4.3.1. Communicatiewetenschap bestudeert communicatie
= Interdisciplinaire wetenschap, dus CW integreert veel verschillende discipline. O.a.:
Analyse van taalkunde
psychologie( effect van C op mensen)
sociologie (C helpt om maatschappij te veranderen)
intercultureel onderzoek ( in C zijn er fenomenen die in verschillende culturen bestaan, maar
ook die verschillen van cultuur tot cultuur(bv mensen begroeten door te kussen verschil in
# kussen dat je geeft )
biologie ( lichaamstaal) ook vergelijkbaar met dieren (2 ml. Herten die vechten om
leiderschap groep vgl. met 2 boksers die elkaar uitdagen voor wedstrijd)
4.3.2. Wat is communicatie?
4.3.3. (te?) ruime definitie:
Communicatie = alle gedrag, met of zonder woorden, in aanwezigheid van een ander mens,
van wie men zich bewust is, is communicatie.
=> Men kan niet niet communiceren.
4.3.4. communicatie ≠ informatie
Communicatie is symbolische informatie
(cf. cultureel bepaalde gebaren). Zie
voorbeeld boom
bewust van de ander
onbewust (gedrag)
4.3.5. definitie communicatie van Oomkes
Communicatie is de uitwisseling van symbolische informatie tussen mensen die zich van
elkaars onmiddellijke of gemedieerde aanwezigheid bewust zijn. Deze informatie wordt
deels bewust, deels onbewust gegeven, ontvangen en geïnterpreteerd.
4.3.6. Types van communicatie
intrapersoonlijke communicatie = C met jezelf (bv. jezelf kalmeren, tegen jezelf praten)
interpersoonlijke communicatie = C tussen personen (verbaal of non-verbaal, …)
massacommunicatie = C via massamedia
o bv. categoriale massacommunicatie (bv. golftijdschrift)
CW bestudeert enkel interpersoonlijke communicatie en massacommunicatie!
4.3.7. Definitie Fauconnier
Communicatie is: 'het proces waardoor een zender bewustzijnsinhoud overdraagt of tracht
over te dragen aan een of meer ontvangers en dit door middel van een kanaal, signalen en
tekens'. Hierin zit wel het aspect verwerkt dat C niet altijd slaagt
1
, Communicatiewetenschap: samenvatting college 1
4.3.8. Aspecten van een boodschap
Inhoudsaspect = letterlijke inhoud van de woorden
Betrekkingsaspect = alles wat aangeeft hoe die inhoud moet worden opgevat
4.3.9. Waarom communiceren mensen?
Communicatie komt voort uit behoeftes:
1. Biologische
2. Maatschappelijke
3. Interpersoonlijke
4.3.10. Biologische behoeftes
o behoeftepiramide van Maslow
Piramide want onderste moet vervult zijn
voor je naar hoger niveau kan
Veel gebruikt binnen organisaties
Veel kritiek op dat chronologie niet
helemaal klopt
4.3.11. Maatschappelijke behoeftes
Behoefte aan aandacht is een sociaal motief voor communicatie.
“schreeuw om aandacht” bij baby’s en volwassenen
Experiment Frederik II:
o Welke T spreken kinderen als ze worden opgevoed zonder T te horen?
o Baby’s gescheiden van hun ouders
o Resultaat: stierven allemaal. Want ontvangen geen liefde
Experiment 2:
o Ontbering van aanraking:
2-jarige kinderen lang van ouders gescheiden
In instellingen waar niet geknuffeld
Resultaat: zelfs na hereniging ouders: slaapproblemen
4.3.12. Interpersoonlijke behoeftes
identiteit = wie je bent
Zelfbeeld = wat je denkt dat je bent. Is iets veranderlijkst. Sterk gestuurd door de C die je
opvangt over jezelf
o Het zelfbeeld berust op communicatie.
o Interpersoonlijke communicatie dient vooral om het zelfbeeld te vormen, te
veranderen en te ondersteunen.
Hypotheses van Villard & Whipple (1976)
1. Identiteiten zijn in de persoon opgenomen interpretaties van culturele of
groepswaarden. (cf. tijdsgebonden)
2. Het zelfbeeld wordt aangeleerd tijdens een doorgaand sociaal leerproces,
voornamelijk door communicatie met anderen.
3. Identiteiten zijn observeerbaar.
4. Het zelfbeeld is veranderlijk.
5. Het zelfbeeld moet voor zijn voortbestaan door anderen worden ondersteund.
2