Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Farmaceutische Technologie

Rating
-
Sold
10
Pages
42
Uploaded on
17-08-2018
Written in
2017/2018

Zeer duidelijke samenvatting van het vak "Farmaceutische Technologie", gegeven door Prof. Van den Mooter.

Institution
Course

Content preview

Deel 1: Agglomerate
Theoretishe ashtergrond en meshaniime vaan granulate
 Redenen vaoor granulate
1. Vloeieigenishappen vaerbeteren
2. Verminderen vaan ontmengingitendeni
3. Verbeteren vaan sompreiiie/sompaste eigenishappen
 Andere vaoordelen
1. Densiteit verbeteren: deeltjei dwingen dishter bij elkaar te ziten  minder poroiiteit + minder lusht  deniiteit
itjgt  vaerbeterde valoei-eigenishappen
2. Verbetering materiaal distribute
3. Minder stofproducte: kan leiden tot sroii-sontaminate
4. Hydrofiele binder  hydrofiele granules
 Nadelen
1. Complexe proseiien
2. Duur materiaal
3. Stabiliteitiproblemen vaoor bepaalde API: binder meeital ali oploiiing toegevaoegd  warmte toevaoegen om iolvaent
weg te krijgen  itabiliteitiproblemen

Mechanismen voor deeltjesagglomerate
 Elektroitatishe interaste
1. 1 deeltje negatef + 1 deel poittef
2. Wrijvaing nodig
3. Tribo-elestroitatishe ladingitranifer
4. Water bepaalt mee ladingidiitribute
5. Sferiishe deeltjei betere ladingivaerdeling ivam deeltje met hoeken
 Molesulaire interaste
1. Ion-dipool interastei
2. Afhankelijk vaan orinntate vaan partkeli
3. Bij kleine deeltjei: groot opp  vaan der waali krashten worden heel iignifsant
 Immobile liquid flmi
1. Dunne laag vaan immobiele valoeiitof (water) ali brug tuiien partkeli
2. H-brug vaorming
3. Weinig water vaoor nodig (water gedraagt zish niet ali bulkwater)
 Capillaire krashten
1. Water gedraagt zish wel ali bulkwater
2. Deeltjei disht genoeg bij elkaar ziten vaoor interaste
3. Leniashtge itrustuur met denkbeeldige itraal r
4. Vergelijking vaan Laplase door drukvaerishil.
5. Grote oppervalakteipanning  gemakkelijkere agglomerate
 Vorming vaan iolid bridgei
1. Stofen met laag imeltpunt  deeltjei komen tegen mekaar  valoeiitofaie (door deel dat begint te imelten)  ali
T dan weer daalt  geimolten faie wordt hard
2. Kriitalliiate vaan opgeloite deeltjei
3. Uitharden vaan binderi: vaosht gaat vaerdwijnen waardoor binderi interastei nagaan met elkaar  agglomerate
 Meshaniish vaaithouden vaan partkeli
1. Afhankelijk vaan vaorm  in mekaar paiien

,Bindingsmechanismen bij nate granulate
 Van der waali krashten en elektroitatishe krashten minder belangrijk  vaooral wateritofruggen  immobile
flm zorgt vaoor hoger partkel sontast + vaerminderd oppervalakte imperfestei
 Pendular itate
1. Lage deniiteit
2. Weinig valoeiitof
3. Lenivaormige itrustuur
4. Non-iferiish
5. Poeder lijkt nog droog
 Fenisular itate
1. Ieti hogere deniiteit
2. Ieti meer valoeiitof
3. Lenivaormige itrustuur  itart soaleisente (iamenvaloeien vaan valoeiitofpartkeli)
4. Ieti meer iferiish
 Capillair itate
1. Binnenite vaolume vaolledig opgevauld
2. Buitenkant vaan agglomeraat: sonsavae meniisui
3. Oppervalak lijk nat te worden
4. Sferiish geworden
5. Goede deniiteit
6. Materiaal nu plaitish deformeerbaar
7. STOP
 Dropplet itate
1. =iuipended itate
2. Te vaeel water  sapillaire krashten weg + iterkte agglomeraat weg
 Vloeiitof moet mooi homogeen vaerdeeld worden  kneading movaement in nate maiia  kneaded sapillary
itate met optmale deniiteit en soniiitente
 Vormen vaan vaaite bruggen
1. G= toevaoegen vaan binder  dan drogen  vaorming vaaite bruggen
 Pure HPMC of PVP
2. 3 mogelijkheden vaan vaaitebrug-vaorming
 Drogen vaan granullen
 Gedeeltelijk imelten  dan itollen
 Kriitalliiate: inel kriitaliieren  kleine kriitallen  invaloed op oploiinelheid – varijitellingikinetek.

Natte granulatt Drogte granulatt
1) Bevaoshtgen en vaorming nuslei Een hoge druk wordt op poeder gezet gevaolgd door zevaen en
2) Coniolidate (iamenklitng) en soaleisente (door water die malen tot een bepaald groote. Ook hier heb je een ioort vaan
aanwezig ii en zo kleine nuslei gaat iamenbrengen) granulen-groei.
3) Atriton en breken: iommige gevaormde nuslei kunnen gaan
breken en ashteraf met andere nuslei gaan iamenkliten.

, Binderi in granulate proseiien
 Werking tableten beïnvaloeden
1. Hardheid
2. Deiintegrate
3. Diiiolute
4. biobeishikbaarheid

Type binders
 keuze afhankelijk vaan
o trial and error
o ervaaring met formulator
o sompatbiliteit met andere ingredinnten
 Natuurlijke polymeren
o Zetmeel
1. Carbohydraat (maïi, tarwe, patat)
2. Paita
3. 5-25%
4. Opkoken: amyloie en amylopestne komen varij
5. Minder gebruikt dag vaan vaandaag
o Pregelatniseerd zetmeel
1. + deiintegrant + oploimiddel
2. Hier zijn amyloie (5%) en amylopestne (15%) al varij en dan nog zetmeel (80%)  opkoken niet nodig
3. Vrij fraste ii binder en niet-varije fraste deiintegrant
4. Direst somprimeerbaar  gemakkelijk tableten vaormen
5. Zetmeel 1500: beitaat uit 20% oploibare fraste (koud water)
o Alginine zuur (onoplosbaar) en Na-alginaat (oplosbaar)
1. Polymannuronis zuur
2. gelvaorming in aanwezigheid vaan Ca-ionen  ioniishe binding tuiien Ca en O-ionen  vaeel water
opnemen  gelvaorming  API komt hier moeilijk door  CONTROLLED RELEASE
 Synthetishe polymeren
o PVP = polyvinylpyrrolidone
 K12: 2000-3000g/mol
1. Meeit gebruikt (iamen met HPMC)
 K17: 7000-11000 g/mol
2. Oploibaar in water + andere iolvaenten
 K25: 28000 – 34000 g/mol
3. Zowel droog ali in oploiiing gebruikt
4. Deliqueisente bij hoge relatevae vaoshtgheid  K30: 44000-54000 g/mol
5. Fiskentisher vaalue: K-waarde  zegt ieti ovaer molaire maiia  K90: 1000000-150000000 g/mol
o MC = methylcellulose
 welke kiezen vaoor granulaat?
1. Celluloie met 27-32% vaan -OH groepen vaeretherd
2. Lage en medium MW K25 want hoe hoger mol maiia, hoe
3. Zowel droog ali oploiiing (1-5%) hoger vaiisoiiteit  K90 vaeel te hoge
4. Onoploibaar in warm water en ethanol vaiisoiiteit om te granuleren
o HPMC = hydroxy propyl methyl cellulose
1. Meeit gebruikt (iamen met PVP)
2. Zowel droo ali in oploiiing (2-5%)
3. HPMC’2910’
 29: persentage MeO
 10: persentage
hydroxypropoxy
o EC = ethylcellulose
1. 2-10% ethanol oploiiing
2. Onoploibaar in water
3. Geeft zashte granullei
 Suikeri
o Glucose
1. onder vaorm vaan iiroop (50% of
meer)
2. iterke granullei
3. !! reduserende eigenishappen +
adiorpte vaan water
o Sucrose

, 1. onder vaorm vaan iiroop (50-67%)
2. iterke granullei
o Sorbitol




Efciënte van de binding: Invnvloed van APInv of exipiënten
 Partkel groote
o Sterkte granule, poroiiteit, soniolidateinelheid,,
o Kleine delen: iterke granulen ali er vaoldoende binder ii  meer opp om te reageren
o Grotere delen: ineller soniolideren
o Ali groote vaan API < groote vaan vaerdunner  grootite API sonsentrate in grootite korrelfraste
 Oplosbaarheid
o Oploibare materialen  minder granulatevaloeiitof nodig  granulen met kleinere groote-diitribute en lagere
brooiheid
o Granulaten (bva. bij zeer oploibare API) drogen in de ovaen  bovaen- en onderlaag gaan anderi zijn  ‘Korit’-vaorming
met kani op hogere C in bepaalde lagen t.o.va. anderen. Niet homogeen – intergranular migrate!!! Dat willen we
vaermijden. Intragranular migrate kan ook maar dit ii minder erg.
o Vulmiddel: CaHPO4  andere eign dan lastoie
o Probeer te werken met materiaal vaan gelijke deeltjeigroote

Efciënte van de binding: Invnvloed van binderolsolvent systeem
 Mechanische eigenschappen van binders
1. Goede flmvaormende eigenishappen
2. Plaitish deformeren
3. PVP: zwakke flm maar zeer deformeerbaar (soniolidate tjdeni sompaste)
 Binder-substraat interacte
1. Druppel moet zish mooi kunnen vaeripreiden op opp
 Afh vaan opp ipanning + vaiisoiiteit
2. Sterke granulei: hebben adequate bevaoshtging, soheiie vaan binder en adheiie vaan binder-iubitraat

3. Spreading:
S  L  LS met Young’i equaton:
S  LS L cos 
 Solvent eigenschappen
1. Beïnvaloed
 Oploibaarheid ingredinnten
 Bevaoshtging
 Diitribute binder
2. Water of EtOH
 Viscositeit van binderoplossing en oppervlaktespanning
1. Meer vaiikeui  beter klevaen  grotere korreli en minder tjd vaereiit om granulateprosei te itarten
2. Te hoge vaiisoiiteit  problemen met diitribute
3. Evaenwisht Ek en middelen
4. Snelheid vaan deeltjei niet te hoog  kunnen terug uit mekaar vaallen door te inel iamen  geen plaitishe
deformate
5. Lagere oppipanning vaan bindervaloeiitof  betere ipreidbaarheid + reduste vaan het riiiso op ovaer bevaoshtging.

Efciënte van de binding: Invnvloed van beaaaromstandigheden
 PVP erg hygroisopiish
 Voshtgheid invaloed op
o Hardheid
o Deiintegrate
o Oploibaarheid
 Andere itofen kunnen ali weekmaker dienen vaoor bindmiddel en dui hun gevaoeligheid vaerhogen

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
August 17, 2018
Number of pages
42
Written in
2017/2018
Type
SUMMARY

Subjects

$12.32
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
vincelocq

Get to know the seller

Seller avatar
vincelocq Katholieke Universiteit Leuven
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
10
Member since
7 year
Number of followers
8
Documents
0
Last sold
1 year ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions