inleiding
- verzameling boeken en brieven
- OT: het volk faalde steeds, dus profeten spraken over nieuw
verbond (mogelijk gemaakt door Jezus, Jezus geeft God
nieuw leven)
- evangeliën: beschrijving leven Jezus (1e 4 boeken)
- Handelingen van de apostelen: 2e deel verhaal Lucas hoe
eerste volgelingen van J het Goede Nieuws wat hij had
gedaan, verspreiden
- de brieven: beantwoorden vragen, leggen uit wat J deed en
hoe christenen nieuwe geloof in hun leven passen)
- Openbaring
de historisch-maatschappelijke ontstaanscontext
het land palestina
- verdeeld in 3 provincies: Galilea, Samaria en Judea
- Nazaret: jeugd doorgebracht
- Jeruzalem: verbleef hij de laatste weken van zijn leven (kruisdood).
- rond het meer van Galilea: belangrijkste deel leven
religieuze & politieke machthebbers
Romeinen
- bev werd door hen uitgebuit, liet hen bel betalen,
bestuur van Palestina
- Jeruzalem werd bestuurd door het Sanhedrin dat bestond uit joodse hogepriesters (hadden veel
macht). school / rechters = joods
sociale structuur van Palestina
Galilea
- open gebied, niet streng
- knooppunt van internationale handelswegen.
- bewoners = breeddenkend dan de meeste andere joden (door contact andere culturen)
- hier meeste opstanden
Judea
- centraal: Jeruzalem met tempel
- duidelijke klassen
1
,Samaria
- vormde een aparte bevolkingsgroep → van zijn gemengde bevolking (hadden joden en niet-joden
zich met elkaar vermengd)
- daarom werden de inwoners, nl. de Samaritanen, als onreinen beschouwd door de joden.
- deze vijandschap trachtte Jezus te doorbreken
Het jodendom in Palestina: religieuze groepen en bewegingen
Essenen & Qumran
- voelen zich uitverkoren
- leven apart van de rest, ze leefden als soort ‘monnikengemeenschap’
- beperkt in aantal, vinden sporen door thoraanrollen
- ze leefden sober, in gemeenschap en legden zich toe op gebed, ver weg van de ‘slechte wereld’.
sadduceeën
- hadden veel macht
- (hoge)priesters behoorden hiertoe
- voelden zich hoger dan het volk → geen sympathie voor het volk
- werken samen met Romeinen
- priesterfamilie die om de beurt dienst doen in de kerk
- rijkdommen afnemen van rijken als ze niet luisteren
- collaboreerden - werden dus niet graag gezien door het gewone volk
- zetelden in Sanhedrin = joodse rechtbank
- nieuwe geloofsinzichten afwijzen → aan Thora houden
- wouden gehoorzaamheid / volksopstanden en ‘Messiassen’ vermoord → Jezus gevangen nemen
farizeeën
- geen priesters → geleerden
- geschoold & bestuderen de Thora
- kunnen hoofd- en bijzaken niet goed onderscheiden dus maken snel problemen van iets kleins →
komen vaak in discussie met Jezus : “als je buurman ziek is, doet het er niet toe dat het Sabbat is
(hier konden Farizeeën niet tegen deze uitspraak)
- geloven dat er een Messias zal komen als Gods volk zich houdt aan Gods wet zoals geopenbaard
aan Mozes
- werden wel graag gezien door de gewone bevolking & hadden grote invloed
- afkeer tegen mensen die Thora niet kennen
Zeloten
- nationalistische vrijheidsstrijders
- verwachten de komst van een nieuwe Messias die hen zal redden van bezetting
- met geweld ingaan tegen de bezetter (= Romeinen)
2
, het gewone volk = Am ha’artez
sociale verhoudingen
armoede
- gewone volk leefde van lb, visvangst, handwerk en kleinhandel
- grote werkloosheid & arm
- sommigen trokken naar buitenland = diaspora
woning
- klein, enkel woonkamer, geen venster, voorraadkamer
man-vrouw relatie
- man moest Thora aanleren aan zonen
- kon vrouw verstoten
- vrouw moest Thora niet bestuderen
godsdienstig onderscheid tss reinen & onreinen
- reinheidsvoorschriften zijn symbool voor verbond tss God & het volk
- wie reinheidswetten overtrad → onrein → rein worden door te offeren of rituele reiniging
- ziek, melaats = onrein
- Wie in contact komt (vooral via aanraking) met een onreine, wordt zelf ook onrein. Wie opnieuw
rein wil worden, moet een offerdier kopen en dit door de priesters laten offeren.
voorbeelden
- schaap = rein ↔ varken = onrein
- bloed = onrein (menstruatie, bevalling, beroepen met bloed)
- seks = onrein (prostitutie, soa’s)
gevolgen meisjes & vrouwen
- helft van hun leven onrein → geen priester / leviet (helper priester) worden
eredienst
1 tempel
- belangrijk bedevaartsoord voor joden
- op Pasen/Pesach, Pinksteren/Sjavoeeet en Loofhuttenfeest/Soekot naar hier
3