Samenvatting histologie bloed - bloedvorming
BLOED
Bijzondere vorm bindweefsel, bestaande uit vezels, amorfe matrix en cellen
Circulerend weefsel:
- Rol in homeostase
- Defensiesysteem
- Zuurstof/CO2 transport
- Vervoer nutriënten, hormonen, enzymen, vitaminen …
- Afvoer schadelijke stoffen naar excretieorgaan
Bloedplasma
= bloedserum + stollingsfactoren
90% water & 10% opgeloste stoffen -> plasma-eiwitten:
- Albuminen (belangrijk bij colloid osmotische druk)
- Fibrinogeen (vorming fibrine)
- Globulinen (antilichamen etc.)
Hematocrietbepaling = verhouding volume van de cellen / totaal bloedvolume, wordt gebruikt om
doping te controleren bij sporters
Bloeduitstrijkje
Methode van Wright: combinatie van kleurstoffen: methyleenblauw, azuren, eosine
cellen kunnen basofilie, azurofilie, eosinofilie of neutrofilie (verschillende elementen in cytoplasma
gaan verschillende kleuren aantrekken) vertonen
Soorten cellen
Erythrocyten = rode bloedcellen
- Functie: transport zuurstof en CO2 door hemoglobine
- Biconcave schijfjes zorgen ervoor dat het oppervlakte groter is dan het volume
- Celmembraan verankerd met actine-bevattend cytoskelet voor behoud van de vorm
- Celmembraan heeft integrale membraaneiwitten die zorgen voor de activiteiten van de RBC
- Diameter: 7,5µm; 2,5µm aan de rand, <1µm in het midden
- Geen kern en geen celorganellen
- Ontstaan uit reticulocyt
- Soms kernfragmenten (Howell-Jolly bodies)
- Sterk vervormbaar: poikilocytosis -> RBC met abnormale vorm
Beschrijving op basis van:
Diameter: microplaan (= te klein), normoplaan, macroplaan (=te groot), anisoplanie
Volume: microcytair (=te klein), normocytair, macrocytair (=te groot)
Kleurbaarheid: hypochroom (=te veel), normochroom, hyperchroom (=te veel),
polychroom (=verschillende kleuren)
Aantal RBC: verhoogd (=erythrocytose of polycytemie), verlaagd (=anemie)
, Anemie ten gevolge van:
Te weinig aanmaak hemoglobine: hypochrome anemie
Tekort aan RBC: normochrome anemie
Verhoogde afbraak RBC: hemolytische anemie
Microcytaire – macrocytaire – normocytaire anemie
Leukocyten = witte bloedcellen
Betrokken bij afweer tegen binnengedrongen vreemde materie
Kunnen het stromend bloed verlaten en naar interstitium kruipen -> diapedese
Indeling:
- Granulocyten: neutrofielen, eosinofielen, basofielen
- Agranulocyten: lymfocyten, monocyten
Granulocyten
Primaire niet-specifieke granula: lysosomen, azurofiel en secundaire specifieke granula
Neutrofielen: “polymorfnucleaire leukocyt”
- meest verspreid
- diameter 9-12µm
- gelobde kern
- toename in aantal in bloed tijdens bacteriële infectie en ontsteking
- circulatie: 6-10 uurs, blijven 1-4 dagen in bindweefsel
- types granulen:
o primaire azurofiele grana: myeloperoxidase -> productie waterstofhypochloriet =
bacteriedodend
o secundaire specifieke grana: ontstekingsreacties, bevat alkalisch fosfatase
o tertiaire kleine grana: enzymen die worden uitgescheiden
- opdeling 2 groepen:
o marginating pool: leukocyten zitten vast aan wand bloedvat, migratie naar
lichaamsholten of migratie naar bindweefsel
o circulating pool
- bacteriën en celresten worden gefagocyteerd in het interstitium
- cel gaat dood als alle granula opgebruikt zijn
Eosinofielen
- diameter 12-15µm
- bilobbige kern
- bescherming parasitaire infectie
- fagocyten belangrijk bi fagocyteren en opruimen van antigen-antilichaam-complexen
- cytoplasma vol grana
- circulatie: 20min – 3-8uur
- verhoogde aantallen bij verhoogde histamine (= allergische reacties, ontstekingen ..)
BLOED
Bijzondere vorm bindweefsel, bestaande uit vezels, amorfe matrix en cellen
Circulerend weefsel:
- Rol in homeostase
- Defensiesysteem
- Zuurstof/CO2 transport
- Vervoer nutriënten, hormonen, enzymen, vitaminen …
- Afvoer schadelijke stoffen naar excretieorgaan
Bloedplasma
= bloedserum + stollingsfactoren
90% water & 10% opgeloste stoffen -> plasma-eiwitten:
- Albuminen (belangrijk bij colloid osmotische druk)
- Fibrinogeen (vorming fibrine)
- Globulinen (antilichamen etc.)
Hematocrietbepaling = verhouding volume van de cellen / totaal bloedvolume, wordt gebruikt om
doping te controleren bij sporters
Bloeduitstrijkje
Methode van Wright: combinatie van kleurstoffen: methyleenblauw, azuren, eosine
cellen kunnen basofilie, azurofilie, eosinofilie of neutrofilie (verschillende elementen in cytoplasma
gaan verschillende kleuren aantrekken) vertonen
Soorten cellen
Erythrocyten = rode bloedcellen
- Functie: transport zuurstof en CO2 door hemoglobine
- Biconcave schijfjes zorgen ervoor dat het oppervlakte groter is dan het volume
- Celmembraan verankerd met actine-bevattend cytoskelet voor behoud van de vorm
- Celmembraan heeft integrale membraaneiwitten die zorgen voor de activiteiten van de RBC
- Diameter: 7,5µm; 2,5µm aan de rand, <1µm in het midden
- Geen kern en geen celorganellen
- Ontstaan uit reticulocyt
- Soms kernfragmenten (Howell-Jolly bodies)
- Sterk vervormbaar: poikilocytosis -> RBC met abnormale vorm
Beschrijving op basis van:
Diameter: microplaan (= te klein), normoplaan, macroplaan (=te groot), anisoplanie
Volume: microcytair (=te klein), normocytair, macrocytair (=te groot)
Kleurbaarheid: hypochroom (=te veel), normochroom, hyperchroom (=te veel),
polychroom (=verschillende kleuren)
Aantal RBC: verhoogd (=erythrocytose of polycytemie), verlaagd (=anemie)
, Anemie ten gevolge van:
Te weinig aanmaak hemoglobine: hypochrome anemie
Tekort aan RBC: normochrome anemie
Verhoogde afbraak RBC: hemolytische anemie
Microcytaire – macrocytaire – normocytaire anemie
Leukocyten = witte bloedcellen
Betrokken bij afweer tegen binnengedrongen vreemde materie
Kunnen het stromend bloed verlaten en naar interstitium kruipen -> diapedese
Indeling:
- Granulocyten: neutrofielen, eosinofielen, basofielen
- Agranulocyten: lymfocyten, monocyten
Granulocyten
Primaire niet-specifieke granula: lysosomen, azurofiel en secundaire specifieke granula
Neutrofielen: “polymorfnucleaire leukocyt”
- meest verspreid
- diameter 9-12µm
- gelobde kern
- toename in aantal in bloed tijdens bacteriële infectie en ontsteking
- circulatie: 6-10 uurs, blijven 1-4 dagen in bindweefsel
- types granulen:
o primaire azurofiele grana: myeloperoxidase -> productie waterstofhypochloriet =
bacteriedodend
o secundaire specifieke grana: ontstekingsreacties, bevat alkalisch fosfatase
o tertiaire kleine grana: enzymen die worden uitgescheiden
- opdeling 2 groepen:
o marginating pool: leukocyten zitten vast aan wand bloedvat, migratie naar
lichaamsholten of migratie naar bindweefsel
o circulating pool
- bacteriën en celresten worden gefagocyteerd in het interstitium
- cel gaat dood als alle granula opgebruikt zijn
Eosinofielen
- diameter 12-15µm
- bilobbige kern
- bescherming parasitaire infectie
- fagocyten belangrijk bi fagocyteren en opruimen van antigen-antilichaam-complexen
- cytoplasma vol grana
- circulatie: 20min – 3-8uur
- verhoogde aantallen bij verhoogde histamine (= allergische reacties, ontstekingen ..)