Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Aardrijkskunde samenvatting examen (HAVO)

Rating
4.1
(14)
Sold
27
Pages
14
Uploaded on
08-03-2017
Written in
2015/2016

Hallo, Een samenvatting voor het examen aardrijkskunde voor het HAVO examen. De samenvatting bevat alle studiestof die van belang is voor het examen. Gebaseerd op het boek: BuitenNLand (maar, ook te gebruiken bij andere methodes). Ik ben geslaagd op aardrijkskunde met een 8!

Show more Read less
Institution
Course

Content preview

1


Samenvatting Aardrijkskunde
Vaardigheden en vragenanalyse
Het probleem moet kunnen worden geanalyseerd uit verschillende dimensies, waarbij gezocht moet kunnen worden binnen
verschillende soorten verklaringen en/of perspectieven. Sommige antwoorden dienen binnen een bepaald schaalniveau
geplaatst te worden.

Dimensies
Problemen dienen vanuit verschillende perspectieven te kunnen worden bekeken:
 Politieke dimensie: heeft met conflicten voorkomend uit bijvoorbeeld separatisme, politiek (wan)bestuur, grenzen
te maken;
 Milieu dimensie: heeft bijvoorbeeld met vervuiling / uitputting of juist verbetering van het milieu te maken;
 Economische dimensie: heeft met bijvoorbeeld de arbeidsmarkt, welvaart of de handelsbalans te maken;
 Sociaal–culturele dimensie: heeft met bijvoorbeeld de integratie, taal of religie te maken;

Verklaringen
Je moet instaat zijn verklaringen uit verschillende perspectieven te kunnen geven:
 Sociaal–geografisch: een argument dat met de ‘menselijke’ aardrijkskunde te maken heeft, bijvoorbeeld
forensisme, tijd–ruimtecompressie of beroepsbevolking;
 Fysisch–geografisch: een argument dat met de ‘natuurlijke’ aardrijkskunde te maken heeft, bijvoorbeeld
bodemvruchtbaarheid, klimaat, erosie–sedimentatieprocessen;
 Fysiek–ruimtelijk: Een herkenbaar (fysisch–geografisch) element in het landschap, zoals de aanwezigheid van een
bergketen, grote hoogteverschillen, zandgrond of een rivier.
 Demografisch: een argument dat met de omvang en samenstelling van de bevolking te maken heeft zoals leeftijd,
geboorte, sterfte, etnische afkomst of het hebben van kinderen.
 Politiek–geografisch: een argument dat vooral met bestuur (overheid, internationale samenwerking), conflicten of
het verloop van grenzen te maken heeft.
 Verkeerstechnisch: een argument dat te maken heeft met ‘problemen’ op de weg zoals een knooppunt of
wegversmalling.
 Gebiedskenmerk: een kenmerk van een gebied als formele regio (site). Het gaat hier om de absolute ligging.
Voorbeelden: veel vruchtbare landbouwgrond, goed opgeleide beroepsbevolking of een etnische heterogeniteit. In
een enkel examen werd het begrip locatiefactor genoemd, wat min of meer hetzelfde is.
 Ruimtelijk kenmerk: een kenmerk van een gebied als functionele regio Het gaat hier om de relatieve ligging, dus
vooral om (een gebrek aan) verbindingen of goede/slechte toegankelijkheid van omliggende gebieden.

Schaalniveaus
Soms dien je antwoorden te geven die passen binnen een bepaald schaalniveau. De schaalniveaus van klein naar groot
zijn de volgende:
 Lokaalschaalniveau: heeft betrekking op een klein gebied, zoals een stad of gemeente;
 Regionaalschaalniveau: heeft betrekking op een groter gebied, zoals een provincie of streek;
 Nationaalschaalniveau: heeft betrekking op een land;
 Fluviale schaalniveau: heeft betrekking op het stroomgebied van rivieren;
 Continentaal schaalniveau: heeft betrekking op een heel continent;
 Mondiaal schaalniveau: heeft betrekking op heel de wereld.

Type vragen en beantwoording
 “Verklaren”: altijd oorzaak én gevolg noemen
 “Beargumenteren”: nóóit één woord gebruiken, er moet een goed lopende zin worden geproduceerd.
 “Vergelijking”: beíde zaken in je antwoord noemen.
 “Hypothese”: is een veronderstelling die je gaat onderzoeken “áls dit gebeurt dan zál dat gaan gebeuren”, daarna
ga je ‘checken’ of dit ook werkelijk zo is (je neemt een hypothese aan of je verwerpt deze)
 “Stelling”: is een bewering, meestal bedoelt om discussie op te werpen. Je bent het dan wel of niet eens met de
bewering. Je moet dan je mening over de stelling wel beargumenteren.
 “Formuleer een vraag”: beschrijvende vraag (wat, wie), verklarende vraag (waarom), voorspellende vraag
(toekomstgericht), waarderende vraag (mening belanghebbenden), probleemoplossende vraag.

1 Aardrijkskunde CE 2016 samenvatting

, 2

Doelstelling 1: De wereld
Binnen het domein ‘wereld’ analyseer je via het mondiaal schaalniveau op het gebied van mens en economie, zoals: welvaart en
welzijn, bevolkingsgroei- en spreiding en cultuur.

Welvaart en welzijn
De wereld wordt onderverdeeld in 3 typen gebieden:
 Centrum: welvarende landen (voornamelijk in het Westen met uitzondering van Japan);
 Semi-periferie: groeiende economieën (zoals: de BRIC-landen, ‘Aziatische tijgers’ en ‘Baby tijgers’);
 Periferie: nagenoeg stilstaande economieën (voornamelijk gelegen in Afrika).

De mate van ontwikkeling van land haalt men uit de volgende zaken:
1. BNP/hoofd: totaal inkomsten van het land gedeeld door de totale bevolking;
Nadelen aan het gebruik van het BNP/hoofd zijn:
 De koopkracht, wat je voor 1 dollar in een land kan kopen, verschilt per land;
 De informele sector, de sector waarover geen belasting betaald word, rekent men niet mee;
 Het BNP/hoofd laat geen sociale en regionale ongelijkheden zien.
2. De verdeling van de beroepsbevolking
Er geldt: Hoe meer mensen in de dienstensector werken, hoe rijker het land is of
Hoe meer mensen in de landbouw werken, hoe armer het land is.
3. Meten van het welzijn
Indicatoren die belangrijk zijn voor de mate van welzijn zijn:
 De voedselsituatie;
 Toegang tot (schoon)drinkwater;
 Toegang tot onderwijs en gezondheidszorg.

De globalisering is het proces waarbij de verwevenheid tussen verschillende gebieden op aarde toeneemt.
Gevolg: een verandering van de internationale arbeidsverdeling.

De verdeling van de velvaart op aarde kan men halen uit twee zaken:
1. Interne oorzaken: de zaken liggen in het land zelf
 Natuurlijke oorzaken, als ongunstig klimaat, onvruchtbaarheid, afwezigheid van hulpbronnen etc.;
 Menselijke oorzaken, als (wan)beleid, corruptie, oorlog etc.
2. Externe oorzaken: de oorzaak wordt gezocht in het centrum-periferie model, zo geldt een ongelijke uitwisseling
van o.a.:
 Goederen: het ongelijke verschil in grondstofprijzen en prijzen voor eindproducten;
 Arbeid: het ongelijke verschil ontstaan door een verschil in opleidingsniveau;
 Kapitaal: Het ongelijke verschil in het instaat zijn van investeringen, afsluiten van leningen etc.

Bevolkingsdichtheid en -spreiding
De bevolkingsspreiding wordt veroorzaakt door natuurlijke en sociaaleconomische factoren:
 Natuurlijke omstandigheden: bevolkingsdichtheid valt samen met een geschikt(e): klimaat, bodem en de
beschikbaarheid over water;
 De ligging t.o.v. andere economische belangrijke gebieden;
 Het koloniale verleden dat leid tot veel steden in kustgebieden.

Men maakt onderscheid tussen natuurlijke en sociale bevolkingsgroei:
 Natuurlijke bevolkingsgroei: wordt veroorzaakt door een verschil in geboorte en sterfte cijfer. De natuurlijke
bevolkingsgroei is afhankelijk van verschillende factoren:
1. Demografische factor: een land met een jonge leeftijdsopbouw heeft een hogere bevolkingsgroei dan een land
met een grote oude groep;
2. Sociale factor: heeft te maken met het opleidingsniveau (van voornamelijk meisjes).
Er geldt: Hoe hoger het opleidingsniveau van de meisjes, hoe lager de vruchtbaarheid.
3. Culturele factor: sommige culturen stimuleren het krijgen van veel kinderen;
4. Economische factor: er is een direct verband tussen welvaart en vruchtbaarheid.
Er geldt: Hoe hoger de welvaart, hoe lager de vruchtbaarheid.



2 Aardrijkskunde CE 2016 samenvatting

, 3

Je dient een land te kunnen plaatsen in de juiste fase van het demografische transitie model:
- Fase 1: Er is een hoog sterfte- en geboortecijfer. Komt vooral voor in inheemse stammen;
- Fase 2: Er is een hoog geboortecijfer en een dalend sterfte cijfer. Vooral in de periferielanden;
- Face 3: Er is een afnemend geboortecijfer en een laag sterfte cijfer. Vooral in de semi-periferielanden;
- Fase 4: Er is een laag geboorte- en sterftecijfer (soms: bevolkingsafname). Vooral in centrumlanden.
Demografische druk: het niet actieve deel van de bevolking uitgedrukt als percentage van het actieve deel.
 Sociale bevolkingsgroei: wordt veroorzaakt door migratie en immigratie.
Een voorbeeld van sociale bevolkingsgroei zijn de arbeidsmigratie (continentaal schaalniveau) en de urbanisatie
(regionaal schaalniveau). Het urbanisatietempo kent drie oorzaken:
1. Trek van platteland naar de stad;
2. De groei van de stad en het opslokken van plattelandsgebied;
3. Het hoge bevolkingsoverschot in de steden.

De bevolkingsgroei valt af te lezen uit twee factoren:
1. Pushfactoren: reden om uit een gebied te trekken;
2. Pullfactoren: reden om naar een gebied toe te trekken.

Cultuur
Een bepaalde cultuur herken je aan haar cultuurkenmerken:
1. Elementen die te merken hebben met je verstand, als taal en geloof;
2. Elementen die bepalen hoe je met elkaar samenleeft, als wetten, familiebanden en opvoeding;
3. Zichtbare materiële kenmerken.
Cultuurgebieden worden ingedeeld op basis van godsdienst en taal.

De diffusie (of verspreiding) van cultuurkenmerken zorgt op mondiaal niveau voor twee processen:
1. Homogenisering: cultuurgebieden beginnen steeds meer op elkaar te lijken. Een belangrijke oorzaak is de
verwestering of amerikanisering van cultuurgebieden;
2. Heterogenisering: de verschillen in cultuurkenmerken die in een cultuurgebied voorkomen. Veel migranten dragen
er een transnationale identiteit op na.

Doelstelling 2: de aarde
Binnen het domein ‘aarde’ analyseer je via het mondiale schaalniveau verschillende kenmerken op het gebied van natuur, zoals:
klimaat, landschap, landschap zones en mens en landschap. ‘

Klimaat
Het klimaat vormt een weertoestand die geldt voor een periode van 30 jaar. Het klimaat wordt grotendeels beïnvloed
door lucht- en zeestromen:
 Wereldwijde luchtstromen:
- De mondiale luchtcirculatie wordt aangewakkerd door de zon. Zonne-energie zorgt voor het ontstaan van twee
soorten luchtdrukgebieden, met specifieke kenmerken:
Hoge drukgebied (maximum) Lage drukgebied (minimum of depressie)
Weinig neerslag Veel neerslag
Geen tot weinig bewolking Bewolking
Dalende lucht Stijgende lucht
Droog Nat
- Binnen de mondiale luchtcirculatie waait wint altijd van een hoog naar een laag luchtdrukgebied. Wanneer we
dit toepassen op het wereldbeeld ziet dit er als volgt uit:
Breedte graad Drukgebied Klimaat Kenmerken
O graden Lage druk Tropisch Hier vormt het ITCZ (= een zone van constante
lage druk). Hier is opstijgende lucht, wat
vochtig en warm is.
30 graden N.B. en Z.B. Hoge druk Woestijn of Hier is dalende lucht, wat droog en warm is.
Steppe
60 graden N.B. en Z.B. Lage druk Gematigd Hier stijgt relatief warme lucht op en daalt
koele lucht neer. De lucht is vochtig en koud.
90 graden N.B. en Z.B. Hoge druk Polen Hier is dalende lucht, wat droog en koud is.


3 Aardrijkskunde CE 2016 samenvatting

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
March 8, 2017
Number of pages
14
Written in
2015/2016
Type
SUMMARY

Subjects

$5.85
Get access to the full document:
Purchased by 27 students

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF


Also available in package deal

Reviews from verified buyers

Showing 7 of 14 reviews
8 year ago

8 year ago

Thank you for your appreciation! Good luck with the upcoming exam.

8 year ago

8 year ago

Jesse99, thanks for your nice appreciation. Good luck with your exam.

8 year ago

8 year ago

ckozini, thanks for the review for the summary of geography. Good luck during the last tickets for the exam.

8 year ago

8 year ago

Thank you for the appreciation! Good luck with learning for the exam.

8 year ago

8 year ago

Thank you for rating the summary! Good luck with learning for the exam and getting a nice mark.

8 year ago

8 year ago

Sarahya, thanks for judging. Good luck with learning for your exam!

8 year ago

8 year ago

Thank you for your review. Good luck with your exams. ☺

4.1

14 reviews

5
3
4
10
3
1
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
nsangers Universiteit van Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
723
Member since
9 year
Number of followers
510
Documents
4
Last sold
2 weeks ago

Op mijn pagina bied ik samenvattingen/aantekeningen aan die helpen bij het behalen van je vakken. Anders dan vele andere verkopers richt ik mij op het zo beknopt mogelijk beschrijven wat nodig is voor een toets. Of te wel: Geen samenvattingen van 100+ bladzijden, maar efficiënte samenvattingen die je helpen een (ruim) voldoende te halen.

4.1

136 reviews

5
37
4
83
3
14
2
1
1
1

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions