nations
Chapter 1: Introduction
Steden worden gezien als ‘frontier of development’:
- Economische groei
- Technologische innovaties
- Betere banen, onderwijs, gezondheidszorg
- Kans om op te klimmen op de sociale ladder
- Maatschappelijke veranderingen
Mensen vluchten naar de steden omdat het platteland vaak geen
economische kansen biedt.
Deze uitspraak is een voorbeeld van het heersend optimisme (urban
triomfalisme) dat hij in zijn
boek bekritiseerd.
Urban triomfalisme (Edward Glaeser & Wereldbank): steden als ultieme
oplossing voor mondiale problemen zoals armoede en klimaatverandering.
Parnreiter: Steden genereren welvaart en innovatie maar het zijn
plaatsen waar ongelijke geografische ontwikkeling (uneven
development) wordt geproduceerd en gereproduceerd.
Ontwikkelingsidee: optimisme over lineaire ontwikkeling. Aanname dat
armere landen het
Westerse pad van modernisering moeten kopiëren. Maar het niveau van
ontwikkeling is primair
afhankelijk van interne, lokale (endogene) factoren.
Donkere kant van steden: polarisatie en exploitatie
Michael Stroper: “the nature of cities”
- Ongelijke ontwikkeling als een bijproduct van urbanisatie.
- Het creëert onoverkomelijk verschillen tussen plaatsen waar meer
economische activiteiten plaats vinden dan andere plekken.
Kapitalisme:
- Niet enkel om groei en rijkdom creatie maar geconnecteerd met
verloedering en exploitatie.
- Ontwikkeling is dus polariserend: creëert winners en verliezers.
Janus-faced:
- Steden zijn niet enkel de knooppunten in wereldwijde productieketens, ze
zijn tegelijkertijd de commandocentra van de mondiale armoedeketens
(poverty chains)
Agency & het Wereldsysteem:
1
, Om te begrijpen hoe deze stedelijke superkracht omslaat in uitbuiting, leunt
Parnreiter op de
Wereldsysteemanalyse (WSA) van Immanuel Wallerstein:
De Extractie van Surplus: De wereldeconomie is asymmetrisch
georganiseerd. Het economische overschot (surplus) wordt systematisch
door de kerngebieden weggesluisd uit de periferie.
De Noodzaak van Agency: Deze overdracht van waarde gebeurt niet per
ongeluk of automatisch door anonieme marktkrachten; het vergt actieve
sturing, strategie en handelen (agency) van machtige actoren.
De Urban Twist van Parnreiter: Ongelijke ontwikkeling vindt niet
zomaar plaats in steden; het wordt georganiseerd door steden.
Chapter 2: Uneven development
Ongelijke ontwikkeling = refereert in algemeen naar feit dat de economie in
sommige geografische gebieden meer sneller en sterker groeit dan in andere
Economische prestaties variëren per fysieke ruimte (space) wat zorgt voor
uiteenlopende niveaus van ontwikkeling
2 benaderingen op ongelijkheid:
1. Differentiated growth model (dominant model):
= Ongelijke ontwikkeling verklaard als een proces van ruimtelijk begrensde
zelfuitbreiding van kapitaal (spatialy bound self-expansion of capital).
Niet-relationeel: plaatsen worden rijk of arm door endogene factoren
zoals lokale innovatie, aanwezigheid van grondstoffen,…
Geen causale link tussen rijk en arm: oorzaak van rijkdom in een
stad staat los van armoede op het platteland. De stad is productiever,
innoveert sneller en trekt daardoor weg waardoor de andere minder
productieve regio’s achterblijven.
Ongelijkheid wordt gelegitimeerd als natuurlijk & als onvermijdelijk
bijproduct van economische efficiëntie.
2. Connectivity-based explanations of uneven development (Parnreiter):
Parnreiter bouwt zelf een model uit dat gebaseerd is op Hadjimichalis & Massey
en de Wereldsysteemtheorie (Immanuel Wallerstein).
Relationele benadering: economieën van verschillende geografische
locaties staan asymmetrisch met elkaar in verbinding.
Causale link: De ontwikkeling van rijkdom van de ene plaats wordt
gerealiseerd via exploitatie van de andere plaats. De groei in de
kerngebieden zorgt ervoor dat de groei in de perifere gebieden wordt
afgeremd.
2