INLEIDING TOT CRIMINOLOGIE EN STRAFRECHT
HFST 7: DE SANCTIE
1. WAT IS EEN SANCTIE?
Sanctie = een middel om het naleven van gedragsnormen te bevorderen en desnoods af te dwingen.
- Positieve sanctie = het toekennen van bepaalde voordelen wanneer men de afgesproken regels
naleeft
Vb.: bedrijf geeft werknemer een bonus voor het behalen van uitstekende prestaties tijdens
het werk. De bonus beloont het gewenst gedrag van de werknemer (hoge productiviteit,
creativiteit, klanttevredenheid,) en moedigt hem aan om dat gedrag te blijven doen.
- Negatieve sanctie = het opleggen van een nadeel bij het niet naleven van de afgesproken
gedragsnormen
Vb.: als student herhaaldelijk te laat komt voor les kan docent ervoor kiezen om de studenten
niet meer te laten deelnemen aan de les. De negatieve sanctie is bedoeld zodat het gedrag zal
afnemen, de student ontmoedigen om in de toekomst dit gedrag nog te stellen.
Juridische sancties
strafrechtelijke sancties niet-strafrechtelijke sancties
- Burgerlijke sancties
Sanctie waarvan doel niet si om dader te
straffen, maar slachtoffers te
beschermen, en vergoeden, maatschappij
beschermen, delinquenten opvoeden,
jeugdrechter die maatregelen oplegt aan
jongeren
- Administratieve sancties
Uitsluiting werklozen steun
- Tuchtsancties
Door orde van geneesheer
2. WAT IS EEN STRAF?
Straf = een leed, door de wet bepaald, en door de rechterlijke macht opgelegd als een sanctie voor een misdrijf.
2.1. KENMERKEN VAN EEN STRAF:
- Leed toevoegend karakter: vergelding, preventieve en repressieve functie
Vergeldingsmaatregel van de maatschappij tegenover het individu dat een maatschappelijk
onaanvaardbare gestelde gedraging heeft vertoond
Overtreder treft schuld dus moet hij boeten doen
Vergelding, het wraak principe niet langer als strafdoel laten meespelen
, Vergelding begint meer en meer een rol te spelen: maatschappelijke discussies, publieke
opinies gaan meer en meer richting van repressie uit, wat wel ten koste gaat van
resocialiserende functie van straf
Preventief karakter: straf moet delinquent ervan weerhouden om misdrijven te plegen, maar
ook de omgeving weerhouden om misdrijven te plegen
- Wettelijk karakter → legaliteitsbeginsel!
Rechter kan zich enkel baseren op een wet om een straf uit te spreken
- Verplicht karakter: de strafrechter is verplicht de straf op te leggen, behoudens bij wet bepaalde
uitzonderlijke gevallen
Rechter mag niet beslissen om pleger van misdrijf niet te straffen wegens uitzonderlijke
omstandigheden die geen rechtvaardiging of schulduitsluitingsgronden zijn
- Persoonlijk karakter: de straf kan enkel worden opgelegd aan de persoon die het misdrijf heeft
gepleegd
Het kan bijvoorbeeld niet overgaan tot een erfgename
- Individueel karakter: in beginsel geen collectieve of solidaire aansprakelijkheid
Iedere dader, mededader, medeplichtige moet een afzonderlijke straf krijgen
3. DE WETTELIJKE INDELING
Gevangenisstraf, straf onder elektronisch toezicht, werkstraf en autonome probatiestraf kunnen niet
samen worden toepast
3.1. HOOFDSTRAFFEN VS BIJKOMENDE STRAFFEN:
- Hoofdstraffen kunnen afzonderlijk opgelegd worden
- Bijkomende straffen moeten steeds samen met een hoofdstraf uitgesproken worden.
