Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 27 pages
Summary

Samenvatting Leerdoelen Pyschische stromingen Mens zijn

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 27 pages

Dit zijn de uitgewerkte leerdoelen over psychische stromingen die horen bij het vak Mens Zijn. Dit vak wordt in de 2e periode van het eerste jaar Social Work op Viaa gegeven.

Content preview

Algemene kenmerken van de wetenschap psychologie
De verschillende stromingen binnen de psychologie:
- Behaviorisme
- Psychoanalyse
- Humanistische psychologie
- Cognitieve psychologie
- Systeemtheorie

1a1. Je kunt de wetenschap psychologie typeren aan de hand van
het object en de methoden en theorieën
Psychologie is een wetenschap die de mens bestudeert.
Object  Het studieonderwerp van wetenschap (hier de mens)
- Sociologie
o Gedrag van mensen in groepen
- Psychologie
o Gedrag van de mens individueel
- Biologie
o Weefsels, cellen en atomen
- Psychologie is een wetenschap waarbij zowel het gedrag van mensen wordt bestudeerd als de
gevoelens en gedachten die mensen hebben bij het ervaren van hun gedrag en de omstandigheden
waarin dat plaatsvindt (Rigter, 2004)
Methode
- Bij de psychologie is het object niet de keuze van de methode, maar de methode de keuze van het
object.
- Welke methode kies je?
o Tellen, meten, registeren bracht veel vooruit gang. Deze zijn objectief.

1a2. Je weet wat theorieën zijn en welke functies ze hebben
Theorieën en functies zijn te typeren als referentiekaders waaruit psychologen te werk kunnen gaan.
Functies
- Systematiseren of ordenen
o Vindt plaats op het niveau van beschrijving.
o De 1e stap is een systematische weergave van wat er wordt waargenomen.
- Verklaren en voorspellen
o Resultaten kunnen verklaard worden door aan te geven dat ze in specifieke omstandigheden
bereikt worden.
o Op grond daarvan kan voorspeld worden dat in een volgend experiment dezelfde resultaten
bereikt worden.
- Heuristisch
o Hier wordt bedoeld dat op grond van het inzicht dat de theorie heeft opgeleverd nieuwe
voorspellingen gedaan kunnen worden. (nieuw is hier= ‘he daar had ik nog niet aan gedacht’)
Theorieën
- Wetenschappelijke theorieën
o Systematisch en ordelijk beschrijven van verschijnselen van de werkelijkheid
o Verklaren en voorspellen van verschijnselen
o Creatief nieuwe zienswijzen op een ander domein ontwikkelen (Heuristisch)
o Kritisch
- Alledaagse theorieën
o Intuïtief en willekeurig beschrijven van verschijnselen van de werkelijkheid (Dat heeft hij/zij
van zijn vader)
o Onkritisch; uit op bevestiging en niet op weerlegging
o Verklaringen achteraf i.p.v. voorspellen
o De uitzondering bevestigd de regel, het klopt niet dus het klopt

,1a3. Je weet hoe je theorieën kunt indelen op mechanistisch,
personalistisch en organistisch niveau en welke mensbeelden daarbij
horen
Om structuur aan te brengen in de psychologische theorieën maken we onderscheid in 3 niveaus van menselijk
gedrag. Elk niveau correspondeert met een mensbeeld.
Een mensbeeld kent 2 aspecten
- Een beschrijving van de kenmerkende eigenschappen (bodem van het menselijk bestaan)
- Een verwijzing hoe mensen behoren te zijn (het zogenaamde doelbeeld)

Mensbeelden
- Mechanistisch mensbeeld
o Mens is samengesteld uit afzonderlijke delen.
o Mensen zijn mechanieken die door externe krachten worden voortbewogen.
o Manier van kijken naar gedrag: eenvoudige oorzaak-gevolg, het gedrag wordt bepaald door
de oorzaak.
o Past vooral bij het behaviorisme, heeft ook raakvlakken met de cognitieve psychologie.
- Organistisch mensbeeld
o Mensen worden gezien als groeiende organismen, als één geheel.
o De mens is geen machine maar een levend groeisel.
o Mens past zich aan, aan de omgeving.
o Past bij de cognitieve psychologie.
- Personalistisch mensbeeld
o Mens is heeft een uniek karakter.
o Mensen leiden een biologisch & cultureel leven.
 Zij worden niet alleen beïnvloed door de cultuur, maar scheppen zelf cultuur.
o Thema’s als geloof en spiritualiteit horen hier thuis.
o Centraal staat het doelgericht handelen.
o Mens heeft veel grip op zijn omstandigheden. Hebben keuzes, creëren culturen.
o Past vooral bij de humanistische psychologie, heeft ook raakvlakken met de psychoanalyse.


