Evolutie en onnatuurlijke selectie
Achondroplasie: kortbenigheid, voordelig om te rennen in holen en te graven voor otters,
onvoordelig voor olifanten.
Eilandeffect
• Kleine diersoorten worden groter (insular gigantism)
• Grote diersoorten worden kleiner (insular dwarfism- niet altijd)
• Vogels worden vaak groter en niet-vliegend
Barrieres bij ontstaan van soorten
➢ Prezygotische barrières: voorkomt vorming van zygote of bevruchte eicel.
1. Habitat isolatie b.v. ijsbeer en zwarte beer.
2. Temporele isolatie (ander paarseizoen) bv. poolvos en rode vos.
3. Gedragsisolatie: Herkennen elkaar niet als mogelijke partner b.v. verschil in
lokzang tussen twee sprinkhaansoorten.
4. Mechanische isolatie: vorm van geslachtsorganen past niet in elkaar of te
verschillend in grootte.
5. Gameet isolatie: gameten kunnen niet versmelten (bv. aquatische diersoorten).
➢ Postzygotische barrières: voorkomt vorming van fertiele nakomelingen.
1. Niet-leefbare hybriden: Regel van Haldane: heterogametisch geslacht sterft af
of is infertiel in F1 (man bij zoogdier).
2. Steriele hybriden: zie vorige
3. Hybride breakdown: Vrouwelijke zoogdieren fertiel in F1. Mannelijke zoogdieren
zwak of infertiel in F2-F5.
Hybriden
Hybride: resultaat van seksuele voortplanting van twee verschillende types planten of
dieren.
De ouders van de kruising moeten herkenbare eenheden zijn, zoals:
- soorten
- ondersoorten
- variëteiten
- rassen
Natuurlijke hybriden tussen soorten: Coywolf (Canis lupus x Canis latrans of Canis rufus),
Grolar bear /Grijsbeer (grizzly x ijsbeer).
Complexe kenmerken
Worden beïnvloed door verschillende genen en zijn moeilijk om op te selecteren.
B.v. hoe goed is een hond in apporteren?
1
, Rassenleer evolutie en onnatuurlijke selectie 2021-2022
Inteelt
Tekens van inteelt :
- Opduiken recessieve kenmerken
- Opduiken hartafwijkingen (p)
- Minder fertiel (abno sperma) (p/ch)
- Geknikte staarten (p)
- Huidtransplant : geen afstoting (ch)
- Asymmetrische schedel (ch)
WAT ONTHOU IK VAN DEZE LES?
- Gelijkaardige mutaties komen spontaan voor bij wilde dieren en huisdieren.
- Soortvorming wordt gedreven:
o door mutaties die de fitness beïnvloeden
o door natuurlijke en seksuele selectie
o door 8 barrières
- Rasvorming wordt gedreven:
o door artificiële selectie op mutaties door de mens
o door partnerkeuze door de mens (ongewenste partners worden geweerd)
- Rasvorming en inteelt gaan samen, met als gevolg:
o snellere vererving van gewenste kenmerken,
o opduiken van ongewenste kenmerken
o verminderde genetische diversiteit
o inteeltdepressie
2