft voortbestaan en dat kan
alleen als er voldoende nakomelingen zijn
6. Onderzoekers denken dat schizofrenie het gevolg is van een
verstoring in de huishouding van de neurotransmitter _____
Antwoord: Dopamine
7. Wat is de functie van myeline?
Antwoord: het versnellen van de neurale impuls
Net als het omhulsel van een elektrisch snoer isoleert, beschermt de
myelineschede rond een neuron de cel. Ook wordt de geleidingssnelheid van
impulsen langs het axon door de myelineschede verhoogd.
1
,8. Het vermogen om piano te spelen wordt geregeld door het ____
Antwoord: Somatische zenuwstelsel
Bij piano spelen gaat het om vrijwillige bewegingen van de skeletspieren. Het
somatische zenuwstelsel stuurt vrijwillige boodschappen naar de skeletspieren
en is dus actief bij het piano spelen.
9. Langs welke weg reist een zenuwimpuls?
Antwoord: dendrieten, soma, axon, eindknopjes
Het neuron ontvangt zenuwimpulsen via zijn dendrieten en soma
(cellichaam). Wanneer het cellichaam voldoende gestimuleerd is, wordt zijn
eigen boodschap naar het axon vervoerd, dat het door middel van een
actiepotentiaal naar de eindknopjes van de cel vervoert.
10. _____ zijn de twee communicatiesystemen van het lichaam
Antwoord: het zenuwstelsel en het endocriene stelsel
De twee interne communicatiesystemen van het lichaam zijn het zenuwstelsel
en het endocriene stelsel
11. Het hebben van dorst wordt in de hersenen geregeld door de _
Antwoord: Hypothalamus
De hypothalamus bevat belangrijke regelschakelingen voor verschillende
elementaire motieven en driften, zoals honger, dorst en seks.
12. Welke functie heeft de frontaalkwab?
Antwoord: beweging, denken en persoonlijkheid
De frontaalkwab is een gebied voor in de hersenen dat met name een rol
speelt in beweging, het denken en de persoonlijkheid
13. Welk deel van de hersenen is beschadigd bij een split-
brainpatiënt?
Antwoord: Corpus callosum
Bij een split-brainpatiënt is het corpus callosum beschadigd en is er geen
communicatie tussen de twee hersenhelften mogelijk. De motorische cortex
zendt signalen uit die zorgen voor vrijwillige bewegingen
14. Je houdt een ijsblokje in je hand en voelt dat het glibberig,
koud en hard is. Na een tijdje gaat de kou pijn doen. In welk deel
van de hersenen wordt deze informatie verwerkt?
Antwoord: Somatosensorische cortex
De somatosensorische cortex speelt een rol bij de tastzin
2
, 15. Inge valt tijdens het skeeleren op haar voorhoofd. Haar
persoonlijkheid is anders geworden door de val. Welke kwab is
waarschijnlijk beschadigd door de val?
Antwoord: Frontaalkwab
De frontaalkwab is het gebied voor in de hersenen dat met name een rol
speelt in beweging, het denken en de persoonlijkheid
Sensatie en perceptie
1. Waar besteedde de theorie over drempels geen aandacht aan
waar de signaaldetectietheorie wel aandacht aan besteedt?
Antwoord: de lichamelijke gesteldheid van de waarnemer
Volgens de signaaldetectietheorie is sensatie afhankelijk van de kenmerken
van de stimulus, de achtergrondstimulus en de detector. De theorie over
drempels besteedt geen aandacht aan kernmerken van de detector.
2. Wat is een ander woord voor het ‘juist waarneembare verschil’
(JWV)?
Antwoord: Verschildrempel
De begrippen verschildrempel en juist waarneembaar verschil zijn
synoniemen
3. Vul de zin aan: Bij perceptie reist de gecodeerde informatie vanaf
de receptorcellen meestal langs een sensorische baan via de ____
naar gespecialiseerde sensorische verwerkingscentra in de
hersenen
Antwoord: Thalamus
De thalamus is het centrale ‘koppelstation’ van de hersenen en ligt recht
boven de hersenstam. Bijna alle boodschappen die de hersenen bereiken of
verlaten, gaan hier doorheen
4. Welke van de onderstaande constateringen is een goed voorbeeld
van de Wet van Weber?
Antwoord: Je neemt eerder waar dat een slanke filmster drie kilo is
aangekomen dan dat je stevige tante drie kilo zwaarder is geworden
De Wet van Weber stelt dat de grootte van het JWV proportioneel
samenhangt met de intensiteit van de stimulus. Bij een zwaardere persoon is
dus een groter gewichtsverschil nodig om waarneembaar te zijn.
5. Transductie zorgt ervoor dat je het zeewater na een tijdje niet
meer zo koud vindt als op het moment dat je erin liep. Waar of
niet waar?
Antwoord: onwaar
3