Logistiek samenvatting
Logistieke grondvormen
Pijplijn
o Ononderbroken proces, 1 verantwoordelijke partij
o Zowel material als distribution management
Keten
o Meerdere partijen werken samen.
o Bijvoorbeeld vleeswaren aanvoer in supermarkt
Shared resource
Convergentie
o Input van verschillende toeleveringsprocessen
o Aantal verbindingen convergeert naar één proces
Divergentie
o Één toeleverancier voor verschillende andere processen
o Aantal verbindingen divergeert vanuit één naar verschillende processen
Netwerk
o Combinatie divergentie en convergentie
KOOP (Klant Order Ontkoppel Punt)
Koop 1: Maken voor lokale voorraad
Koop 2: Maken voor centrale voorraad
Koop 3: Assembleren op order
Koop 4: Maken op order
Koop 5: Inkopen en maken op order
Soorten voorraad
Voorraad naar traject
o Grondstoffen en inkoopdelen worden opgeslagen in het magazijn.
o Laag risico omdat ze voor eindproducten kunnen worden toegepast
Voorraad naar soort
o Veiligheidsvoorraad vorm een buffer tegen onzekerheden
o Hebben een bepaald doel
Theoretisch voorraad
o Ook wel fysieke voorraad
genoemd
, Kosten van de voorraad
1. Bestelkosten: de kosten voor het bestellen en laten leveren van een product.
2. Voorraadkosten: de kosten van rente, ruimte en risico (RRR).
3. Kosten van nee-verkoop: de kosten van het niet beschikbaar zijn van een product.
Blz 94 verschillende voorraden
Formule van Camp
Gemiddelde voorraad = 0.5 x Q
Voorraadkosten
C ∙Q
Kv= v
2
Bestelhoeveelheid per order = Q
Voorraadkosten per product / periode = C v
Bestelkosten
D ∙C b
Kb=
Q
De vraag in periode = D
De bestelhoeveelheid per order = Q
De kosten per bestelling = C b
EOQ
De vraag in periode = D
EOQ=
√
2 DC b
Cv
De kosten per bestelling = C b
Voorraadkosten per product / periode = C v
Aansturing voorraadpunten
Pushmethode
o Bekeken hoeveel voorraad aanwezig/onderweg is waarna deze hoeveelheid
wordt vergeleken met voorspellingen.
o Men ‘drukt’ de goederen de keten in
Pullmethode
o Beperkte voorraad, wanneer consument product afneem komt de
bevoorrading op gang
o Men ‘trekt’ de goederen de keten in
Deze methoden worden aangestuurd door twee regelsystemen
Klassieke benadering
o Elk voorraadpunt apart aangestuurd in combinatie met bijbehorende
productieproces wat leidt tot ongewenste tussenvoorraden. De
tussenvoorraad wordt groter door:
Aantal schakels in keten
Logistieke grondvormen
Pijplijn
o Ononderbroken proces, 1 verantwoordelijke partij
o Zowel material als distribution management
Keten
o Meerdere partijen werken samen.
o Bijvoorbeeld vleeswaren aanvoer in supermarkt
Shared resource
Convergentie
o Input van verschillende toeleveringsprocessen
o Aantal verbindingen convergeert naar één proces
Divergentie
o Één toeleverancier voor verschillende andere processen
o Aantal verbindingen divergeert vanuit één naar verschillende processen
Netwerk
o Combinatie divergentie en convergentie
KOOP (Klant Order Ontkoppel Punt)
Koop 1: Maken voor lokale voorraad
Koop 2: Maken voor centrale voorraad
Koop 3: Assembleren op order
Koop 4: Maken op order
Koop 5: Inkopen en maken op order
Soorten voorraad
Voorraad naar traject
o Grondstoffen en inkoopdelen worden opgeslagen in het magazijn.
o Laag risico omdat ze voor eindproducten kunnen worden toegepast
Voorraad naar soort
o Veiligheidsvoorraad vorm een buffer tegen onzekerheden
o Hebben een bepaald doel
Theoretisch voorraad
o Ook wel fysieke voorraad
genoemd
, Kosten van de voorraad
1. Bestelkosten: de kosten voor het bestellen en laten leveren van een product.
2. Voorraadkosten: de kosten van rente, ruimte en risico (RRR).
3. Kosten van nee-verkoop: de kosten van het niet beschikbaar zijn van een product.
Blz 94 verschillende voorraden
Formule van Camp
Gemiddelde voorraad = 0.5 x Q
Voorraadkosten
C ∙Q
Kv= v
2
Bestelhoeveelheid per order = Q
Voorraadkosten per product / periode = C v
Bestelkosten
D ∙C b
Kb=
Q
De vraag in periode = D
De bestelhoeveelheid per order = Q
De kosten per bestelling = C b
EOQ
De vraag in periode = D
EOQ=
√
2 DC b
Cv
De kosten per bestelling = C b
Voorraadkosten per product / periode = C v
Aansturing voorraadpunten
Pushmethode
o Bekeken hoeveel voorraad aanwezig/onderweg is waarna deze hoeveelheid
wordt vergeleken met voorspellingen.
o Men ‘drukt’ de goederen de keten in
Pullmethode
o Beperkte voorraad, wanneer consument product afneem komt de
bevoorrading op gang
o Men ‘trekt’ de goederen de keten in
Deze methoden worden aangestuurd door twee regelsystemen
Klassieke benadering
o Elk voorraadpunt apart aangestuurd in combinatie met bijbehorende
productieproces wat leidt tot ongewenste tussenvoorraden. De
tussenvoorraad wordt groter door:
Aantal schakels in keten