Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 28 pages
Summary

Samenvatting Gerechtelijk recht en deskundigenonderzoek (deel gerechtelijk recht)

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 28 pages

Samenvatting deel gerechtelijk recht van de cursus, ppts en wat er in de les gezegd is geweest

Content preview

2023 -
2024




GERECHTELIJK RECHT &
DESKUNDIGENONDERZOEK
(DEEL GERECHTELIJK RECHT)
2E BACHELOR VASTGOED
CHARLOTTE VAN PAEMEL

, DEEL 1: INLEIDENDE BEGRIPPEN

BEGRIPPEN RECHTSSTAAT EN RECHTSREGELS

Rechtsstaat: hierin wordt het leven van (rechts-)personen en de overheid in een bepaalde
maatschappij geordend o.b.v. wetgeving / reglementen die tot stand komen door het handelen van
de wetgevende en uitvoerende macht (à objectieve doelstellingen).

Rechtsregels: deze gaan uit van een internationaal, federaal of regionaal gezagsorgaan met als doel
het gedrag van de (rechts-)personen in een bepaalde maatschappij te regelen in een afdwingbaar
systeem.

De wetgeving moet rekening houden met de in de grondwet en in internationale verdragen
vastgestelde rechten van iedere burger. Hier tegenover staat wel de plicht om zich aan de wetten te
houden.

Het bestaan van de wetgeving en de bepalingen is het objectief recht. De concrete individuele
toepassing hiervan is dan het subjectief recht.

ONDERSCHEID TUSSEN PUBLIEK RECHT EN PRIVAAT RECHT

Publiek recht
= alle rechtsregels die betrekking hebben op de relatie tussen de overheud en burgers + alle
rechtsregels die de overheid organiseren (uitoefening staatsgezag).


HET GRONDWETTELIJK RECHT EN ADMINISTRATIEF RECHT

A. GRONDWETTELIJK RECHT (STAATSRECHT)
= regelt de inrichting van de staat (‘basisregels’) (inc. wie is bevoegd voor wat) + de
fundamentele rechtsbescherming van de burgers tegenover de staat (basisrechten burgers).
- Art. 10 en Art. 11: niet-discriminatiewet (iedere Belg gelijk voor de wet).
- Art. 13: altijd toegang hebben tot de rechtbank.

Je kan enkel iemand strafrechtelijk vervolgen als er op dat moment van de fout er een wet
voor bestond. Alles wat onder GW komt mag er niet strijdig mee zijn.
à Het Grondwettelijk Hof kijkt toe op de naleving ervan door de wetgever. Deze kan wetten,
decreten en ordonnanties schorsen (mogen tijdelijk niet meer toegepast worden) of
vernietigen (mogen definitief niet meer toegepast worden).

, B. ADMINISTRATIEF RECHT (BESTUURSRECHT)
= regelt de organisatie en de structuren van de uitvoerende macht (de openbare diensten en
de organisatie).

à Raad van State (RvS) is veraantwoorelijk voor AR, bestaat uit 2 afdelingen:
- Afdeling wetgeving: geeft advies over ontwerpen van wetten, decreten…
- Afdeling administratie: overheidsbeslissingen die strijdig zijn met o.a. het administratief
recht, dan kunnen ze hier aangevochten worden.

RvS kan dus administratieve rechtshandelingen van een administratieve overheid vernietigen
wanneer er sprake is van rechtstreekse schending van de grondwet of wet, overschrijding
van bevoegdheden, niet-naleving van essentiële vormvereisten en/of machtsafwending.

Bij vernietiging stelt de RvS geen nieuwe beslissing in de plaats, maar moet een nieuwe
beslissing genomen worden door de bevoegde overheid.

Ondersteuning geven aan RvS door nieuwe rechtscolleges te creëren:
- Raad voor Vreemdelingenbetwistingen
- Raad voor Vergunningsbetwistingen


STRAFRECHT EN STRAFPROCESRECHT

C. STRAFRECHT
= alle wetten die zeggen dat je iets niet mag doen (misdrijf). Indien je het wel doet à straf.
Bepaalt welke handelingen strafbaar zijn en welke straffen toegepast worden.

Een burger kan enkel vervolgd worden voor misdrijven (= een door wet strafbare handeling
of verzuim) die uitdrukkelijk bij wet zijn vastgelegd en gestraft met de door de wet bepaalde
straffen.

De overheid treedt op via het openbaar ministerie. Deze zal onderzoek voeren en een dader
laten vervolgen. De strafrechtbank zal uiteindelijk oorelen indien de verdachte al dan niet
schuldig is. het legaliteitsbeginsel is zeer belangrijk in het strafrecht.

Elk misdrijf vereist een materieel en moreel element à Materieel strafrecht: wat is
strafbaar? Misdrijven ingedeeld in 3 categorieën:
- Overtreding: alle misdrijven die gesanctioneerd worden met een straf van max. 7 dagen
en/of geldboetes van €1 tot €25 (x8) bv. door rood rijden, openbare dronkenschap à
meeste van die kleine straffen zijn nu GAS-boetes.
- Wanbedrijf: alle misdrijven die gesanctioneerd worden met een straf van max. 5 jaar
en/of geldboete van min. €26 (x8) bv. diefstal, vervalsing geschriften, misbruik van
vertrouwen, makelaar zonder ingeschreven zijn in BIV… à taakstaf of werkstraf: dit kan
niet worden opgelegd als je dit niet wil, want anders is dit dwangarbeid.
- Misdaad: dit is een zwaar crimineel feit dat een zeer zware straf oplevert bv. doodslag,
moord, verkrachting… Waarvoor de straf > 5 jaar.

Document information

Study
Uploaded on
June 8, 2024
Number of pages
28
Written in
2023/2024
Type
Summary
$7.00

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
1
Followers
0
Items
2
Last sold
1 year ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions