a. Het detailhandelsbedrijf XYZ Corporation is een organisatie die de avoidance
strategie hanteert in reactie op COVID-19-regelgeving. Ze hebben geen maatregelen
genomen om zich aan te passen aan de veranderende omstandigheden en hebben
geen sociale afstand regelingen of regels bedacht voor desinfectie. Ze hebben ook
geen specifieke richtlijnen gecommuniceerd naar hun medewerkers of klanten. Dit
geval is de strategie van vermijding van XYZ Corporation bewust gekozen, om de
impact van COVID-19-regelgeving te negeren Deze vermijdingsstrategie kan
ernstige gevolgen hebben, zoals een verhoogd risico op virusoverdracht,
reputatieschade en verlies van klantvertrouwen. Deze avoidance strategie kan
worden gezien als een korte-termijn aanpak, gericht op het behouden van winst.
Het is juist belangrijk voor organisaties om proactieve maatregelen te nemen
om de veiligheid en het welzijn van hun belanghebbenden te waarborgen.
b. Institutionele factoren kunnen worden onderverdeeld in twee brede dimensies:
regulerend en normatief-cognitief. Deze dimensies omvatten verschillende aspecten
van instellingen en hun impact op organisatiegedrag. De organisatie heeft er dus
voor gekozen om de avoidance strategie te volgen in reactie op de COVID-19
beperkingen. Dit kan worden verklaard door verschillende institutionele factoren in
hun context.
Ten eerste heeft de organisatie besloten om de strategie te volgen om winst
behoudend te zijn. Dat zou kunnen omdat het anders bijvoorbeeld riskeert failliet te
gaan. Hierbij wordt de wet- en regelgeving dus genegeerd en heeft de organisatie
geen rekening gehouden met sociale normen en verwachtingen.
Bovendien heeft de organisatie niet erg nagedacht over verspreiding van
COVID-19, de organisatie heeft dus de vermijdingsstrategie niet aangemoedigd en
hierbij de gezondheid en veiligheid van hun medewerkers en klanten in gevaar
gebracht. Ze kunnen hierbij hebben gedacht dat hun werknemers hun baan kunnen
baan behouden en de klanten de producten voor dezelfde prijs en manier kunnen
kopen.