Emoties zijn het gevolg van iets anders, bestaande uit een aantal componenten
Affect = acute weergave van een emotie, gaat meer over de expressie van emoties
1
,E-motion: er zit een soort van beweging in, onderverdeeld in 3 componenten
Emoties zijn universeel
− Emoties zelf zijn niet zo verschillend, de uiting ervan wel
− De cognitieve component bij emoties is wel heel verschillend bij mensen
− Over het algemeen heel overeenkomend bij mens & dier
2
,Positieve emoties hebben een positief effect op de fysieke gezondheid
Beide zijn ook belangrijk voor de overleving
3
, Baby: 0-6m: Schrikreactie luide geluiden, snel naderende voorwerpen, houdingsverandering
Peuter: 6m-2j: Vreemden, onbekende mensen, onverwachte voorwerpen; 1-2j:
Natuurverschijnselen
Kleuter: 2-4j: Dieren, bloed zien; 4-6j: Donker, gefantaseerde figuren, verlies lichamelijke
integriteit (dokter, kapper)
Schoolleeftijd: +/- 6j: zelfveroordeling (geweten); 6-12j: beoordeling door leeftijdsgenoten,
faalangst, anticipatie voor reëel gebeurtenissen (inbraak, scheiding, oorlog, dood...)
Pubers en adolescenten: 12-18j: Beoordeling door andere geslacht, existentieel gevaar
(oorlog, milieuramp, aids...)
Belangrijk in deze ontwikkeling: angst helpt ons in interactie met de omgeving
Dit zijn allemaal normale angsten die helpen om jezelf en de wereld rond je te leren kennen
→ ook een evolutie in jezelf: wat vind ik leuk, waar wil ik naar toe, …
Ouder worden = angst afnemen
− Intensiteit wordt milder: kinderen kunnen heel heftig reageren
− We weten dan ook meer wat we willen, hoe dingen werken, ..
− Specificiteit neemt toe als er pathologische ontwikkeling is van angst
Jongen >< meisjes
− Niet echt een verklaring voor dit verschil
− Meisjes tonen het emoties vaak wat makkelijker
4
Affect = acute weergave van een emotie, gaat meer over de expressie van emoties
1
,E-motion: er zit een soort van beweging in, onderverdeeld in 3 componenten
Emoties zijn universeel
− Emoties zelf zijn niet zo verschillend, de uiting ervan wel
− De cognitieve component bij emoties is wel heel verschillend bij mensen
− Over het algemeen heel overeenkomend bij mens & dier
2
,Positieve emoties hebben een positief effect op de fysieke gezondheid
Beide zijn ook belangrijk voor de overleving
3
, Baby: 0-6m: Schrikreactie luide geluiden, snel naderende voorwerpen, houdingsverandering
Peuter: 6m-2j: Vreemden, onbekende mensen, onverwachte voorwerpen; 1-2j:
Natuurverschijnselen
Kleuter: 2-4j: Dieren, bloed zien; 4-6j: Donker, gefantaseerde figuren, verlies lichamelijke
integriteit (dokter, kapper)
Schoolleeftijd: +/- 6j: zelfveroordeling (geweten); 6-12j: beoordeling door leeftijdsgenoten,
faalangst, anticipatie voor reëel gebeurtenissen (inbraak, scheiding, oorlog, dood...)
Pubers en adolescenten: 12-18j: Beoordeling door andere geslacht, existentieel gevaar
(oorlog, milieuramp, aids...)
Belangrijk in deze ontwikkeling: angst helpt ons in interactie met de omgeving
Dit zijn allemaal normale angsten die helpen om jezelf en de wereld rond je te leren kennen
→ ook een evolutie in jezelf: wat vind ik leuk, waar wil ik naar toe, …
Ouder worden = angst afnemen
− Intensiteit wordt milder: kinderen kunnen heel heftig reageren
− We weten dan ook meer wat we willen, hoe dingen werken, ..
− Specificiteit neemt toe als er pathologische ontwikkeling is van angst
Jongen >< meisjes
− Niet echt een verklaring voor dit verschil
− Meisjes tonen het emoties vaak wat makkelijker
4