dinsdag 17 februari 2026 12:41
Klierepithelen
→ Klieren= gespecialiseerd voor productie van secreet + 'crien' = uitsheiden
→ Secreet buiten de cel gebracht en functie ergens anders uitvoeren
Onderscheiden • Onstaanswijze (embryonaal)
• Microscopische bouw (afvoergangen,…)
• Het type secreet
• Wijze waarop secretieproducten de cel verlaten (endocrien of exocrien)
EXAMEN: onderverdeling naar ontstaanswijze en secretiewijze = verschil endo- en exocrien
Onstaanswijze: vetrekkend vanuit een bepaald epitheel
EXOCRIENE KLIER
Bedekkende epithelen liggen op een laag bindweefsel:
1) Lokale vermeerdering van de cellen (celproliferatie)
2) Bundel van deze nieuwe cellen groeit in onderliggende bindweefsel + basaalmembraan loopt over
bundel cellen
3) Opening wordt gecreëerd
=via afvoergangen wordt het secreet getransporteerd naar buitenwereld
(lumen, lichaamsoppervak,…)
4) Rond opening: cellen die secreet zullen secreteren
=kliercelgroepjes
Vb. speekselklieren,
ENDOCRIENE klieren
1) Afdaling van epitheelcellen in BW, maar cellen verliezen contact met
oorspronkelijk epitheel
2) GEEN afvoergangen, maar nauw contact met bloedvaten: haarvaen of
capillaire tussen kliercellen
3) Secreet rechtstreeks in bloedbaan (hormonen)
4) Secreet vervult functie op andere plaats
+ het secreet komt eerst in het extracellulair vocht en daarna in bloedbaan!
+ in holte, omgeven door cellen, opslag secreet
Vb. schildklier (opslag van 3 maanden)
LET OP! Speekselklier heeft ook bloedvaten, maar geeft geen product af aan bloed!
Hier bloedvaten enkel nodig voor de functie van de cel!
Soms klieren: exocrien EN endocrien
Vb. pancreas (alvleesklier)
Exocrien = samengesteld acinair: secreet in lumen + afvoergangen
→ Secreet: verschillende verteringsenzymen
Endocrien = eilandjes van Langerhans met lumina, afgelijnd door endotheel
(belangrijk voor aflijning bloedvaten)
→ Secreet: hormonen zoals insuline en glucagon Witte plek: eilandje van Langerhans
Exocriene klieren
= stellen secreet vrij in grote getalen
Histologie Pagina 1
, = stellen secreet vrij in grote getalen
INDELING
1. Eencellige (unicellulaire) klier
• In bedekkende éénlagige of pseudomeerlagige epithelen
• Secreet rechtstreeks in lumen of in hol inwendig orgaan
Vb. slijmbekercellen
○ Apicale deel: vol met granules met glycoproteïnen
+ slijmprop
→ Vrij in lumen
→ Mengen met water
→ Mucus of slijmachtige laag
○ Basale regio: vol met organellen en de kern
Mucus uitgestoten: slijmbekercel vervangen
Voornamelijk in de darm en luchtwegen PAS- kleuring: suikers kleuren, dus de slijmbekercellen
2. Meercellige (multicellulaire) klieren
Speciale cellen met klein lumen Kliercelgroepjes die secreet aanmaken
+ secreet in lumen van klierdeeltje
= EXOCRIENE klieren
= secreet via afvoergangen naar juiste plaats afvoeren
→ Apicale kanten van de kliercellen wijzen naar lumen
→ Lumen in contact met afvoergangen (smal nr breed)
= secretoir gedeelte van de multicellulaire klier
Cilindrische cellen met groot lumen
Dwarsdoorsnede van de afvoergangen:
buitenkant met het basaal membraan (basale kant) en apicale kant aan lumen
+ dikke laag bedekkend epitheel
+ groot lumen
In het begin van de afvoergang: klein lumen en dunne laag bedekkend epitheel
Connectie tussen lumen van het deeltje en lumen van de afvoergang is NIET te zien!
Klasseren op:
Vorm van kliercelgroepen • Tubulair (buisvormig)
Vb. gewonde tubulaire: zweetklier + 1 afvoergang naar lumen
• Acinair (trosvormig, cellen rondom lumen, celgroepjes)
• Alveolair (grote open ruimten)
Vorm en complexiteit van afvoergangen • Enkelvoudig: 1 afvoergang
• Samengesteld: 2 of meer afvoergangen
MET boomvormig vertakt systeem
Vb. speekselklier
Histologie Pagina 2