Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 10 pages
Summary

Samenvatting Begrippen Neurologie

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 10 pages

Samenvatting van 10 pagina's voor het vak Neurologie aan de tmhs

Content preview

Neurologie Begrippen:

Cytologie Celleer
Histologie Weefstelleer
Neuron Zenuwcellen; structurele en functionele eenheid van centraal zenuwstelsel (CZS)
Gliacel Neuroglia of zenuwlijm*

Cortex Schors
Nuclei/nucleus Kernen/kern; bolvormige structuur in het soma; bevat DNA en een nucleolus; staat in
voor de vorming van RNA (nodig voor productie eiwitten en enzymen)
Nucleolus Kernlichaampje
Mitochondriën Organellen; zijn energiecentrales van de cel
Soma Cellichaam van neuron
Axon Overblijvende pool van neuron; kan heel lang zijn; geven collateralen af
Dendrieten Ontvangen synaptische contacten van anderen
Effectorcellen Spiercellen of kliercellen

Extracellulair milieu Buiten de cel
Intracellulair milieu Binnen de cel
Fosfolipiden Vetten (in de celwand)
Glycolipiden Versmolten carbohydraat en lipide
Glycoproteïnen Versmolten carbohydraat en proteïne
Proteïnen Eiwitten

Cytoplasma Perikaryon; wat rond de kern ligt
Neurotubili Buisvormige structuren die instaan voor de groei en transport van materialen van
axonen en dendrieten
Anterograad Van de soma weg (transport)
Retrograad Naar de soma toe (transport)
Neurofilamenten Staafjes die opgebouwd zijn uit een polymeer van actine en myosine; zijn het skelet
van de neuron
Nissl-lichaampjes Klompjes endoplasmatisch reticulum; staat in voor de vorming van eiwitten
Vrije ribosomen Staat in voor de vorming van eiwitten
Golgi-apparaten Bestaan uit glad endoplasmatisch reticulum; staan in voor synthese van triglyceriden,
cholesterol en steroïden
Lysosomen Verwerken het afval van de cel

Synapsen Zijn de contactpunten tussen neuronen
Axo-somatische Tussen eindknoppen van axon van de presynaptische cel en de celwand van het
synapsen cellichaam van de postsynaptische cel
Axo-dendritische Tussen eindknoppen van axon van de presynaptische cel en een dendriet van de
synapsen postsynaptische cel
Axo-axonische Tussen de eindknoppen van axon van de presynaptische cel en axon van de
synapsen postsynaptische cel

Chemische synapsen De belangrijkste onderdelen van een chemische synaps zijn de presynaptische
terminal (einde van de axon), de synaptische spleet (de ruimte die axon scheidt van de
volgende cel) en het postsynaptisch membraan. Bij chemische synapsen spelen
neurotransmitters een essentiële rol
Elektrische synapsen Bestaan uit ‘gap junctions’ (banden) tussen dendrieten of somata van bijeen liggende
neuronen. Ze laten elektronische verandering van één neuron naar het andere toe. Het
doel daarvan is ervoor zorgen dat neuronen met een gemeenschappelijke functie een
synchrone activiteit ontwikkelen.

Intern milieu Inwendige van neuron; negatief geladen; bevat meer kalium en minder natrium
Extern milieu Uitwendige van neuron; positief geladen; bevat minder kalium en meer natrium
Kationen Natrium
EPSP Exciterende postsynaptische potentialen; positieve prikkels veroorzaken EPSP
IPSP Inhiberende postsynaptische potentialen; negatieve prikkels veroorzaken IPSP
Initieel segment Gebied waar axon vastzit aan het cellichaam
Depolariseren Actief worden
AP Actiepotentiaal; altijd even sterk

Acetylcholine Synaptische vesikels met daarin neurotransmitter voor de spiercontractie


1

, Cholinesterase Enzym dat acetylcholine afbreekt tot acetaat en choline
CAT Choline-acetyl-transferase; enzym dat van acetaat en choline terug acetylcholine
maakt (synthese)

Gemyeliniseerd Axonen die beschikken over een myelineschede
Myelineschede Een huls opgebouwd uit myeline
Schwanncellen Neurolemnacellen; vormen myeline dat als brede huls rond axon zit
Knopen van Ranvier Insnoeringen die op gezette afstanden voorkomen in axon
Internodum De afstand tussen twee knopen van Ranvier

Gliacellen Cellen in het CZS met een andere functie dan primaire prikkelgeleiding*
Astrocyten Stervormige cellen met dozijnen fijne uitstulpingen; cytoplasma bevat veel filamenten =
stevige structuur; ondersteunen andere cellen van CZS
Glycogeenkorrels In astrocyten; een energiereserve voor CZS
Gliose Vorming van littekenweefsel wanneer CZS beschadigd wordt
Oligodendrocyten = schwanncellen (neurolemnacellen); produceren myelinescheden van axonen
Microglia Ontwikkeld zich uit monocyten uit bloedsomloop tijdens embryonale fase; verdediging
van CZS
Monocyten Witte bloedcellen
Ependymcellen Lijnt de verschillende kamers en kanalen van CZS af en dragen cilia
Cilia Trilhaartjes

Medulla spinalis Ruggenmerg
Cerebrum Hersenen
Cerebellum Kleine hersenen
Canalis vertebralis Wervelkanaal
Vertebrae Wervels
Cervicale wervels Halswervels
Dens Uitstulping van het corpus van de axis naar boven toe
Foramen transversum Gat dat vertoont wordt bij de laterale uitsteeksels
Thoracale wervels Borstwervels
Lumbale wervels Lendenwervels
Os sacrum Heiligenbeen
Os coccygis Staartbeen
Corpus vertebrae Wervelboog
Pediculus Deel van de arcus dat nabij het corpus gelegen is
Foramen Venster dat gevormd wordt door twee boven elkaar gelegen wervels
intervertebrale
Nervus spinalis Spinale zenuw
Periferie Huid, gewrichten, spieren
Processus transversus Uitsteeksel dat aan elke kant lateraal op de arcus vertebrae zit
Processus spinosus Uitsteeksel dat achteraan op de arcus vertebrae zit
Discus intervertebralis Tussenwervelschijf
Nucleus pulposus Gelatineachtige kern
Anulus fibrosus Fibreuze ring

Conus terminalis Het caudale uiteinde van de medulla spinalis
Cauda equina Paardenstaart
Filum terminale Een fijne draad aan de conus terminalis

Intumescentia Laag cervicaal niveau waaruit de nervus spinalis voor de armen vertrekken
cervicalis
Intumescentia lumbalis Lumbaal niveau waaruit de nervus spinalis voor de benen vertrekken
Fissura mediana Ovalen omtrek van ruggenmerg met vooraan op de middellijn een diepe gleuf
anterior
Sulcus medianus Achteraan is de mediaan een groeve
posterior
Suclus lateralis Achteraan, meer opzij, bevindt zich aan elke kant een groeve
posterior
Canalis centralis Kanaal dat centraal in het ruggenmerg ligt
PMN Perifere motor neuronen; neuronen waarvan de axonen uit het ruggenmerg vertrekken
via de voorste wortels
Sensore neuronen Neuronen die informatie ontvangen van de vezels die langst de achterste wortels
binnenkomen
Funiculus anterior Voorstreng van de witte stof


2

Document information

Study
Uploaded on
June 3, 2015
Number of pages
10
Written in
2014/2015
Type
Summary
$4.73

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
LV4
3.6
(19)
Sold
84
Followers
55
Items
7
Last sold
6 months ago

Reviews from verified buyers


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions