Week 1 – Long functie, obstructie en restrictie
Anatomie van de longen:
• Linker long bestaat uit 2 delen.
• Rechter long bestaat uit 3 delen.
• Cardiac notch: waar de hart zich bevindt
• Hilium: waar beide bronchi bij elkaar komen
• Circa 12 cm lang
• Diameter van circa 2cm
• Flexibel
• Bestaat uit meerdere lagen
, Bronchiaal boom kent circa 23 vertakkingen!
Na de 15-17 vertakking geen kraakbeen meer te vinden.
• Trachea - luchtpijp
• Bronchus
o Wand lijkt op die van trachea, maar hoe centraler hoe
minder hyaline kraakbeen er is.
o Hyaline kraakbeen ringen worden kraakbeen platen
o Dunner epitheellaagje(geen slijm producerende cellen
meer)
o Meer glad spierweefsel aanwezig
• Bronchiloli (diameter <1mm)
o Helemaal geen kraakbeen meer
• Terminale bronchiolus
o Uiteinde van de bronchioli
• Respiratoire bronchiolus
o Stukje waar de alveoli starten
• Ductus alveolaris
o Gedeelde die in de alveoli loopt.
• Acinus
• Alveolus
o Wand van 1 cellaag dik
o Basaal membraan
o Elastische vezels
o Poriën
o Macrofagen
Acinus(bes): Cluster van cellen met een framboos-achtige structuur. Verwijst naar het gedeelte
van de bronchiaal boom die na de respiratoire bronchioli komt, waar de alveoli zich bevinden.
In de acinus is er ook geen lymfesysteem te vinden, vochtafvoer gebeurt via de bloedbaan. De
rest van de bronchiaal boom bevat wel lymfeklieren.
,Fysiologie van de longen:
De longen kennen 2 hoofd taken
• Facilitatie van lucht transport
o Trachea
o Bronchi
o Bronchioli
Dit gebeurt door
o Respiratoire spieren(diafragma, interne/externe intercostalis enz.)
o Anatomie van de bronchi
o Slijm membranen
▪ Productie van IgA(Immunoglobuline A) – bescherming tegen micro-
organisme invasie
▪ Sensorische innervatie – hoest reflex
▪ Slijm productie – transport van afvalstoffen(richting de trachea)
• Gas uitwisseling
o Alveoli
▪ Bloed saturatie – het bloed o2 rijk maken.
Cilia cellen: cellen waar trilhaar uittreed, werkt slijmlaag in
de luchtwegen naar buiten en richting de slokdarm.
Gobletcel(slijmbekercel): epitheelcel die slijm produceert
Stapis roulant(loopband): cilia cellen vormen een
loopband van trilharen waarmee afvalstoffen afgevoerd
worden.
, Spirometrie
Het Gouden standaard.
Meet hoeveel en hoe snel lucht je uit ademt.
Een spirometrie is geen gemakkelijke test omdat, in tegenstelling tot de meeste andere
medische testen, er een actieve handeling wordt verwacht van de patiënt. Er gebeuren dan ook
zeer veel fouten bij de uitvoering van de spirometrie.
Het is belangrijk om minstens 2 testen te laten doen i.v.m. de reproduceerbaarheid van de
spirometrie test
De meest voorkomende pathologie die men met spirometrie zeer vroegtijdig kan opsporen is
het obstructief longlijden
Mogelijke uitkomsten in de flow-volume curves
Meest gemaakte fouten tijdens uitvoeren van
spirometrie:
• Niet 6 sec uitblazen
• Voorover buigen
• Mondkapje niet goed afgesloten
• Niet motiveren tijdens test
Anatomie van de longen:
• Linker long bestaat uit 2 delen.
• Rechter long bestaat uit 3 delen.
• Cardiac notch: waar de hart zich bevindt
• Hilium: waar beide bronchi bij elkaar komen
• Circa 12 cm lang
• Diameter van circa 2cm
• Flexibel
• Bestaat uit meerdere lagen
, Bronchiaal boom kent circa 23 vertakkingen!
Na de 15-17 vertakking geen kraakbeen meer te vinden.
• Trachea - luchtpijp
• Bronchus
o Wand lijkt op die van trachea, maar hoe centraler hoe
minder hyaline kraakbeen er is.
o Hyaline kraakbeen ringen worden kraakbeen platen
o Dunner epitheellaagje(geen slijm producerende cellen
meer)
o Meer glad spierweefsel aanwezig
• Bronchiloli (diameter <1mm)
o Helemaal geen kraakbeen meer
• Terminale bronchiolus
o Uiteinde van de bronchioli
• Respiratoire bronchiolus
o Stukje waar de alveoli starten
• Ductus alveolaris
o Gedeelde die in de alveoli loopt.
• Acinus
• Alveolus
o Wand van 1 cellaag dik
o Basaal membraan
o Elastische vezels
o Poriën
o Macrofagen
Acinus(bes): Cluster van cellen met een framboos-achtige structuur. Verwijst naar het gedeelte
van de bronchiaal boom die na de respiratoire bronchioli komt, waar de alveoli zich bevinden.
In de acinus is er ook geen lymfesysteem te vinden, vochtafvoer gebeurt via de bloedbaan. De
rest van de bronchiaal boom bevat wel lymfeklieren.
,Fysiologie van de longen:
De longen kennen 2 hoofd taken
• Facilitatie van lucht transport
o Trachea
o Bronchi
o Bronchioli
Dit gebeurt door
o Respiratoire spieren(diafragma, interne/externe intercostalis enz.)
o Anatomie van de bronchi
o Slijm membranen
▪ Productie van IgA(Immunoglobuline A) – bescherming tegen micro-
organisme invasie
▪ Sensorische innervatie – hoest reflex
▪ Slijm productie – transport van afvalstoffen(richting de trachea)
• Gas uitwisseling
o Alveoli
▪ Bloed saturatie – het bloed o2 rijk maken.
Cilia cellen: cellen waar trilhaar uittreed, werkt slijmlaag in
de luchtwegen naar buiten en richting de slokdarm.
Gobletcel(slijmbekercel): epitheelcel die slijm produceert
Stapis roulant(loopband): cilia cellen vormen een
loopband van trilharen waarmee afvalstoffen afgevoerd
worden.
, Spirometrie
Het Gouden standaard.
Meet hoeveel en hoe snel lucht je uit ademt.
Een spirometrie is geen gemakkelijke test omdat, in tegenstelling tot de meeste andere
medische testen, er een actieve handeling wordt verwacht van de patiënt. Er gebeuren dan ook
zeer veel fouten bij de uitvoering van de spirometrie.
Het is belangrijk om minstens 2 testen te laten doen i.v.m. de reproduceerbaarheid van de
spirometrie test
De meest voorkomende pathologie die men met spirometrie zeer vroegtijdig kan opsporen is
het obstructief longlijden
Mogelijke uitkomsten in de flow-volume curves
Meest gemaakte fouten tijdens uitvoeren van
spirometrie:
• Niet 6 sec uitblazen
• Voorover buigen
• Mondkapje niet goed afgesloten
• Niet motiveren tijdens test