- Vervangende gevangenisstraf
verplicht bij het opleggen van een geldboete voor het geval de veroordeelde de geldboete
niet KAN betalen → geen keuze van de veroordeelde
HFST 7: DE SANCTIE
1. WAT IS EEN SANCTIE?
Sanctie = een middel om het naleven van gedragsnormen te bevorderen en desnoods af te dwingen.
- Positieve sanctie = het toekennen van bepaalde voordelen wanneer men de afgesproken regels
naleeft
Vb.: bedrijf geeft werknemer een bonus voor het behalen van uitstekende prestaties tijdens
het werk. De bonus beloont het gewenst gedrag van de werknemer (hoge productiviteit,
creativiteit, klanttevredenheid,) en moedigt hem aan om dat gedrag te blijven doen.
- Negatieve sanctie = het opleggen van een nadeel bij het niet naleven van de afgesproken
gedragsnormen
Vb.: als student herhaaldelijk te laat komt voor les kan docent ervoor kiezen om de studenten
niet meer te laten deelnemen aan de les. De negatieve sanctie is bedoeld zodat het gedrag zal
afnemen, de student ontmoedigen om in de toekomst dit gedrag nog te stellen.
Juridische sancties
strafrechtelijke sancties niet-strafrechtelijke sancties
- Burgerlijke sancties
Sanctie waarvan doel niet si om dader te
straffen, maar slachtoffers te
beschermen, en vergoeden, maatschappij
beschermen, delinquenten opvoeden,
jeugdrechter die maatregelen oplegt aan
jongeren
- Administratieve sancties
Uitsluiting werklozen steun
- Tuchtsancties
Door orde van geneesheer
2. WAT IS EEN STRAF?
Straf = een leed, door de wet bepaald, en door de rechterlijke macht opgelegd als een sanctie voor een misdrijf.
2.1. KENMERKEN VAN EEN STRAF:
- Leed toevoegend karakter: vergelding, preventieve en repressieve functie
Vergeldingsmaatregel van de maatschappij tegenover het individu dat een maatschappelijk
onaanvaardbare gestelde gedraging heeft vertoond
Overtreder treft schuld dus moet hij boeten doen
Vergelding, het wraak principe niet langer als strafdoel laten meespelen
, Vergelding begint meer en meer een rol te spelen: maatschappelijke discussies, publieke
opinies gaan meer en meer richting van repressie uit, wat wel ten koste gaat van
resocialiserende functie van straf
Preventief karakter: straf moet delinquent ervan weerhouden om misdrijven te plegen, maar
ook de omgeving weerhouden om misdrijven te plegen
- Wettelijk karakter → legaliteitsbeginsel!
Rechter kan zich enkel baseren op een wet om een straf uit te spreken
- Verplicht karakter: de strafrechter is verplicht de straf op te leggen, behoudens bij wet bepaalde
uitzonderlijke gevallen
Rechter mag niet beslissen om pleger van misdrijf niet te straffen wegens uitzonderlijke
omstandigheden die geen rechtvaardiging of schulduitsluitingsgronden zijn
- Persoonlijk karakter: de straf kan enkel worden opgelegd aan de persoon die het misdrijf heeft
gepleegd
Het kan bijvoorbeeld niet overgaan tot een erfgename
- Individueel karakter: in beginsel geen collectieve of solidaire aansprakelijkheid
Iedere dader, mededader, medeplichtige moet een afzonderlijke straf krijgen
3. DE WETTELIJKE INDELING
Gevangenisstraf, straf onder elektronisch toezicht, werkstraf en autonome probatiestraf kunnen niet
samen worden toepast
3.1. HOOFDSTRAFFEN VS BIJKOMENDE STRAFFEN:
- Hoofdstraffen kunnen afzonderlijk opgelegd worden
- Bijkomende straffen moeten steeds samen met een hoofdstraf uitgesproken worden.
- Vervangende gevangenisstraf
verplicht bij het opleggen van een geldboete voor het geval de veroordeelde de geldboete
niet KAN betalen → geen keuze van de veroordeelde