1a4. Je weet wat de algemene systeemtheorie inhoudt
De algemene systeemtheorie (AST) biedt een overkoepelend kader waarin verschillende wetenschappen en
uiteenlopende inzichten uit al deze wetenschappen een plek krijgen. De AST wordt ook wel een metatheorie
genoemd.

Metatheorie  theorie over theorieën.

, Behaviorisme (Skinner)
Behaviorisme = gedrag
Het behaviorisme staat zowel voor een wetenschapsfilosofische opvatting als voor een benadering in de
psychologie waarin leerprocessen centraal staan om gedrag te verklaren.

1b1. Je kent de belangrijkste basisuitgangspunten, de hoofdlijnen uit
de geschiedenis, en het mensbeeld van het behaviorisme
De basisuitgangspunten:
- Behavioristen stellen objectiviteit centraal. Volgens hen mogen psychologen zich alleen maar richten
op het waarneembare gedrag van mensen en dieren. Gedachten en dromen (en daarover reflecteren),
kunnen in de psychologie niet bestudeerd worden omdat ze subjectief zijn. Volgens behavioristen zijn
gedachten en dromen niet waarneembaar voor anderen.
- Leerprocessen staan centraal bij het verklaren van gedrag. Het gaat hier niet om het vergaren van
kennis, maar om aangeleerd gedrag. Factoren buiten het individu (periferalisme) worden gebruikt om
het ontstaan van gedrag te verklaren. Factoren binnen een individu (centralisme), zoals motivatie en
geheugen, worden niet onderzocht.
- Evolutionair gezien bestaat er volgens behavioristen en continuïteit tussen het gedrag van dieren en
mensen. Hoewel mensen hoger op de evolutionaire ladder staan dan dieren en ze ingewikkelder
gedrag vertonen, verschillen leerprocessen bij dieren en mensen niet principieel. Daarom wordt
binnen het behaviorisme gebruikgemaakt van de resultaten uit dierexperimenten.
- Binnen het klassieke behaviorisme wordt uitgegaan van de veronderstelling dat mensen blanco op de
wereld komen. Dit wordt tabula rasa (‘lege lei’) genoemd en impliceert dat al het gedrag van een
persoon in de loop der jaren geleerd is. Er is weinig aandacht voor de erfelijk bepaalde aansturing van
het gedrag. Dit standpunt werd later genuanceerd met de opvatting dat het gedrag dat geleerd kan
worden begrensd wordt door de biologische mogelijkheden van een organisme. Zo kunnen mensen
nooit leren hoe ze moeten vliegen, omdat hun lichaam daartoe niet is uitgerust.
- Om gedrag te bestuderen, mag het opgeknipt worden in kleine delen. Complex gedrag wordt opgevat
als een aaneenrijging van in principe simpele elementaire leerprocessen. Om complex gedrag
begrijpelijk te maken, moet er reductie toegepast worden. Dat wil zeggen dat het ontstaan van het
gedrag zo simpel mogelijk verklaard wordt. Van complexe verklaringen zoals het oedipuscomplex
gruwen behavioristen.

De geschiedenis
Het behaviorisme is ontstaan in de VS.
- John Watson(1878-1958) is verbonden aan de beginperiode.
o Watson zei dat gedrag wordt opgevat als een reactie van een organisme op een bepaalde
prikkeling of signaal. Het gedrag wordt aangeleerd volgens simpele stimulus- reactie
koppelingen.
- Hij gaat net als Ivan Pavlov uit van klassieke conditionering: de geleerde stimulus- reactie koppeling
wordt gezien als een reflex.
- Bij het ontstaan van het behaviorisme spelen verschillende factoren een rol.
o Splitsing tussen psychologen die theorievorming centraal stelden en psychologen die die
praktische toepassingen centraal stelden. Psychologen uit de VS stelden het praktische nut
centraal.
o Evolutietheorie van Darwin.
o Binnen de Amerikaanse psychologie werd toen veel onderzoek gedaan bij dieren en
leerprocessen. (Sanders, 1972).
- Neobehaviorisme: het gedrag (R) is zowel afhankelijk van de stimulus uit de omgeving (S) als ook van
de condities van het organisme (O).
- Met de opkomst van het neobehaviorisme wordt ook aandacht besteed aan operant conditioneren
(Burhus Skinner). Het gedrag(R) wordt niet zozeer uitgelokt door een stimulus(S), maar stelt dat het
gevolg op of de consequentie van het gedrag bepaald of gedrag in frequentie zal toe- of afnemen.

Connected book
 image
Publisher: mei 2008 ISBN: 9789046900109 Edition: 4

Document information

Study
Summarized whole book?
Unknown
Uploaded on
October 8, 2019
Number of pages
27
Written in
2018/2019
Type
Summary
$5.93
Purchased by 1 students

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
tessaborgonjen
3.9
(10)
Sold
49
Followers
32
Items
10
Last sold
4 months ago


Reviews from verified buyers



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions