Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Uitgebreide Samenvatting (boek + colleges!) Methoden en Technieken van Politicologisch Onderzoek

Rating
5.0
(1)
Sold
13
Pages
29
Uploaded on
25-10-2021
Written in
2019/2020

Uitgebreide samenvatting van het tweedejaars IP vak MTPO. Het bestand combineert de opgegeven literatuur (2740) met aantekeningen van de colleges van dr. Mickler. In deze samenvatting staat dus praktisch alles wat je moet weten voor het tentamen.

Show more Read less
Institution
Course

Content preview

Methoden en Technieken van Politicologisch Onderzoek

1 Political research
De benadering van politiek onderzoek bestaat uit drie basisposities:
1. Voorstander van pluralisme in methodologische benaderingen;
2. Onderzoek moet ‘problem-driven’ zijn;
3. Onderzoek moet relevant zijn voor belangrijke politieke vragen en beleidskwesties.
Dit boek houdt zich bezig met het formuleren van belangrijke vragen en het ontwikkelen van
betekenisvolle en overtuigende antwoorden. Er bestaat niet altijd overeenstemming over wat zo’n
antwoord vormt. Welke onderzoekspraktijken en -methoden politieke onderzoekers in staat stellen
geloofwaardige antwoorden te bieden op belangrijke vragen levert veel onenigheid, deels vanwege
de diversiteit van de discipline. Een aantal controversies:
 Politiek en Internationale Betrekkingen
Afgelopen jaren zijn mensen geneigd deze als aparte vakgebieden de behandelen, maar nu
erkennen geleerden steeds meer dat deze verdeling fundamentele interdependenties van
interstatelijke en nationale systemen verduistert. Dit boek beschouwt deze twee als één
onderzoeksgebied.
 Empirisch vs. Normatief onderzoek
We moeten duidelijk zijn over het verschil tussen normatieve (wat zou moeten zijn) en
empirische (wat ís) vragen en uitspraken, maar we moeten erkennen dat ze niet
onafhankelijk zijn van elkaar.
 Positivisme vs. Interpretivisme
Ze hebben verschillende ontologische en epistemologische standpunten, maar in het
algemeen gebruiken onderzoekers in beide tradities dezelfde methodologische conventies.
Uiteindelijk wordt elk onderzoek beoordeeld o.b.v. een aantal algemeen geaccepteerde
standaarden van onderzoek.
 Kwantitatief vs. Kwalitatief onderzoek
De verschillende methodologische posities zijn niet verbonden aan bepaalde ontologische of
epistemologische posities, of aan bepaalde onderzoeksvragen of -ontwerpen. Het draait
uiteindelijk om de manier waarop de methode wordt gebruikt, niet welke methode. Elke
methode heeft plus- en minpunten en geen enkele methode is perfect.
De empirische cyclus: probleem/vraag/puzzel -> conceptualisering en operationalisatie ->
onderzoeksontwerp -> observatie/dataverzameling -> data-analyse -> interpretatie/evaluatie
Wetenschap is het systematisch verwerven van kennis. Politicologie verschilt niet qua methoden niet
van andere sociale wetenschappen, maar er ligt wel meer nadruk op bepaalde methoden en
strategieën. De status van kennis is afhankelijk van de aanpak:
Niet wetenschappelijk o.a. Wetenschappelijk o.a.
Op basis van persoonlijke ervaring, intuïtie Systematisch
Systematische immunisering tegen kritiek Gerelateerd aan theorie
Ongerechtvaardigde selectiecriteria (gevallen, Herhaalbaar, falsifieerbaar, intersubjectieve
eenheden van observatie) controleerbaarheid
Theorie/resultaten niet kritisch evalueren in Reflectief, (zelf)kritisch, correctie
relatie tot andere theorieën/verklaringen
Bovennatuurlijke verklaringen: (bij)geloof, Cumulatief proces, vooruitgang
magie
Verzinnen van bronnen Transparante, controleerbare aanpak




1

,2 Forms of knowledge
Ontologie = zijnsleer: Wat bestaat? Wat is de aard van de sociale wereld? Twee opvattingen:
1. Objectivisme
2. Constructivisme
 Deze posities kunnen niet empirisch onderzocht worden, maar vormen basisassumpties van
hoe de wereld in elkaar zit.
Epistemologie = kennisleer: Wat kunnen we weten over de wereld en hoe? Twee extremen:
1. Positivisme
2. Interpretivisme
 Je moet deze ideaaltypen zien als de twee extremen aan de uiteinden van een schaal,
waarop alle onderzoekers zich bevinden.
Methodologie: Welke strategieën kunnen we gebruiken om die kennis te vergaren?
Behaviorisme wordt gebruikt voor de toepassing van positivisme en empirisme op politiek
onderzoek. Behavioristen richten zich op het onderzoeken en verklaren van observeerbaar gedrag
van (groepen) individuen; wat doen politieke actoren en waarom? Critici vonden dat de stroming,
door zich te focussen op eenvoudig meetbare fenomenen, te veel bezig was met techniek i.p.v.
inhoud en geen significante problemen aanpakte. Dit leidde tot de post-behaviorist revolutie, die de
politieke wetenschap in nieuwe richtingen duwde (rationele keuze theorie en interpretivisme).

Positivisme
Het positivisme begon als een beweging om een stevige basis voor sociaalwetenschappelijk
onderzoek te leggen. De Franse filosoof Comte wordt gezien als de grondlegger. De basisprincipes:
1. Naturalisme: er zijn geen fundamentele verschillen tussen de natuurwetenschap en de
sociale wetenschap
2. Empirisme: wat we weten over de wereld is beperkt tot wat kan worden waargenomen
3. Het doel van de sociale wetenschap is het verklaren en voorspellen van sociale fenomenen
d.m.v. wetten. Deze wetten kunnen worden ontdekt d.m.v. systematisch onderzoek van
observeerbare gebeurtenissen en d.m.v. inductie. Volgens positivisten bestaat de wereld uit
fenomenen die causaal met elkaar verbonden zijn, dus zijn ze altijd op zoek naar oorzaak-
gevolg relaties. Deze causaliteit is subjectief: het draait om empirische regelmatigheden, niet
om causale noodzaak/mechanismen.
4. Het is mogelijk om feiten en waarden van elkaar te scheiden
5. Inductie: o.b.v. een aantal observaties/cases ontwikkelt men generalisaties. Observatie ->
patroon -> theorie
6. Verificatiebeginsel: onderzoekers beperken zich tot uitspraken die empirisch verifieerbaar
zijn, de rest is onwetenschappelijk (zoals ethiek en metafysica)
7. Objectivistisch
De Weense Cirkel, een groep filosofen, beroept zich grotendeels op de ideeën van Comte. Hun boek
vormt de basis voor de twee generatie van het positivisme: het logisch positivisme. Tussen de 1 e en
2e generatie zijn geen grote verschillen. Comte had alleen grote abstracte ideeën, en de Weense
Cirkel heeft deze omgezet in een specifiek manifest over hoe de wetenschap zou moeten werken.
Volgens Popper moest de sociale wetenschap zich alleen richten op deductie, vanwege het
‘probleem van inductie’ (David Hume): het maakt niet uit hoe veel observaties een theorie
bevestigen, er hoeft maar één contra-observatie te zijn om deze onderuit te halen -> bijvoorbeeld
zwarte zwaan of inductieve kalkoen. En omdat één uitzondering een inductief gegenereerde theorie
neerhaalt, is definitieve verificatie van een hypothese onmogelijk. Daarom moeten we ons richten op
het falsifiëren van hypothesen. Alles wat niet falsifieerbaar is, ligt buiten de wetenschap. Maar hoe
kunnen we deductie gebruiken voor het verklaren van sociale fenomenen? -> hypothetico-
deductieve methode van Hempel: het fenomeen dat moet worden verklaard (explanandum) is
logisch af te leiden uit datgene wat het verklaart (explanans), en de explanans bevat minstens één



2

, wet (nomos). Een voorbeeld van wat wordt beschouwd als een wet is Duverger’s Law. Deze kritiek
leidde tot de 3e generatie: standaard positivisme, dat anders was in twee opzichten:
1. Falisificatie als demarcatiecriterium voor onwetenschappelijkheid
2. Deductie als primaire benadering om kennis te vergaren. Theorie -> hypothese (moet
falsifieerbaar zijn) -> data (moet empirisch waarneembaar zijn). Data kan de theorie
ondersteunen, maar kan deze nooit bewijzen.

Interpretivisme
Aantal basisprincipes:
1. De sociale wereld verschilt fundamenteel van de natuurlijke wereld. De realiteit is niet ‘mind-
independent’, maar wordt subjectief gecreëerd. De sociale werkelijkheden bestaan niet
onafhankelijk van onze interpretatie ervan.
2. Wetenschappelijke kennis kan worden vergaard d.m.v. de interpretatie van de betekenissen,
geloven en ideeën die actoren reden geven tot handelen. We kunnen zo menselijk gedrag
begrijpen (verstehen), maar niet verklaren of voorspellen o.b.v. law-like generalisaties en het
vaststellen van causale relaties.
3. Hermeneutische benadering: We vergaren kennis d.m.v. interpretatie en tekstuele
strategieën. De sociale wereld is als een tekst en moet worden geïnterpreteerd om
verborgen betekenissen en sub-teksten te ontdekken.
4. Individuen en gebeurtenissen zijn uniek -> gedetailleerd, interpretatief, specifiek onderzoek
5. Constructivistisch
De ontologische en epistemologische posities zijn van belang, omdat er binnen sub-disciplines
bepaalde posities dominant zijn. Daarnaast hebben ze methodologische implicaties. Meestal wordt
positivisme gekoppeld aan een kwantitatieve en interpretivisme aan kwalitatieve
onderzoeksstrategie. Een kwantitatieve onderzoeker legt de nadruk op cijfers, deductie etc., terwijl
een kwalitatieve onderzoeker de nadruk legt op inductie, woorden en empathie,
context/detail/proces. Hierdoor is er geen statistische generalisatie mogelijk + gevaar voor
impressionisme/subjectivisme. Een bepaalde onderzoeksstrategie leidt tot een voorkeur voor
bepaalde methoden van data-verzameling: kwantitatieve methoden zijn o.a. survey-onderzoek, grote
N, gestructureerde interviews; kwalitatieve methoden zijn o.a. diepte-interviews, kleine N. We
moeten het onderscheid echter niet overdrijven, omdat beiden dezelfde wetenschappelijke ambitie
hebben. Bovendien is een onderzoek nooit puur inductief of deductief, maar is het vaak een
combinatie. Het verschil vervaagt ook steeds meer door de ‘mixed methods’.




3

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
1-5, 7-9, 11-13, 15
Uploaded on
October 25, 2021
Number of pages
29
Written in
2019/2020
Type
SUMMARY

Subjects

$8.24
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Reviews from verified buyers

Showing all reviews
3 months ago

5.0

1 reviews

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
brechtjem Universiteit Leiden
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
62
Member since
4 year
Number of followers
33
Documents
12
Last sold
4 months ago

4.3

4 reviews

5
1
4
3
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions