100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Algemene Economie

Rating
-
Sold
-
Pages
20
Uploaded on
05-01-2018
Written in
2017/2018

Samenvatting voor Algemene Economie, alle stof voor het hertentamen

Institution
Course

Content preview

Hoofdstuk 8 Produceren
8.1 Welvaart en Welzijn
8.1.1 Welvaart
Welvaart is de behoeftebevrediging met behulp van goederen en diensten.
 Goederen uit de natuur zonder bewerking zijn ongeschikt voor behoeftebevrediging. Er moet
eerst waarde worden toegevoegd = produceren.
 Produceren is goederen geschikt maken voor gebruik. Productie zorgt voor verhoging van de
welvaart.
 De totale productie binnen de landsgrenzen is het bbp -> belangrijkste maatstaf om welvaart
te vergelijken.

Welvaartsverschillen tussen landen:
Het bbp per hoofd wordt gebruikt als maatstaf voor de hoogte van de welvaart.
 Bbp per hoofd = bbp land / aantal inwoners.
Om het bbp van verschillende landen te kunnen vergelijken, moet men:
 Het bbp per hoofd van de bevolking bepalen
 Het bbp omzetten in een munt
 Corrigeren voor de verschillen in koopkracht van de munt per land (koopkrachtpariteit)

De meeste landen streven naar groei van het bbp. Het bbp is de maatstaf voor economische groei.
 Groei van de economie zorgt voor de toename van de welvaart per hoofd.
 Veel economen zegt dat de behoeften van mensen oneindig zijn, vooral in landen met een
lage welvaart.

Welvaartsverschillen binnen landen:
De mate waarin de bevolking van een land sterke inkomensverschillen accepteert, is afhankelijk van
de plaatselijke normen en waarden.
 De internationale gemeenschap heeft vastgelegd welke behoefte elk mens minstens moet
kunnen bevredigen om van een menswaardig bestaan te kunnen spreken. De normen zijn te
vinden in de Verklaring van de rechten van de mens.
 Een maatstaf voor de ongelijkheid van de inkomensverdeling is het aandeel van de armste en
de rijkste mensen in het totale inkomen.
De inkomensverdeling heeft invloed op de hoogte van de welvaart. Een belangrijke oorzaak voor
verschillen in inkomens is de arbeidsproductiviteit.
 Mensen die veel bijdragen willen veel ontvangen. Een zeer gelijke inkomensverdeling is dan
ook nadelig voor de welvaart.
 Als inkomen niet in verhouding staat tot de geleverde arbeidsproductiviteit gaan veel
productieve vermogens verloren.
Een erg ongelijke inkomensverdeling kan ook tot productiviteitsverlies leiden, de armste groepen
hebben dan onvoldoende mogelijkheden om gebruik te maken van elementaire voorzieningen.
 Hun welstand is te laag om minimaal in de economie te kunnen functioneren.
 Grote inkomensverschillen gaan vaak gepaard met laaggeletterdheid. Laaggeletterden blijven
kansarm, hun kinderen hebben grote kans ook hierbij te horen, waardoor arbeid zich niet
optimaal kan ontwikkelen.

,8.1.2 Welzijn
Welvaart en welzijn hebben veel met elkaar te maken. Welzijn duidt meer op het welbevinden en de
geluksbeleving van de mensen in een samenleving.
 Voor een gelukkig leven is een zekere materiële behoeftebevrediging nodig, echter is dit niet
voldoende. Geluk van mensen hangt samen met de immateriële behoefte.
De VN hebben een maatstaf ontwikkeld om het welzijn van de bevolking te meten de Human
Development Index (HDI). De varieert van 0 (minimaal) tot 1 (maximaal), het bestaat uit de volgende
elementen:
 Lang en gezond leven: de levensverwachting bij geboorte
 Kennis
 Redelijke levensstandaard; inkomen per hoofd van de bevolking
Landen met een hoog bbp schoren ook hoog o de HDI.

8.2 Toegevoegde waarde
8.2.1 Het meten van productie
Het bbp is de som van alle productieve activiteiten binnen bepaalde landsgrenzen. Productie is het
toevoegen van waarde zodat producten meer geschikt zijn voor het gebruik. Productie kunnen we op
drie manieren meten:
 De toegevoegde waarde
 De inkomens
 De bestedingen
Productiebenadering bbp: alle toegevoegde waarde van ondernemingen en overheden binnen de
grenzen optellen.
Inkomensbenadering bbp: de beloningen van productiefactoren op te tellen.
Bestedingsbenadering bbp: optellen van de bestedingen om de productie te bepalen.

8.2.2 Productie en inkomensbenadering
De waarde van productie komt tot stand bij de verkoop van de producten, dat levert een
opbrengstenstroom op. Met de opbrengsten kopen ze grondstoffen in, huren arbeid en kopen
kapitaalgoederen. Ook betalen ze aan de overheid de belasting op de toegevoegde waarde.
De opbrengst van verkochte producten bestaat uit alle verkochte producten, voor de overheid kijken
we ook naar de productie.
 De waarde van grondstoffen en halffabricaten die ondernemingen kopen, is in andere
ondernemingen toegevoegd. Dit bedrag halen we van de opbrengst van de verkopen af, het
bbp tegen marktprijzen blijft dan over.
Sommige ondernemingen ontvangen subsidie, waardoor klanten niet de hele kostprijs hoeven te
betalen. Als het bbp wordt verminderd met deze post blijft het bbp tegen factorkosten over.

Het bruto nationaal inkomen is afkomstig van productiefactoren die binnen de grenzen van een land
produceren. Het nationaal inkomen is het inkomen dat voortvloeit uit de productiefactoren die in het
bezit zijn van ingezetenen.
 De winst van buitenlandse bedrijven met een vestiging in NL, die de winst naar het
moederbedrijven uitkeren, moet men van het bbp aftrekken voor het bni. De productie
hoort wel bij het bbp.
 Rente vanuit een buitenlandse bank naar een Nederlander hoort wel bij het bni.
8.2.3 Toevoegen van waarde door bedrijven en overheid
Waardetoevoeging in bedrijfskolommen

, De opeenvolgende bedrijfstakken van oerproducent tot consument noemt men een bedrijfskolom.
Elke bedrijfstak voegt waarde toe en verkoopt het product aan de volgende schakel.
 Deze waarde is de bruto toegevoegde waarde tegen marktprijzen (BTWmp). De BTWmp van
alle ondernemingen en de overheid samen vormt het BBPmp.
 Het geheel van waardetoevoeging in een bepaalde bedrijfskolom noemt men het
waardesysteem. De prijs van het eindproduct is gelijk aan de toegevoegde waarde in heel de
bedrijfskolom.
Productie in ondernemingen
De overheid is actief betrokken bij de productie en levering van allerlei goederen en diensten. Al de
diensten zijn nuttig en de samenleving kan niet zonder.
De overheid produceert en voegt waarde toe aan producten, daarvan koopt zij goederen en diensten
en neemt werknemers in dienst om waarde toe te voegen.
De overheid stelt bijna al haar diensten gratis ter beschikking van de bevolking.
 Zij oefent zelf de vraag uit naar haar producten en verricht de bestedingen
(overheidsbestedingen) de productiekosten worden betaalt uit belastingen. Indirect betaalt
de bevolking voor de overheidsvoorziening. De overheidsbestedingen en de productiekosten
zijn aan elkaar gelijk.
 Volgens internationale afspraken is de toegevoegde waarde van de overheid gelijk aan de
lonen en salarissen van overheidspersoneel.

Hoofdstuk 9 Productiefactoren
9.1 Kapitaal
Kapitaal bestaat uit alle goederen die in het productieproces worden gebruikt of verbruikt.
 Duurzame kapitaalgoederen gaan langer dan één periode mee, ze bestaan uit een aantal
soorten.
 Kapitaalgoederen worden in het productieproces gebruikt en zijn daardoor slijtage
onderhevig.

Vlottende kapitaalgoederen worden verwerkt in het eindproducten. Halffabricaten hebben al een
bewerking ondergaan, maar zijn nog niet geschikt voor consumptie.
 Grondstoffen en halffabricaten zijn onderdelen van de kapitaalgoederenvoorraad.
Bedrijven maken in het productieproces meestal gebruik van hulpstoffen.
 Hulpstoffen worden tijdens de productie verbruikt.
Bedrijven beschikken ook over voorraden eindproduct.

Met hulp van kapitaalgoederen kunnen ondernemingen producten maken, de kapitaalcoëfficiënt
geeft weer hoeveel kapitaalgoederen nodig zijn voor het vervaardigen van een eenheid product.
 Een kapitaalcoëfficiënt van 3 wil zeggen dat er €3 miljard aan kapitaal nodig is voor het
produceren van €1 miljard product.
 Sectoren die afhankelijk zijn van fysieke netwerken of gebouwen die lang meegaan, hebben
een grote kapitaalcoëfficiënt.
 Ondernemingen in sectoren met een lage kapitaalcoëfficiënt kunnen de productie zonder
grote investeringen uitbreiden.
De productiecapaciteit is de maximale hoeveelheid goederen en diensten die men in een economie
kan produceren. De productiecapaciteit is mede afhankelijk van de kapitaalgoederenvoorraad.
 Hoe groter de kapitaalgoederenvoorraad des te groter de productie kan zijn. Voor de
kapitaalcoëfficiënt geldt het omgekeerde: des te lager de kapitaalgoederenvoorraad des te
meer geproduceerd kan worden.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
January 5, 2018
Number of pages
20
Written in
2017/2018
Type
SUMMARY

Subjects

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
blondiexx Hogeschool InHolland
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
40
Member since
9 year
Number of followers
35
Documents
41
Last sold
2 year ago

3.5

11 reviews

5
3
4
4
3
2
2
0
1
2

Trending documents

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions