woensdag 11 maart 2026 10:02
Rode bloedcellen leven langst
→ Witte bloedcellen en bloedplaatjes moeten continu opnieuw worden aangemaakt
→ Rode bloedcellen ook door functieverlies
Vb. in beenmerg: eilandjes die bepaalde bloedcelllen aanmaken
= hematopoëse
= sterk gedifferentieerde bloedcellen ontwikkelen uit pluripotente stamcellen
Pluripotente hematopoëtische stamcel hebben zeer grote kern: in staat om te delen
→ Takken af tot progenitorcellen (=uni- of bipotente stamcel) vormen
• Lymfoïde stamcel: CFU*L-(colony forming unit): vormen B- en T-cellen
• Myeloïde stamcel: CFU- GEMM (rode bloedcellen, bloedplaatjes, granulocyten…)
→ Vormen voorlopercellen of precursorcellen van de bloedcellen
→ Migreren vanuit beenmerg naar bloedvat om cellen vrij te zetten
Voorlopercellen zijn niet functioneel, maken enkel de cellen aan
+ worden blootgesteld aan groeifactoren (groeifactoren isoleren is de ultieme droom van
onderzoekers voor artificieel bloed aan te maken)
Differentiatie gebeurt door:
Interactie met de omgeving (communicatie van stamcellen met elkaar: cytokines uitscheiden en
groeifactoren delen, dus een constante feedback)
Erytropoëtine (EPO): stimuleren de aanmaak van rode bloedcellen
+ macrofaagkoloniestimulerende factor (M-CSF) en granulocytstimulerende factor
+ trombopoëtine (TBO): aanmaak bloedplaatjes
Verschillende stadia en plaatsen van de hematopoëse:
1) Initieel start het in de dooierzak (het mesoderm)
2) Gaan verder migreren naar de lever en de milt
3) Verhuizen naar beenmerg
In het beenmerg zitten de holtes (synosoïden) vol met bloedvaten voor de afvoer van de cellen
Reticulaire cellen= steuncellen van het beenmerg
Rood beenmerg (actief beenmerg) en geel beenmerg (vetweefsel, kan geen bloedcellen
aanmaken)
DUS rood beenmerg stilletjesaan naar geel beenmerg
Histologie Pagina 1
, Megakaryocyten, eilandjes van rode bloedcellen, vetcellen en macrofagen (ondersteunend voor
opruiming)
Erythrocytopoëse
Steeds meer en meer hemoglobine incorporeren + minder nood aan ribosomen en kern
+ uiteindelijk bloedcel rood door hemoglobine
Pro-erytroblast
→ Basofiele erytroblast
→ Polychromatofiele erytroblast
→ Orthochromatofiele erytroblast
→ Uitstoten van de kern
→ Reticulocyt
→ Erytrocyt
Lever en nieren hebben sensoren die aanvoelen dat er te weinig zuurstof zit in het bloed en dan
zal er erythropoëtine (EPO) worden aangemaakt, dus meer rode bloedcellen
→ Erytropoëtine wordt gereguleerd door nieren en lever
→ Nieren en lever werken in op beenmerg
→ Meer progenitorcellen stimuleren om meer rode bloedcellen aan te maken
Stage in de lucht: minder zuurstof, dus meer epo aanmaken en zo op een natuurlijke manier het
aantal bloedcellen en zuurstof in bloed te verhogen
PRO-ERYTHROBLAST
• Zeer grote kern: fijn en geklonterd chromatine met meerdere nucleoli
• Veel organellen (vooral polyribosomen): nodig om te gaan differentiëren
• Ijzertransport via transferine
• Start hemoglobineynthese
BASOFIELE ERYTHROOBLAST
• Meer gecondenseerde chromatine (spaken in het wiel)
• Vele organellen en polyribosomen
• Basofiel cytoplasma (kleurt bleker)
• Kleiner en blekere schijn rondom rond de kern dan de pro-erythroblast
POLYCHROMATOFIELE ERYTHROBLAST
• Gecondenseerde nucleus
• Nucleolus afwezig
• Hemoglobine-synthese is goed op gang en ijzer is ingecorporeerd, dus polychromatische
cytoplasma
Histologie Pagina 2