Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 25 pages
Summary

Samenvatting Fiscale economie Midterm ( Inleiding Belastingheffing ondernemingen en particulieren Hoofdstuk 1 tm 7 + 11)

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 25 pages

Deze samenvatting bevat de midterm stof (Hfd 1 t/m 5 + 11) en heeft als extra Hfd 6 en 7. Deze samenvatting komt geheel uit het boek Inleiding Belastingheffing ondernemingen en particulieren. Fiscale eocnomie Auteurs: Mr. dr. G.M.C.M. Staats (red.), Prof. dr. A.J. van Doesum, Mr. dr. S.M.H. Dusarduijn, Mr. dr. M.J. Hoogeveen, Mr. W.A.P. van Roij, Mr. C. Wisman, Drs. M.J.J.R. van Mourik

Content preview

Fiscale economie samenvatting:



HFD 1 De fiscale geschiedenis van Nederland in vogelvlucht.

-Het belangrijkste doel van accijnsheffing is 1) inkomsten te verschaffen voor de overheid
En 2) kan een hoge accijnsheffing het gebruik van bepaalde goederen (alcohol) ontmoedigen.
-Gouden eeuw: De enige algemene belastingen bestonden uit convooien en licenten, een soort
invoer- uitvoerrechten.
Convooien werden geheven als een vergoeding die rederijen betaalden aan de
Nederlandse marine voor bescherming tegen vijanden
De licentgelden vormden een vergoeding voor het recht om handel te drijven met de vijand
•Directe belasting = Belastingen op inkkomen winst en vermogen. Deze belasting draagt u zelf af
aan de belastingdienst.
•Indirecte belasting = worden door een ander aan de Belastingdienst afgedragen. Die belasting is
verwerkt in de prijs van goederen en diensten. (kostprijsverhogende belasting)
•Synthetische inkomstenbelasting= in dit stelsel wordt inkomen uit diverse inkomstenbronnen bij
elkaar opgeteld. Het totaal wordt vervolgens belast naar een uniform tarief.

Blz 57 Bronnentheorie!

HFD 2 ALGEMENE ASPECTEN

● Loonbelasting is een voorheffing op de te betalen inkomstenbelasting. MAAR GEEN
DUBBELE HEFFING. DE LOONSBELASTING MAG NAMELIJK OP DE VERSCHULDIGDE
INKOMSTENBELASTING IN MINDERING WORDEN GEBRACHT.
● Belastingsubject = belastingplichtige
● profijtbeginsel= dat je belasting moet betalen omdat je gebaat bent bij de activiteiten van de
overheid. Bv motorrijtuigenbelasting
● Budgettaire functie van belasting
● Instrumentele functie van belasting
● Waarborgfunctie: de waarden van de rechtsstaat zijn daarbij aan orde. De wetgeving moet
bijvoorbeeld rechtsgelijkheid en rechtszekerheid bieden.
● Box 1 progressief tarief: naarmate iemands inkomen stijgt, stijgt de gemiddelde
belastingdruk
-Principiele grens aan het gebruik van instrumentele maatregelens:Dit betekent dat niet
alleen degene die direct vd maatregel profiteert voordeelvan de maatregel moet hebben,
maar ook degene die daarvoor offers moeten brengen AKA de overige belastingbetalers
moeten op indirect wijze ook profiteren van de getroffen maatregel.
Vb subsidie voor elektrisch rijden + voor indirecten : schonere lucht.
-Praktische grens aan instrumentele maatregelen: 1) het gedrag van burgers is lastig te
beinvloeden 2)De effectiviteit en doelmatigheid van instrumentele maatregelen zijn moeilijk
te toetsen.

,•Het draagkrachtbeginsel zeg dat belastingheffing dwingend afhangt van iemands mogelijkheid om
belasting te betalen
-Adam smith äbility to pay”
-draagkrachtbeginsel is op zichzelf beschouwd een rechtvaardig verdelingsprincipe.
•Heffing naar draagkracht brengt ook met zich mee dat het eerste deel van het inkomen onbelast
zou moeten blijven. Je kan immers pas belasting betalen nadat je voor jezelf kan zorgen. HET
ONBELAST INKOMEN ZOU DUS HET BESTAANSMINIMUM MOETEN REPRESENTEREN
(50.000 heffingsvrij vermogen box 3)
•Gezinnen met een kostwinner wordt ZWAARDER belast dan gezinnen met twee kostwinners. Dit
verschil wil de wetgever niet wegnemen, met als argument dat hij de arbeidsparticipatie wil
bevorderen.
•Heb je aandelen van 5% of meer dan val je in box 2 aanmerkelijk belang.
Een woning is een bezitting in box 3. Als het echter een eigen woning- het hoofdverblijf van de
belastingplichtige- is dan zou de woning ook in box 1 vallen.
De vraag is nu welke box voorgaat!!!!
● Rangorderegeling: het eerstgenoemde wetsartikel gaat voor. M.a.w., box 1gaat voor box 2
en box 2 gaat voor box 3.
● Allocatie van schulden vindt plaats aan de hand vd vraag waarvoor de schuld is
aangegaan. DE SCHULDEN VOLGEN NAMELIJK DE BEZITTINGEN.
-Valt de bezitting in box 1. Dan valt de schuld aangegaan om deze bezitting te verkrijgen ook
in box 1.
-Dus als je een hypothecaire lening schuld hebt op jouw eigen woning waarmee je obligaties
hebt gekocht, behoort de schuld tot box 3, omdat de obligaties ook in box 3 worden belast.
Dat de lening wordt gedekt door de eigen woning is niet relevant,
-Zou je de lening echter hebben gebruikt om de woning te kopen of te verbouwen dan valt
de schuld wel in box 1.

● In box 1 en 2 belast je het werkelijke inkomen in box 3 niet. Iedereen wordt belast naar een
wettelijk vastgelegde fictief rendement.
-Als het werkelijk behaalde rendement lager is dan het fictieve rendement, word je dus voor
meer belast dan je behaalde draagkrachtvermindering. Haal je een hoger rendement dan
word je te laag belast.
● Analytisch stelsel: Dit betekent dat een negatief inkomen/ een verlies in box 1 niet te
verrekenen is met een positief inkomen in box 2 of box 3. ER STAAN HEKKEN TUSSEN DE
BOXEN.
-Indien een belastingplichtige in box 1 50.000 inkomen en in box 2 500.000 verlies heeft,
moet hij toch belasting betalen in dat jaar ookal is zijn totale vermogen negatief.
-vast tarief 26.9% is proportioneel tarief.

● HEFFINGSKORTING IS EEN BELASTINGAFTREK
● Persoonsgebondenaftrek = inkomensaftrek voor uitgaven die zijn gebonden in verband met
de persoonlijke situatie van de belastingplichtige.
● Autokostenforfait, omdat de auto ook prive wordt gebruikt, taief is 22%
● Vermogensrendementheffing belast het inkomen uit sparen en beleggen op fictieve wijze.
De belastingplichtige wordt geacht over de waarde van zijn vermogen een bepaald
rendement te behalen.

, - Bij iedere belastingplichtige is een bepaald deel van zijn vemogen onbelast 50.000 en
100.000 bij fiscale partners.
- FICTIEVE TARIEF IS IN STRIJD MET HUN EIGENDOMSRECHT EVRM. In bepaalde
gevallen dan namelijk de belasting hoger zijn dan het behaalde rendement. Indien bv op een
vermogen van 130.000 een rendement van 0,5% werd behaald (650), bedroeg de belasting
bij een heffingvrij vermogen van 30.000 1200. De belastingplichtige teert door de
belastingheffing a.h.w.in op zijn vermogen en hem wordt onrechtmatig eigendom ontnomen.

● Eigenwoningforfait: Het fiscale inkomen uit de eigen woning is eigenwoningforfait - de rente
op schulden vd eigen woning
● Dit meestal negatieve saldo behoort tot het inkomen uit box 1 en kan dus op de positieve
inkomensbestanddelen in die box in mindering worden gebracht.
● EIGEN WONING = BOX 1, De eigenwoningwaarde van de woning is de Wet onroerende
zaken (WOZ) vastgestelde waarde.
● Omdat de woning in box 1 valt. Behoort de schuld die is aangegaan om de eigen woning te
kopen ook tot box 1. Deze rente vd lening is hierdoor aftrekbaar van het box 1 inkomen.
● VB stel dat zij beiden een inkomen zouden hebben van 100.000. De rente zou dan
aftrekbaar zijn tegen 49.50%. MAAR IN 2021 BEDRAAGT HET MAXIMALE
AFTREKPERCENTAGE MAAR 43%.
● Om voor de renteaftrek in aanmerking te komen, moet er dus sprake zijn van een eigen
woning en moet er sprake zijn van een schuld die is aangegaan ter verwerving van deze
woning. OOK SCHULDEN DIE ZIJN AANGEGEAAN VOOR EEN VERBOUWING VAN OF
ONDERHOUD AAN DE EIGEN WONING IN BOX 1 GESITUEERD, ZODAT DE RENTE
AFTREKBAAR IS IN BOX 1.
● Eigen woning 1)hoofdverblijf 2) eigendom
● Geen eigen woning -> Deze woning is weliswaar hun hoofdverblijf,maar zij bezitten niet de
eigendom van deze woning.
● Fiscale partner blz 88
● OVerigens kan er een partnerrelatie ontstaan tussen ouder en kind indien kind >27 bij
aanvang van het desbetreffende kalenderjaar, indien zij zijn ingeschreven in de BRP en
bijvoorbeeld samen eigenaar zijn de van de eigen woning.
● Indien een persoon meer dan een echtgenoot heeft of meer samenlevingscontracten heeft
afgesloten, GELDT ALLEEN DE OUDSTE VERBINTENIS
- persoon A B C, A&B partners, omdat het samenlevingscontract eerdergenoemd wordt dat
de pensioenregeling.
● Aanrechtsubsidie= Indien de andere partner voldoende ruimte heeft in zijn te betalen
belasting om meer dan een heffingskorting te kunnen machtigen dan heeft de partner zonder
inkomen toch recht op een heffingskorting.

Connected book
 image
Publisher: Unknown ISBN: 9789012406604 Edition: 1

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofdstuk 1,2,3,11,4,5,6,7
Uploaded on
February 27, 2022
Number of pages
25
Written in
2020/2021
Type
Summary
$9.60

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
1
Followers
0
Items
0
Last sold
3 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions